Posts tonen met het label Thomas Dibdin. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Thomas Dibdin. Alle posts tonen

16 juni, 2019

296 - In de voetsporen van Uffenbach (2)

Zoals ik in mijn vorige post beloofde, gaan we nu daadwerkelijk in de voetsporen van Zacharias Conrad von Uffenbach terechtkomen. En waarom is dit dan zo boeiend? Allereerst omdat ik sinds kort twee titels gerelateerd aan (en met tekst van) deze Duitse geleerde, bibliofiel, boekverzamelaar, reiziger, paleograaf , burgemeester en consul (1683-1734) bezit. En daarnaast omdat het gewoon een razend interessante man was. Zo interessant dat er in 2017 nog een boek verscheen over een latere reis van de hele familie Von Uffenbach naar Nederland. Deze reis uit 1718 vond zo’n 8 jaar plaats na de reis die Zacharias maakte met zijn jongere broer Johann Friedrich en waarover ik het in deze blog wil hebben. De reis uit 1718 was een plezierreis langs vele steden in de Nederlanden die werden bezocht met behulp van trekschuit, rijtuigen en berlines. Het reisgezelschap toonde bijzondere interesse voor buitenplaatsen, fraai aangelegde tuinen, kerken en industriële processen.

Bibliotheek van Zacharias Conrad von Uffenbach.
Titelpagina voor: Bibliotheca Uffenbachiana Universalis, 1729-1731.
Door Johann Friedrich von Uffenbach. 
De reis van Zacharias Conrad en zijn broer Johann Friedrich die internationaal het meest bekend is, is die van 1710-1711 naar Noord-Duitsland, Nederland en Engeland. Zacharias was een hoog opgeleide nakomeling uit een geslacht van bestuurders en geleerden. Geboren in 1683 studeerde hij in Straatsburg en Halle. Na zijn rondreizen werd hij o.a. burgemeester van Frankfurt en daardoor kreeg hij steeds minder tijd voor zijn boekencollectie. Uiteindelijk liet hij een 4-delige catalogus maken van zijn boeken en zijn bezit werd enkele jaren voor zijn dood geveild, waarmee een einde kwam aan zijn bibliotheek van zo'n 12.000 werken. Jacob Dirks schrijft over hem: "Zijn levensbeschrijver [Joh. Georg Schelhorn] meldt ons, dat hij eene bijzondere geschiktheid bezat, om merkwaardige gesprekken en gewigtige vertellingen van de personen, die hij bezocht, op te teekenen, zonder dat zij het bemerkten. 'Dit kunstje,' zegt hij, 'bestond daarin, dat hij ook in zijnen zak kon schrijven en opteekenen.' De toenmalige kleeding moet hem daarin zekerlijk behulpzaam zijn geweest. De onze althans leent er zich nu niet toe."

Reisverslagen zijn van alle tijden en zijn ook altijd onderdeel van de wereldliteratuur geweest. Is bijvoorbeeld een van de oudste boeken die we kennen, de Odyssee van Homerus, niet ook een reisverslag? Feitelijke reisverslagen of geromantiseerde reisverhalen: ze spreken altijd tot de verbeelding. Niet voor niets organiseerde de CPNB jarenlang De weken van het reisboek (mét bijbehorend geschenkje. Ik zoek nog het exemplaar van 2001, beste lezer). Reizigers hebben altijd al hun ervaringen vastgelegd in reisverslagen en dagboeken. Wie hiervan houdt moet maar eens binnenlopen in één van de reisboekenwinkels die Nederland kent, of kijken op de site van het Onderzoeksinstituut Egodocument en Geschiedenis, waar in de categorie "reisverslagen" een overzicht wordt gegeven van alleen al bijna 500 in Nederland gepubliceerde reisverslagen. En daar zit veel moois tussen als je alleen naar de titels kijkt. Zoals deze:
Kort verhaal van het divertissant somertogje en pleijsierreysje hetgeen de Heeren Mr. Johannes Wasteau, Frederik van der Kerff en Pieter van Lelyvelt beneffens mij Mr. Pieter van Dorp in den jare 1732 hebben gedaen naar Brabandt, het Landt van Luijk en verdere plaatsen daar of daaromtrent gelegen.
Of deze uit 1702:
Dagverhaal ener seer aanmerkelijke reijse naar Spangien en Vigos, waarin naukeurig wordt afgeschetst de seltsame plondering van Porte Ste Marie bij Cadix en het bemachtigen en geheel vernielen der Spaansen silverde vloot en fransche oorlogsscheepen in Vigos gedaan door den heer Petrus Saunsliever, dienstpredikant op `lans vloote op het schip den 7 provinsies gevoert door vies admiraal Van der Goes etc.
Maar het gaat mij uiteraard om de subcategorie van reisverslagen van reizigers die het oogmerk hadden boeken te verzamelen, bijvoorbeeld als onderdeel van een wetenschappelijk georiënteerde rondreis. In goed Duits de "gehlehrte Reise" of  “Grand tour” die in de 17e en 18e eeuw populair werd. Helemaal mooi wordt het dan als de reiziger vastlegt wat hij of zij tijdens deze reis ziet, koopt en welke ontmoetingen er plaats vinden met handelaren en verzamelaars. Uffenbach is zo'n reiziger, maar we kennen uit Nederland bijvoorbeeld ook Baron van Westreenen (de naamgever van het prachtige boekenmuseum Meermanno-Westreenianum). Zijn reis is vastgelegd in zijn "Journaal van W.H.J. Baron van Westreenen van zijn reizen naar Londen, Cambridge en Oxford in de jaren 1834 en 1835" (ik schreef er in 2008 een blogje over). Andere voorbeelden zijn Thomas Frognall Dibdin en zijn A Bibliographical Antiquarian and Picturesque Tour in France and Germany uit 1821 (ook daar schreef ik een blog over) en zijn A bibliographical, antiquarian and picturesque tour in the northern counties of England and in Scotland uit 1838. Al deze mensen waren op zoek naar aanvullingen voor hun eigen bibliotheek of die van hun opdrachtgever en zij legden de basis voor verzamelingen die ook vandaag de dag nog bewondering opwekken. En of dat nu de 17e eeuwse Jean Mabillon is die het deed voor de Franse nationale bibliotheek of de 20e eeuwse New Yorkse handelaren Leona Rostenberg en Madeleine Stern, zij reisden en zochten en nemen ons mee in de bijzondere ontmoetingen en verrassende vondsten tijdens hun reizen. In feite zijn zij de bloggers van hun tijd. Want ook ik maak wel eens een boekengerelateerd reisje waar ik over schrijf (zie dit blog), alleen is de reis korter en de opbrengst kleiner.

Reisroute van de broers Uffenbach in 1710-1711
Wat deze reizen ook zo fascinerend maakt is dat zij een beeld geven van de culturele ontwikkeling in de landen waar de reis doorheen gaat. Door ontmoetingen met bibliothecarissen, boekhandelaren en andere verzamelaars ontstaat er een ander beeld dan wanneer de reiziger landschappen, steden en dergelijke beschrijft. Dat dit tot de verbeelding spreekt blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat verschillende selecties zijn gemaakt van Uffenbach's reizen aan een bepaalde stad of bezoeker. Zoals het boekje London in 1710, from the Travels of Zacharias Conrad von Uffenbach uit 1934, Oxford in 1710 (1928), het verslag over zijn bezoek aan Franeker, of Anthonie van Leeuwenhoek, of de korte publicatie over Uffenbach in Groningen. In Vaderlandsche Letteroefeningen (jaargang 1859) verscheen een verslag van het bezoek aan Amsterdam onder de titel "Een Duitsch veelweter te Amsterdam".
Dergelijke heruitgaven en interpretaties achteraf deden zich ook voor bij de andere genoemde auteurs. Ik ben bijvoorbeeld heel blij met het boekje Dibdin in Parijs (1818) van Frans A. Janssen dat naast een weergave van de wederwaardigheden van Dibdin in die stad uit zijn Picturesque Tour ook een duiding is van het karakter en het optreden van Dibdin. Zo krijgen we meer zicht op de reden waarom er ruzie ontstond in deze stad en dat had alles te maken met de opstelling van Dibdin naar zijn gastheren...
Maar terug naar Uffenbach. Hij was immers ruim een eeuw eerder op pad dan Dibdin en Van Westreenen. Hij bezocht "op die reis, onder anderen, in ons land Groningen, Leeuwarden, Franeker, Harlingen, Bolsward, Zwolle, Deventer, Harderwijk, Amersfoort, Utrecht, Amsterdam, Haarlem, Leiden, 's Gravenhage, Delft en Rotterdam. Hij sprak er, om van andere minder bekende personen te zwijgen, Menso Alting, Antoon Schulting, Campegius Vitringa, Zacharias Huber, Gijsbert Cuper, Petrus Burman, Jacob Perizonius, Cornelis van Alkemade, Ant. van Leeuwenhoek, Jacob Gronovius, Herm. Boerhave, Joh. Musschenbroek, Tiberius Hemsterhuis, Conrad Bruin, Hadrianus Reland, enz. Niet minder dan 4000 banden bragt hij voor zijne boekerij mede terug", aldus Jacob Dirks.

Uit de reis van Uffenbach heeft deze Mr. Jacob Dirks (1811-1892, jurist en numismaticus met veel publicaties over Friesland) dus ook een deel weergegeven, namelijk over het bezoek in Friesland. En dat is het boek dat ik onlangs bij Catawiki kocht. In het voorwoord van zijn boek geeft hij aan waarom hij tot deze heruitgave kwam, toen hij het boek aantrof in de Koninklijke Bibliotheek:
"Nadat ik het werk eens doorloopen had, bleek het mij spoedig, dat het zelfs nu, na zulk een lang tijdverloop, nog eene meerdere bekendheid verdiende. In het titel-vignet van het eerste deel leest men deze woorden: Fructus doctae peregrinationis, vruchten eener geleerde reize. Zie daar den inhoud aangeduid. Een overgroot aantal beroemde geleerden, kunstenaars, werktuigkundigen, verzamelaars van oudheden en zeldzaamheden, in Duitschland, de Nederlanden en Engeland, in 1709, 1710 en1711 levende, treden er in te voorschijn. Zij vertoonen er zich niet, gelijk hunne in koper gegrifte portretten, versierd met allongepruiken, en den arm geleund op dikke, door hen geschreven folianten; neen, Uffenbach bezocht ze aan hunne huizen, schetst menigmaal hun voorkomen, humeur, zeden en gebreken, laat ze ons en négligé zien en in den huiselijken kring. Het gevolg hiervan is, dat sommige wereldberoemde personen zich na die kennismaking geheel anders aan ons zullen vertoonen, dan wij zo ons tot lieden voorstelden, en dat ook op dit terrein weder de waarheid menigmaal bevestigd wordt van het bekende il n'y a point de héros pour son valet de chambre. Bovendien bevat dit werk eene, soms in kleinigheden vervallende, beschrijving van de plaatsen, door den schrijver bezocht; maar juist dit welligt heeft menig opschrift, door hem geboekt, aan de vergetelheid onttrokken, en menige plaatselijke bijzonderheid bewaard. Spoedig bleek het mij, dat het werk voor Friesland in het bijzonder niet van belang ontbloot was. De schrijver toch had eenen geruimen tijd (16 dagen) in dit gewest vertoefd; en dat hij dien tijd niet onbenuttigd gelaten heeft, bewijzen de aanteekeningen, gemaakt gedurende zijn verblijf te Dockum, Leeuwarden, Franeker, Bolsward, Hindeloopen, Molkwerum, Stavoren enz., die in het tweede deel ruim 80 bladzijden beslaan."
De AA kerk in 1710
Wie de vertaling van Dirks doorbladert ziet dat Uffenbach losjes en tegelijk gedetailleerd vertelt over zijn ontmoetingen op zijn reis en de gebeurtenissen die hij meemaakt. Zo is hij in Groningen op het moment dat de toren van de Aa-kerk instort op 23 april 1710 en vertelt hij hoe hij vergeefs zoekt naar een handschrift van Bonifatius (die ten onrechte vermeld wordt als onderdeel van een bibliotheek in Dokkum) en vervolgens welke gesprekken hij heeft in de trekschuit naar Leeuwarden met "de heer van Alst, en zijn meisje". Uffenbach reist op basis van tips en ideeën van schrijvers, zoals het reisverslag van Heinrich Ludolf Benthem uit 1698 met de titel Holländische Kirch- und Schulenstaat. Toch zijn die verslagen niet altijd betrouwbaar, want "een eigentlijke ware boekhandelaar is hier niet. Ik kocht iets van hem, en vroeg, of er ook liefhebbers van boeken of andere curiosa hier waren? Hij scheen de zoodanigen niet te kennen. Dit verwonderde mij des temeer, omdat Benthem, t. a. p., I, S. 44, zegt, dat de hoofdstad van Friesland door vele geleerde en voorname lieden bewoond wordt; maar ik moet er bijvoegen, dat hij in het Ilde deel, C. iv, S. 285, niet anders dan langgestorvenen weet te noemen, die van hier afkomstig waren."

Een typisch voorbeeld van de stijl van Uffenbach vinden we op 22 april 1710:
“Des namiddags gingen wij eerst bij prof. Campegius Vitringa. Wij verwonderden ons over des mans ellendig en slecht gezigt, maar nog meer over zijne doofheid, zoodat hij bijna niet hooren kon. Hij noodigde ons, om plaats te nemen, en haalde te gelijker tijd uit zijnen slaaprok eenen blikken hoorn, met zwart Ieder overtrokken, te voorschijn. Dezen hoorn hield hij voor het regteroor, en boog zich naar ons, opdat ik hem van zeer nabij daarin beroepen zoude. Ofschoon ik nog al tamelijk hard sprak, verstond hij mij toch niet, in zulk eene mate had de goede man het gehoor verloren. Ik moest alzoo zoo hard spreken, als ik kon, en men kan zich alzoo ligtelijk voorstellen, wat voor eene conversatie dit gaf. Hij vroeg ons naar het een en ander van de Duitsche universiteiten, en wij vernamen het een en ander van Ludolph Kusterus van hem. Onder anderen, dat deze door den koning van Pruissen tot hoogleeraar aan liet gymnasium te Berlijn (vermoedelijk voor Langen, naar Halle vertrokken) beroepen was, hetgeen hij echter niet aannemen wilde, en dat hij zich in Holland ophield. Wij hielden ons echter niet veel langer dan een half uur bij den heer Vitringa op: want wij waren elkander tot last. Hij gaf ons ook, en wel op eene eenigzins onbeleefde manier, te kennen, dat hij niet gaarne had, dat men hem bezocht; onder anderen zeide hij, dat wij op eenen verkeerden tijd, namelijk in de vacantie, hier gekomen waren, en voegde er bij, "mallem ego professores publice docentes audire,quam privatim compellere (ik zou liever de hoogleeraars publiek hooren onderwijzen, dan privaat gaan spreken)."

Of de ontmoeting met Johannes Lemonon, de mentor van Johan Willem Friso, op 23 april: "Hij is een tamelijk kenner van boeken en als Franschman weet hij ze zeer beleefd en aardig aan te wijzen, alhoewel hij al te veel kleinigheden te voorschijn bragt, en, over het algemeen, alles te zeer verhief. Dit heb ik echter liever, dan dat de menschen als stokken blijven staan, en in het geheel niets vertoonen of praten willen."

In het tweede Uffenbach-gerelateerde boekje dat ik kocht, de uitgave van Avalon Pers uit 1997 ter gelegenheid van het congres van de International Association of Bibliophiles (oplage 200 exemplaren) staat een inleiding van Paul Hoftijzer die ook benoemt dat Uffenbach goed voorbereid op reis ging: “When Uffenbach left Frankfurt in 1709, he was well prepared for the long journey abroad. He had read all sorts of history books and printed travel accounts and knew exacly what he wanted to see. He was equally well informed about recent developments in scholarschip through the new medium of the learned periodical press. But he was also interested in less spectacular aspects of the countries an peoples he visited, for instance the manner in which certain meals were cooked [...] or the quality of the local theatre”. In het vervolg van dit uitgaafje vinden we dan korte weergaven van zijn bezoek aan Groningen, Dokkum, Franeker, Deventer, Harderwijk, Rotterdam, Gouda, Den Haag, Leiden en Amsterdam. In de laatste stad bekijkt hij een atlas van Blaeu (in 43 delen) die wordt aangeboden voor 50.000 gulden (tegenwoordig zou dat omgerekend €500.000 zijn). Op voorhand vindt hij dit een belachelijke prijs, maar na het bezichtigen begrijpt hij waarom de atlas dit prijskaartje heeft.

Ik heb helaas geen exemplaar van de originele drie delen van de Merkwürdige Reisen. Ik heb er eerlijk gezegd ook niet eerder naar gezocht, want pas nu ben ik er echt enthousiast over geworden. Wat zou het een mooie aanvulling zijn op mijn mooie set boeken van Dibdin! De driedelige set van Uffenbach's reizen wordt ook nu nog regelmatig op veilingen aangeboden. In 2016 verwisselde een set bij veilinghuis Van der Wiele voor €700 van eigenaar (lot 1153 van de najaarsveiling om precies te zijn) en vorig jaar bij Zisska en Lacher een wat gemankeerd exemplaar (er missen diverse pagina's) voor €300. Maar ik kan op dit moment ook bij antiquariaat H. Carlsen in Kiel nu een fraaie set kopen voor €850.

Allemaal iets boven begroting. Maar het vuurtje is aangestoken; dat is wat boeken kunnen doen en dat is hoe je een verzameling bouwt. Ik prijs mij gelukkig met deze mooie aanzet voor een Uffenbach-collectie en ik weet dat de dag zal komen dat deze collectie aangevuld zal worden met een eigen exemplaar van de Merkwürdige Reisen. En u, beste lezer, bent de eerste die dan zal delen in mijn geluk.

Met dank aan een opmerkzame lezer, die een belangrijke correctie doorgaf over de geciteerde tekst van Jacob Dirks.

30 mei, 2019

295 - In de voetsporen van Uffenbach

Het mooie van boeken en boeken verzamelen, is dat het altijd weer nieuwe verhalen oplevert. En zo kwam het dat ik een mooi kaveltje won op Catawiki en van het ene verhaal in het andere viel.

Allereerst het kaveltje dat ik won: 7 boeken over boeken verzamelen, toevallig mijn favoriete onderwerp, waarvan er één op mijn wensenlijstje stond en de anderen bij nader inzien onmisbaar zijn in mijn collectie. Het boek op mijn wensenlijstje was Uit de schaduw, waarin leden van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen hun collecties aan het publiek tornen. Dat gebeurde ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van het genootschap. Bibliofielen zijn spaarzaam met het tonen van hun schatten (weinig mensen in hun omgeving delen hun passie en de reactie ‘wat een boel oud papier, zonde van de bomen’ is toch een beetje pijnlijk). Ik ben geen lid van het genootschap maar hou wel van hun publicaties. Als ik lid was geweest had ik natuurlijk in dat boek willen staan, maar hoe dan ook fascineren verhalen van verzamelaars mij. Omdat achter deze passie een hoop kennis schuilgaat, omdat de zoektocht naar al dat fraais herkenbaar is en op een bepaalde manier zijn deze verhalen daarmee inspirerend. Vandaar dat ik een kast vol met dergelijke ‘boeken over boeken’ bezit.
Perkamentus (die natuurlijk wel lid van het genootschap is) schreef een mooi blog over dit boek, dat in een oplage van 1000 verscheen. Hij schrijft: "Eerlijk is eerlijk; het is werkelijk een prachtig boek geworden, zowel wat inhoud betreft als fotografie (Rebke Klokke), vormgeving (Hansje van Halem) en uitvoering door Uitgeverij de Buitenkant. De verhalen door bijna zestig leden, waaronder ikzelf, over hun bibliofiel verzamelen vormen boeiende en aangename lectuur die wordt afgewisseld met foto’s van de bibliofielen (in zwart-wit) en ‘highlights’ uit hun collectie (in kleur)." De vormgeefster Hansje van Halem laat op haar website nog wat meer over de inhoud en het complexe maakproces van het boek zien, maar ook de recensie uit de Volkskrant (zie afbeelding) waarin staat de het boek getuigt van een "haast maniakele boekenliefde". Die laatste opmerking is een mooi bruggetje naar mijn volgende aanwinst.

In het kavel zat namelijk ook een exemplaar van Thomas Frognall Dibdin's Bibliomania. Bibliomania is een klassieker, waarin Dibdin de ziekte beschrijft die hij bibliomania noemt: de ziekelijke neiging om boeken te willen kopen en kostbare boeken te bezitten. Oftewel de ‘haast maniakale boekenliefde’ waar De Volkskrant over schrijft. Het is de liefde of de ziekte waar ik ook aan lijd en waar helaas nog geen medicijn voor is gevonden.
Ik heb al een versie van Bibliomania, namelijk de uitgave uit 1903 van The Bibliophile Society uit Boston, die verscheen in een oplage van 483 exemplaren en die ik in 2010 bij Bubb Kuyper kocht. Ook weer een uitgave van een club bibliofielen, net zoals het boek hierboven: ik zie een trend. Het is een fraaie vierdelige set in foedralen en uiteraard ook weer prachtig vormgegeven. Klik vooral op de link in de vorige zin, want dan wordt zichtbaar wat The Bibliophile Society zoal publiceerde. Ik ben erg trots dat ik één van hun uitgeven bezit. En zoals ik eerder schreef, vind ik dubbele exemplaren niet erg. Want deze Dibdin is anders dan degene die ik al heb, dus past hij prima naast mijn andere versie. Ik ontdekte namelijk dat mijn nieuwe Dibdin weliswaar een niet-zo-zeldzame versie uit 2004 is, maar dat het qua inhoud een geannoteerd exemplaar van de eerste editie van Bibliomania uit 1809 is. En dat - maar dat wist u natuurlijk allang, beste lezer - is een geheel andere versie dan de tweede editie uit 1811 waarmee Dibdin bekend geworden is en die de basis voor mijn vierdelige set vormde. En deze annotatie betekent dat ik heen heleboel feitjes over het leven en het werk van Dibdin erbij heb gekregen! Daar ga ik wel weer eens een ander blogje over schrijven, maar tijdens het wachten kunt u hier even kijken.

Wat ik interessant vond was de uitgever van dit boek: The Tiger of the Stripe, gevestigd in Richmond. Het is een kleine onafhankelijke uitgeverij met een klein fonds rondom een paar thema's. Eén ervan is bibliofilie en naast dit boek dat ik net kocht zie ik dat zij ook Enemies of books van William Blades hebben uitgegeven, waarvan ik eind vorig jaar een miniatuuruitgave kocht. Dat betrof één hoofdstuk en ik wil nog de integrale uitgave van Enemies maar dan niet een latere herdruk (die ook niet geannoteerd is: dubbele exemplaren zijn prima, maar ze moeten wel wat extra's bieden).

Ik was benieuwd naar deze uitgeverij: wat maakte dat zij dit soort boeken uitgeven? Ik ben daarom nog wat verder gaan kijken. Tiger of the Stripe blijkt een zusteruitgeverij te hebben, Tiger Xenophon, die onder meer boeken in het ehm.. Sanskriet publiceert. Niet direct mijn hobby, maar evengoed interessant. Zeker als je van taal houdt, want de aanbeveling op de site liegt er niet om: "The Sanskrit language, whatever be its antiquity, is of a wonderful structure; more perfect than Greek, more copious than Latin, and more exquisitely refined than either".

Na wat verder zoeken ontdekte ik dat eigenaar van deze uitgeverij Peter Danckwerts is. Volgens eigen zeggen runt hij deze uitgeverij zijn eentje. Het fonds blijkt zijn interesses te weerspiegelen: eten, geschiedenis, architectuur, en natuurlijk boeken. Zijn cv laat een geschiedenis bij diverse uitgeverijen zien, waar hij onder meer ontwerper was voor boeken. Op zijn Pinterest pagina laat hij daarvan een paar voorbeelden zien, maar niet die van voor 2003 omdat iemand van de IT-afdeling van een van zijn werkgevers die kwijtmaakte, aldus zijn eigen site. Ook twittert hij de laatste 2 jaar niet meer. Volgens eigen zeggen maakt hij een prima Indaise curry en is hij fervent tegenstander van de uitbreiding van Heathrow Airport omdat de derde baan zo ongeveer in zijn achtertuin komt te liggen.Wat ik enigszins tragisch vond, was zijn openingszin: hij heeft een uitgeverij maar hij is beschikbaar voor freelance, parttime of fulltime werk. Het lijkt erop dat de uitgeverij niet zo heel hard loopt.... maar ik kan mij ook voorstellen dat de markt voor boeken in het Sanskriet niet al te groot is. Desondanks, een man die zo gepassioneerd boeken uitgeeft waar hij zelf van houdt verdient wat mij betreft een beter perspectief dan deze toch wat haperende uitgeverij.

Het bovenstaande laat zien hoe fascinerend boeken zijn. Een avondje bieden op een kavel bij Catawiki, levert mij niet alleen een boek van mijn verlanglijst op, maar ook nog een paar extra boeken, informatie over een éénmans-uitgeverij en het verhaal van een man die zijn daarmee zijn hoofd boven water probeert te houden, tegen luchthavens vecht en door IT’ers wordt benadeeld. Er blijft nog maar één vraag over: waarom verwijst  de titel van dit stukje naar Zacharias Conrad von Uffenbach terwijl zijn naam verder nergens wordt genoemd? Dat heeft er mee te maken dat er in datzelfde kavel een aantal werken gerelateerd aan deze 18e-eeuwse reiziger, boekenverzamelaar (bibliofiel!) en wetenschapper zaten. Het plan was dat deze blog daarover zou gaan, maar omdat ik zo afdwaalde met de eerste twee boeken, moet het verhaal over Von Uffenbach en wat hij in mijn boekenkast doet wachten tot een volgende keer...

20 augustus, 2017

277 - Veilingdrama

Bij voorkeur vertel in in dit blog over mijn succesvolle aankopen en mooie aanvullingen op mijn bibliotheek. En wees niet bezorgd, aan het eind gebeurt dit ook. Maar in het kader van het verwerken van teleurstellingen, moet ik eerst wat anders kwijt.

De laatste veiling van Bubb Kuyper is voor mij namelijk desastreus verlopen. En niet omdat ik te laag had geboden of omdat ik op een andere manier een verkeerde strategie had toegepast (dat heb ik vaker aan de hand gehad, maar ik dacht geleerd te hebben), maar simpelweg vanwege falende digitale verbindingen. Er kan mij dus hooguit naiviteit verweten worden: ik heb teveel op de techniek vertrouwd.

Wat was het geval? In de voorjaarsveiling van Bubb Kuyper bevonden zich zoals altijd volop lots met boeken in mijn favoriete categorie: boeken over boeken. Dit keer waren er veel boeken en uitgaven van en over en door A. Edward Newton. Alfred Edward Newton (1864-1940, lees hier nog een mooie biografie) is voor mij een van de grootste en meest inspirerende boekverzamelaars uit het verleden, samen met A.S.W. Rosenbach overigens. En in hun kielzog zijn er talloze verzamelaars en handelaren geweest van eind 19e eeuw tot aan de Tweede Wereldoorlog die de hoogtijdagen van bibliofilie hebben meegemaakt en er ook een grote bijdrage aan hebben geleverd. En het zijn verzamelaars die hun passie hebben neergeschreven in zeer lezenswaardige memoires, die vol staan met belevenissen waar boekenverzamelaars van houden, namelijk over de gave om op onverwachte plekken tussen stapels ogenschijnlijk waardeloze boeken of papieren, net dat unieke stuk te vinden dat anders voor altijd verloren zou zijn gegaan. Ik hou van dat soort belevenissen en ik bezit dan ook inmiddels een rijke collectie van memoires van boekhandelaren en boekenverzamelaars. Ik zoek dan altijd naar een mix van verhalen over hun eigen handel en wandel gecombineerd met informatie over de boeken die zij kochten en verkochten (boeken die alleen maar gaan over de handel vind ik minder interessant: toen kocht ik dit en toen kocht ik dat, en toen had ik hier een winkel en toen daar...). Het is bijna een soort studiemateriaal: ik leer hoe zij kijken en wat maakt dat ze zien dat juist dat ene boek anders is dan al die andere. Maar ik leer ook over de boeken zelf en meer dan eens lees ik een boek terwijl ik ondertussen Abebooks check of het boek waarover zij schrijven nog te koop is, want al lezende raak ik er langza am van overtuigd dat ik dat boek ook moet hebben.. Lees mijn bericht over het boek van Charles Everitt nog maar eens.

Een jaar of twee geleden sloeg ik een grote slag bij deze zelfde Bubb Kuyper toen ik paar lots kocht met daarin tientallen van dit soort uitgaven. Maar uiteindelijk ontbrak er toen voor mij een belangrijke auteur: Alfred Edward Newton. Voor hem hield ik nog een plaatsje vrij in mijn bibliotheek. Ik was dan ook dolblij toen ik deze lots zag in de catalogus van Bubb:
66/81 Newton, A.E. This Book-Collecting Game. Boston, Little, Brown and Co., 1928, (16),410,(1)p., col. frontisp., ills., printed in 990 numb. and signed copies, orig. hcl. w. paper letterpiece, t.e.g., slipcase. Idem. The Greatest Book in the World and other Papers. Ibid., idem, 1925, XVII,(1),451p., col. frontisp., (col.) plates, printed in 470 numb. and signed copies, orig. hcl. w. paper letterpiece, t.e.g., slipcase. - AND 8 others (w. contributions) by/ on the same, i.a.  End Papers (ibid., 1933, (col.) plates, printed in 1351 numb. and signed copies);  IDEM, A Magnificent Farce and othe r Diversions of a Book-Collector (ibid., 1921, (col.) plates, ills., printed in 265 numb. and signed copies, orig. hcl., t.e.g.) and  G.H. SARGENT, A Busted Bibliophile and his Books (ibid., 1928, plates, orig. hcl.).
66/82 [Newton, A.E.]. Lot of ±25 vols. (w. contributions) by/ on A. Edward Newton, incl. several small publications, i.a. Derby day and other Adventures (Boston, 1934, col. frontisp., plates, orig. cl. w. dustwr.); Pamela or virtue rewarded. Introd. A.E. Newton (Berwyn, 1929, orig. boards, 12mo. Facs. reprint of the ed. London, 1769. With AUTOGRAPH SIGNED DEDICATION on first free endpaper); Bibliography and pseudo-Bibliography (Philadelphia, 1936, orig. hcl. w. dustwr.); The Amenities of Book-Collecting and Kindred Affections (Boston, 1918, (col.) plates, orig. cl.); The Greatest Little Book in the World (Cleveland, 1923, orig. wr.); Newton on Blackstone (Phildadelphia, 1937, frontisp. portrait, orig. cl. w. dustwr. With AUTOGRAPH SIGNED DEDICATION on first free endpaper) and  A. TROLLOPE, Barchester Towers and The Warden. Introd. A.E. Newton (New York, 1936, orig. cl. w. dustwr.).
Op de dag van de veiling zat ik klaar, verbonden via Invaluable. En terwijl de nummers van deze lots naderden, steeg bij mij ook de spanning. Maar wat het hoogtepunt van de veiling moest worden, werd een deceptie door een haperende internetverbinding: ik werd er door Invaluable gewoon uit gegooid! Eerst bij het ene lot, en toen ik snel de verbinding opstartte was het lot al vergeven.. aan iemand anders. In paniek startte ik een andere computer op maar ook daar faalde de verbinding. Was het de wifi? Was het Invaluable? Ik zal het nooit weten maar ook dit lot ging niet naar mij omdat ik niet kon bieden..

Ik ben een week lang gefrustreerd geweest van het missen van deze lots. En zelfs nu nog, als k de beschrijving lees hierboven, is het bijna onverdraaglijk om te zien wat van mij had kunnen zijn, maar niet is... Wat is de kans dat ooit nog zoveel prachtig materiaal van A. Edward Newton in deze vorm wordt aangeboden? Ik schat die kans op bijna nul. Natuurlijk, alles is wel ergens te koop, maar niet in één keer al deze boeken. Deze lots, die van mij hadden kunnen, moeten, zijn zijn nu in handen van iemand die ik niet wil kennen. In het geval de winnaar van deze lots dit blog leest - weest zo goed niet te reageren, het is informatie die ik niet wil hebben... Zelfs het feit dat ik nog wel een lot won met een paar fraait uitgaven van Stichtng de Roos maakte heel uit voor mijn gemoedstoestand.

Toen de week van verslagenheid voorbij was deed ik het enige wat een boekenliefhebber kan doen: ik trakteerde mijzelf op enkele mooie aankopen. Niet van A. Edward Newton, maar bijvoorbeeld wel de belevenissen van David Magee, Infinite Riches. Een boek dat velen heeft geinspireerd, zoals Nick ter Wal, die er zijn dankwoord mee begon toen hij in 2012 een mooie prijs won (maar hij had dan ook een exemplaar dat was opgedragen aan Menno Hertzberger).

Ik kocht mijn exemplaar bij antiquariaat de Roo in Zwijndrecht, een groot antiquariaat met een reformatorische identiteit. Ik was wat verbaasd dat dit boek te koop was bij De Roo en daarom bladerde ik nog wat verder in zijn catalogus (of eigenlijk was het scrollen, maar bladeren klinkt fijner). Ik vond nog meer boeken over boeken, zoals Memoirs of a Bankrupt Bookseller van William Darling Young. Op mijn vraag of De Roo misschien een lijstje met boeken over boeken had, kwam de vraag: welke zoek je? Het punt is natuurlijk dat ik dat niet weet: ik wil verrast worden! Uit de excellijst die ik vervolgens kreeg koos ik nog Dibdin in Paris 1818 van Frans A. Janssen en de bundel Boeken verzamelen, opstellen aangeboden aan mr. J.R. De Groot, waarin onder meer een bijdrage van Boudewijn Buch. Het boekje van Frans Janssen gaat over de reactie naar aanleiding van het publiceren van Dibdins verslag over zijn bezoek aan Parijs. Hem werd verweten dat hij teveel fictie in zijn verslag had opgenomen: hij had op teveel Franse tenen gestaan. Een vermakelijk boek om te lezen, temeer omdat ik het werk waar het over gaat - ook al - bij Bubb Kuyper kocht zodat deze aanvulling van Frans A. Janssen netjes naast Dibdin kan staan.

Bij het ophalen van de boeken vroeg ik aan De Roo hoe deze boeken in de vooraad van een reformatorisch antiquariaat terechtkwamen. Hij vertelde mij dat hij de voorraad van Ben van Nijnatten had gekocht, een ook al legendarisch antiquariaat uit Nijmegen. Ik wist niet dat Van Nijnatten gestopt was (en volgens mij is dat ook niet zo), maar hij heeft wel (een deel van?) zijn vooraad afgestoten.

Zo kon ik toch nog wat van mijn lijst desiderata afstrepen. Maar de frustratie over het missen van deze lots blijft voorlopig nog wel even. Wie weet maakt de najaarsveiling van Bubb Kuyper in november nog wat goed...

20 december, 2015

257 - Twitterstormpje over blogbericht: wel/niet de boeken van Gerrit Komrij

Dit is echt het laatste bericht over de opbrengsten van de veiling bij Bubb Kuyper. Het is alleen dat ik zo kan genieten van nieuw gekochte boeken, dat ik er niet over uitgepraat raak. En ik was dus helemaal vergeten te melden dat er afgelopen september een soort twitterstormpje (of: briesje) ontstond naar aanleiding van mijn bericht over het stickertje van Gerrit Komrij in mijn boeken en de vraag of deze nu wel of niet als ex-libris van Komrij mocht doorgaan. Wie had het stickertje geplakt en wat was nu de garantie dat de boeken authentiek uit de bibliotheek van Komrij kwamen?

Perkamentus slingert trouw berichten van dit blog op Twitter maar stelde - omdat ik zowel De Slegte als Bubb Kuyper noemde - vervolgens aan beiden de vraag hoe het nu zat met die stickertjes. Dat leidde tot het volgende digitale gesprek dat ik voor de zekerheid ook nog even vereeuwig op mijn blog (leest u mee, KB?):





Al met al heeft een gesprek op social media in 26 minuten opgelost waar ik al een hele tijd vragen over had, en zelfs nog - hoe ouderwetsch - over had gemaild met veilinghuis Bubb Kuyper (maar nooit antwoord gekregen). Ik ben echter blij dat ik met een gerust hart kan zeggen dat mijn Dibdins daadwerkelijk uit de bibliotheek van Gerrit Komrij komen. Althans, tenminste één ervan.

Wat leren we hieruit? Dat het voor al mijn lezers verstandig is om Perkamentus te volgen op Twitter, want dan leer je nog eens wat. Dat lastige vragen tegenwoordig snel opgelost kunnen worden met behulp van social media. Dat er idioten zoals ik zijn die een sticker in een boek een belangwekkend onderwerp vinden en daar langdurig hun hoofd over breken.  En dat het wellicht voor mij verstandig is om ook een twitteraccount onder mijn blognaam te nemen. Maar eerst nog even genieten van mijn nieuwe boeken...

18 september, 2015

255 - Nog meer restauratie: ook Dibdin in ere hersteld

In mijn vorige restauratiebericht was te lezen hoe mijn Nescio prachtig is hersteld door restaurateur Henk Linde. Maar de trouwe lezers van dit blog hebben natuurlijk mijn bericht van juni vorig jaar nog in gedachten, waar ik vol trots vertelde dat ik drie delen van Thomas Frognall Dibdin's A Bibliographical Antiquarian and Picturesque Tour in France and Germany (London, printed by the Shakspeare (sic!) Press for the author, 1821) bij Bubb Kuyper had gekocht. Deze set was beschadigd en ik kondigde aan dat ik ook deze bij Henk Linde wilde laten repareren. De vraag was of dit een goede besteding was, want zou het kopen van een beschadigde set + de restauratie niet veel duurder zijn dan gewoon een goede set kopen, zoals Perkamentus in een opmerking onder dat bericht suggereerde?

De offerte van Henk Linde wees echter anders uit. Dat wil zeggen, het ontliep elkaar niet eens zoveel maar ik had in elk geval nog het fascinerende idee dat mijn serie in de bibliotheek van Gerrit Komrij had gestaan, althans dat concludeerde ik op basis van het stickertje dat in het boek stond.

Maar recent kreeg ik een mail van een lezer van dit blog, met informatie die ik zo interessant vind dat ik die hier overneem.

Het voorbije weekeinde vernam ik op de stand van De Slegte op de MABP-beurs in Maastricht dat dat eigenlijk geen ex-libris van Komrij is! Dwz, Komrij had domweg geen ex-libris, wat voor een bibliofiel van zijn kaliber behoorlijk verbazingwekkend klinkt, maar het is niet anders.
Dat "ex-libris" is kennelijk aangebracht vóór de veiling, al weet ik niet door wie: Charles Hofman, of het veilinghuis zelf? Eea kan wellicht verklaren dat dat "ex-libris" zo belachelijke minimalistisch oogt, en helemaal in tegenspraak is met Komrij's toch wel flamboyante persoonlijkheid.
De Slegte (filiaal aan De Wapper in Antwerpen) heeft recht van spreken, want zij bieden nu ook een deel uit Komrij''s bib aan! Vooral secundaire literatuur --- over bibliofilie, verzamelen, edm. Ook zelf gaan kiezen en opladen in Portugal. En om duidelijk te maken dat die boeken een voor bibliofielen toch bijzondere provenance hebben, is er een stempel "ex-biblioteca Komrij" in aangebracht. Door De Slegte. Wat m.i. toch veel correcter en ondubbelzinniger is dan die eerdere "ex-libris", die overigens ook toen al niet in alle Komrij-boeken was aangebracht.
Ik heb op de kijkdagen verschillende loten gezien waarvan slechts één boek ermee "gemarkeerd" was. Al blijft ook in dit geval de dubbelzinnigheid bestaan dat die stempel a posteriori is aangebracht, en niet door Komrij zelf. Wat een latere verwerver dus nooit met zekerheid kan afleiden uit het ex. zelf. Maar ik kan me niet herinneren dat Bubb Kuyper in zijn catalogus zou hebben verduidelijkt dat het "ex-libris" van Komrij eigenlijk NIET diens ex-libirs was.
Het is inmiddels ook al een eigen leven gaan leiden, want ik heb het al vermeld gezien in catalogi van andere veilinghuizen, en ook al op CataWiki. Overigens dacht De Slegte dat er geen tweede Komrij-veiling meer komt --- in tegenstelling tot wat wordt geïnsinueerd door de titel v/d "eerste" Komrij-veiling bij Bubb Kuyper (Nov 2012). Volgens De Slegte zijn er ook in de veiling(en) nadien behoorlijk wat Komrij-loten aangeboden, evenwel zonder dat dat door Bubb Kuyper als een "Komrij-veiling" werd gemarket.
Nou, dat is duidelijk dus: wel uit de bibliotheek van Komrij, maar niet het ex libris van Komrij. In de beschrijving van Bubb Kuyper tijdens de veiling stond dit echter wel: "Vol. 1 with bookplate of Gerrit Komrij on upper pastedown". Die mededeling was dus misschien wel onjuist! En ik had nog wel zo duidelijk tegen Henk gezegd dat dat ex libris onbeschadigd moest blijven. Maar bij nader inzien is het gewoon een stickertje dat een onbekende er in heeft geplakt.

Terug naar de restauratie van Dibdin. Ook hierbij ontving ik een verslag:
  • Schade:
    Deel 1, 2 en 3: op de bandscharnieren is het leer wat kwetsbaar, de nerflaag laat plaatselijk los.
    Deel 1: de bandhoeken zijn licht beschadigd. Beide platten zijn los. De binnenscharnieren zijn geheel gescheurd.
    Deel 2 en 3 hebben vergelijkpare schade. En bij deel 3 is het voorplat los.
Vooral de opmerking over de gescheurde binnenscharnieren baarde mij zorgen. En ook dat Henk met het eerdergenoemde vlijmscherpe mesje tussen het leer en de rest van het omslag ging om te zien hoe los een en ander zat...

Maar dit is er vervolgens gedaan:
  • Deel 1, 2 en 3: de bandscharnieren zijn gesloten met sterk Japans papier. De afwerking is uitgevoerd met op kleur gebracht Japasns papier. De binnenscharnieren zijn gesloten met op kleur gebracht Japans papier. Op de bandscharnieren is een mix van acrylic polymer wax en Klucel-G aangebracht om de losse nerfdeeltjes te fixeren. de herstelde bandhoeken zijn behandeld met pure acrylic polymer wax.
    Deel 1 en 2: De platten zijn weer met het boekblok verbonden d.m.v. stroken Tyvek, het materiaal is achter de bandrug en onder het leer op de platten vastgezet.
Het resultaat is een kloeke serie bijzonder fraaie boeken. De lelijke hoekjes waar het leer van was verdwenen, de losse platten, de gescheurde bladzijden: het is allemaal fantastisch hersteld. Helaas zit in het boek nog wel een heel lelijke half weggescheurde ex libris. Daar hebben we nog wat debat over gehad. Henk heeft geprobeerd de papierresten te verwijderen, maar er is een verwoestende lijm gebruikt en daardoor zijn de achtergebleven lijmresten eigenlijk net zo lelijk als de gescheurde ex-libris. Dus daar doen we verder maar niets meer aan.

Wederom een trotse aanvulling op mijn verzameling. Een klassiek werk van Dibdin. zonder ex libris van Komrij maar (althans minstens één deel) wel uit zijn bibliotheek. En de zekerheid dat ik ook in de toekomst deze route kan nemen: voor een spotprijs een gewild boek aanschaffen, en dan laten restaureren bij Henk Linde. Het leidt tot een boek in topconditie voor een prijs die wat lager ligt dan een wat een onbeschadigd exemplaar zou kosten.

23 juni, 2014

242 - Per ongeluk gekocht

Mei en juni zijn altijd moeilijke maanden voor een boekenverzamelaar. Dan verschijnen namelijk de catalogi van de voorjaarsveilingen van Bubb Kuyper, Burgersdijk en Niermans en Van Stockum's, mijn favoriete veilinghuizen. Drie catalogi met over het algemeen een mooie collectie boeken: teveel keuze voor mijn budget. En dus besteed ik de tweede helft van mei over het algemeen aan het lezen, omcirkelen en weer schrappen van nummers van de drie veilingen. Vervolgens breng ik dan mijn biedingen uit, via internet natuurlijk om niet te verdwalen in allerlei prijsopdrijvingen. En dan maar wachten op de uitslag, ik heb er regelmatig in dit blog over geschreven: successen en teleurstellingen.

Mijn drie delen op een rijtje
Deze keer had ik biedingen gedaan bij Burgersdijk en Niermans en Bubb Kuyper. In beide gevallen had ik echter te laag geboden op alle lots en ik had mij al verzoend met de gedachte dat ik mijn pijlen moest richten op de najaarsveilingen. Totdat ik een brief kreeg van Bubb Kuyper met de mededeling dat ik lot 60 van veiling 60 had gewonnen: Thomas Frognall Dibdin's A Bibliographical Antiquarian and Picturesque Tour in France and Germany (London, printed by the Shakspeare Press for the author, 1821). Drie delen van dit massieve werk van Dibdin! Kennelijk had ik hier een eerdere bieding op gedaan die ik had vergeten en tot mijn verrassing - en mijn grote plezier - was ik de nieuwe eigenaar van dit bijzondere werk geworden.

Dibdin, welke boekliefhebber kent die naam niet. De dominee Thomas Frognall Dibdin (1776-1847) die naast dominee ook bibliothecaris was voor de Earl of Spencer (waarvoor hij een uitvoerige meerdelige catalogus van zijn bibliotheek schreef) is vooral bekend van het boek The Bibliomania or Book-Madness (1809). Maar hij schreef nog veel meer boeken over boeken, bibliografie, verzamelen, bibliofilie en dus ook bibliomanie. Grappig genoeg stond hij ook bekend om zijn uitbundige gebruik van voetnoten, soms zelfs van een pagina lang (of meer) wat het lezen van zijn boeken niet bevorderde. En tragisch is dat zijn nauwkeurigheid niet al te hoog was, zodat het gebruik van Dibdin als bron voor bibliografische gegevens niet aan te bevelen is. Maar zijn enthousiaste schrijfstijl maakt veel goed.

Dibdin had een fascinatie voor het geschreven woord en niet voor niets werd hij de bedenker van het woord bibliomanie. Hij was dan ook mede-oprichter van de Roxburghe Club, de eerste bibliofiele vereniging in 1812 (website). En hij vond dan ook dat zijn boeken er altijd prachtig moesten uitzien. Hij verloor daarom structureel geld op de productie van zijn boeken, en als zijn geldschieters om betaling kwamen vragen dan kondigde hij eenvoudigweg een nieuw project aan waar hij dan mee aan de slag ging. Op die manier ontstond een lange lijst van Dibdin-producties. Met de lyrische beschrijving van boeken en bibliotheken in deze Bibliographical tour als voorbeeld: 
The first view of the contents of this second room is absolutely magical. Such copies, of such rare, precious, magnificent and long-sought after impressions! 
Aldus Dibdin over de Koninklijke Bibliotheek in Parijs. Deze reis op het continent was trouwens in opdracht van diezelfde Earl of Spencer, met de opdracht boeken voor hem aan te kopen. Dat deed hij met verve, zoals op 3 augustus 1818 toen hij een aantal incunabels van Virgilius kocht: "one of the most, cautiously and delicately-conducted negotiations in the annals of bibliographical diplomacy". Dibdin is natuurlijk niet de enige verzamelaar die verslag heeft gedaan van zijn expeditie om boeken te kopen. In 1834-1835 ging baron W.H.J. van Westreenen op reis naar Engeland om boeken te kopen en ook zijn reisverslag is in een boek vastgelegd. En van recentere datum het verslag van Leona Rostenberg en Madeleine Stern over hun naoorlogs boekenreis naar Europa onder de titel Old books in the old world: reminiscences of book buying abroad.

Ik vind het wel aardig om eens te kijken hoe zijn tijdgenoten keken naar Dibdin. Allereerst een vermelding in The Gentleman's Magazine and Historical Chronicle van 1818 waarin - zoals trouwe lezers weten - de rubriek Review of new publications staat opgenomen. Zo ook in het decembernummer, waar we lezen dat:
"The Rev. Mr. Dibdin has returned form his Bibliographical Tour upon the continent; and we understand that the fruits of his long journey are likely to appear under the title of A Bibliographical, Antiquarian, and Picturesque Tour in Normandy, France and Germany (...) This Tour will, it is said, consist of a Series of Letters, and be printed in the same form, and with the same beauty, as his Bibliographical Decameron, to which it is intended to be a companion. (...) We presume that, in due time, a Prospectus of this interesting work will be given to the Publick; as we learn that already a Circular is distributed among the Author's select friends, and especially among the Roxburghers - though we do not pledge ourselves with absolute certainty upon this latter point".
Eén van de vele illustraties
Wat een aankondiging! En het boek verscheen inderdaad in "the same beauty" als bijvoorbeeld zijn Bibliomania. Na het verschijnen was overigens niet iedereen enthousiast. Een recensent in Contemporary Public Characters (1825):
"The last work of Mr. Dibdin has recently been published, and is entitled A Bibliographical, Antiquarian, and Picturesque Tour in France and Germany. It is published at the enormous price of eleven guineas, and contains a number of beautiful engravings; but much of the literary part is uninteresting to all those who have not a passion for scarce editions". 
Ook in The London Christian instructor, or, Congregational magazine (maart 1822, pp. 130-131) was men kritisch, vooral omdat Dibdin ook op de zondag genoot van het leven op het continent en onvoldoende kritisch was over het vermaak op die dag:
"That this should be said by a clergyman, not in the moment of hilarity, but when gravely writing a book likely to pass into the hands of all the higher class of society in this country, and to be handed down to posterity, is extraordinary and painful (...) Shame on you, Mr. Dibdin, you injure your church and ought to be reproved, if not by the Bishops, by the Roxburgh Club." 
Overigens is ook tegenwoordig nog wel kritiek op Dibdin te lezen. Zoals bij Achille van den Branden, die over Bibliomania schrijft:
"Ik zou dit boekje nog niet aan mijn hond ter lezing aanbieden. Ergerlijk toch hoe elk gesloten milieu, in casu bibliofielen, zijn eigen helden heeft die blind op een voetstuk worden gezet. Ik vind: Dibdin kan niet schrijven en heeft niets te vertellen dat een zinnig mens niet zelf zou kunnen bedenken"
Maar gelukkig was er nog The European Magazine, and London Review (1821, vol. 79 (juni), pp. 526-530) waarvan de recensent positiever was:
 "Previous to the publication of his very entertaining romance, called the Bibliomania, which strewed many a flower in the unalluring patyh; alsmost every work connected with this branch of study, was truly dull, stale, and unprofitable; form former authors viewing it in too partial a light. It appeared tot them, as if such writings could not be otherwise than heavy (...). Mr. Dibdin's Tour partakes indeed, as it's Title specifies, of a triple character, and it must be evident to all , that to produce three volumes of such a description, must not only require extensive reading and ability, but a continual flow of spirits, softened with a strain of sentiment (...). In all these points our author seems to be qualified for this undertaking. (...) The embellishments in this division of the work are too beautiful to be passed without praise, and perhaps never before was any book in this subject so appropriately and so very exquisitely adorned. (...) In summing up our sentiments on this very amusing and highly instructive book, we shall neither be long nor laboured (...) there are light bowers for the young, solid book-wisdom for the old, anecdotes for the general reader, and the most beautiful drawings and engraving for the artist."

Een beetje beschadigd... 
En dit "amusing and highly instructive book" staat nu in hardcopy voor mij. Met de prachtige illustraties van George Lewis. Helaas wel wat beschadigd; van twee delen van de drie hebben losse omslagen. De vroegere ex libris hebben pogingen van eerdere eigenaren om ze te verwijderen niet overleefd, ze zijn beschadigde achtergebleven. De opdruk op de rug is bij deel 3 verdwenen en het leer is gebarsten. Maar de boeken zitten nog stevig ingebonden. En de kenner ziet linksonder op de foto een bijzondere ex libris c.q. sticker namelijk met de vermelding van Gerrit Komrij! De andere twee delen ontberen deze vermelding, maar kennelijk is een van mijn Dibdins voorheen onderdeel geweest van de bibliotheek van Komrij. Die al eerder door Bubb Kuyper was geveild trouwens, en inderdaad staat deze Dibdin daar onverkocht tussen (nr. 35 van catalogus 57). Toen was de verwachte prijs €300-€500, nu stond het op de veiling voor €150-€250. In tweede instantie heb ik dus een mooi onderdeel van de bibliotheek van Gerrit Komrij weten te kopen.

Ik had al eerder aangekondigd het pad op te gaan van boekreparatie, namelijk toen ik de eerste druk van Nescio's Dichtertje, de Uitvreter, Titaantjes kocht (ook al bij Bubb Kuyper en ook al beschadigd). Op advies van Nick ter Wal kwam ik bij Henk Linde terecht, maar het heeft nog niet tot een reparatie geleid (dat ligt aan mij, ik was te lui om de reis naar Nootdorp te maken). Maar binnenkort ga ik dus met een grotere stapel naar Henk dan gepland: ook mijn Dibdin's mag hij onder handen nemen. En de beschadigingen leverden mij een lagere prijs op de veiling op (ik kocht de set inclusief veilingkosten voor €223, een onbeschadigde set doet rond de €500). Ik weet niet wat de reparaties gaan kosten, maar ik hoop dat ik dan nog steeds kan zeggen dat ik een verstandige aankoop heb gedaan! Maar als ik er financieel niet slim aan heb gedaan, wat zou dat. In mijn bibliotheek staan de vier delen van The Bibliomania or Book-madness uit 1903; de uitgave van de Bibliophile Society in Boston in een oplage van 483 exemplaren nu geflankeerd door de drie delen van A Bibliographical Antiquarian and Picturesque Tour. Ik kijk er naar en kan bijna niet geloven dat ik zoveel bibliofiele rijkdom gewoon maar in een Billy op zolder heb staan en elke dag tot mijn beschikking heb.