Posts tonen met het label Signeren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Signeren. Alle posts tonen

21 januari, 2025

357: Veilingvondst: bijzondere opdrachtexemplaren

Zoals zo vaak in de afgelopen jaren sloeg ik mijn slag op de veiling van Bubb Kuyper, altijd speurend naar pareltjes van aanwinsten voor mijn bibliotheek. Eén van de kavels waar ik dit keer mijn hand op legde, bestond uit een grote hoeveelheid uitgaven van 'private presses', waarvan er een aantal werden beschreven maar veel ook niet. Wat mij vooral triggerde was de vermelding dat het kavel ook nieuwjaarswensen van Chris Leeflang en Stichting de Roos bevatte, zoals bekend een verzamelgebied van mij. Dit kavel bood mij dus niet alleen de kans om mijn collectie nieuwjaarsuitgaven van De Roos compleet te  maken, maar had ongetwijfeld ook nog verschillende mooie bibliofiele verrassingen in petto.


En inderdaad, dat was ook zo. Ik kan nog wel een paar blogs wijden aan de leuke vondsten die ik deed. Zo zijn er nu nog maar weinig gaten in mijn collecte nieuwjaarsgeschenken van De Roos. Slechts de nieuwjaarswens voor 1989 mis ik nog. Wie die heeft liggen, kan zich bij mij melden. 
Voor wat betreft de andere vondsten begin ik met twee bijzondere opdrachtexemplaren. Ik hou sowieso van gesigneerde werken zoals de lezer van dit blog weet, en dan zijn opdrachtexemplaren natuurlijk helemaal leuk. Als de auteur niet alleen willekeurig signeert, maar ook nog een extra tekst schrijft, is dat bijzonder. Die opdrachten kunnen trouwens evengoed aan een willekeurige liefhebber zijn gericht, bijvoorbeeld doordat de auteur tijdens een signeersessie net wat meer moeite doet dan alleen een krabbel zetten. Daar heb ik ook verschillende voorbeelden van. Maar soms is de opdracht van de auteur gericht aan iemand die van betekenis was voor de auteur of het werk, of die anderszins een bijzondere relatie had met de auteur. Dan schijnt het werk met opdracht ineens een bijzonder licht op deze auteur en de relatie met die ander. Dit soort exemplaren wordt in biografieën nogal eens gebruikt om het netwerk rond een bepaalde auteur te reconstrueren, of met wie hij relaties onderhield. Zo schrijft Bart Slijper (zie hieronder): "Een biograaf moet zijn verhaal zien te bouwen van wat snippers papier, die maar min of meer toevallig bewaard zijn gebleven. Het is niet gek dat hij soms niets te weten komt over zaken die toch heel belangrijk kunnen zijn geweest." Dat maakt het boek met een betekenisvolle opdracht extra bijzonder. De volgende twee werken laten dit zien.

De vos opgemerkt

In 1933 verscheen Het verhaal van den vos van Martinus Nijhoff, “een vroolijke vertooning met zang en dans”. Dit libretto was gebaseerd op het werk Renard van Igor Stravinsky. Stravinsky (1882-1971) was een in Rusland geboren componist en dirigent, die in 1934 Frans en in 1945 Amerikaans staatsburger werd. Tijdens de Eerste Wereldoorlog woonde hij in Zwitserland, waar hij zich wijdde aan het schrijven van Renard, een op het verhaal van Van den vos Reynaerde gebaseerde burlesque. In het werk van Stravinsky neemt de vos tot twee keer toe de haan te pakken, die wordt gered door zijn vrienden de kat en de ram. Het werd in 1922 voor het eerst opgevoerd.
Nijhoff vertaalde dit libretto in het Nederlands. Het was niet de eerste vertaling door Nijhoff van Stravinsky’s werk. Eerder vertaalde hij De geschiedenis van de soldaat dat oorspronkelijk in 1918 verscheen (en waarvan ik een door Nijhoff vertaalde versie uit 1954 heb die verschenen is als een Model voor den uitgever van Corvey). In een artikel uit 2022 van Mathijs Sanders wordt betoogd dat dit werk van Stravinsky een belangrijke invloed had op Nijhoff:
Stravinsky, de apollinische avantgardist, had Nijhoff ontbolsterd. Nu durfde hij de spreektaal in zijn poëzie te brengen (Awater, Het uur u, de bijbelse spelen, zijn psalmberijmingen), in een voortdurende dialectiek van traditie en vernieuwing. Als vertaler droeg hij bij aan het overdragen van het waardevolle uit het verleden.
Ook in de mooie biografie over Nijhoff van Bart Slijper wordt benoemd hoe belangrijk Stravinsky en het modernisme in Parijs voor Nijhoff was. Slijper vertelt nog veel uitgebreider over de de vertaling van De geschiedenis van de soldaat en hoe Nijhoff het werk vertaalde. En Nijhoff vertaalde vervolgens dus ook Renard
Nijhoff was een bekwaam vertaler, niet voor niets is de bekendste Nederlandse vertaalprijs naar hem genoemd. Nijhoffs vertalingen zijn dan ook veelal bewerkingen, hij zet de tekst naar zijn hand. Dat geldt ook voor Renard dat Het verhaal van den vos werd.
Het is niet de eerste bijzondere Nijhoff die ik kocht. Eerder kocht ik een titel uit de bibliotheek van de Nijhoffs. Nijhoff leverde ook de tekst voor drie nieuwjaarsgeschenken van de De Roos waar ik zojuist over schreef, en hij vertaalde een tekst van T.S. Eliot dat ook nieuwjaarsgeschenk werd. 
Het boek dat ik nu heb gekocht kent zoals gezegd een bijzondere opdracht. Nijhoff schreef het aan de danser en regisseur Abraham van der Vies (1899-1961), die hij bedankte omdat deze hem voor het eerst opmerkzaam had gemaakt op dit werk van Stravinsky. Wanneer dat was weten we niet, maar wellicht was dit al gebeurd toen Nijhoff De geschiedenis van de soldaat vertaalde. Die vertaling verscheen in 1930. Nijhoff zal bij het vertalen van De geschiedenis van de soldaat toch ook al op Renard zijn gestuit, via Van der Vies dan kennelijk? In zijn biografie wordt aannemelijk gemaakt dat hij beide stukken goed kende uit zijn Parijse tijd, maar de naam Abraham van der Vies komt in de hele biografie niet voor. Is deze opdracht wellicht één van "de snippers papier" die Slijper nog miste bij het schrijven van de biografie? Of is de opdracht van veel minder belang en zei Nijhoff dit uit beleefdheid tegen Van der Vies terwijl hij Stravinsky's werk allang kende?
Van der Vies was mede-oprichter van de Stichting de Vijf Kunsten, een groep kunstenaars die onder meer aan de wieg stond van het Scapino ballet (Van der Vies bedacht ook de naam Scapino voor dit gezelschap). De opzet van De Vijf Kunsten was om met een groep jonge kunstenaars uit diverse disciplines ongewone, moderne of nieuw te maken theater-, dans- of operawerken te laten opvoeren. Dit alles had een sterk experimenteel karakter. Toneel, dans, muziek, literatuur en beeldende kunsten zouden moeten samengaan. Dat experimentele en modernistische zal Nijhoff aangesproken hebben, maar al ruim voor de oorlog en voor het ontstaan van De Vijf Kunsten had hij dus al contact met Van der Vies, zo blijkt uit deze opdracht. Heel kort door de bocht en zonder enige feitelijk grond geformuleerd: zonder Van der Vies geen Stravinsky voor Nijhoff, en zonder Stravinsky misschien dus een andere ontwikkeling van het dichterschap van Nijhoff. Het zou allemaal vast wel goed gekomen zijn met Nijhoff, maar dit opdrachtexemplaar toont ons wellicht even hoe belangrijke inspiratie in Nijhoffs leven tot stand kwam.

Over het Vlaams genie

In 1946 verscheen bij uitgeversmaatschappij Standaard Over het Vlaamsch genie van J.A. Goris (1899-1984), oftewel Jan-Albert Goris, beter bekend onder zijn literair pseudoniem Marnix Gijsen. Goris was in het dagelijks leven ambtenaar en universitair docent. Hij schopte het onder meer tot kabinetschef van verschillende ministers en ook was hij oorlogspropagandist voor België tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Verenigde Staten. Hij zou tot 1963 in de VS blijven. Maar hij was ook poëziecriticus en wilde na de oorlog als Marnix Gijsen weer deel uitmaken van het culturele leven. Sindsdien schreef hij een grote hoeveelheid romans. Zie voor een uitvoerig levensbericht hier
Tijdens de oorlog hield Goris verschillende lezingen, waaronder één met de titel Du génie Flamand, dat na de oorlog verscheen onder de titel Het Vlaamsch genie. In het werkje gaat Goris in op de Vlaamse volksaard en hij is daarin niet per se positief. Dat vond ook mede-Vlaming Ivo Michiels (1923-2012), die eveneens in 1946 in het tijdschrift Golfslag inging op de tekst. Hij noemde het "de grofste, de wansmakelijkste caricatuur die ooit door een Vlaming over zijn volk werd geschreven". 
Wat ik grappig vind is dat Goris zijn vertaalde lezing vooraf laat gaan door een citaat van… Marnix Gijsen, namelijk uit zijn gedicht Het onbegrepen gesprek. Goris die Goris citeert in zijn eigen werk dus…
Dit exemplaar is afkomstig uit het bezit van Firmijn van der Loo, zo blijkt uit het ingeplakte ex-libris. De Antwerpenaar Firmijn van der Loo (1913-1997) was schilder, pianoleraar en dichter en publiceerde onder meer een bibliografie over de Vlaamse auteur Maurice Gilliams. Als schilder vereeuwigde hij het huis waar Gilliams zijn jeugd doorbracht. Een groot deel van zijn collectie boeken werd in 1983 geveild bij Beijers in Utrecht, waaronder vele met het karakteristieke ex-libris dat ook in mijn exemplaar zit. Grappig genoeg vond ik dat waarschijnlijk exact dit exemplaar in oktober 2022 als onderdeel van kavel 365 in de veiling van Van der Wiele is verkocht. Als één van de zes boeken in dat kavel staat namelijk dit boek, inclusief de opdracht van de auteur aan Van der Loo. De koper heeft er kort plezier van gehad, want in het najaar van 2024 is het dus alweer geveild bij Bubb Kuyper en door mij gekocht. Zou dit exemplaar destijds ook in de veiling van Beijers hebben gezeten? Ik bezit die catalogus niet (in tegenstelling tot de Beijers-catalogus Johan Polak) dus ik kan het niet nazoeken.
De opdracht van Goris (als Marnix Gijsen) spreekt van “oprechte hulde” aan Van der Loo. De opdracht is niet gedateerd, de hulde hoeft dus niet in 1946 gebracht te zijn maar kan ook van later datum zijn. Er is weinig online te vinden over het leven van Van der Loo en ik kan dan ook niet duiden wanneer hij eventueel gehuldigd is (Als schilder? Als dichter?). Maar wellicht gaf Goris/Gijsen hem dit werkje in 1976, toen Van der Loo zijn bibliografie over Gilliams publiceerde, en had de titel daar betrekking op. Immers, Gilliams kan als Vlaams genie worden beschouwd en Goris heeft zich altijd ingezet voor Vlaamse cultuur en literatuur - en was mogelijk heel blij dat Van der Loo zich zo voor Gilliams  had ingezet. Maar het kan net zo goed iets anders zijn geweest. Waarschijnlijk zullen we het nooit weten.

07 oktober, 2023

347 - Bibliofiel achter de feiten aanlopen

Ik heb al vaker geschreven over mijn behoefte om complete collecties van schrijvers in de kast te hebben staan. Ik ben zoals dat heet een completist, hoewel ik vooral eerste drukken zoek en niet élke druk en elke variant van een bepaald werk zoek. Ik wil alle boekuitgaven van mijn favoriete auteurs hebben. En als ze nog leven, graag ook gesigneerd. Deze ambitie is al ingewikkeld genoeg als het gaat om reguliere uitgaven, maar het wordt nog lastiger om zicht te houden op bibliofiele uitgaven van mijn favoriete auteurs. De afgelopen weken heb ik een paar bibliofiele uitgaven toegevoegd aan mijn collectie, waarvan ik stomtoevallig achter het bestaan kwam. Doordat ik zo afhankelijk ben van toeval, zullen er nog verschillende uitgaven rondzwerven waarvan ik helaas het bestaan niet ken. Maar van drie van mijn favoriete Nederlandse schrijvers is de collectie weer iets completer geworden: Adriaan van Dis, Tommy Wieringa en Margriet de Moor.

Adriaan van Dis

Jaren geleden heb ik lezers van dit blog op de hoogte gehouden van mijn vorderingen om mijn Adriaan van Dis-collectie compleet te krijgen. De ene na de andere uitgave hengelde ik naar binnen en ook toen struikelde ik wel eens over een onverwachte bibliofiele vondst. Al in 2005 meldde ik triomfantelijk dat ik compleet was en een paar jaar later herhaalde ik tegen beter weten in die claim. Met de verschijning van zijn nieuwste roman Naar zachtheid en een warm omhelzen volgde er natuurlijk een serie lezingen annex signeersessies. Ik tekende in voor een zondagmiddag in Paagman, voorzien van een stapeltje recente aankopen. Naast de nieuwe roman had ik bijvoorbeeld de luxe editie van zijn boekenweekessay uit 2004, twee versies van De wandelaar t.g.v. Nederland Leest (de grote letter-uitgave en de eenvoudig-lezen uitgave) en zo nog wat. Terwijl ik bij de lezing zat zag ik verderop in de rij iemand die ook een werk van Van Dis bij zich had om te signeren, maar het was een voor mij totaal onherkenbaar boek. Was mij weer eens iets ontgaan? Ik kon de titel gelukkig lezen en snel googlen leerde mij dat het om de uitgave Een beetje gek ging, een bibliofiele uitgave van Galerie Christian Ouwens, waarin Van Dis verslag doet van zijn ervaringen met psychiaters en psychoanalyse. Terwijl ik in de rij stond voor het signeren haalde Van Dis diezelfde uitgave uit zijn tas en gaf die aan een dame voor mij in de rij, kennelijk een bekende van hem. Het leverde mij een steek van jaloezie op, maar even later was ik als pleister op de wonde wel zes handtekeningen rijker in evenzovele boeken. Desondanks moest ik nu op zoek naar het onbekende boek.

Na afloop van de signeersessie volgde een fijne mailwisseling met Christian Ouwens die gelukkig nog gesigneerde exemplaren had liggen. Hij vertelde dat hij ook bij de sessie in Paagman was geweest, maar toen was ik nog onwetend van het moois dat hij had gemaakt. Het toeval wilde dat mijn geliefde de dag erop letterlijk om de hoek van de galerie een opleiding volgde, zodat ik een dag later alsnog een gesigneerd exemplaar in mijn kast kon zetten. Ik kende Galerie Christian Ouwens niet, maar hij geeft bij tijd en wijle bijzondere literaire uitgaven uit die met veel zorg zijn gemaakt. Gelukkig was deze niet zo kostbaar als de portfolio van Ilja Leonard Pfeijffer en Hans Wilschut, waar €950 voor moet worden neergeteld. 

Als gevolg van dit kleine avontuur zocht ik nog wat verder naar eventuele Van Dis-uitgaven en wie schetst mijn verbazing toen ik ontdekte dat er nóg een bibliofiele uitgave rondzwierf. Ter gelegenheid van de Bakenesser Avond 2007 van de Stichting Haarlem Boekenstad bleek de uitgave Le Chien verschenen, een paar fragmenten uit De wandelaar. In een oplage van 165 bij de Augustijn Pers, van de helaas overleden Hans Rombouts.

Ook die moest ik natuurlijk hebben, en wel onmiddellijk, maar het werkje bleek nergens te worden aangeboden. Na lang zoeken vond ik bij Antiquariaat Meilof een setje Augustijn-uitgaven waar deze Van Dis bijzat. Ik checkte nog even of dat echt zo was, rekende 30 euro af en Le Chien was van mij. Met nog ruim 20 andere drukjes van deze pers, die ik niet per se hoefde (behalve eentje, waarover later meer). Het restant heb ik daarom op Catawiki gezet en dat leverde mij vervolgens 62 euro op (minus veilingkosten uiteraard). In feite waren er zo een paar gratis werkjes voor mij, en zelfs geld toe. Welk geld ik overigens onmiddellijk opnieuw heb geïnvesteerd via Catawiki, door de luxe genummerde editie van de beelduitgave Familieziek, getekend door Peter van Dongen, op een veiling te kopen. De nieuwprijs van deze uitgave uit 2017 is €150, maar voor €91 mocht ik 'm nu hebben. Waarmee de derde bibliofiele Van Dis in een week mijn eigendom werd.

Voor zover ik weet ben ik nu weer compleet als het gaat om Van Dis maar ik heb daar weinig zekerheid over. Le Chien bleek immers ook al 16 jaar geleden verschenen te zijn voordat ik het bestaan er van ontdekte. Jammer is wel dat ik nu weer naar een signeersessie moet gaan, want Le Chien is nog ongesigneerd. Het zou signatuur 102 van Van Dis in mijn collectie moeten worden.

Tommy Wieringa

Het zal bekend zijn dat Tommy Wieringa’s nieuwe roman Nirwana is verschenen. Met veel tromgeroffel gelanceerd en verschillende boekhandels boden gesigneerde eerste drukken van het boek aan. Een mooie service om mijn Wieringa-collectie up to date te houden. Ware het niet dat ik op diverse socials zag dat ter gelegenheid van de lancering een speciale "nulde druk" was verschenen, uitgedeeld aan boekhandelaars. Overigens niet voor het eerst, van De heilige Rita is ooit ook een nulde druk verschenen, die ik nog niet bezit. En nu alweer een nulde druk, in beperkte oplage… ik ben geen boekhandelaar, maar deze hoort natuurlijk in mijn kast. Dus wat te doen?

Ik besloot het erop te wagen bij de uitgeverij zelf. Als eigenaar van een van de meest complete Wieringa-collecties in Nederland meende ik wel enig recht van spreken te hebben, dus ik schreef een bedelmail in de hoop dat er nog een exemplaar van de nulde druk zou zijn. En ik kreeg goed nieuws: de nulde druk bleek beschikbaar en plofte een paar dagen later in mijn bus.

Deze nulde druk heeft een afwijkend omslag van de reguliere uitgave, veel simpeler van uitvoering en er staat ook met grote letters “0e druk” op. Op de titelpagina staat: "De oplage van deze geschenkuitgave bedraagt 200 exemplaren”. Uiteraard zullen er boekhandelaars zijn die hun exemplaar van de hand doen, er zal vast binnenkort een exemplaar op Catawiki verschijnen. Ik ben benieuwd wat die dan oplevert. 

Het probleem was alleen dat deze speciale editie ongesigneerd was. Gelukkig deed ook Wieringa mee aan het signeercircus bij de verschijning van zijn nieuwe roman, en zo toog ik met mijn stapeltje recente Wieringa-aankopen van de laatste jaren naar Utrecht, waar vervolgens niet alleen Nirwana, maar ook nog een paar anders schaarse werkjes werden gesigneerd. Deze stapel was iets kleiner dan de berg Wieringiana die ik zes jaar geleden liet signeren. Het interview in Broese leverde mij sowieso een paar inzichten op over de thema’s in de nieuwe roman. Maar daarna was er tijd om te signeren. Het fijne aan Tommy Wieringa is dat hij voor iedereen de tijd neemt. Net als een paar jaar geleden werd ook dit keer elk boek bewonderd (“dit is een bijzondere”, “dat je deze ook hebt”) en van een persoonlijke opdracht voorzien. Het fijne van een avond met boekenliefhebbers is dat er ruimte is om echt even door te praten over het boek. Bij het verlaten van Broese raakte ik aan de praat met een van de organisatoren van de avond en deelden we onze inzichten over Nirwana. Zelfs de massale treinuitval op die avond kon daarna mijn uitstekende humeur niet meer bederven.

Margriet de Moor

In het stapeltje uitgaven van de Augustijn Pers bleek naast de gezochte van Dis ook nog een mooie uitgave van Margriet de Moor te zitten, een fragment uit haar prachtige roman De verdronkene, ook nog eens heel mooi vormgegeven: een gevouwen drukwerkje, dat als het ware in de blauwe golven van het kartonnen hoesje verzinkt, waarbij ook een peilstok is te zien. Hier is zichtbaar hoe creatief Hans Rombouts was. Ik wist niet van het bestaan van dit werkje en wist niet dat het in het stapeltje zat, maar nu kon ik het mooi toevoegen aan mijn De Moor-collectie. Net als dat ik een paar jaar geleden een stapeltje boeken op Marktplaats kocht, slordig aangeduid als ‘nieuwjaarsgeschenken’, waar het nieuwjaarsgeschenk Handgeschreven van Margriet de Moor tussen bleek te zitten, uitgegeven door De Bezige Bij t.g.v. jaarwisseling 2016-2017. 

Bij nader inzien bleken zowel het fragment van De verdronkene als Handgeschreven niet heel zeldzaam en gewoon op boekwinkeltjes.nl te koop. Maar ja… dan moet ik wel weten dat ze daar staan. Natuurlijk heb ik zojuist weer eens langs alle De Moor-uitgaven gescrolld en niks nieuws gevonden, maar dat kan ik niet elke dag doen. Wie weet brengt het toeval mij over een tijdje ook van Margriet de Moor weer een onbekende uitgave.

Hoewel ik inmiddels een forse collectie De Moor in eerste druk heb, is alles nog ongesigneerd. Ik hoop Margriet de Moor ooit nog ergens tegen te komen zodat zij al mijn uitgaven van haar ongetwijfeld fraaie handtekening kan voorzien.

Het waren een paar hectische weken die ik kon afsluiten met goed nieuws over publicaties van deze drie schrijvers. Maar al met al realiseer ik mij dat het mijn lot als verzamelaar is dat ik bibliofiel achter de feiten blijf aanlopen. En dus dat ik mijn ogen open moet houden en erop vertrouwen dat het lot mij van tijd tot tijd de boeken brengt die ik nodig heb...

29 november, 2021

325 - 500 gesigneerde boeken

Terwijl ik voordat zich een nieuwe lockdown aandiende nog net bij een signeersessie een zwierige handtekening in een boek liet zetten, realiseerde ik mij niet dat het een vermeldenswaardig moment was. Pas bij het bijwerken van mijn bibliotheek in LibraryThing zag ik tellertje van gesigneerde boeken naar 500 springen. Ik vond dat ineens een heel groot aantal en een goed moment om daar eens bij stil te staan.

De 500e handtekening

Ik haalde die avond handtekeningen voor een aantal boeken bij een bijeenkomst met Adriaan van Dis, in de bibliotheek van Hoevelaken. Als het om Hoevelaken gaat, moet ik altijd even aan Arie Ribbens denken (die in zijn Polonaise Hollandaise uitriep: “Bij Hoevelaken linksaf”). En ik hou niet eens van carnavalsmuziek of überhaupt van Nederlandstalige muziek... Destijds had ik geen idee wat Hoevelaken was of waar het lag, nu woon ik er vlakbij.
De Hoevelakense zaal was omgetoverd in Franse sferen, ter gelegenheid van het boek De wandelaar van Adriaan van Dis, dat centraal staat in de Nederland Leest-campagne van 2021. Er was een wijnproeverij, clochards stonden voor de deur (de lokale toneelvereniging) en de zaal was aangekleed met Franse prenten uit de lokale kringloopwinkel. Allemaal leuk en aardig, maar het ging natuurlijk om Van Dis.
Deze schrijver blijft een geboren verhalenverteller. Ik heb al eerder over bijeenkomsten met Van Dis geschreven (hier en hier en hier) en het is steeds hetzelfde beeld: hij begint met praten, weet de zaal te boeien en houdt een uur later pas op. En hoewel het de bedoeling was dat het over De wandelaar zou gaan (en over Parijs) was Van Dis niet te beroerd om ook zijn recente boeken Klifi en Vijf vrolijke verhalen te promoten. Maar wat geeft het, want alle verhalen zijn met elkaar verbonden en de lezers in de zaal vinden het prachtig.

In de pauze was het signeermoment dan eindelijk aangebroken. Iedereen kon zijn net ontvangen Nederland Leest-exemplaar van De wandelaar laten signeren, of een van de titels die van de boekentafel van de lokale boekhandel waren gekocht. Maar ik had natuurlijk ongesigneerde titels uit mijn eigen collectie bij mij. Zoals het door Van Dis voorgelezen luisterboek Karakter van F. Bordewijk. Of de CD-single van Hans de Booij, Groene Smart, waarvan de tekst door Van Dis is geschreven. Plus een Engelse vertaling van Tikkop. En natuurlijk de zojuist verschenen versie van De wandelaar. Wat mij betreft kwam precies in dat boek de 500e handtekening in terecht.

Waarom gesigneerd?

Wat maakt het nu eigenlijk uit dat een boek gesigneerd is? In het algemeen hebben “aangeraakte boeken” een hogere emotionele (en vaak ook financiële) waarde dan niet-aangeraakte boeken. Een gesigneerde latere druk kan meer waard zijn dan een ongesigneerde eerste druk. Maar los van de waarde maakt het simpele feit dat een auteur zijn naam achterlaat in een boek het werk betekenisvoller. Op de site van Abebooks wordt het heel simpel gezegd: “Books are good, signed books are better”. Brian Hoey haalt op het fraaie blog Books tell you why Walter Benjamin aan als hij zegt: 
Walter Benjamin describes the “aura” that exists around a work of art that hasn’t been mechanically reproduced (i.e. printed off on a printing press, copied onto a DVD, etc.). The aura, he says, is the element of the work that can’t be replicated outside of its definite location in time and space, giving a ritualistic, almost mystical element that changes the way that we engage with it. This, it seems, in a nutshell, is why we like signed books, and why we often treat them as precious objects of almost totemic significance.
Niet voor niets bieden betere boekwinkels standaard gesigneerde nieuwe boeken aan, zoals Paagman en Donner, Regelmatig kijk ik ook likkebaardend naar het abonnement dat Strand Bookstore aanbiedt: elke maand een gesigneerde nieuw verschenen hardcover. De hoge verzendkosten per boek houden mij tot nu toe tegen…

Dit alles maakt gesigneerde boeken op zich niet direct veel waard. Op Marktplaats, in kringloopwinkels en in antiquariaten zijn gesigneerde exemplaren van talloze boeken voor een paar euro te koop. In 1988 schreef Boudewijn Büch in Tirade ook over signeren, en hij maakt duidelijk onderscheid tussen het ‘simpele’ signeren ten opzichte van boeken met een specifieke opdracht (en de relatieve onzin van signeersessies). 
Als ik mij niet vergis, is het een uitspraak van Maarten 't Hart; deze zei ooit: ‘Ik geloof langzamerhand dat een niet gesigneerd exemplaar van een boek van mijn hand meer waard is dan een gesigneerd.’ Ik moet hem in deze bijvallen. Het signeren in de boekhandel is een ziekte van onze tijd die ik al eens eerder in een verhaal (Signeren, Sliedrecht 1984; oplage tweehonderd exemplaren) geridiculiseerd heb. Aan de vraag van menige koper: ‘Wilt u er in schrijven...’ - en dan volgt er bijvoorbeeld ‘voor Miep bij ons twintigjarig samenzijn’ - wordt door het schrijvende signeervee maar al te graag voldaan. Daardoor is er vanaf de jaren vijftig een bulk gesigneerde moderne Nederlandse letterkunde ontstaan die literatuurhistorici in het volgende millennium op menig dwaalspoor zal zetten. Ik schat dat ik inmiddels zo'n vijfduizend exemplaren eigen werk voorzien heb van het eigenhandige: ‘Voor [...], met liefs van Boudewijn Büch.’ Indien men later zou suggereren dat ik een druk liefdesleven heb geleid, ontken ik dat bij voorbaat nu reeds.

Wie heeft gesigneerd? 

Natuurlijk heb ik niet alle 500 boeken zelf laten signeren. Heel wat boeken zijn met handtekening gekocht, zoals bibliofiele uitgaven. Maar ik heb ook de nodige gesigneerde kringloopvondsten in de kast staan. Een flink aantal boeken heb ik echter wel zelf laten signeren. Zoals tientallen uitgaven van Adriaan van Dis op verschillende signeersessies. De boeken van Tommy Wieringa, Meir Shalev en Marcel Möring die ik in bulk heb laten signeren. En natuurlijk talloze auteurs die jaren geleden op het Feest der Letteren in de Bijenkorf kwamen en waar ik vervolgens stapels boeken heensleepte. Ik heb daar op dit blog regelmatig verslag van gedaan (hier en hier en hier en hier). Al die acties leverden handtekeningen op van veel verschillende Nederlandse auteurs. Vooral Nederlandse auteurs, want handtekeningen van Nederlandse auteurs zijn simpelweg eenvoudiger te krijgen. Niet raar dus dat deze de hoofdmoot van mijn collectie vormen.

Ik ben gaan tellen van wie ik gesigneerde boeken heb. De top 10 ziet er als volgt uit:
  1. Adriaan van Dis 85
  2. Marcel Möring 34
  3. Tommy Wieringa 25
  4. Meir Shalev 17
  5. Kees van Kooten 12
  6. Nelleke Noordervliet 12
  7. Jan van Herreweghe 11
  8. Gerrit Komrij 10
  9. Remco Campert 10
  10. Geert Mak 8
  11. Anna Enquist 8
  12. Herman Koch 7
  13. Abdelkader Benali 7
  14. A.F.Th. Van der Heijden 7
  15. Jan Siebelink 6
  16. Rosita Steenbeek 6
  17. Kurt Löb 5
  18. Joost Zwagerman 5
  19. Kader Abdolah 5
  20. Connie Palmen 5
Een bijzondere categorie boeken zijn de multisignata: de boeken die door meerdere auteurs geen gesigneerd. Een van mijn multisignata is het boek Uit liefde in boeken. Vijftien schrijvers op zoek naar een boekhandel dat door 5 van de 15 auteurs is gesigneerd. Een andere bijzonderheid is het prozadebuut van Adriaan van Dis Nathan Sid die zowel door Van Dis als Charlotte Mutsaers (die de illustratie maakte) is gesigneerd. En natuurlijk de uitgave Kristal 1935 dat door meerdere auteurs is gesigneerd. Enkele jaren geleden kocht ik de voor mij nostalgische uitgave van Het Nationale Toneel, gesigneerd door acteurs en regie.

De meest bijzondere handtekeningen

Tussen de 500 handtekeningen in mijn collectie zijn er natuurlijk altijd een paar die meer bijzonder zijn dan andere. Van mijn favoriete auteurs zijn het vooral de zeldzame of curieuze uitgaven die eruit springen, zoals de door Tommy Wieringa gesigneerde CD van de groep Donskoy (waar hij in het begin van zijn carrière teksten voor schreef en niet te verwarren met het kattenras) of de eerder genoemde door Adriaan van Dis gesigneerde single Groene Smart van Hans de Booij (ik bezit nu overigens zowel de vinyl single als de CD-single, beide op de hoes gesigneerd). Het zou aardig zijn om ze ook door Hans de Booij te laten signeren en zo toe te voegen aan de multisignata.
Dan de boeken over boeken. Op een mooie plek in mijn vitrine ligt het door Holbrook Jackson gesigneerde exemplaar van de eerste druk van The anatomy of bibliomania. Daar vlak naast ligt de uitgave met het gesigneerde briefje (strikt genomen dus geen gesigneerd boek..) van baron W.H.J. van Westreenen. Bij Bubb Kuyper kocht ik meer boeken in de categorie “boeken over boeken” die gesigneerd zijn: van Madeline Stern en Leona Rostenberg, Charles Sims en Barbara Kaye (de echtgenote van Percy Muir) om er enkele te noemen. Bij Catawiki kocht in een gesigneerde A.S.W. Rosenbach. Wat er in deze categorie nog uitspringt is Jeremy Mercer’s boek over de boekhandel Shakespeare & Company dat ik nota bene in Parijs opdook, zij het in een andere boekhandel.

Van de auteur Bordewijk is bekend dat hij weinig signeerde. Naast zijn handtekening in Kristal 1935 ben ik erg blij met het gesigneerde exemplaar van Haagse mijmeringen. Ook de gesigneerde A. den Doolaard (ik schreef er hier over) heeft een bijzonder plekje in mijn kast. Sowieso zijn gesigneerde exemplaren van overleden schrijvers exclusiever, ik ben dan ook blij dat ik de gelegenheid heb gehad om schrijvers als Renate Dorrestein, Joost Zwagerman en Menno Wigman enkele boeken te laten signeren.

Maar of het nu een gesigneerde bibliofiele uitgave is of een snelle handtekening in een rommelige paperback: elke handtekening is welkom in mijn bibliotheek. Hopelijk is het snel weer mogelijk om de 500 ruim te passeren wanneer het mogelijk wordt signeersessies te bezoeken.

Naschrift: merkwaardig genoeg overleed Arie Ribbens 4 dagen na het publiceren van dit blog. Zo denk je nooit aan iemand en dan ineens in korte tijd een paar keer achter elkaar. Arie werd 84 jaar.

15 juli, 2018

286 - Toch nog Bordewijk

In het begin van mijn bloggersleven hadden veel posts betrekking op boeken van de schrijver Ferdinand Bordewijk. Ik was toen een enthousiast verzamelaar van zijn werk en regelmatig voegde ik nieuwe Bordewijkjes aan mijn collectie toe. Met als hoogtepunten een gesigneerde verzameluitgave Kristal 1935 - met handtekeningen van veel schrijvers, waaronder Bordewijk - en het aanschaffen van de ultrazeldzame bibliofiele uitgave Mijnheer Pem heeft een droom, waarvan ik in 2010 nog dacht dat ik die nooit zou vinden.

In die tijd sprak ik Bordewijk-verzamelaar Robert Gaarlandt en ik mocht zelfs zijn collectie eens van dichtbij bekijken. Gaarlandt bezit onder andere één van de zes bekende exemplaren van Bordewijks debuut Paddestoelen uit 1916, een auteursexemplaar van Karakter en talloze uitgaven van Bordewijk in bijzondere verschijningsvormen. Tegen zoveel compleetheid kan natuurlijk niemand op en ik moet zeggen dat mij als verzamelaar de moed in de schoenen zonk. Verzamelen doe ik voor mijzelf maar ik moet bekennen dat ik bij Bordewijk de ambitie had om een echt significante collectie uitgaven bij elkaar te krijgen. De afstand tot Gaarlandt is echter onoverbrugbaar groot en eerlijk gezegd ging de lol er dan ook wat van af. Natuurlijk heb ik toen nog wel de door hem geschreven catalogus van de Bordewijk-tentoonstelling laten signeren.


Het resultaat is dat het laatste stukje waarin Bordewijk figureerde op dit blog uit 2014 stamt, zoals je kunt zien als je op de Bordewijk-knop bovenaan klikt. Dat wil niet zeggen dat ik nooit meer iets van Bordewijk kocht: een gestaag stroompje sijpelde mijn collectie binnen: het bibliofiele werkje Zeer geachte heer. Drie brieven (oplage 40) kocht ik bij Fokas Holthuis in 2017, in 2015 een mooie gebonden uitgave van Tien verhalen bij Catawiki en ook in 2017 de De Roos-uitgave Gaspard la nuit van Aloysius Bertrand, waarin Bordewijk een voorwoord schreef. Ook al word ik niet de grootste Bordewijk-verzamelaar in Nederland, deze uitgaven hoorden er toch bij.

Afgelopen week deed ik dan toch weer een iets grotere aankoop. In één klap verschenen er twee mooie Bordewijk-uitgaven op Catawiki:
- een eerste druk van Rood Paleis uit 1936
- de gelimiteerde uitgave van Vertellingen van generzijds uit 1950 mét het schaarse foedraal. Dit is een genummerd exemplaar uit een oplage van 350.
Een korte zoektocht bij Boekwinkeltjes.nl en Antiqbook.nl leerde mij dat de eerste druk van Rood paleis regulier zo'n 95 euro kost en Vertellingen van generzijds met foedraal ongeveer 65 euro. Ik wilde in elk geval ver onder de 160 euro blijven en hoewel het me allemaal nog iets tegenviel was ik inclusief veilingkosten en inclusief verzendkosten uiteindelijk €98,65 kwijt. Bijna 60 euro minder dan bij een antiquariaat en dat stemde mij toch nog tevreden.

Wat mij ook tevreden stemt is wanneer ik nu naar mijn Bordewijkverzameling kijk. Ik heb nog steeds Paddestoelen uit 1916 niet (maar wél de heruitgave uit 1961 onder pseudoniem Ton Ven) en ook nog geen eerste druk van Karakter (laat staan een auteursexemplaar, maar wél de jubileumuitgave van 1988). Verder eerste drukken van Bint, Blokken en Knorrende beesten. De aanbiedingsfolder van Bint uit 1934. De mooie uitgave van Blokken van Frans de Jong en de facsimiles van Bint en Blokken. De zeldzamere gebonden uitgave van Haagse mijmeringen die ook nog eens gesigneerd is door Bordewijk (!!). Eén van de 24 exemplaren van Tijding van Fer. De speciale uitgave van Huissens, gesigneerd door Kurt Löb. En al zijn verdere werk vrijwel allemaal in 1e druk. Al met al ruim 100 uitgaven van Bordewijk of aan Bordewijk gerelateerd die dan misschien geen legendarische, maar toch wel een fraaie verzameling vormen.

Ik weet van het bestaan van nog een paar bibliofiele uitgaven en die komen nog wel eens voorbij in een catalogus van een veilinghuis of een antiquariaat. Zo ook Karakter: het zal niet lang duren voordat Bubb Kuyper die weer eens in eerste druk aanbiedt voor een betaalbare prijs. En natuurlijk wil ik het luisterboek van Karakter hebben, voorgelezen door Adriaan van Dis: twee van mijn favoriete schrijvers verbonden! Ik weet ook dat mijn collectie verder voor weinig mensen interessant is. Ooit wilde ik ruimte maken en bood ik al mijn Bordewijken aan een antiquariaat aan. Die wilde ze niet hebben, want, zo zeiden ze, er was maar één Bordewijkverzamelaar in Nederland en die had alles al.. Het feit dat er nog aardig geboden werd op de Catawiki-kavels is het bewijs van het tegendeel, maar dat er niet veel liefhebbers zijn is wel duidelijk. Maar wat geeft het, ik ben trots en blij als ik naar mijn twee planken met Bordewijkmateriaal kijk, wat de markt er verder ook van zegt.

14 januari, 2018

283 - Signeren, rappen en boekhandelzegels in Amsterdam

Op de dag dat het zo hard sneeuwde dat heel Nederland collectief vastliep (10 december 2017) leek het mij een goed idee om met het het openbaar vervoer naar de hoofdstad te gaan om daar de jaarlijkse Büchmania dag bij te wonen. Op de terugweg bleek dat idee toch minder goed omdat het hele land knarsend tot stilstand kwam. Maar gelukkig had ik intussen voldoende leesvoer bij mij..

De reden dat ik naar de Büchmania dag wilde, was de aanwezigheid van Jan van Herreweghe. Ik had al een tijdje geleden van hem de aankondiging van zijn nieuwe boek gekregen en daarin las ik dat hij in Amsterdam zou zijn. Omdat ik inmiddels een aardig stapeltje van zijn boeken heb en ik nu zijn nieuwste zou kunnen kopen én laten signeren, toog ik naar Amsterdam waar de sneeuw al gestaag begon te vallen.

Hoewel ik een bewonderaar ben van Boudewijn Büch, ben ik nooit overgegaan tot lidmaatschap van Büchmania. Ik begon dat ineens jammer te vinden, toen ik deze verzameling boekengekken zag in de OBA en het plezier waarmee ze elkaar ontmoetten en bezig waren om het gestaag uitdijende universum van Büchpublicaties verder te vullen. Want er waren ook allerlei tafels met boeken beschikbaar voor de verkoop: tafels met publicaties van Büchmania, tafels met uitgaven van en over Büch zelf en tafels met overige mooie boeken. En natuurlijk een tafel waar Jan van Herreweghe zat.

Tot mijn grote vreugde lag daar een stapeltje van zijn nieuwste boek: Dode letters. Over de oneindige bibliotheek, alleslezers, niet-lezers, ongelezen boeken, onleesbare boeken, net niet verschenen boeken, ongeschreven boeken en onuitgegeven manuscripten. Maar tot mijn nog grotere vreugde lagen er ook stapeltjes met zijn eerdere boeken, die voor de feestprijs van 5 euro per stuk wegmochten. Met als gevolg dat ik nu alle delen van de serie "Het menselijk tekort bij een teveel aan papier" bezit, en ook nog gesigneerd uiteraard.

Voordat het signeerfeest kon beginnen had ik kort de tijd om Jan de hand te schudden, maar daarna begon het programma van de 16e Internationale Boudewijn Büch-dag en trokken we naar de mooie zaal in de OBA. Voordat de lezen van Jan begon vertelde Frank Divendal over zijn verzameling boekhandelzegeltjes. Dat was een lezing met veel mooie plaatjes maar ook met onthutsende getallen: vele duizenden van deze zegeltjes bezit Frank inmiddels, maar de wereldkampioen schijnt een Oosterijker te zijn die in aantallen een straatlengte op Frank voorligt. Wat wel pijn deed was de mededeling van Frank dat een bevriende kringloopwinkel pagina's met deze zegeltjes uit boeken scheurt en aan hem geeft, voordat de boeken de container ingaan. Ik weet ook wel dat veel boeken in de papierbak eindigen, maar het is altijd een beetje naar om dat zo te horen.

Ik werd geraakt door de ingelaste presentatie van Guus Bauer over zijn nieuwe boek Wacht maar hoe mooi het wordt. Het was een bijzondere muzikale performance maar ik hoorde er ook de pijn in uit de jeugd van een kind dat hunkert naar liefde.. Erg goed gedaan en het maakte mij ook zeer benieuwd naar het boek zelf.

Daarna mocht Jan van Herreweghe ruim drie kwartier vertellen over zijn boekverzamelpassie en de wijze waarop hij nu al negen boeken heeft gevuld met anekdotes over boeken, schrijvers, lezers, bibliotheken en alles wat maar met boeken te maken heeft. Daarna was het pauze en was het tijd om te signeren. Voor de tafel van Jan vormde zich een rijtje en dat rijtje bleef wel even staan want Jan signeert heel rustig en nauwkeurig, en elk boek krijgt een aparte opdracht die past bij het boek zelf. Dat gaf de wachtenden de gelegenheid om met elkaar bij te praten. Op een of andere manier hebben boekenverzamelaars de neiging om verontschuldigend te praten over het aantal boeken dat ze bezitten, alsof het ze per ongeluk is overkomen en ze het eigenlijk ook niet zo ver wilden laten komen. Of is het een manier om terloops te pochen over de hoeveelheid papier dat men verzameld heeft? Want als ik twee mensen spreek en de één heeft 6000 boeken en de ander 10000, dan begint het toch verdacht veel op een competitie 'wie kan het verste plassen' te lijken. En ik kon niet meedoen, want ik nog maar net de 3000 aan dus ik ben maar een klein verzamelaartje. Of zoals Jan van Herreweghe zei in zijn lezing, toen hij Gerrit Komrij aanhaalde: 5000 titels is de start van een bibliotheek, daarna begint het echte werk...

Het was een mooie dag in Amsterdam en de terugreis kostte vele uren en omzwervingen langs allerlei stations met stilstaande treinen. Maar wie maalt daarom met zoveel mooie boeken in de tas?

07 december, 2017

282 - In de kraamkamer van een roman

Ik vertelde al eerder van mijn contacten met Marcel Möring, naar aanleiding van mijn behoefte om alle boeken die ik van deze schrijver heb ook gesigneerd te krijgen. Dit signeren lukte en het leidde tot vriendelijke contacten met Möring. Maar enige tijd geleden kreeg ik een verzoek van hem dat ik wel heel bijzonder vond.

Möring had onthouden in welk vakgebied ik werkzaam was en dat vakgebied werd een thema in de roman die hij op dit moment aan het schrijven is. En hij wilde met mij wat doorpraten over dat thema om er voor te zorgen dat de beschrijving in zijn roman zo accuraat mogelijk zou zijn.

Ik voelde mij natuurlijk zeer gevleid door dit verzoek. Ik heb een huis vol boeken die allemaal op een of andere manier herkenbaar en betekenisvol zijn voor mij, maar op deze manier invloed kunnen uitoefenen op een roman had ik nog niet eerder meegemaakt.. Ik vroeg een collega van mij die nog net wat meer gespecialiseerd is dan ik om mee te gaan en samen gingen wij op pad naar huize Möring.


Daar hadden wij een boeiend gesprek over schrijven in het algemeen, het leven in Rotterdam en natuurlijk uitvoerig over de thematiek waar we voor kwamen. Möring schetste een verhaallijn die hij in zijn hoofd had en wilde bij ons toetsen of zoiets in werkelijkheid ook zou kunnen gebeuren. Helaas voor hem was deze verhaallijn - waar ik niks over ga zeggen, lees vooral het nog te verschijnen boek er maar op na - hoewel ogenschijnlijk plausibel, in de praktijk niet realistisch.

Of eigenlijk was dat niet helaas voor de schrijver, want Möring liet weten dat hij over het algemeen veel tijd steekt in het uitvogelen van de precieze omstandigheden en gebeurtenissen in zijn boeken. Als hij schrijft over een willekeurige dag in het verleden, dan zoekt hij uit of het weer dat hij beschrijft ook daadwerkelijk klopt met die dag. Het zou voor hem vreselijk zijn als hij schrijft dat het op en bepaalde dag in november zoveel jaar geleden koud was met regen, terwijl het in werkelijkheid zonnig was en droog. Ook locaties moeten kloppen bij de werkelijkheid. Er mag niets zijn wat uiteindelijk de lezer kan afleiden van het verhaal. Dus dat wij konden aangeven dat deze verhaallijn uiteindelijk niet klopte met de werkelijkheid, luchtte hem in die zin op dat hij niet pas na het verschijnen van het boek iets dergelijks zou horen.

Ik ben uiteraard zeer benieuwd wat het uiteindelijke boek gaat worden. We hebben wel gehoord wat de thematiek van het boek in het algemeen is en de verhaallijn waar wij op reflecteerden, maar voor het overige zal het net zo'n verrassing zijn als elk ander nieuw boek. Wat wel bijzonder is, is dat we de vraag kregen of we een conceptversie willen lezen van het boek om nog een laatste feitelijke check te doen (zodat alle details kloppen) voordat het verschijnt. Dat zal de meest 'advanced reading copy' zijn die ik ooit onder ogen heb gehad.


Enige tijd geleden was in het Drenths museum een tentoonstelling waarin het wordingsproces van de roman Eden werd weergegeven. Dat lijkt niet op de setting waarin wij het gesprek voerden - gewoon aan de keukentafel - maar als er van de nieuwe roman ook zo'n tentoonstelling komt dan verwacht ik ergens in een hoekje toch wel een vermelding van mijn bijdrage.


Als dank voor ons luisterend oor en onze feedback over het thema kregen nog een gesigneerde versie mee van De kleurentovenaar, een speciale uitgave die verscheen ter gelegenheid van het jubileum van de bibliotheek in Assen. En dat kwam dan wel weer goed uit, want dan blijft mijn Möring collectie (die inmiddels 32 gesigneerde exemplaren bevat) in elk geval actueel en op orde.

n.b. het boek is uiteindelijk in 2019 verschenen onder de titel Amen. Ik werd uitgenodigd voor de presentatie en zag daar dat ik werd genoemd in het dankwoord achterin het boek. 

13 april, 2017

275 - Forse handtekeningen en praatgrage schrijvers

Ik begon mij een beetje zorgen te maken toen dit jaar de aankondiging van het Feest der Letteren in de Bijenkorf uitbleef. Meestal is dit evenement met zo'n 20 auteurs ijverig signerend aan kleine tafeltjes, waarbij ze om beurten geïnterviewd worden of anderszins een bijdrage moeten leveren, aan het begin van de Boekenweek gepland. Maar na enige dagen F5-'end op de site van de Bijenkorf kwam de aankondiging er toch nog. Met enige opluchting kon ik vaststellen dat mijn verzameling gesigneerde boeken weer een forse uitbreiding stond te wachten.


Connie Palmen tussen de massa
Maar los van de jaarlijkse bijeenkomst in de Bijenkorf was er meer te beleven in de Boekenweek op het vlak van signerende auteurs. Dat begon al in Rotterdam, bij Donner, waar Connie Palmen werd geïnterviewd door Marcel Möring. Dat was een dubbelklapper: niet alleen kon ik door Connie Palmen haar boekenweekessay van dit jaar laten signeren, maar ik moest ook nog een krabbel van Marcel Möring hebben in zijn nieuwste roman Eden. Maar eerst was er een interview, voordat er gesigneerd werd. Marcel Möring besprak met Connie Palmen wat haar visie was op het schrijversschap en de relatie met haar eigen leven. Interessant was dat Connie Palmen schetste dat een schrijver eigenlijk steeds een migrant is, en haar eigen leven achter zich laat. Dat klinkt als een doelbewust achterlaten van wat was. Maar toen Möring doorvroeg over haar social media gebruik, bekende ze dat ze lid was van Facebook om jeugdfoto's uit haar lagere schooltijd te kunnen bekijken. Toen ze die herinnering vertelde begon ze te stralen, wat mij leerde dat dat achterlaten van de eigen historie maar beperkt kan plaatsvinden. Ook vertelde dat ze haar boekenweekgeschenk De Erfenis maar niks vond; boeken behoren niet gratis te zijn maar je behoort ervoor te betalen. Het zal haar goed gedaan hebben dat voor haar essay wel betaald moest worden, al was het maar weinig.

Het was enorm druk bij Donner, maar ik had toevallig strategisch een goede plek uitgekozen; vlakbij de signeertafel. Ik was snel aan de beurt, en nam ook nog even de tijd om door te praten over een paar titels die ik bij me had. Allereerst haar essay Iets wat niet bloeden kan, dat ik recent gelezen had. Dit is een uitgave in het kader van de Maand van de Filosofie, één van de series die ik spaar. Ik vond het een mooi essay over beroemdheden en moordenaars, echt en onecht en hoe dat in het hoofd van stalkers vorm krijgt. In het antiquariaat in Donner had ik ook nog snel een eerste druk van Lucifer gekocht die nu ook met handtekening in mijn kast prijkt.

Nadat ik nog wat had doorgepraat met Marcel Möring, die mij nog kende van mijn huisbezoek aan hem, rende ik naar Den Haag omdat later die middag in Paagman Tommy Wieringa zou optreden. Via het boekenmarktje in de buurt van de Laurenskerk en De Slegte kwam ik op tijd in Den Haag. Daar vertelde de schrijver over zijn nieuwe roman De dood van Murat Idrissi, een prachtig verhaal, waarin migratie een centraal thema is. Grappig dat dit woord weer terugkwam nadat ook Connie Palmen er op haar manier over had gesproken. Wieringa kondigde ook een nieuwe roman aan die in november verschijnt en hij vertelde daarbij op hilarische wijze over veldonderzoek dat hij in Twente had gedaan, met een onvergetelijk bezoek aan een Twentse snackbar waarvan ik benieuwd ben hoe we dat gaan teruglezen.

De auteur met al mijn boeken
Bij het signeren stelde ik mij bescheiden op. Ik had de laatste maanden flink wat boeken van Wieringa gekocht - ik heb de beste man inmiddels compleet in mijn kast staan - en die had ik allemaal bij me. Maar gelukkig was de schrijver zo welwillend om ze allemaal te signeren, waarbij hij per boek nog even de tijd naam om er een kort commentaar op te geven. Bijvoorbeeld bij zijn eerste romans - Amok en Dormantique's manco. Hij vertelde dat hij zijn toenmalige uitgever had verboden er ooit nog een herdruk van te maken. Over Fish pond song verweet hij dat de uitgever er te weinig promotie voor had gemaakt. Een boekje dat hij niet kende was Onderweg in de hertaling in eenvoudige taal. Met veel plezier las hij een stukje eruit voor, zonder zijn eigen zinnen erin terug te herkennen. Terwijl hij zich door mijn stapel boeken heenwerkte, zei hij opgewekt: "het is goed te weten dat ergens in Nederland alles staat".

Een week later was dan toch het langverwachte Feest der Letteren in Amsterdam. Daar kon ik onder meer mijn boeken laten signeren door Rosita Steenbeek, waaronder haar essay voor de Maand van de Spiritualiteit (wederom een serie die ik spaar). Zij vroeg of ik het gelezen had - en dat had ik uiteraard - en daarna hadden we een mooi gesprek over compassie en - wederom - migratie. En hoe dat gaat als minderheden een gezicht krijgen en daardoor de nuance in meningen komt. Ook was daar Herman Koch, aan wie ik onder meer het boekenweekgeschenk van dit jaar voorlegde. Voorafgaand aan mijn bezoekje aan de Bijenkorf had ik in een platenzaak in de Jordaan de CD van de band Donskoy gekocht. Tommy Wieringa maakte deel uit van deze band en daarom hoort deze in mijn Tommy Wieringa-collectie. Toen ik voor Tommy Wieringa stond was het eerste dat hij zei: "Den Haag of Amsterdam, het maakt jou ook niks uit!". Zijn verbazing was groot toen ik de CD van Donskoy liet zien. Aan het tafeltje naast hem zat Griet Op de Beeck, en Wieringa ging vol trots de CD aan haar laten zien, en nam uitvoerig de inhoud van het CD-boekje door, aanwijzend waar hij vermeld stond. De goeddeels zwarte voorkant liet maar een heel klein handtekeningetje toe, maar hij staat er.

Het langste bleef ik echter staan bij de tafel van A.F.Th. van der Heijden, van wie ik een grote tas met boeken bij mij had. Geduldig signeerde hij ze allemaal, met een forse, sierlijke handtekening, datum en plaatsvermelding. Waaronder zijn debuut (als Patrizio Canaponi, uit 1978) en de uitgave van Stichting de Roos De gebroken pagaai. De eerste uitgave van De Roos die door de auteur is gesigneerd! Ik was eerlijk gezegd redelijk verbaasd dat het bij deze grote schrijver zo rustig was. Van der Heijden! Onze grote romancier! Dat het bij Herman Koch druk was begreep ik wel, hij heeft volop in de publiciteit gestaan. Maar de leegte bij Van der Heijden vond ik niet fijn, hoewel ook bij Rosita Steenbeek soms minutenlang niemand was, en bij Thomas Rosenboom evenmin. Ik kon bij Rosenboom nog wel mijn twee versies van boekenweekgeschenk Spitzen laten signeren - het exemplaar met en zonder foto. We raakten nog even in gesprek waarom de versie met foto was afgekeurd. hij wist niet meer precies waarom het was maar vermoedde dat het iets met het papier te maken had. Tot slot was ook Kluun aanwezig. Van hem had ik twee kleine werkjes bij mij: het verhaal Memoires van een marketingsoldaat (uitgegeven door Hertog Jan Bier) en zijn essay God is gek. Kluun vertelde dat hij de Memoires met heel veel plezier had geschreven en dat een prima boekje vond. Dat ben ik met hem eens: het is een leuk geschreven verhaal. Maar meer dan deze twee titels - de eerste kocht ik omdat het meekwam met een verhaal van Tommy Wieringa in een vergelijkbare uitgave, en de tweede omdat ik mijn serie van de Maand van de Spiritualiteit nu eenmaal compleet wil hebben - heb ik niet. Dat Kluun een aardige kerel is staat echter buiten kijf.

Na deze productieve signeerweek constateer ik dat ik inmiddels zo'n 400 gesigneerde titels bezit. Een mooie mijlpaal, met dank aan al die jaren dat de Bijenkorf het Feest der Letteren organiseert. Want dat heeft mij tientallen handtekeningen in mijn boeken opgeleverd.

16 maart, 2016

261 - Een nieuwe lente, een nieuwe schrijversmarkt

Zoals elk jaar in het voorjaar organiseert de Bijenkorf weer haar Feest der Letteren, waarbij schrijvers signeren en worden geïnterviewd en lezers worden geacht veel boeken in te slaan.

Deze keer was het Feest der Letteren in Den Haag, na jarenlang in Amsterdam te zijn georganiseerd (zie mijn verslagen van 2009 en 2014; de tussenliggende jaren zijn te lezen via de zoekfunctie op het blog. In 2015 was ik er niet omdat er eerlijk gezegd te weinig schrijvers waren van wie ik nog te signeren boeken in de kast had). Dit omdat de Bijenkorf in Den Haag, tegenover het failliete V&D, 90 jaar bestond. De ambiance was duidelijk anders dan in Amsterdam, de aandacht was volgens mij ook niet zo groot (geen lange rijen bij de tafeltjes) en de schrijvers waren ook verdeeld over twee verdiepingen met hun tafeltjes en stonden vrij ver uit elkaar.

Ik had natuurlijk weer mijn vaste stapeltjes met boeken uitgezocht om te laten signeren. Ik was een beetje bezorgd dat daar streng op zou worden gecontroleerd. Ik was al eerder aangesproken door Bijenkorfmedewerkers dat ik wel heel veel boeken bij mij had om te laten signeren. Eigenlijk mag je alleen boeken laten signeren die je bij de Bijenkorf koopt, en daar is natuurlijk ook wel iets voor te zeggen. De praktijk is dat de schrijvers het geen probleem vindt, maar de Bijenkorf-mensen wel. Dit jaar viel het wel mee: slechts 15 boeken wachtten op een handtekening. In andere jaren had ik wel eens een koffer met boeken bij me, nu paste het in een rugzak. Maar de sfeer was gemoedelijk en niemand keek mij verwijtend aan bij het tonen van mijn eigen boeken in plaats van een exemplaar dat te koop lag op het tafeltje bij de schrijvers. Helaas konden niet alle 15 boeken gesigneerd worden: de aangekondigde Connie Palmen kon vanwege "persoonlijke omstandigheden" niet aanwezig zijn. Daar stond tegenover dat ik met meer boeken naar huis ging, dan dat ik bij de Bijenkorf kwam.

Het mooie van een redelijk rustige Bijenkorf is dat er tijd is om nog even met de schrijvers te praten. Het valt me altijd weer op hoe toegankelijk en aardig de meeste schrijvers zijn. Natuurlijk, ze staan er vrijwillig en je mag aannemen dat ze dan ook wel plezier hebben in lezers. Hoewel ik toch ook wel een paar heel chagrijnige auteurs heb meegemaakt (Martin Bril, Midas Dekkers), is dat gelukkig de minderheid.

De middag begon al heel leuk met Charles den Tex en Anneloes Timmerije. Ik leerde dat zij getrouwd waren en Charles den Tex ontpopte zich als echte verkoper. Hij signeerde met veel genoegen de boeken die ik bij mij had, maar smeerde mij ook nog een exemplaar aan van het samen met Timmerije geschreven boek Het vergeten verhaal van een onwankelbare liefde in oorlogstijd. Ik had een paar Literaire Juweeltjes bij me van hem, waarvan hij aangaf dat hij er erg tevreden over was (vooral over Gestolen). Maar ik moest Het vergeten verhaal... toch echt kopen en lezen van hem, en dat ga ik natuurlijk doen. Toen ik het boek door Anneloes Timmerije wilde laten signeren moest ik veel geduld hebben. Niet omdat de rij voor haar tafeltje zo lang was, maar omdat zij net haar voormalige leraar Nederlands had ontmoet, voor het eerst sinds haar middelbare school tijd. De man had zelfs nog een oud rapport van haar bij zich en zij was erg onder de indruk van de ontmoeting. Gelukkig signeerde zij ook nog mijn nieuw aangeschafte boek.

Een ander leuk gesprek had ik met Fik Meijer, van wie ik Paulus' zeereis naar Rome bij mij had. Hij was verrast om het boek te zien, het stamde inmmers al uit 2000. Meijer analyseert in het boek een Bijbelverhaal (Handelingen 27 en 28) aan de hand van historische maritieme gegevens: gegevens over scheepsbouw, onderwaterarcheologie en de samenleving uit die tijd. Dat geeft een verrassend perspectief op sommige verhalen. Hij vertelde dat hij het in dit boek extra grondig had gedaan omdat hij veel affiniteit met het onderwerp had.

Jan Brokken signeerde het boek Blok. De boekhandelaar van mijn vader, waar ik eerder over schreef, plus uiteraard ook nog een Literair Juweeltje van zijn hand. Tijdens het signeren vertelde hij over een verhaal over een boekhandel in Riga dat hij in zijn nieuwste boek had opgenomen, met de suggestie dat ik dat boek zou kopen... Op dat moment pakte ik het boek Uit liefde in boeken, waarin 15 auteurs vertellen over hun favoriete boekhandel. Brokken vertelt daarin het verhaal uit Riga, en hij signeerde het boek bij de titelpagina van zijn bijdrage. Van de 15 auteurs in dat boek hebben 6 inmiddels hun eigen verhaal gesigneerd. Helaas zal het nooit compleet worden, omdat Michaël Zeeman en Martin Bril inmiddels zijn overleden, maar het boek begint mooi gevuld te raken met handtekeningen.

Leuk was het om met Arie Boomsma te praten over zijn pasgeboren kind en de emotie die dat met zich meebrengt. Dat je jezelf zo bijzonder voelt als het kind er is en dat het heel raar is dat de rest van de wereld dat niet lijkt te zien en gewoon doorgaat met het leven zoals het is. Terwijl er iets fundamenteels anders is, en van universeel belang: je hebt immers een kind gekregen.

Tot slot haalde ik nog wat handtekeningen op van Esther Gerritsen en Hugo Borst, beide in een Literair Juweeltje. Met Gerritsen kletste ik nog even over de herkomst van mijn voornaam, met Borst uiteraard over Sparta en dat hij eigenlijk niet durft te hopen op promtotie dit jaar, ook al staat Sparta inmiddels een straatlengte voor... Na de oogst van die middag heb ik eens even bij mijn rijtje kleine boekjes gekeken. En wat blijkt: inmiddels bezit ik 121 verschillende literaire juweeltjes en daarvan zijn er 37 gesigneerd. Geen gekke tussenstand!

Ik ben blij dat ik weer eens naar het Feest der Letteren ben gegaan. Een mooie traditie van de Bijenkorf en een goede kwaliteitsimpuls van mijn bibliotheek. Want zeg nou zelf: zelfs al is het 'maar' een Literair Juweeltje, een gesigneerd boek is toch leuker dan een niet gesigneerd boek...

28 december, 2014

249 - De schrijver ontvangt thuis


Zoals Artistiek Bureau een tijdje geleden tweette: Eerste drukken zijn saai en doorsnee. In alle gevallen heb ik desalniettemin liever een eerste druk dan een tweede druk, maar verder zijn eerste drukken op zichzelf inderdaad niet het meest opwindende dat je je kan voorstellen. De praktijk leert echter dat zeker van hedendaagse schrijvers een eerste druk via boekwinkeltjes.nl of antiqboek.nl nogal eens goedkoper te krijgen is dan een latere druk nieuw in de boekhandel. Dat levert dan - hoe saai en doorsnee ook - uiteindelijk toch een leuk rijtje eerste drukken op de plank op.

Er zijn natuurlijk wel manieren om je eerste drukken vervolgens wat boeiender te maken. Bijvoorbeeld door ze te laten signeren: dat is wat mij betreft een mooie aanvulling op mijn liefhebberij van boekenverzamelen. De afgelopen maanden is er heel wat afgesigneerd in mijn boeken door verschillende schrijvers: mijn laatste berichten over Adriaan van Dis en Meir Shalev lieten dat al zien.

Het punt is dat ik het toch wat lastig vind om met een grote stapel bij een auteur aan te komen als hij ergens aan het signeren is. Soms ga ik dan drie keer in de rij staan om telkens een boek of vijf te laten signeren tot de stapel op is. Het zal duidelijk zijn dat dit handiger kan.

Kijkend door mijn boekenkast bleek ik in de afgelopen jaren van de schrijver Marcel Möring een respectabele hoeveelheid boeken te hebben verzameld: ruim 30 stuks. Destijds werd ik gegrepen door zijn roman In Babylon en dat was het boek wat mij een lange fascinatie voor deze schrijver gaf. Zoals Rob Schouten in een recensie na het verschijnen van het boek schreef: "Mörings verhaal wordt bevolkt door prachtige, onvergetelijke karakters, die zonder hun verhalen op elkaar af te stemmen het sprookje van hun collectieve ballingschap schrijven (...) 'In Babylon' is een prachtig en rijk boek, een parel van verbeelding tussen zoveel boeken van flauwe realisten en monomanen. Zo'n boek dat niet ieder jaar verschijnt."

Zoals dat gaat leidde dit tot een verzameldrift rondom deze schrijver. En Möring is redelijk makkelijk te verzamelen: aardig wat publicaties: een enkele bijzondere uitgave en met enige regelmaat een nieuw boek. De bijzondere uitgaven waren bijvoorbeeld nieuwjaarsgeschenken, cadeau-uitgaven of lezingen die in een kleine oplage werden uitgegeven. Een uitgave van De kotzker die verscheen als bijlage van de krant De Morgen. De novelle Nachtzwemmen als speciale uitgave van Dunnet Computers.  De lezingen Reizen zonder gids, Naakt en namaak in de literatuur, Sample-god in cyberspace en Het verdriet van Drenthe. Het nieuwjaarsgeschenk Bederf is de weg van alle vlees. Het luisterboek van Modelvliegen. Met enige moeite wist ze allemaal bij elkaar te krijgen en zo bleek ik op een goede dag een lange rij Mörings te hebben, die natuurlijk allemaal nog een handtekening nodig hadden.

Ik besloot daarom om het maar eens over een andere boeg te gooien: in plaats van te wachten op een signeersessie waar ik dan bedremmeld in de rij ging staan met teveel boeken, heb ik Marcel Möring gemaild met de vraag of ik niet eens bij hem langs kon komen om mijn tas vol boeken te laten signeren. Dat was gelukkig geen probleem, en zo zat ik een tijdje later aan de keukentafel van de schrijver te babbelen over Rotterdam, boeken en het leven van een schrijver. Onder het genot van een goede kop koffie in de fraaie keuken.

Het leukste was toen we de stapel boeken één voor één oppakten, bekeken en becommentarieerden voordat ze werden gesigneerd. Natuurlijk was ik heel tevreden met de verzuchting dat ik wel heel veel had (en zelfs een aantal uitgaven die Möring zelf niet kende). We kregen het even over haar: op het omslag van het luisterboek staat een Möring zonder haar, maar inmiddels is de haardos weer terug. Boeiend was natuurlijk vooral om te horen hoe de schrijver aankeek tegen de kritiek op een aantal van zijn boeken. Marcel Möring is niet een schrijver die goed ligt bij de recensenten. Helaas zijn boeken als Dis en Louteringsberg niet van het niveau In Babylon en dus wordt Möring nogal eens afgeserveerd in recensies. Maar dat maakt Möring nog niet tot een slechte schrijver, zoals veel van zijn boeken en verhalen laten zien. En dus bestaat mijn boekenkast voor een substantieel deel uit werk van Möring. En heb ik toch maar eens vriendelijk maar dringend gevraagd wanneer er weer nieuw werk van hem verschijnt. Dat zit eraan te komen, zo beloofde hij bij het afscheid. Ik wens hem de kwaliteit van In Babylon toe, maar verwacht wel dat hij dat boek niet nog een keer schrijft: een schrijver moet zich blijven vernieuwen.

En zo heb ik toch weer een mooi verhaal bij een rijtje op zichzelf niet zo spannende eerste drukken. En begint het aantal gesigneerde boeken in mijn bibliotheek tegen de 300 aan te lopen, wat ook geen verkeerd aantal is...