Posts tonen met het label Gedichtendag. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gedichtendag. Alle posts tonen

15 september, 2017

278 - Literaire zakdoeken

Een van de merkwaardigste deelverzamelingen in mijn bibliotheek is die van de niet-boeken: literaire uitgaven die niet in boekvorm maar anderszins verschijnen. Literaire teksten verschijnen op allerlei plekken: gebruiksvoorwerpen, kleding en bijvoorbeeld ook muren (al is dat laatste weer wat lastig te verzamelen). Zo heb ik lang geslapen op een kussensloop van uitgeverij Plint met daarop een gedicht van Hans Hagen:
Heel dichtbij
ik zie lichtjes in je ogen
kom eens heel dichtbij
ik zie mij
je ogen zijn twee spiegeltjes
zie jij dat ook bij mij?
Hoe lekker ik ook sliep op deze kussensloop, ik heb niet de behoefte om dit soort literaire gebruiksvoorwerpen te verzamelen. Tegenwoordig vullen die al een fors schap in een beetje boekenwinkel: naast kussenslopen zijn er mokken, tassen, T-shirts en wat al niet meer. Er is weinig exclusiefs aan en daarmee als verzamelobject voor mij niet geschikt.

Een tijdje geleden schreef ik al over het boekobject van Jan van Herreweghe dat ik bezit. Die is wel uniek, in kleine oplage gemaakt en daardoor hoort het thuis in mijn bibliotheek. Dit lijkt in elk geval nog op een boek en kan ik dan ook keurig in de kast zetten tussen de andere boeken. Maar ik bezit ook een wat mij betreft een klein verzamelwaardig serietje curiositeiten en dat zijn de zakdoeken met gedichten.

Wat moet een verzamelaar nu met zakdoeken - anders dan de tranen te drogen na het in mijn vorige post beschreven veilingverdriet? Deze zakdoeken stammen uit de tijd dat eerst de boekhandels met *) en later Selexyz nog bestonden en waren een speciale uitgave ter gelegenheid van de jaarlijkse gedichtendag. Elke gedichtendag verscheen naast het gedichtendagbundeltje ook zo'n zakdoek met daarop ofwel een heel gedicht, ofwel een dichtregel, met daarbij de opdruk dat deze speciaal was gemaakt voor gedichtendag dat jaar.

Op zo'n moment overstijgt de bedrukte zakdoek de grauwe massa van bedrukte gebruiksartikelen, het wordt dan een serieuzere gelegenheidsuitgave die voor mij onmiddellijk verzamelwaardig wordt. Het probleem is alleen dat ik behalve de exemplaren die ik zelf bezit, ze nooit meer ergens heb gezien. Ze worden niet aangeboden op Marktplaats of op een andere logische site. Hoeveel er zijn verschenen weet ik niet en hoe groot de collectie potentieel kan worden dus ook niet.

Op dit moment heb ik zes gelegenheidszakdoeken met gedicht. Mijn eerste stamt uit 2002, is van Bart Moeyaert en heet heel treffend Het lied van de zakdoek. In de jaren daarna heb ik niet zo goed opgelet, want de eerstvolgende zakdoek die ik heb is uit 2006 en daarop staat een dichtregel van mijn favoriete dichter Menno Wigman:

Tweeduizendzoveel / Pixels, steeds meer pixels / De nieuwsdienst pokert met je hoofd.
Vervolgens heb ik nog de jaren 2007 (gedicht van Shang Ch'in), 2008 (Eva Gerlach), 2009 (Antjie Krog) en 2010 (Marjolein Kool).  Opmerkelijk is dat de zakdoeken van 2006 en 2009 dezelfde dichter bevatten als die het speciale gedichtendag dichtbundeltje van dat jaar maakte, maar de andere jaren niet. Enige lijn lijkt daar dan ook niet in te ontdekken.

Ik vermoed dat er in elk geval in 2003-2005 ook zakdoeken zijn verschenen. Maar of dat vóór 2002 en ná 2010 ook het geval is, is mij dus onbekend. Ik haalde mijn zakdoeken altijd op gedichtendag bij de prachtige boekhandel Verwijs in de Haagse Passage, die helaas ten onder is gegaan. En dat gold voor meer winkels uit de voormalige keten.  Na 2010 veranderde er veel bij Selexyz dus mogelijk is sindsdien deze actie door de marketingafdeling geschrapt. In 2012 was Selexyz zelf verdwenen en vervangen door Polare, en we weten allemaal hoe dat afliep.

Deze curieuze verzameling zal al met al nog lang curieus blijven vrees ik. Vooralsnog heb ik ze bij de afdeling poëzie gezet omdat het aantal nog te klein is voor een eigen deelverzameling.

Verdere informatie over deze zakdoeken is welkom. En wie er nog eentje kwijt wil: ik heb die van Menno Wigman dubbel, en die wil ik best ruilen voor een zakdoek die ik nog niet heb..

Naschrift: een klein half jaar na dit bericht vond ik op Marktplaats een advertentie van een gedichtendag-zakdoek van een andere keten: Libris boekhandels maakte kennelijk ook zakdoeken. De zakdoek van 2002 heeft als thema het huwelijk van Willem-Alexander en Máxima. Dit maakt het allemaal nog verwarrender: zijn er nog meer gedichtendag-zakdoeken van Libris behalve die van 2002? De tijd zal het leren...

31 januari, 2008

144 - Ik ben toegedicht

Vandaag was het een superieure gedichtendag. Zoals elk jaar toog ik ter gelegenheid van gedichtendag naar Verwijs in de Passage in Den Haag. Verwijs is de plek waar ik twee jaar geleden een indrukwekkende performance van Menno Wigman zag en waar ik drie jaar geleden achter het net viste toen er op gedichtendag boeken werden uitgedeeld (wat de boekhandel later ruimschoots goedmaakte).

Enfin, genoeg herinneringen aan deze boekhandel en door de storm toog ik dus naar mijn traditionele gedichtendag-plek. In de winkel was een medewerker aanwezig die winkelende klanten toedichtte door hen een gedicht voor te lezen uit de bundel van Mark Boog, de auteur van de bundel van dit jaar.

Ik werd verblijd met het gedicht Wie, geniaal...
Wie, geniaal, genadeloos, heeft de spiegels opgehangen
in deze kamer? Wie haalt ze weg? Wie stoort zich eraan
behalve die gestoord wil zijn? Ik draai me naar je om

en daar ben je, precies waar ik dacht dat je zou zijn.
Ik reik en raak je. Geen glas. Geen gezichtsbedrog.

maar vingertop aan vingertop dat wat ik, bij gebrek
aan woorden, beschrijf als wij. Je knikt, glimlacht,

draagt stenen bij aan een heel ander huis dan voorzien,

bouwt de illusies op die de zin zijn van onze zintuigen.
Ik hef mijn oude loflied aan op de deuren en de muren.

Voorlopig niet op reis, zoveel is zeker. Geen doel
dat niet verbleekt in dit witte licht, geen oog dat ziet.
Piet Gerbrandy schreef in de Volkskrant al een lovende recensie over deze bundel, en terecht. Maar ik was verbaasd dat het me zoveel deed om toegedicht te worden. Ik stond daar in de winkel en tegenover mij stond iemand gepassioneerd een gedicht aan mij voor te dragen. Ik vond het indrukwekkend, ontroerend zelfs. Mijn eerste gedachte toen ik deze medewerker zag was: waarschijnlijk word ik weer over het hoofd gezien, net als toen en toen. Groot was mijn opluchting toen ik werd opgemerkt en toegesproken. Een optreden met één toeschouwer. Het was het meest indrukwekkende optreden dat ik ooit had meegemaakt.

O ja, ik kreeg ook nog de gedichtendag-zakdoek, met een gedicht van Eva Gerlach. En ik kocht de bundel van Mark Boog natuurlijk. Dat is al de negende gedichtendagbundel die is verschenen en gelukkig heb ik ze allemaal (waarvan twee gesigneerd: Hugo Claus en Menno Wigman).

Het was een mooie dag, want ik ben toegedicht.

27 januari, 2006

90 - Goede oogst op gedichtendag

Het begint al een goede gewoonte te worden om tijdens gedichtendag aanwezig te zijn in boekhandel Verwijs, ik schreef er vorig jaar ook al over. Los van het feit dat het een schitterende boekhandel is op een prachtplek, de Haagse Passage, was er tijdens deze gedichtendag ook genoeg te doen. Er werden namelijk prijzen uitgereikt door Poetry International voor de beste gedichten van het jaar, zie hier de gedichten. Juryvoorzitter Femke Halsema deed een praatje en daarna mochten de drie prijswinnaars, Koenraad Goudeseune (zie ook hier), Piet Gerbrandy en Erik Jan Harmens, hun winnende gedicht voordragen aan de ongeveer 25 gasten. Met name de voordracht van Erik Jan Harmens was indrukwekkend: een duidelijke, welluidende stem die met kracht een gedicht voordroeg uit zijn bundel “Underperformer” over een autistische jongen. Indrukwekkend mooi. Harmens geselde de toeschouwers met zijn gedicht.

Maar de held van de dag was toch wel Menno Wigman. Wigman is de schrijver van de speciale gedichtendagbundel, die voor de zevende keer verschijnt. Ik had nog nooit van Wigman gehoord, ja het is schandalig, maar nadat ik op de site van Poetry International zijn gedicht “Tot besluit” uit de bundel “Dit is mijn dag” (2004) had gelezen was ik verkocht. Wat een indrukwekkend gedicht! Nu al een klassieker. 

Tot besluit
 
Ik ken de droefenis van copyrettes, 
waar holle mannen met vergeelde kranten, 
bebrilde moeders met verhuisberichten,
 
De geur van briefpapieren, bankafschriften, 
belastingformulieren, huurcontracten, 
de inkt van niks die zegt dat we bestaan. 

En ik zag Vinexwijken, pril en doods, 
waar mensen roemloos mensen willen lijken, 
de straat haast vlekkeloos een straat nabootst. 

Wie kopiëren ze, wie kopieer 
ik zelf? Vader, moeder, wereld, DNA, 
daar sta je met je stralend eigen naam, 

Je hoofd vol snugger afgekeken hoop, 
op rust, promotie, kroost en bankbiljetten. 
En ik, die keffend in mijn canto´s woon, 

had ik maar iets nieuws, iets nieuws te zeggen. 
Licht. Hemel. Ziekte. Liefde. Dood. 
Ik ken de droefenis van de copyrettes.  

“Tot besluit” staat niet in de speciale bundel, maar Wigman las drie gedichten voor die wel in de bundel staan. Het was bijzonder om bij deze performance te zijn. Het was ook bijzonder om de gedichtendagbundel daarna door Wigman te laten signeren. Tot slot was het bijzonder om de speciaal voor vandaag bedrukte zakdoek met een dichtregel van Wigman te ontvangen. Kortom, Verwijs was weer eens een winkel vol lekkernijen waar ik gretig van geproefd heb. 

Dat signeren was trouwens nog een ervaring apart. Ik schreef al eerder over een signeersessie van Hugo Claus waar ik bij was en waarbij ik mij verbaasde over de toch wat onbeschaamde houding van iemand in de rij die zijn hele bibliotheek had meegenomen en tassen vol boeken van Claus liet signeren, met achter hem een steeds meer groeiende en licht geïrriteerde rij. Vandaag was het niet anders. Direct voor mij stond een man, Harry heette hij, die vijftien exemplaren van Wigman’s bundel had gekocht en deze allemaal liet signeren. Hij leverde er een briefje met namen bij en of Wigman de juiste bundel met de juiste naam wilde vullen. Dat deed de dichter, want waarom zou je dat ook weigeren? Maar irritant was het wel. Ik hield het op twee te signeren bundels en heb toen de dichter gecomplimenteerd met zijn gedicht “Tot besluit”, wat hij kennelijk erg op prijs stelde. Ik ben een tevreden mens, die heel tevreden verontrustende poëzie van Wigman tot mij neemt. 

08 juli, 2005

62 - Signeren is dicteren

In de Volkskrant van vrijdag 2 juli stond een interessant stukje van Arjan Peters. Hij beschreef daarin een signeersessie van A.F.Th., in het bijzonder hoe deze weigerde een bepaalde tekst op te schrijven in een te signeren boek. Peters was het volstrekt eens met die handelswijze, want "wat geschreven is, kan worden bewaard - op het gevaar af dat een biograaf zijn interpretaties óók zal loslaten op tekstjes die zijn ontstaan onder druk, of op een moment dat de muze in een diepe dommel bleef."

Ik heb zelf redelijk wat gesigneerde boeken staan, maar ik ben zelf niet iemand die per se naar signeersessies gaat. Het is dat ik er soms tegenaan loop, dan ga ik een handtekening niet uit de weg natuurlijk. Maar ik ga niet speciaal naar sessies toe.


Ondanks dat ik geen ervaringsdeskundige ben op het gebied van signeren, ben ik het toch niet eens met Arjan Peters. Er zijn grenzen natuurlijk, maar waarom zou een schrijver alleen datgene moeten opschrijven waar hij met hart en ziel achterstaat?

Ik herinner me een signeersessie waar ik tegenaan liep: Gedichtendag 2002, in Amsterdam. Bij Scheltema signeerde Hugo Claus het speciaal ter gelegenheid van gedichtendag verschenen bundeltje "De groeten".

Ik was in de buurt, liep naar binnen en kocht een paar bundeltjes. En toen was het een kwestie van geduld: in de rij staan. Eenmaal bij Claus aangekomen - hij zag er overigens erg moe en breekbaar uit - vroeg ik hem één van de bundeltjes te signeren met: "voor [X], de allerliefste". De begeleider van Claus vond het maar niks: "dat kan meneer Claus niet doen, want hoe weet hij nou of [X] de allerliefste is?" Dat wist Claus natuurlijk niet, maar dat had ik hem zojuist verteld, dus die discussie was wat mij betreft uit de wereld. Maar ik snapte heel goed wat de begeleider bedoelde, het was net als bij de signeersessie van A.F.Th. Gelukkig bleef Claus onverstoorbaar, en hij signeerde zoals gevraagd. En wat maakt het ook uit: er is toch niemand die werkelijk zal denken dat Claus van mening is dat wat hij signeert, ook altijd zijn opvatting is? Waar het om gaat is dat iemand laat zien de schrijver te waarderen en het belangrijk te vinden dat hij iets achterlaat op zijn werk. Daar een punt van maken levert meer gedoe op dan gewoon opschrijven wat iemand vraagt, lijkt mij.

Hugo Claus signeert in Rotterdam. Foto afkomstig
van 
rotterdampoetrylakes3.blogspot.com
Mij viel tijdens die signeersessie iets anders op, wat ik eigenlijk erger vond. Voor mij was een man aan de beurt die met een grote tas vol boeken van Claus aankwam. Kennelijk een bekende van de schrijver, want het was Hugo voor en Hugo na: "Weet je nog Hugo, toen...", "Vind je ook niet Hugo, dat...". En ondertussen het ene boek na het andere op tafel leggen, met verzoek - nee, de eis! - om een handtekening. Over het algemeen waren het bijzondere uitgaven - roofdrukken, werk in kleine oplages, etc. - waar de handtekening van Claus waarschijnlijk waardeverhogend bedoeld was. De heer in kwestie was er bijzonder dwingend over: Hugo moest alles signeren. Bijzonder asociaal naar de schrijver toe vond ik, een respectloze bejegening. Maar ook bijzonder asociaal naar de andere wachtenden toe. Ik heb zeker tien minuten achter de man gestaan voordat zijn sporttas met boeken leeg was en alles door Claus beschreven.

Als je het mij vraagt zou Claus liever kiezen voor de opmerking dat [X] de allerliefste is, dan dat hij gebruikt wordt door iemand die hem ziet als investering en niet als kunstenaar.

28 januari, 2005

36 - Een gedichtendag Verwijs-ing

Het is weer gedichtendag! En gedichtendag betekent een gedichtenbundel, en een gedichtenbundel betekent: een gedichtenbundel gaan kopen. Aangezien ik toch in Den Haag was, leek het mij een goed moment om de nieuwe winkel van Verwijs te bekijken, die sinds kort in de Passage is gehuisvest. Een prachtige plek voor een kwaliteitsboekhandel. Het is té verleidelijk om het gedicht van Achterberg hier ongenoemd te laten:

Passage 

Den Haag, stad, boordevol Bordewijk
en van Couperus overal een vleug
op Scheveningen aan, de villawijk
die kwijnt en zich Eline Vere heugt. 

Maar in de binnenstad staan ze te kijk, 
deurwaardershuizen met de harde deugd
van Katadreuffe die zijn doel bereikt.
Ik drink twee werelden, in ene teug. 

Den Haag, je tikt er tegen en het zingt. 
In de Passage krijgt de klank een hoog 
weergalmen en omlaag een fluistering 
tussen de voeten over het graniet; 
rode hartkamer die in elleboog 
met drie uitmondingen de stad geniet. 

En in die Passage staat tegenwoordig ook boekhandel Verwijs. Weinig Bordewijk en Couperus overigens hier te vinden, wel veel andere Haagse boeken. En een uitmuntende literaire afdeling, prachtig gelegen in de winkel, tussen pilaren waarin je de oude Passage herkent.
 Terwijl ik er was, werden er cadeautjes uitgedeeld: gratis boeken! Waarschijnlijk een actie in het kader van de opening, deze week is ook een feestweek in Verwijs. Willekeurige bezoekers kregen een prachtig ingepakt boek. En ik: ik viste net achter het net. Het is toch onrechtvaardig: de enige bezoeker die in zijn weblog over Verwijs schrijft, waarschijnlijk op dat moment de grootste boekenliefhebber in het pand, moet zonder cadeau de winkel verlaten. Ach, ik kan nog altijd proberen de gesigneerde boekenkast te winnen. 

In elk geval heb ik de dichtbundel gekocht. Daarin prachtige gedichten van Gerrit Kouwenaar. Eén zal ik citeren, want het gaat ook over boeken:

Binnen 

Wat je niet allemaal bestaan hebt, onteigend 
omhelsd hebt, geweest bent, nu zit je
op wacht aan je bed 

je bladert het boek door, bevingert de woorden 
wantrouwt je gereedschap, stofgoud cicaden 

het brood is verlegen, wil niet verstenen 
het horloge maalt meel en weet het nooit zeker 

diep in de tuin dooft het buitenste binnen 
altijd die vogels die nesten beginnen -