Posts tonen met het label jubileum. Alle posts tonen
Posts tonen met het label jubileum. Alle posts tonen

07 juni, 2025

361 - Een feestelijk gedicht

Onlangs kocht ik weer een interessante gelegenheidsuitgave die mij op het pad van Russische poëzie bracht. Dat is niet een groot aandachtsgebied voor mij, maar zoals wel vaker kwam er vervolgens nog meer aanvulling van Russische poëzie in mijn bibliotheek. Dat zat zo.

In 2019 vierde het Leidse antiquariaat Burgersdijk en Niermans haar 125-jarig bestaan. Over dit veilinghuis heb ik al vaker geschreven, maar het is natuurlijk onmogelijk om de roemruchte geschiedenis ervan in een paar zinnen samen te vatten. Op de eigen website staat een handzame geschiedenis voor wie wat meer wil weten. Voor nu goed om te weten is dat het veilinghuis vrijwel permanent gevestigd is geweest aan de Nieuwsteeg in Leiden en genoemd is naar twee medewerkers van de de Leidse uitgeverij Brill die de veilingactiviteiten van Brill eind 19e eeuw overnamen. Zij noemden het pand weer Templum Salomonis, naar de eerdere bewoner van het pand Philips van Leyden, de 14e eeuwse jurist en boekenverzamelaar. Over hem schreef ik al eerder, naar aanleiding van een publicatie over zijn bibliotheek.

Bijzonder aan het pand aan de Nieuwsteeg is dat de gevel sinds 1992 een gedicht draagt van de Russische dichteres Marina Tsvetajeva. Dat gedicht was het eerste van een hele reeks aan Leidse muurgedichten, die je allemaal hier kunt zien. Het gedicht van Tsvetajeva werd destijds illegaal aangebracht door Ben Walenkamp en Jan Willem Bruins. Later werd het initiatief omarmd door de gemeente Leiden en werden nog veel meer van dergelijke muurgedichten aangebracht. Meer over de aanleiding voor deze actie en de keuze voor dit gedicht is te lezen in dit artikel uit Levende Talen Magazine

Het is ditzelfde gedicht dat uiteindelijk ook terechtkwam op de gelegenheidsuitgave bij het jubileum van het veilinghuis. Waar het op de muur van het pand nog in het cyrillisch staat, is het in deze uitgave vertaald afgedrukt. De vertaling is van Marja Wiebes en Margriet Berg. Het gedicht is te mooi om hier niet te herhalen. Vooral de laatste strofe maakt het ook erg passend voor een plek op de gevel van een veilinghuis…

Mijn verzen, die ik jong al heb geschreven, 

Voordat ik wist een dichteres te zijn,  

Als vuurwerk spattend, vonkend en vol leven,

Bruisend als een fontein,

 

En die als kleine duivels binnendrongen

In 't rijk dat vol van droom en wierook was,

Mijn verzen, die de dood, de jeugd bezongen,

- En niemand die ze las!

 

Die op bestofte winkelplanken kwijnen

Waar niemand ze een blik ooit waardig keurt!

Mijn verzen komen, zoals goede wijnen,

Nog wel eens aan de beurt. 

Zoals de eerste zin al aangeeft, was Tsvetajeva nog maar jong toen ze dit gedicht schreef, in 1913. Daarna publiceerde ze een imposant oeuvre, maar leidde een tragisch leven dat uiteindelijk leidde tot haar zelfmoord in 1941. Inmiddels wordt ze gezien als een van de meest toonaangevende dichters in Rusland.

De jubileumuitgave was niet te koop, maar werd verspreid onder de aanwezigen bij het symposium van Burgersdijk en Niermans op 1 mei 2019 in Leiden. Eén van de bijdragen op dit symposium, van J.F. (Freek) Heijbroek, is afgedrukt in tijdschrift De Boekenwereld. Heijbroek gaat in op de geschiedenis van verschillende Leidse antiquariaten. Wie er verder sprak op dit symposium heb ik niet terug kunnen vinden, alleen schrijft Heijbroek in zijn artikel dat Anton van der Lem dagvoorzitter was. 

Hoeveel exemplaren er werden gedrukt van dit gedicht staat niet vermeld, alleen dat het een beperkte oplage was. Ik heb zelf nummer 154, de oplage was dus niet heel klein. Toch vind ik nergens een vermelding dat deze uitgave te koop wordt of werd aangeboden. Meestal blijven er van zo’n oplage wel wat exemplaren beschikbaar via boekwinkeltjes.nl of antiqbook, maar nu is dat niet zo.

Toen ik het exemplaar op de kop tikte was ik wat teleurgesteld, omdat er een grote rode vlek rechts onderaan zit, het ziet er uit als de afdruk van een wijnglas. Ik dacht dat dit het gevolg was van het ronddelen op het symposium: kennelijk had een ontvanger het ergens neergelegd, en toen was er wijn op gemorst. Zoiets. Ik vond het nogal slordig: krijg je zo’n mooie uitgave, mors je er meteen wijn op. Het kan gebeuren, maar jammer dat ik dan geen ongeschonden exemplaar heb.

Maar niets bleek minder waar. Bij het lezen van het eerder aangehaalde artikel in Boekenwereld zag ik een foto die is genomen op het symposium. Daarop stond een afbeelding van precies deze uitgave, met een identieke vlek erop. Het is nog net te zien dat dit een Romeins genummerd exemplaar is, daarmee lijkt de stelling gerechtvaardigd dat deze vlek doelbewust is aangebracht op alle exemplaren, een mooie knipoog naar het feestelijke karakter ervan! Gelukkig heb ik tóch een ongeschonden exemplaar. Maar hoeveel bezitters zullen net als ik eerst teleurstelling hebben gevoeld omdat ze dachten dat het een beschadigd exemplaar was?

Een overstap naar De Roos

Om twee redenen kan ik nu een overstap maken naar uitgaven van Stichting de Roos. Allereerst omdat ik mij herinner dat ik hetzelfde gevoel had toen ik een exemplaar kocht van Le petit poucet van Charles Perrault, uitgegeven door Stichting de Roos in 1969. Het omslag van die uitgave ziet er versleten en verweerd uit. Toen ik het kocht dacht ik ook die keer dat ik een slecht exemplaar te pakken had, maar dit bleek ook hier onderdeel van het ontwerp.

De tweede reden is dat ik niet al te lang na de uitgave van Tsvetajeva een recente uitgave van Stichting de Roos kocht waarin 5 jonge Russische dichters centraal staan. Deze uitgave uit 2024, nr. 198 van De Roos, bevat poëzie van auteurs in ballingschap en zijn eerdere gepubliceerd in het tijdschrift 5th Wave, dat mede wordt uitgeven door Van Oorschot. De titel is Voorlopige resultaten. De dichters reflecteren op actuele gebeurtenissen, waaronder de oorlog in Oekraïne. Een parallel met Tsvetajeva is dat zij het gedicht Mijn verzen ook schreef als jonge dichter, en ook in tijden van onrust en oorlog, net als de dichters van nu. En dat zij ook een tijdje in ballingschap buiten Rusland heeft gewoond. De bijdragen werden geselecteerd door Maxim Osipov

Meer Russische poëzie tot slot

Met deze twee uitgaven heb ik inmiddels aardig wat Russische poëzie in mijn collectie. Zoals gezegd, ik zoek er niet speciaal naar maar al met al groeit het aardig.Want ik heb nog wat meer in mijn bezit, de meeste verschenen als bibliofiele of bijzondere uitgave. De jaarlijkse nieuwjaarsuitgave van Stichting de Roos in 2024 was namelijk een separaat uitgeven gedicht uit Voorlopige resultaten, van de hand van Michaïl Aisenberg. Ook Burgersdijk en Niermans publiceerde meer in dit genre: in 2020 verscheen bij hen het nieuwjaarsgeschenk Soldaat van papier, poëzie van Boelat Okoedzjava. Verder verscheen bij Stichting de Roos in 2017 al een uitgave van de dichter Anna Achmatova met als titel Avond. Als speciale uitgave van Februari boekhandels verscheen in 2017 een boekje met vier gedichten van Aleksandr Blok in de vertaling van Jean-Pierre Rawie. Van diezelfde auteur heb ik ook nog een uitgave van de vermaarde Insel-Bücherei met een aantal gedichten. En tot slot heb ik nog wat uitgaven van Daniil Charms, waar ik in 2011 al over schreef. En als laatste moet ik natuurlijk Poesjkin’s bekende werk Jevgeni Onegin, de roman in verzen, noemen. Al met al natuurlijk maar een minuscule selectie uit de immense Russische literatuur en volstrekt niet representatief. Desondanks meer titels dan ik dacht te hebben toen ik aan dit stukje begon. 



25 december, 2016

271 - Onder boekenliefhebbers

Perkamentus en de auteur van het jubileumboek schreven er ook al over: het jubileum van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen en de bijbehorende verschijning van het jubileumboek De complete verzameling, geschreven door Paul van Capelleveen. Ik was uitgenodigd door Perkamentus om deze dag in dit eminente gezelschap door te brengen en dat heb ik met veel plezier gedaan.

Er zijn veel aangename kanten aan het vertoeven in het gezelschap van bibliofielen. En dat is natuurlijk vooral de herkenning van het virus waar iedereen mee besmet is. De meestgestelde vraag was dan ook 'en wat verzamel jij'. Daarop kwamen uiteenlopende antwoorden: incunabelen, kaarten en atlassen, uitgaven over Amsterdam... maar na enig doorvragen was het veelal toch zo dat sprake was van een immer uitdijende verzameling waar de verzamelaar steeds minder controle over had. Dat maakte het thema van het jubileumboek - het einde van de verzameling - des te actueler. Want hoe kom je er ooit weer vanaf? Maar voortdurend kwam ook een zinnetje als "onlangs kocht ik bij Bubb..." of "gelukkig vond ik bij The Romantic Agony vorig jaar...". Ik kon daaraan toevoegen: "Vanmorgen haalde ik mijn twee gewonnen kavels op bij Zwiggelaar." Ik was een tevreden mens want ik ging naar het jubileum van de de bibliofielen met een flinke stapel bibliofiele uitgaves in de achterbak van mijn auto.

De dag werd vooral doorgebracht in het prachtige Teylers, waar we naast een aantal boeiende lezingen en een ijverig fotograferende Perkamentus werden vergast op een rondleiding door het museum met de mogelijkheid een aantal bijzondere uitgaven uit de bibliotheek van het museum van dichtbij te bekijken. Het mooie was dat een aantal leden van het gezelschap net zo veel of meer wist van de tentoongestelde boeken dan degene die ons rondleidde, wat regelmatig zorgde voor opmerkingen als 'blader even naar pagina X van dit boek, daar staat een interessante illustratie' of 'mag ik even de band van dichtbij bekijken want dit is een bijzondere binding'. Zo zagen we onder meer de eerste druk van de allereerste publicatie van de door Linnaeus opgestelde indeling van het dierenrijk uit 1735. Maar mijn meest indrukwekkende moment was toch wel het bekijken van Birds of America van Audubon. Prachtig om dit boek te zien, hoewel zelf erin bladeren niet toegestaan was. Niet raar voor een boek dat op de veiling zo'n 8,6 miljoen euro opbrengt. Schokkend was wel het gegeven dat bij het maken van een facsimile editie van het boek niet iedereen zijn handen afveegde. Het resultaat: inktvingers op verschillende pagina's van dit boek, en soms ook inktvlekken op de afbeeldingen. Voor iemand die zelfs de meest goedkope pocket nog voorzichtig behandelt is dat een onverdraaglijk gegeven.

Na al deze emoties werd het dan toch tijd voor het diner. Dat werd genoten in restaurant Stempels, waar ik het genoegen had om de tafel te delen met onder meer Paul van Capelleveen (conservator bij de KB), Jos van Heel (oud-conservator van Meermanno), Aafke Boerma (hoofd PR van Meermanno) en boekbindster en boek restaurateur Natasha Herman. Het gaf mij de mogelijkheid om mijn jubileumboek te laten signeren, maar mooier nog: tijdens het gesprek werd duidelijk dat deze Jos van Heel degene was die zo vriendelijk was het briefje van Van Westreenen te ontcijferen dat ik vond in de nalatenschap van mijn oom (ik schreef er hier over). Wat een prettig toeval om tegenover degene te zitten die mij zo uit de brand heeft geholpen met mijn blog. Zijn commentaar: "als ik het handschrift van Van Westreenen al niet kan ontcijferen, wie dan wel?" Daarnaast was het een avond vol mooie verhalen over boeken, boekenvondsten en de vele varianten van de liefde voor het mooie en bijzondere boek.

En zo eindigde een bibliofiele dag. Terwijl Perkamentus en ik een doos met jubileumuitgaven door Haarlem sjouwden namen we warm afscheid van medebibliofielen die ik helaas onvoldoende kon spreken. Op naar een volgende bijeenkomst!

05 september, 2014

245 - Blok, blok en blokken

Van Perkamentus kreeg ik een fraai cadeau ter gelegenheid van mijn tienjarig jubileum als blogger: het boek De handel en wandel van de boekenjood van Ewoud Sanders. Een prachtig boek, uitgegeven in eigen beheer door Sanders (en natuurlijk gesigneerd!) waarin de historie van de boekenjoden wordt geschetst: straatboekhandelaren in Nederland van 1750 tot 1950.

Sanders weet de straatboekhandelaren een gezicht te geven. Letterlijk, doordat hij een aantal bekende boekenjoden expliciet beschrijft en hun handel analyseert. Maar ook figuurlijk, door aan de hand van details en anekdotes deze verdwenen beroepsgroep in de herinnering terug te roepen.

Het wordt duidelijk dat voor veel boekenkopers de boekenjoden onontbeerlijk waren. Net als in de betere antiquariaten waren er die veel verstand van de markt hadden en voor vaste klanten in staat waren bijzondere boeken te vinden, of aan te bevelen waarvan zij dachten dat het in de bibliotheek van de klant paste. Dit gold in het bijzonder voor de dynastie van de familie Blok: drie generaties boekenjoden die in Den Haag en Amsterdam werkzaam waren. Bijzonder was dat de kramen van Blok op het Binnenhof stonden, en op die manier bestonden hun klanten onder meer uit staatslieden, parlementariërs en hoge ambtenaren. Maar ook van Vincent van Gogh is gedocumenteerd dat hij op die manier zijn boeken kocht. Sanders laat zien hoezeer zij werden gewaardeerd om hun specialisme, maar ook hoe hard de concurrentie met andere handelaren was. En er zijn natuurlijk de anekdotes over goede en slechte deals. Net als ik deed met het boek van Everitt zocht ik wat de beschreven boeken tegenwoordig zouden moeten kosten. Een voorbeeld: rond de eeuwwisseling verkocht Jozef Blok een exemplaar van Adriaen van der Doncks Beschryvinge van Nieuw-Nederlant uit 1655 voor tien gulden aan Nijhoff. Toen Nijhoff prompt betaalde voelde Blok zich bekocht: het was voor het eerst dat Nijhoff niet afgedongen had. Hetzelfde boek werd in 2005 voor $60.000 verkocht bij Christie's.

Al met al een tijdsbeeld dat weemoed oproept: wat jammer dat die tijd voorbij is en dat er geen kans meer is om bij de boekenjood te snuffelen en mooie vondsten te doen. Simon, David, Jozef en David Blok junior hebben hun stempel op het vak gedrukt en gelukkig is dat nu geboekstaafd (lees nog wat recensies hier en hier)

Toevalligerwijs las ik op hetzelfde moment een ander boek over een boekhandelaar die Blok heette: Blok, de boekhandelaar van mijn vader door Jan Brokken. Deze Blok was geen boekenjood en ook niet verwant aan die Blok-dynastie. Huib Blok was een oer-Rotterdamer van gereformeerde huize die vanaf de grond een gerenommeerde boekhandel opbouwde. Het boek van Brokken is verschenen als gelegenheidsuitgave bij het jubileum van de Koninklijke Boekverkopersbond in 2012. Ondanks dat ik geen boekhandelaar ben, heb ik gelukkig wel een exemplaar met de aanbeidingsbrief bijgevoegd: "Jan Brokken schreef met Blok het levensverhaal van een vader, een boekverkoper, een Rotterdammer en een man die met beide benen in de twintigste eeuw stond".

Net als het boek van Sanders is ook het boek van Brokken een meeslepend verhaal geworden over de historie van het boekverkopersvak. Een tijdsbeeld, een inkijkje in het klimaat en de cultuur van die tijd. En behalve de naam en het feit dat het om boeken gaat, lijken er maar weinig overeenkomsten tussen de boekenjoden en Huib Blok te zijn. Maar toch zijn er raakvlakken: Huib Blok was in de Tweede Wereldoorlog één van de leiders van het verzet in het Westen, hij werd gearresteerd en overleefde Dachau. In Dachau tekende hij de pui van zijn winkel, zoals hij het later zou bouwen. Die tekening uit Dachau siert het omslag van het boek.

De aanleiding voor Brokken om het boek te schrijven was dat Huib Blok bevriend was met zijn vader en wekelijks boeken kwam afleveren. Brokken kwam dus vaak in de winkel van Blok en kende hem persoonlijk. Hij sprak ook met oud-medewerkers van Blok en dat levert naast een schets van de boekhandel an sich, een persoonlijk portret op van een wat dominante, maar deskundige en betrokken boekhandelaar die zich steeds wist aan te passen aan de ontwikkelingen van de tijd.

Maar de tijd is genadeloos. De tijd voor boekhandels is slechter (Blok verkocht zijn winkel in 1980) en boekenjoden zijn er niet meer. Daarom is het mooi dat dergelijke boeken verschijnen om deze historie voor het vergeten te behoeden en een klein monument op te richten voor de betrokkenen. Voor de boekenliefhebber een feest om te lezen: het gaat immers om degenen die ons voorzien van onze dagelijkse behoefte aan bedrukt papier. Ik ben na het lezen van het boek van Brokken in mijn bibliotheek gaan kijken of ik tenminste één boek had dat ooit bij boekhandel Blok was gekocht, maar helaas ontbreekt dit. Na het lezen van dit boek vind ik eigenlijk dat ik als eerbetoon aan Blok tenminste één voormalig boek uit zijn winkel moet hebben. Gelet op zijn omzet in al die jaren zou dat toch niet al te moeilijk moeten zijn...

Nog één laatste associatie tot slot. Door al die historie over handelaren met de naam Blok moest ik denken aan het boek van Bordewijk: Blokken. Behalve de titel is er geen overeenkomst, want het gaat niet over boeken of boekhandelaren. Maar het is een boek dat zowel Huib Blok als David Blok meerdere keren in de winkel of de kar moeten hebben gehad. Zouden ze bij het lezen van de titel hebben geglimlacht en even aan zichzelf hebben gedacht?

15 juli, 2014

243 - Tien jaar bloggen

Vandaag is het exact tien jaar geleden dat ik startte met het bijhouden van boekenweblog. Een decennium lang bloggen... Tijd voor een melancholische terugblik. En ik ben niet de enige, ik zie opvallend veel bloggers die dit jaar hun blogdecennium vieren: dezedeze, deze, deze en deze om er willekeurig vijf te noemen. Het lijkt allemaal heel lang, maar het bloggen zelf bestaat intussen twintig jaar, dus het eerste decennium hebben we met z'n allen gemist.

Natuurlijk is 10 jaar een periode van getallen: 243 berichten (ja, ik doe het rustig aan. Ik moet namelijk ook nog boeken kopen en lezen), 140.000 bezoekers en 303 reacties op mijn berichten. Maar wie is die lezer dan: U bent 40,7 jaar oud in elk geval, veel meer informatie verschaft het web niet.

Deze 10 jaar is ook de periode waarin ik (volgens LibraryThing) 990 boeken kocht waarvan ik vele via dit blog aan de lezers heb voorgesteld. Het eerste boek van die 990 dat ik kocht was - hoe toepasselijk - Brieven zonder grieven van Adriaan van Dis. Ik kocht het op de dag dat ik mijn eerste blogbericht schreef, op 15 juli 2004. In de jaren daarna heb ik de lezer op de hoogte gehouden van mijn speurtocht naar uitgaven van Adriaan van Dis, die ik inmiddels complet in mijn kast heb staan. En ik heb daarnaast veel geschreven over Nescio (18x), Bordewijk (14x), Boudewijn Büch (10x) en de helaas overleden Hugo Brandt Corstius (7x). Van al deze auteurs zocht ik specifieke titels, en ik heb in die 10 jaar veel gejuicht, als ik zeldzame titels op de kop tikte, veilingen won en met de felbegeerde boeken in mijn hand stond.

En dat is natuurlijk het fijne van een blog. Ik kan hier verhalen vertellen over boeken: waar ik ze koop, hoe ik ze vind, waarom ik er zo blij mee bent en wat ze bijzonder maakt, maar ook over boeken die ik niet koop, misloop, kwijtraak of over het hoofd zie, in de wetenschap dat er eindelijk mensen zijn die dat ook interessant vinden. Want dergelijke mensen zijn er niet veel in mijn directe omgeving. En met wie moet ik dan mijn boekenavonturen delen? Dat doe ik met mijn lezers, onder wie veel boekenbloggers zijn met wie ik een warme passie deel en van wie ik ook met veel plezier hun schrijfselen lees Boekengek (helaas al een jaar stil), Perkamentus, Nick ter Wal, Danny Habets en vele anderen. Het zijn volhouders, want het valt toch niet mee om te blijven schrijven, ook al gaat het over de mooiste passie die er is. Veel blogs doven daarom langzaam uit.

Dus ik ben mijn 140.000 lezers dankbaar. Dankbaar dat ze uithouden met verhalen over bibliofiele uitgaven in kleine oplages, zoektochten naar incunabels, mooie vondsten voor een euro op boekenmarkten, bezoekjes aan antiquariaten in London, New York, Berlijn en Parijs, verhalen over signeersessies en veilinghuizen en bovenal met verhalen over boeken die veilig opgeborgen staan in mijn eigen bibliotheek op de zolderverdieping van mijn huis, veilig afgeschermd tegen zonlicht en vingers van mensen die niet weten hoe ze met boeken moeten omgaan. Ik ben dankbaar voor mijn slechtsgelezen bericht en natuurlijk voor mijn bestgelezen bericht en voor het bericht met de meeste reacties.

Heeft het me allemaal nog wat opgeleverd? In elk geval lezers, leuke reacties, maar ook gratis boeken, uitnodigingen voor bijeenkomsten en contacten in de boekenwereld. Zonder dit blog zou mijn boekenverzameling niet zijn geweest wat het nu was. Het was een goede impuls om daar er op 15 juli 2004 (een bewolkte dag, waarop het ongeveer 18 graden was, en tevens de geboortedag van Walter Benjamin die een klassieker over bibliotheken schreef) mee te starten.


18 juli, 2007

128 - Derde blogverjaardag, tiende blogverjaardag

Deze week is de derde verjaardag van dit blog gepasseerd. Dat betekent dat ik ruim drie jaar bezig ben met het schrijven van een weblog over boeken en boeken verzamelen. Op 15 juli 2004 schreef ik mijn eerste post. Dit is nummer 128.

Al meer dan 36 maanden, oftewel ruim 1000 dagen, kunnen jullie van mijn schrijfselen genieten. Bijna 40.000 bezoekers hebben dat inmiddels gedaan. Met een gemiddelde van 35 tot 60 hits per dag ben ik gelukkig het niveau van een nanoblog ontstegen. Wat is een nanoblog? Dat lezen we hier:
"What is below the water line are the literally millions of blogs that are rarely pointed to by others, since they are only of interest to the family, friends, fellow students and co-workers of their teenage and 20-something bloggers. Think of them as blogs for nanoaudiences."

Drie jaar sneuper op het web... Besta ik nu al lang of pas kort als blogger? Hoe zit dat eigenlijk met blogs? Volgens dit bericht is de gemiddelde levensduur van een populair blog 33,8 maanden - net geen 3 jaar dus. Daar zit ik dus al ruim boven (en ik stop nog niet!). Andere bronnen gebruiken andere getallen voor de gemiddelde levensduur van een blog, sommige stellen dat dit gemiddelde 3 maanden is!

Volgens dit artikel wordt 60-80% van de blogs al vrij snel na de start verlaten - nooit meer bijgewerkt dus. Oftewel: "The 'average blog' thus has the lifespan of a fruitfly". Hier een ander interessant artikel met statistieken. Al met al lijkt het erop dat slechts 20% van de blogs regelmatig wordt bijgewerkt, aldus dit artikel. Grappig is ook dit artikel, kennelijk is het overgrote deel van de bloggers jonger dan 20. Ikzelf bevind mij dus in de niche van 6% van bloggers boven de 30....

Terzijde: niet alleen ik vier een feestje, maar ook het fenomeen weblog zelf. Hier een artikel over de tiende verjaardag van de blogosfeer. Het leert ons wie de eerste blogger was. Verschillende bloggers en lezers reageren op het wezen van het blog, waaronder auteur Tom Wolfe. In een buitengewoon grappig stukje veegt hij in feite de vloer aan met Wikipedia (in het bijzonder zijn eigen lemma), weliswaar ook onderdeel van Web 2.0 maar toch iets anders dan een blog.

Wolfe zegt: "Blogs are an advance guard to the rear. For example, only a primitive would believe a word of Wikipedia (which, though not strictly a blog, shares the characteristics of the genre). The entry under my name says that in 2003 "major news media" broadcast reports of my death and that I telephoned Larry King and said, "I ain't dead yet, give me a little more time and no doubt it will become true." Oddly, this news supposedly broadcast never reached my ears in any form whatsoever prior to the Wikipedia entry, and I wouldn't have a clue as to how to telephone Larry King. I wouldn't have called him, in any case. I would have called my internist. I don't so much mind Wikipedia's recording of news that nobody ever disseminated in the first place as I do the lame comment attributed to me. I wouldn't say "I ain't" even if I were singing a country music song."

Apart is dat dit citaat inmiddels is opgenomen in het wiki-artikel over Wolfe, volgens de historie van de bijdrage is op 14 juli van dit jaar - de dag dat het artikel in de Wall Street Journal verscheen - de foutieve aanhaling over het gesprek met King verwijderd. Het bewijs dat Web 2.0 toch werkt.

Het is dit soort zaken wat bloggen zo mooi maakt. En de eindeloze stroom boeken natuurlijk die mijn kant op komt en waar ik niet over uitgepraat raak. Ik ben blij dat er af en toe iemand naar mij wil luisteren.