Posts tonen met het label Boekenweek. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Boekenweek. Alle posts tonen

23 maart, 2013

223 - Feest der letteren 2013

Net als andere jaren keek ik ook dit jaar weer uit naar het Feest der Letteren in de Bijenkorf. Ik keek uit naar de kleine tafeltjes met lange rijen, de krappe doorloop en naar het laten signeren van allerlei boeken die al lang in mijn boekenkast staan. En zoals ik erover scheef naar aanleiding van de editie 2009, de editie 2011 (deel 1, deel 2, deel 3) en de editie 2012 (deel 1, deel 2) zal ik ook schrijven over de editie 2013.

Ondanks dat ik intussen al heel wat gesigneerde boeken in mijn bibliotheek heb, verbaast het mij dat ik nog zoveel boeken heb die een handtekening nodig hebben. Deze keer waren de oude getrouwen Jan Siebelink, Geert Mak en Anna Enquist aangekondigd, maar daarnaast een paar 'debutanten' in de Bijenkorf, althans wat mij betreft. Net als andere jaren vond ik het overigens best rustig in De Bijenkorf. Na de eerste drukte waren er al snel tafels zonder wachtende lezers, zodat de auteurs maar met elkaar gingen praten. En ook miste de jaarlijkse eigen uitgave van De Bijenkorf ter gelegenheid van de literaire boekenmaand. Vanaf de eerste uitgave van W.F. Hermans uit 1985 tot de Inflatiekroketten van Sylvia Witteman uit 2012 was elk jaar een boekje verschenen. Maar dit jaar dus niet. Is ook aan deze traditie een einde gekomen?

Maar gelukkig waren er nog wel de auteurs. Tot mijn grote plezier was bijvoorbeeld Oek de Jong aanwezig. Zijn boek Opwaaiende Zomerjurken vond ik als scholier al een verpletterende leeservaring en sindsdien waren er wel wat titels bijgekomen. Dat was het eerste stapeltje in mijn tas. In mijn standaardrondje langs Amsterdamse antiquariaten voordat ik naar de Bijenkorf vond ik zowaar nog een exemplaar van zijn verhaal De geit, in 1989 als nieuwjaarsgeschenk verschenen bij Meulenhoff. Dit kleine boekje verraste Oek de Jong, hij zag het niet vaak. Net als het losse verhaal Lui oog dat verscheen in de serie "Vertellingen voor één nacht" van Meulenhoff. Beide heeft hij daarom met veel plezier gesigneerd.

Een andere auteur op die dag was Remco Campert. Vorig jaar zou hij er ook zijn, maar had hij zijn arm gebroken. Dat signeert natuurlijk lastig, dus was er geen gelegenheid om mijn boeken te laten signeren. Maar dit jaar had ik onder andere zijn debuut Vogels vliegen toch bij mij, en deze is nu voorzien van een handtekening van de auteur. En in diezelfde ronde langs Amsterdamse antiquariaten vond ik tot mijn grote verrassing bij Kok in de Oude Hoogstraat de langgezochte lezing van Campert in het kader van de boekenweek 1985 met de titel Somberman's maandag. Voor 2 schamele euro's, terwijl deze uitgave elders tot wel 45 euro moet kosten. En nu is mijn exemplaar ook nog gesigneerd. Net als de speciale uitgave Bewaarplaats, door Campert geschreven ter gelegenheid van de viering van het vijftigjarig bestaan van het Letterkundig Museum te Den Haag op 3 december 2004 (lees hier waar ik dit werkje kocht). Hoewel ik daar heel blij mee ben, ben ik ook wel bezorgd: ik vond Campert erg breekbaar en oud geworden. Ik wens hem een lang leven toe, maar het wordt steeds zichtbaarder hoe oud hij wordt.

Naast deze auteurs was er natuurlijk Kees van Kooten. Eindelijk kon ik mijn boeken van hem ook laten signeren. Uit één boek dwarrelde een herinneringskaartje: ik bleek het gekregen te hebben bij mijn eindexamen middelbare school. Het stond dus al heel wat jaren in mijn kast, maar nu met de erkenning door de auteur in de vorm van een handtekening. Net zoals een heel serie andere boeken van Van Kooten.

Erg grappig was de ontmoeting met Yasmine Allas. Van haar had ik bij Kok het essay Ontheemd en toch thuis gekocht en zij moest lachen toen ze het zag. Kennelijk had ze niet gedacht het nog eens te zien. Eerlijk gezegd begreep ik de humor ervan niet, maar ik ben blij met een gesigneerd exemplaar. Net zo leuk was het contact met Jan Siebelink. Eindelijk had ik een eerste druk van Knielen op een bed violen gevonden, via Marktplaats natuurlijk, en samen bladerden we door het boek om vast te stellen dat het daadwerkelijk een eerste druk was. En ook deze prijkt nu met handtekening in de kast. Ook een exemplaar van zijn roman Oscar die ik die dag bij De Slegte in de Kalverstraat vond is nu gesigneerd. Verder was er nog Wim Hazeu. Bekend van de boekenweek-uitgave 40+ Literaire Radioportretten waarin hij de grappige opdracht schreef dat hij inmiddels 70+ was in plaats van 40+... Hazeu stond met iemand te praten toen ik er aan kwam. Mijn zojuist bij Kok gekochte roman van hem De helm van aarde uit 1981 herkende hij al van ver. "Daar komt iemand met De helm van aarde, zei hij, dus nu moet ik signeren!".

Met Tommy Wieringa praatte ik een tijdje over zijn roman Joe Speedboot. Hij vroeg mij wat ik er van vond - en ik vertelde hem dat ik het een geniaal boek vind. Dat vond Wieringa zelf ook. Hij vertelde dat hij recent een meisje had ontmoet die had gezegd dat ze het niet zo'n goed boek vond, omdat er weinig in gebeurde. Wat mij betreft lijkt het verhaal op een achtbaan en is het een aaneenschakeling van gebeurtenissen. Maar, aldus Tommy Wieringa, het was een heel mooi meisje dus hij vond het niet zo erg wat ze van het boek dacht.

Geheel verzadigd door al deze contacten en door een hele stapel vers gesigneerde boeken, ging ik huiswaarts. Ik hoop maar dat er volgend jaar weer een editie van het Feest der Letteren is. Alle ongesigneerde boeken in mijn boekenkast kijken er in elk geval reikhalzend naar uit.

03 april, 2012

203 - Feest der Letteren - I

Zoals elk jaar meldde ik mij weer met een volle tas boeken bij de Bijenkorf voor het jaarlijkse Feest der Letteren aan de vooravond van de Boekenweek en de signerende schrijvers die daar rondhangen. En zoals elk jaar was het een middag met opgewektheid en teleurstelling, maar ook met leuke babbeltjes met schrijvers. Ik zal er een paar noemen - volgende keer deel 2.

Allereerst was het Feest der Letteren weer gepropt op een tussenverdieping van de Bijenkorf. Het zal wel bedoeld zijn om een soort van marktidee na te bootsen, maar het zorgt ervoor dat het al snel druk en benauwd wordt. Eén van de eerste auteurs waar ik mij meldde was Renate Dorrestein, en zij merkte op dat het wel heel erg snel heel warm werd. En het moest nog lente worden! Ik kon niet anders dan dit beamen - terwijl de zweetdruppels van mij afgleden. Bij een enkele auteur stond een hele lange rij (Sylvia Witteman, Geert Mak) die zich dan langs de tafeltjes van wachtende andere auteurs slingerde. Dat leverde toch een wat raar beeld op: ik stond minutenlang voor het tafeltje van Robert Vuijsje voor wie ik niets te signeren had te wachten op een auteur die kennelijk populairder was dan hij.

De teleurstelling was de afwezigheid van twee aangekondigde auteurs. Stine Jensen en Connie Palmen waren wel aangekondigd, maar waren er toch niet. Zo bleven er 18 auteurs over. Ook jammer was de afwezigheid van Remco Campert, die er andere jaren standaard was maar het nu kennelijk even voor gezien hield.

Zoals altijd had ik mij goed voorbereid, niet alleen door mijn eigen bibliotheek te plunderen maar ook door bezoekjes af te leggen aan de nabijgelegen antiquariaten Kok en De Slegte. Dit om mijn titels van sommige auteurs aan te vullen zodat er meer boeken de dag zouden eindigen met een handtekening. Grappig was dat bij Kok twee dezelfde titels van Renate Dorrestein stonden, Katten en de kunst van het boekenonderhoud. De boekjes waren identiek, de prijs niet: € 5 en € 15. Ik heb toch maar die van € 5 genomen, hoezeer ik Kok ook een warm hart toedraag. Ook bij Kok: een Franse pocket van Dorrestein voor maar € 3 en een boekje van Stine Jensen (toen ik nog in de veronderstelling was dat ze aanwezig zou zijn). Bij de Slegte sloeg ik een slag met een aantal titels van Tom Lanoye.

Eén van de eerste auteurs die ik zag was Elle van Rijn. Of liever: zij zag mij. Ik keek haar - bij gebrek aan boeken van haar - vriendelijk aan en dat leidde tot haar uitroep (al wijzend): "Jóu moet ik hebben!". Tsja, dan kan je natuurlijk niet weigeren... Toen ik aan haar tafeltje stond, was de mededeling: "Jij gaat een boek van mij lezen". Ik heb haar uitgenodigd dan maar een titel van haarzelf te selecteren. Dat was een aparte situatie: ze gaf aan dat haar recent geschreven boek over de ontvoering van Toos van der Valk niet te kiezen: "Die zou ik niet doen". Toen ik observeerde dat het toch wat vreemd was dat een auteur over een eigen boek zegt dat ze die niet aanraadt, beaamde ze dat. Maar haar romans beschouwt ze als meer eigen en dus een betere kennismaking met haar werk. Ze raadde mij daarom Het vergeten gezicht aan, een spannende roman die speelt tegen de achtergrond van Berlijn en de Tweede Wereldoorlog, de scheiding van Duitsland en de hereniging. Ik kreeg het mee (d.w.z. ik moest het kopen) met het verzoek haar te mailen na lezing. Ik beloofde dat het bovenaan mijn leeslijst zou staan, wat ze leuk vond.
Inmiddels heb ik het boek gelezen en ik vond het een prima boek. Verrassende inhoud, met veel vaart geschreven en een tamelijk bizar einde dat totaal onverwacht komt. Twee verhaallijnen door elkaar geweven, die zo verschillende geschreven zijn (en typografisch opgemaakt) dat je vergeet dat ze van één en dezelfde schrijver komen.

Zoals beloofd heb ik haar na het lezen gemaild met mijn leeservaring en ik kreeg een vriendelijk mailtje terug, met uiteraard de aanbeveling nóg een boek van haar te lezen.

De volgende bij wie ik neerstreek was Renate Dorrestein. Zoals gezegd had ik van haar een Franse pocket gekocht, namelijk Vices Cachés oftewel Verborgen gebreken. Nu lees ik geen woord Frans, ik kocht dit boek alleen maar om te zien hoe ze erop zou reageren en voor de heb. Zeg nou zelf: voor 3 euro kan je dat boek toch niet laten liggen. Renate Dorrestein vond het erg leuk om die pocket te zien. Ze vertelde dat het haar eerste pocket in Frankrijk was en dat ze een tijdje benauwd was geweest of het wel zou verkopen. Maar ze had gelukkig haar voorschot terugverdiend en dat vond ze toch wel geruststellend. Bij het signeren van Katten en de kunst van het boekenonderhoud merkte ze nog op dat ze dat altijd een erg lastig boekje vond: waar moest ze nu precies signeren (het is een keerboek) en hoe voorkomt ze beschadiging (het is nogal stijf ingebonden). Maar gelukkig ging alles goed en opgelucht kon ik mijn tocht vervolgen.

Ik belandde bij Simone van der Vlugt. Van haar had ik maar één titel bij me, het Literaire Juweeltje Het bosgraf. Ik verontschuldigde me voor dat kleine boekje maar haar reactie was: "nou, dan gaan we dat kleine boekje maar helemaal volschrijven", en met een zwierige opdracht in het juweeltje dwaalde ik verder naar Anna Enquist. Zoals altijd was zij heel vriendelijk en signeerde rustig een stapeltje van mijn boeken. Helaas had ik verkeerd in mijn LibraryThing gekeken want ik dacht dat ik Het meesterstuk nog niet had, maar die had ik al wel. Dus nu heb ik twee keer dit boek, en allebei gesigneerd. Ik beschouw het maar als weelde. Bij het signeren van het herdinkingsboekje Een avond in mei merkte ze op: "dat is een oudje". Slechts achttien jaar is dit boekje uit 1996, maar inderdaad al volwassen naar mensenjaren gerekend.

En voort ging het weer, dit keer naar Jessica Durlacher. Met haar heb ik eigenlijk vooral gepraat over haar vader en ik liet haar weten hoe indrukwekkend ik zijn boeken vond en hoe aangrijpend. Na het lezen van de boeken van Gerhard Durlacher en met name de passage over de omstandigheden in de mijnen waar de V2's werden gemaakt, heb ik letterlijk een nacht niet kunnen slapen in het besef van de wreedheden en de onmenselijkheden die daar plaatsvonden. Jessica Durlacher vond het leuk dat te horen maar ook dat ik een paar boeken van haarzelf bij mij had. Die heeft ze vervolgens zwierig gesigneerd.

Tot slot van dit overzicht toch nog maar even over Sylvia Witteman, één van de hoofdpersonen van dit Feest der Letteren. Want zij had immers het speciale Bijenkorf-boekenmaand-boekje geschreven: Inflatiekroketten, dat in hoge stapels beschikbaar was. Voor haar stond dan ook de langste rij. Toen ik dat bij haar meldde toen ik eindelijk aan de beurt was, reageerde ze: "Ja, daar schrik ik eigenlijk ook van". Het leuke is dat Sylvia Witteman volgens mij helemaal zichzelf is: lekker vrij en geen blad voor haar mond. Dus toen we nog wat doorpraatten over de lange rij zei ze dat het met zo'n schrijversmarkt wel plezierig was, want eigenlijk zijn de bezoekers in de stad wat blasé, die laten niet snel iets signeren. Dus als er dan meer schrijvers komen, gaat het beter. Maar, aldus Witteman, "in de buitengewesten gaat het vaak beter". De buitengewesten - dat is vermoedelijk alles voorbij de Watergraafsmeer...
Het leuke was dat alle bekende personen uit de columns van Sylvia Witteman aanwezig waren: haar drie kinderen die zaten te geinen tussen de kledingrekken en natuurlijk "huisgenoot P" oftewel Philippe Remarque, hoofdredacteur van de Volkskrant. En je mag dan nog hoofdredacteur zijn van een voortreffelijke krant, als Sylvia signeert word je vooral geacht op verzoek drinken te halen en in andere noden te voorzien. Wat Remarque dan ook met een glimlach deed. 

Lekker onbevangen, en eigenlijk gold dat voor alle schrijvers die er waren: ze hadden plezier en zaten op hun praatstoel. Dat maakt zo'n bezoekje extra leuk.

Volgende keer zal ik het hebben over de mannelijke auteurs die er waren. Lees tot die tijd mijn verslagen van mijn bezoek aan het Feest der Letteren in de Bijenkorf in 2011 (deel 1, deel 2 en deel 3) en 2009 (hier).

15 maart, 2006

94 - Boekenweek: Muziek van eigen plank

Boekenweek! Nog nooit ben ik uitgenodigd voor het boekenbal en ook het bal der geweigerden laat ik voor wat het is want ik ben ook nog nooit geweigerd. Maar de boekenweek is desondanks een jaarlijks hoogtepunt en bovendien voor een boekenverzamelaar een periode van alertheid: zijn er nog ergens schrijvers die een krabbel in een boek kunnen zetten, heb ik alle speciale uitgaven in mijn bezit, heb ik alle folders en boekenleggers die van belang zijn? Los daarvan staat 10 dagen lang het boek in de schijnwerpers. Voor die andere 355 dagen in een jaar moeten we iets dergelijks verzinnen, maar deze 10 dagen zijn voor ons, boekenliefhebbers. Ik ben er zo druk mee dat ik aan het lezen van een boek bijna niet meer toekom. Ik heb daarom besloten eens naar mijn eigen boekenkast te stappen en een top 10 te maken van boeken die ik bezit waarin muziek een belangrijke rol speelt, zodat er voor elke dag van de boekenweek een boek is. 

Mijn eigen top 10 is: 
  • Op 10: De muziekschool - John Updike
    Dit is de titel van een verhalenbundel van Updike, maar ook van het titelverhaal, dat overigens middenin het boek staat. Het is het verhaal van een man die een aantal recente gebeurtenissen overdenkt, terwijl hij in de muziekschool wacht tot zijn dochter klaar is met muziekles. 
  • Op 9: De knoflookliederen - Mo Yan
    Mo Yan, ook de schrijver van het rode korenveld beschrijft in dit boek de gebeurtenissen in een dorp dat leeft van de knoflookoogst. Nadat hen jarenlang is verteld dat de boeren uitsluitend knoflook dienen te verbouwen, blijkt in het voorjaar van 1987 dat de overheid hun knoflook niet meer wil afnemen, waardoor zij hun inkomen volledig zien wegvallen. De woede van de boeren richt zich vervolgens op het gebouw van de gewestraad, dat vernield wordt, en een opslagloods van knoflook, dat in vlammen opgaat. Een aantal bij de gebeurtenissen aanwezige boeren wordt opgepakt en berecht. De titel van het boek verwijst naar de liederen die de blinde minstreel Zhang Kou naar aanleiding van het knoflookincident zingt. 
  • Op 8: De blikken trommel - Gunter Grass
    Op driejarige leeftijd beslist Oskar Matzerath dat hij niet meer wil groeien. Hij vindt de wereld een enge, gevaarlijke plek en alle volwassenen vals, gemeen en oneerlijk. Zijn geboortestad Danzig is verdeeld in een Duits en een Pools deel. In de aanloop naar de Tweede Wereldoorlog valt zijn familie uiteen in twee kampen. Het ene kamp heult mee met de nazi’s, het andere steunt de nationalistische Polen die hun kans schoon zien de Duitse bezetters te wippen. Om zijn leed te verlichten krijgt Oskar een blikken trommel die hij nooit meer zal wegdoen. Oskarchen en zijn trommel worden een onafscheidelijke twee-eenheid. Oskar vormt zijn eigen legertje, éénmansoppositie tegen de nazi’s, tegen de volwassenen, tegen iedereen die hem dwarszit. Zijn leven verandert wanneer hij een groep circusdwergen ontmoet. Met hen gaat hij op tournee om het nazileger te entertainen. 
  • Op 7: De Joodse cel - Ferdinand Bordewijk
    Dit boek is een uitgave van Stichting De Roos, in een gelimiteerde oplage van 175 exemplaren verschenen. Het verhaal staat ook in de tweede bundel Fantastische Vertellingen van Bordewijk, die in 1923 verscheen. In dit verhaal herken je al de voorkeur van Bordewijk voor soms monsterachtige mensen en bizarre situaties, dit keer over een vioolbouwer en zijn zoektocht naar de perfecte violoncel, die een bijzondere toon moet voortbrengen. 
  • Op 6: Davita's harp - Chaim Potok
    Davita's harp van Chaim Potok begint in het Amerika van de jaren dertig. De beurs is ingestort, het politieke en sociale klimaat is intoleranter geworden. De ouders van Davita komen uit het joodse en het christelijke milieu, maar vinden elkaar in een gezamenlijke toewijding aan het communisme. Davita ziet hoe de idealen van haar ouders politiek worden afgestraft en moet voor zichzelf gaan uitmaken wat ze wel en niet wil en waarin ze wil geloven, ook met betrekking tot het onderscheid dat wordt gemaakt tussen mannen en vrouwen in die traditioneel joodse wereld. Davita draagt iets mee dat haar innerlijk verwarmt: 'de goede muziek van de wereld', de zachte tonen van een harp die aan elke deur hing van de huizen waar ze met haar ouders in woonde.  
  • Op 5: Litause klavieren - Johannes Bobrowski
    Bobrowski heeft een prachtig kort verhaal geschreven over de pogingen van professor Voigt en conertmeester Gawehn om een opera te maken over een achttiende eeuwse dorpsdominee en dichter, Christian Donelaitis. De poging verzandt maar daardoor roept de schrijver wel in een reeks portretten de geschiedenis van de streek neer. Een prachtig, maar veel te onbekend boek. Daarom een hoge plek in mijn top 10. 
  • Op 4: Ik en mijn speelman - Aart van der Leeuw
    Een sprookjesachtig verhaal. Een edelman is beloofd aan een jonkvrouw, maar wil niet trouwen met iemand die hij niet kent en die vast een lelijke heks is. Zij ziet ook niets in een gearrangeerd huwelijk met een onbekende. Beiden gaan het noodlot uit de weggaan op avontuur. Dan ontmoeten ze op hun weg iemand waar ze verliefd op worden, en na allerlei avonturen, ieder apart achtervolgd door hun familie, trouwen ze... en dan pas horen ze wie de ander is. Het hele verhaal vindt plaats onder begeleiding van de muziek van de speelman. 
  • Op 3: Kreutzersonate - Margriet de Moor
    Beethoven schreef in 1802 het eerste muziekstuk onder de titel Kreutzersonate, Janáçek het tweede, in 1923. Tolstoj maakt in zijn gelijknamige novelle uit 1891 het stuk van Beethoven tot de kiem van een buitenechtelijke romance, daarbij zinspelend op de gevaarlijke krachten van muziek. Margriet de Moor verkent in haar boek de krachten van het stuk van Janáçek. Kreutzersonate gaat over het leven van muziekcriticus Marius van Vlooten en zijn huwelijk met de violiste Suzanna Flier.  
  • Op 2: Het leven een dansfeest - Arthur van Schendel
    Het schitterende verhaal over twee dansers: Daniel de Moralis Walewijn en Marion Ringelinck. In negentien hoofdstukken vertelt in ieder hoofdstuk een ander persoon iets over wat zij meegemaakt hebben met Daniel en Marion. De dans is voor hen een obsessie en staat hun relatie in de weg, tegelijkertijd bindt het hen samen. Het prachtige taalgebruik van Van Schendel komt hier in volle glorie naar voren. 
  • Op 1: Op 1 staat niets, want het beste boek waarin muziek een rol speelt moet nog geschreven worden. Misschien vind ik tijdens deze 10 dagen wel een nummer één. Of heeft er iemand een paar tips?

08 maart, 2005

43 - Spiegel van de Boekenweek

We staan aan de vooravond van de Boekenweek, één van de zeldzame momenten in het jaar dat het mogelijk is om met willekeurig wie over boeken te praten, zonder dat dit op voorhand een blik oplevert alsof je een zonderling bent. De CPNB is er op onnavolgbare wijze in geslaagd de Boekenweek tot een tijd te maken waarin het in ons land gonst van de activiteiten en waarin het bezit van boeken als noodzakelijk voor geluk wordt beschouwd. De Boekenweek vindt ook op een mooie tijd plaats: het is bijna lente, de winter is voorbij, de dagen worden langer en tussen al dit geluk worden we ook nog eens verwend met boekenprogramma’s op de TV, boekenprogramma’s in schouwburgen, boekenlezingen in buurthuizen, boekenacties in allerhande winkels, you name it! Was het leven maar één lange Boekenweek, dan was er weinig meer te klagen over. 

Onvoorstelbaar veel mensen verzamelen in relatie tot de boekenweek. Dat kan op een heleboel manieren. Ik noem er een paar: 

1. Je kan alleen boekenweekgeschenken verzamelen. Dan heb je, als je ze compleet hebt vanaf 1930, een rijtje van 73,3 cm als je die van dit jaar erbij hebt (meet maar na). Bijna een centimeter per jaar dus. Bovendien heb je dan een aantrekkelijke discussie tussen rekkelijken en preciezen over de vraag of 1930 er nu wel of niet bij jhoort. Strikt genomen niet natuurlijk. Maar ik heb ‘m wel.  
2. Je kan boekenweekgeschenken verzamelen en alle extra uitgaven rondom de boekenweek. Dus ook het essay, dit jaar van Henk van Os, en het bibliotheekgeschenk, dit jaar van Joost Swarte. Daarnaast de andere uitgaven die de CPNB rondom de boekenweek uitgeeft, zoals het nu al zeer schaarse en (dus) dure mapje poëziekaarten uit 1994 (heb ik) of de CD "Denkend aan de Dapperstraat" uit datzelfde jaar (heb ik ook) of het overzichtsboek van de boekenweek "Zolang de voorraad strekt" uit 2000 (wie heeft het niet?). 
3. Je kan het bovenstaande verzamelen en verder alles wat ter gelegenheid van de boekenweek wordt uitgegeven: het magazine, boekenleggers, posters voor boekhandels en bibliotheken, speciale folders van de CPNB of van boekhandels, programmaboekjes van het boekenbal, toegangsbiljetten tot activiteiten, etc. etc. 
4. Je kan überhaupt álles van de CPNB verzamelen. Dus niet alleen álles van de boekenweek, maar ook álles van de Kinderboekenweek, de weken van het reisboek, de maand van het Spannende Boek en verder álles wat de CPNB uitgeeft (zoals de jaarlijkse uitgave rond 4/5 mei, de uitgave rond de best verzorgde boeken, etc.). Zo is er voor elk niveau en voor elke portemonnee een verzamelgebied. 

Ikzelf bevind mij in categorie twee, hoewel ik eventuele andere zaken die ik tegenkom niet laat liggen. Maar ik ben niet droevig als ik de poster van de boekenweek niet heb of een boekenlegger mis. Uiteindelijk gaat het mij om de uitgaven, niet om de franje. Verzamelaars en aspirantverzamelaars van boekenweekuitgaven moeten zich overigens op zondag 20 maart om 14.00 even melden in Leiden. Daar geeft Arjen Honkoop, eigenaar van antiquariaat Alcheringa in de plaatselijke bibliotheek aan de Nieuwstraat 4 een lezing over het verzamelen van boekenweekuitgaven. Misschien dat hij de tekst publiceert op zijn eigen site, dat zou ik een goede geste vinden. Zoals er verschillende categorieën verzamelaars zijn, zo zijn er ook verschillende categorieën antiquariaten. 

Voor categorie 1 en 2-uitgaven zijn enkele goede antiquariaten beschikbaar: ik noemde al Alcheringa, maar kijk ook eens bij Goed Geboekt (niet duur!) of De Monnickenhof of loop een filiaal van De Slegte binnen. Een zoekslag op Ebay of Marktplaats levert ook talloze hits op. Voor categorie 3 en 4 verzamelaars is Van Starkenburg een goed adres evenals antiquariaat Schutte; daar is alle franje ruim beschikbaar. Voor een ruime prijs soms ook, dat wel. Maar het leukste is gewoon je slag te slaan in de Boekenweek zelf. Laat je meeslepen door het feestgedruis, koop veel te veel boeken en krijg er moois bij, haal handtekeningen op van favoriete schrijvers, ga naar lezingen. Vier het boekenfeest!