Posts tonen met het label Boekwinkel. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Boekwinkel. Alle posts tonen

18 november, 2022

338 - Winkeldagboek deel 3: 40 jaar beslommeringen in een antiquariaat

Het zong al een tijdje rond in bibliofiele kringen, maar nu is het dan toch eindelijk zover: het derde deel van het vermaarde Winkeldagboek is verschenen, zoals altijd geschreven door René Hesselink en Hans Engberts (†2011) van het Utrechtse antiquariaat Hinderickx en Winderickx. De donderdag van het verschijnen stond ik toevallig voor de etalage van Hinderickx & Windericks (H&W) aan de Oudegracht in de befaamde eurobakken te loeren, toen René ineens drie exemplaren van het winkeldagboek in de etalage legde, recht voor mijn neus. Met een briefje erop met de prijzen voor de paperback en voor de gebonden versie. Vers uit de doos gehaald waarschijnlijk, dus opgewekt stapte ik vervolgens naar binnen om naar de gebonden versie te vragen. Die bleek echter nog niet beschikbaar; pas een dag later zou die in de winkel zijn. Gelukkig stond mijn naam al op een lijst voor deze gebonden editie, zodat ik zaterdag alsnog een gesigneerd exemplaar in mijn brievenbus vond. Hoewel er nog ruim 100 boeken op mijn leesstapel liggen, kreeg dit nieuwe winkeldagboek natuurlijk onmiddellijk voorrang. De paperback is trouwens overal te koop, maar de gebonden editie alleen bij H&W. En drie gebonden (en gesigneerde) delen op een rijtje is uiteindelijk toch het mooiste.  

Naast de drie gepubliceerde winkeldagboeken verscheen er in 1997 al een oerversie. In een oplage van 250 werd bij “De Gecroonde Cnoop” ook al een winkeldagboek gepubliceerd. De Gecroonde Cnoop verwijst overigens naar een lantaarnconsole op de gevel van het pand waarin het antiquariaat is gevestigd. Het werkje verscheen ter gelegenheid van het 15-jarig bestaan van het antiquariaat. Die uitgave is vooral een verzameling anekdotes uit de boekhandel, zonder datum. Nog niet echt een dagboek dus. Dat format ontstond pas bij de publicatie van het eerste grote winkeldagboek in 2003.

De belangrijkste vraag bij dit deel was of de heren er in zijn geslaagd om het hoge niveau van de eerste twee delen vast te houden. Dat is zonder twijfel gelukt. Het winkeldagboek wemelt nog steeds van de zeurkousen in de winkel, allerhande opvattingen over mede-antiquariaten, verzamelaars, klanten en literaire persoonlijkheden en natuurlijk klaagzangen over omzetten. Hoewel het overall prima gaat met het antiquariaat (28 september 2010: “Hinderickx & Winderickx, de enige winkel ter wereld met dit gruwelijke probleem: te veel klanten). Het levert nog steeds verslavend leesvoer vol mooie anekdotes over het leven aan de Oudegracht. En duidelijke meningen over van alles. Paperbacks bijvoorbeeld (17 augustus 2008: "Wij willen geen paperbacks meer, want u wilt ook geen paperbacks. Weg met de paperback! Dood aan de paperback!), Kees Fens (18 juni 2008: "Zijn zinnen leken zowel aan het begin, als in het midden en aan het eind te kunnen beginnen") en ontrouwe verzamelaars die hun met hulp van H&W bij elkaar gescharrelde collectie Hermans uiteindelijk elders verkopen (6 oktober 2008: "Ik ben er even wezen kijken, maar ik werd bijkans misselijk. Ik geloof dat dit de meest verraderlijke daad is die mij in 25 jaar antiquariatenbestaan is geleverd"). En dit is nog maar 2008, het laat zich raden wat er in de rest van het boek zoal wordt geschreven. Mooi vond ik ook de klacht over lezers die hun tweedehands boeken laten signeren (ja, ik voel mij aangesproken). Hans schrijft:

In de kelder aan het werk voor de markt in Deventer, maak ik me kwaad op die zgn. verzamelaars die met hun tassen vol boeken signerende schrijvers lastigvallen. (…) Echt goede schrijvers werken niet mee aan deze vervalsing, die namelijk de schijn van nabijheid wekt. Als ze het wel doen is het uit naïeve goeiigheid. Daarom tref je weinig signaturen van de groten en eindeloos veel van de kleinen aan. (Dit na hele stapels vals gesigneerde boeken te hebben afgeprijsd of weggegooid)

Natuurlijk heb ik direct gekeken of ik genoemd ben in dit deel van het winkeldagboek. Ik heb teruggezocht welke aankopen ik bij H&W heb gedaan om te kijken of ik als klant de heren heb kunnen verleiden een aantekening te maken. Want Nick ter Wal schreef het al in 2007 naar aanleiding van het tweede winkeldagboek: "De directeuren van dit antiquariaat kunnen geweldig schrijven. Sommige anekdotes vergeet ik nooit. Filosofischer dan deel één, maar helaas minder omvangrijk. Wie hun winkel bezoekt, loopt het risico vereeuwigd te worden. Doen dus." Helaas bleek dit in eerste instantie bij mij niet het geval. Kennelijk ben ik zo'n doorsnee klant dat ik alleen terugkom in de optelsom van de dagomzet. In dit deel van het winkeldagboek constateren de schrijvers ook al dat de enige klachten die ze over het winkeldagboek krijgen, komen van mensen die vinden dat ze ten onrechte niet genoemd zijn. Zoals ik. Het lijkt er op dat er behoorlijk wat klanten zijn die de winkel bezoeken met de hoop niet allen een paar fraaie boeken te kopen, maar ook vereeuwigd te worden in het winkeldagboek. Hoewel het voor anderen weer een belemmering is. Op 11 september 2014 schrijft René namelijk:

Ooit, toen wij Winkeldagboek 1 publiceerden, dachten we dat zo’n boek goede reclame voor de winkel zou zijn, maar het omgekeerde bleek het geval. Veel klanten durfden niet een boekwinkel te betreden waar je het risico liep in een boek terecht te komen. De lafaards! Uiteindelijk is het allemaal toch goed gekomen toen deel 2 verscheen, waarin wij onszelf beschrijven als net zulke beklagenswaardige sukkels als de klanten.

Overigens is de behoefte aan / de zorg over genoemd worden de uitbaters van H&W ook niet vreemd. Op 13 april 2010 schrijft René:

Na de Geschiedenis van het Nederlandse antiquariaat heeft Buijnsters nu zijn Geschiedenis van de Nederlandse bibliofilie gepubliceerd. Benieuwd of H&W daar in voorkomt, kwam ik het volgende tegen: (...) "Een bijzonder verschijnsel werd daarmee het Utrechtse winkelantiquariaat Hinderickx & Winderickx. (...)"

Onverwacht bleek ik vervolgens bij het lezen van het winkeldagboek toch een vrij uitgebreide vermelding daarin te hebben. Op dinsdag 28 juli 2009 schrijft René namelijk:

Op een aantal blogposts, of hoe heet zoiets, heeft zich een discussie ontwikkeld over onze minachting voor boekenweekgeschenken. Deze discussie speelt zich af op de 'spot' van 'Sneuper'. (Waarom moet dat toch altijd zo laf anoniem, dat geblog?) De negatiefste reactie, van ene Frits, is dat wij 'bijzonder onaangename zelfingenomen kleinburgers' zijn en deze Frits zou 'niet graag' in onze winkel komen. Wij worden verdedigd door Nick ter Wal, van Artistiek Bureau, en Kees Thomassen. De laatste schrijft over mij: 'Hij is niet eens een heel extravert mens, maar als je eenmaal door zijn gereserveerdheid heen kijkt, blijkt hij een aardig en geestig iemand. Niks kleinburgerlijk!'

Diezelfde 'Sneuper' heeft in een eerdere bijdrage aan zijn blog heel enthousiast geschreven over onze winkeldagboeken. Hij noemt Wdb2 een 'heel leuk en leesbaar boek', 'om niet te zeggen: geniaal'. Sneuper wil graag in ons Wdb genoemd worden. Nou, bij deze.

Ik moest erg lachen om de opmerking “Nou, bij deze”. 13 Jaar lang was ik onwetend over het feit dat ik het winkeldagboek dan toch had gehaald, al is het onder de noemer "laf anoniem". Alsnog heel erg bedankt daarvoor, ik voel mij vereerd! De bijdrage die door René wordt aangehaald met de discussie over boekenweekgeschenken staat hier. Mijn eerdere bijdrage over het tweede winkeldagboek waarin mijn hele aardige woorden staan staat hier. Ik vervolgde die laatste bijdrage met de woorden "verplicht leesvoer voor boekenliefhebbers". Die aanprijzing is door René in alle bescheidenheid weggelaten. Het mag inmiddels genoegzaam bekend zijn dat alledrie (of allevier) de delen van het winkeldagboek verplicht leesvoer zijn voor boekenliefhebbers, dat hoeven ze niet over te schrijven uit mijn blog. De genoemde reacties van Nick ter Wal en Kees Thomassen staan trouwens niet onder mijn blogposts, maar komen ergens anders vandaan.


Mijn laatste wens is nu nog dat er een verwijzing naar mij op de webpagina van H&W komt, bij het overzicht van reacties op het winkeldagboek. Zoals de verwijzing op de pagina over Oude Gracht 234 naar het blog van boekengek, maar dan naar dit stukje bijvoorbeeld. Inclusief deze bijdrage heb ik al twaalf keer over de verschillende winkeldagboeken geschreven. Daar mag toch wel wat tegenover staan?

Naast dat in dit deel meer dan de vorige keer sprake is van het overlijden van schrijvers (Mulisch, Haasse, Kousbroek, Zeeman. Zwagerman), klanten (Jan, Jan, Serge) en collega-antiquaren, staat dit deel natuurlijk in het teken van de ziekte en het overlijden van Hans Engberts. Hans overleed op 29 november 2011, precies 29 jaar nadat H&W als antiquariaat is begonnen, toen nog aan de Herenstraat in Utrecht: op 29 november 1982 dus. Bij de datum van 3 december 2011 staat de afscheidstoespraak van René bij de uitvaart. Hij zegt onder meer:

Op 29 november 2011, vroeg in de ochtend, kwam er na 29 jaar met de dood van Hans een einde aan ons compagnonschap. Hij vond het niet erg om dood te gaan, zei hij een paar weken geleden. Hij vond het vooral erg voor Ursula, voor zijn moeder en voor mij. Hij had gelijk. Hij heeft nu rust - voor zover de eeuwigheid iets met rust te maken heeft - maar wij moeten door. Zonder Hans. Hindericx & Winderickx zal wel blijven bestaan, maar zonder Hans zal dat een bestaan zijn in een andere dimensie. zijn invloed, zijn geest, zijn ziel, hoe moet ik het noemen, zullen wel altijd in H&W aanwezig blijven - en dan doel ik niet alleen op de boeken die nog jarenlang verkocht zullen worden voor door Hans erin geschreven prijzen.

En op 5 december 2011 schrijft hij bedroefd:

Had iemand toen voorspeld dat we het 29 jaar zouden blijven doen, dan hadden we hem hartelijk uitgelachen, maar nu, achteraf, is 29 jaar veel te weinig. Ik had met Hans oud willen worden in ons antiquariaat.

Maar H&W ging inderdaad door, en het winkeldagboek ook. In de eerste periode na het overlijden van Hans nog wat onregelmatiger. Al snel werd echter de draad weer opgepakt, natuurlijk met regelmatig herinneringen aan Hans. Elk jaar op 29 november wordt er in het winkeldagboek even bij stilgestaan. Niet alleen René schreef, maar er zijn ook andere bijdragenden. Zoals Wim Hazeu, Roosje en op 12 mei 2012 voor het eerst Roland Fagel:

Mijn eerste en volledige winkeldag in dit Hansloze Tijdperk begon op uiterst Hanzige wijze: ik stak de sleutel in het slot van de winkeldeur juist op het moment dat de domklok elf kreunde.

En zo gaat het leven aan de Oudegracht verder. Met herkenbare observaties, zoals op 8 september 2016:

Het zijn frustrerende tijden voor een serieuze antiquaar die ik toch ook ben. De afgelopen weken heb ik duizenden euro's uitgegeven aan bibliotheken van overleden klanten en de winkel zit boordevol goede boeken, maar het enige wat het volk koopt is de rommel uit de ééneurobakken. Ik schrijf nu wel 'rommel', maar het zijn soms best goede boeken die in de bakken verdwijnen, bijvoorbeeld omdat we er meerdere exemplaren van hebben en de mensen het verdommen er meer dan één euro voor te betalen. 

De 287 pagina's van dit winkeldagboek zijn moeiteloos uit te lezen. We lezen over de doorgaande verschuiving van de winkel naar internetverkoop (en dat er dus teveel pakjes moeten worden gemaakt), over de lockdown en over kaalslag onder Utrechtse antiquariaten. Je kunt het lezen in één lange zit desnoods, maar waarom zou je dat doen? Gewoon in kleine hapjes genieten. Want zoals René zelf zegt, op 12 september 2022, het is immers:

(...) een bijzonder leuk boek, evenals de vorige delen. Denk ik. Jammer dat ik het zelf geschreven heb. Ik zou het graag lezen.

Ik heb het in elk geval weer met veel plezier gelezen. Toch merkte ik tegen het einde dat de schwung er een beetje uit liep. Juist de dynamiek tussen René en Hans, hun verschillende opvattingen over het antiquariaat en hun bijdrage daarin maar ook hun gemeenschappelijke visie op de wereld (de klanten, de boeken, de collega’s in het vak) maakt het dagboek sterk. En uiteraard mist dat een beetje de laatste 11 jaar. Maar hoe dan ook een prestatie van formaat om gedurende 40 jaar geheel authentiek verslag te doen van het leven in een boekenantiquariaat en dat in drie kloeke delen te boekstaven. Ondanks al het gemopper maakt het eindeloze werken met boeken dat je toch bijna zelf een antiquariaat zou gaan beginnen. Bijna, niet helemaal.

28 augustus, 2016

265 - London revisited (bookish London part II)

Een aantal jaren geleden schreef ik over een bezoek aan Londen en de beperkte tijd die ik had om in de plaatselijke boekhandels rond te struinen. Met zoveel boekhandels beschikbaar is dat toch wel een kwelling voor een bibliofiel. Maar zoals de eerste wet van de bibliofilie luidt: 'geduld is een schone zaak'. En zo was het na een paar jaar wachten nu dan eindelijk zover. Ik had samen met junior het plan opgevat naar Londen te gaan en ons tourschema daar was overzichtelijk: 's morgens een boekhandel, 's middags een boekhandel en tussendoor als we tijd hadden nog een boekhandel. Onze omgeving dacht eerst dat sprake was van een grap: of wij niet meer in Londen wilden zien dan alleen boekhandels. Maar het onbegrip van de vragensteller verbleekte al snel bij het onbegrip van ons, Londengangers: wat zou je nu meer in Londen willen zien dan boekhandels?

Natuurlijk vereist een en ander wel zorgvuldige planning. Immers, boekhandels hebben de neiging om soms gesloten te zijn en het heeft voordelen om handige routes uit te stippelen om te voorkomen dat onnodig tijd verloren wordt met heen en weer reizen tussen twee locaties. En daarnaast is het goed om een paar doelen te hebben voor de boekenjacht: de lijst met desidirata moet ook weer eens opgepoetst worden.

Junior had een hele concrete boekenwens. Of liever gezegd: de wens was concreet ("ik wil een boek") maar het boek in kwestie was niet helemaal duidelijk. In gesprek met een collega had die haar enthousiast gemaakt voor een bepaald boek. Het genre was young adult, het was een heel bekend boek met een aantal 'geheime hoofdstukken' online, er was een grote fanbase rondom het boek en o ja, er was iets met een haai. Met deze beperkte gegevens heb ik mij aan een online zoektocht gewaagd, maar ik werd niets wijzer. Nergens doken relevante boektitels op, ondanks dat ik mijn google-skills tot het maximum benutte. Ik stelde ook een aantal zoekvragen op fora van boekliefhebbers: de berichtenpagina's van LibraryThing en Goodreads. Maar zelfs het aanboren van 'wisdom of te crowds' kon niet helpen. Dat boek konden we wel schrappen van de lijst, tenzij er een wonder gebeurde. En is Londen niet ook een beetje de stad van wonderen?

Op de eerste dag van onze boek besloten we ons heil te zoeken in Charing Cross Road. De eerste stop daar was Any Amount of Books. Voordat we de winkel in stapten namen we een kijkje in de bakken met boeken, wie weet wat er nog te vinden is voor een pond. En terwijl Junior voor de eerste bak stond, strekte ze haar hand uit en zei "dit is het boek dat ik wilde hebben!" Ik vond dat een hilarische opmerking op de eerste dag van ons bezoek bij de eerste boekhandel waar we keken, maar tot mijn stomme verbazing stond ze daadwerkelijk te juichen met een boek in haar hand. In de kist op straat bleek een nagenoeg nieuw exemplaar te staan van The Raw Shark Texts van Steven Hall te staan. Ongelooflijk maar waar, van alle miljoenen boeken in London en van alle tientallen boekwinkels, is het eerste boek dat wij zagen het boek waarvan we niet wisten hoe het heette. En daarmee kon ons bezoek aan Londen al niet meer stuk. Na het bezoek aan Any Amount of Books gingen wij via Quinto en Henry Pordes naar het boekenparadijs Foyles. Wat een heerlijke winkel is Foyles om in rond te dwalen en geïnspireerd te raken. Toch was onze focus niet zozeer op nieuwe boeken (want die halen we ook wel bij de American Book Center, of iets dergelijks) maar ook zonder iets te kopen is er met gemak een paar uurtjes stuk te slaan in een ruime boekhandel als Foyles.

De volgende dag herhaalden we dit recept: genieten van een mooie boekhandel en vervolgens onze slag slaan in een antiquariaat. En als we ons echt niet kunnen beheersen (en trouwens, waarom zouden we? Er was nog voldoende bagageruimte over) dan kochten we gewoon wat we mooi vonden. En zo begonnen we de dag in het fantastische Waterstones waarna we onze weg vervolgden bij Skoob. Pas toen we buitenstonden omdat de honger ons naar een lunchplek dreef met onze oogst in onze rugzakken, maakte junior de intelligente opmerking dat Skoob het tegenovergestelde is van Books. Ondanks alle planning en voorbereiding en het lange verblijf in de winkel was dit mij nog niet opgevallen.




Op onze laatste dag startten we de dag bij Hatchards, en wat een juweel van een winkel is dat! Een boekwinkel om langzaam van te proeven, eindeloos van te genieten en waar je je maar met moeite van losrukt. De wijze waarop de boeken worden aangeboden, het interieur.. het draagt allemaal bij aan het genot van de bibliofiel. Leuk was dat we op weg naar Hatchards langs Waterstones kwamen waar een enorme rij voor de deur stond. Bij navraag bleek dat te zijn voor een signeersessie van Buzz Aldrin. De beveiliger die bij de rij stond probeerde ons te overtuigen dat dit echt heel bijzonder was: hoe vaak kan je iemand ontmoeten die op de maan was? Die signeersessie startte om 12 uur, maar de rij was al voor openingstijd van Waterstones immens. Ik vroeg junior voor de zekerheid of zij in de rij wilde staan voor een gesigneerde Buzz Aldrin, maar wij waren het al snel eens: liever graven door een rij boeken dan zelf in de rij staan voor een boek. En anders kunnen we altijd nog bij ebay terecht.. Toen wij Hatchards verlieten bleek de rij voor Buzz Aldrin zich langs de hele gevel van Waterstones en ver de hoek om te hebben gevormd.


En zo dwaalden wij langs het boekenaanbod van Londen. We snoven de geur van papier, werden verrast en teleurgesteld, liepen met steeds hoger groeiende stapeltjes boeken door boekhandels en waren tevreden. De Southbank Book Market is nog steeds heel erg zonde van je tijd, net als een paar jaar geleden. Onveranderlijk wordt het aangekondigd als "one of London's best kept secrets" maar het is beter om het "the bibliophile's biggest disappointment" te noemen. Hoewel het uitzicht vanaf de Southbank, de terrassen en vooral de Food Market een genot voor alle zintuigen waren.

Hebben we dan verder echt niks toeristisch gedaan in Londen? Ach, natuurlijk wel. We hebben taart gegeten bij Choccywoccydoodah, zijn lekker naar Covent Garden geweest en naar de M&M winkel op Leicester Square. Niet toevallig zijn dat allemaal dingen die met eten te maken hebben. Want boeken zoeken maakt hongerig en bovendien hadden we koolhydraten nodig om onze oogst naar huis te kunnen tillen... En waar bestond die oogst dan uit? Want het gaat nu wel heel erg over boekwinkels in London, maar wat hebben wij dan eigenlijk gekocht? Uiteindelijk was het vooral junior die boeken had gekocht, Ik beperkte mij tot een paar mooie eerste drukken, oa van Ian McEwan en een paar boeken over boeken. Maar geen grote aankopen die een apart blogstukje vragen. Mijn handbagage was gevuld met boeken die in een andere kast verdwenen. Het waren er zoveel dat wij beiden vreesden dat de opbergruimtes in het vliegtuig het zouden begeven...

15 maart, 2014

237 - De goudmijn Leeshal Oost

Na de ondergang van de Polare boekhandels lijkt het somberheid troef in boekenland. Zijn de nadagen van de boekhandel nu echt aangebroken? Ik neem jullie mee naar een volgende ervaring die gelukkig op punten positiever was: de goudmijn van Leeshal Oost.

Tien jaar geleden was ik voor het laatst in deze winkel in de Commelinstraat 53 in  Amsterdam-Oost (ik schreef daarover dit verslag) en ik was benieuwd of de winkel nog bestond. Dat was gelukkig zo en ik zag tot mijn genoegen dat er niets veranderd was: nog steeds de stapels boeken langs de wanden en een hele volgepropte winkel.

De eigenaar schetste echter een herkenbaar beeld van de hedendaagse boekenmarkt aan de hand van zijn winkel. Hij vertelde onder meer dat hij blij was als er tien klanten per dag kwamen.

Tien klanten. Op één dag. En daar moet je het mee doen.

Ik ken natuurlijk nog wel de klaagzagen van de antiquaren Engberts en Hesselink van Hinderickx en Winderickx in Utrecht, uit hun befaamde Winkeldagboek. Ook zij hadden (vele) dagen waarop nauwelijks klanten in de winkel kwamen en de omzet maar net genoeg was voor de stookkosten... Datzelfde geldt natuurlijk ook voor Leeshal Oost, ook al ligt het vlakbij de drukbezochte Dappermarkt.

Leeshal Oost doet tegenwoordig vooral zaken via internet, met een eigen boekwinkel op boekwinkeltjes.nl. De eigenaar Hans hoopt dat hij het nog een paar jaar uitzingt, tot zijn pensioen. Zelf leest hij trouwens geen boeken, het lukt hem niet om zich voldoende te concentreren. En ondertussen heeft hij een grote voorraad boeken, waar de nodige pareltjes tussen zitten. Je moet er wel even voor zoeken, maar dat is natuurlijk iets waar een boekenliefhebber nooit tegenop ziet.

Ik richtte mij op een de bakken met 'kleine boekjes': de nieuwjaarsgeschenken, gelegenheidsuitgaven en andere cadeauboekjes van uitgevers. Daar vond ik vervolgens een paar hele mooie exemplaren tussen. Zoals Kerstmis van een kind in Wales van Dylan Thomas en Twee koffers van Ernest van der Kwast. Maar de leukste was toch wel Greep uit de boekenkast of de wereldliteratuur in ollekebollekes van Drs. P. In dit kleine mooi uitgegeven boekje worden tientallen klassiekers in een karakteristieke, soms wat flauwe, maar over het algemeen goed gevonden rijm gekarakteriseerd. Zoals Gullivers reizen:
Mensen als kerktorens 
Mensen in zakformaat 
En nog een wonderlijk 

Volkje of twee-
 

Ja, in die verre van 
Massatoeristische
Tijd maakten reizigers 
Nog eens wat mee 
Of Marcel Proust:
Wie kent die titel niet? 
À la recherche du* 
Proust, Marcel 
Ging naar ’t verleden op zoek 

Zelden of nooit kwam een 

Tijdverliesgevende 
Speurtocht in zo’n 
Onvergankelijk boek 
Mooie taalvondsten bij elkaar. En dat allemaal voor een eurootje per stuk gevonden bij Leeshal Oost. Ik had niet de tijd om de winkel gro
ndig door te spitten. Dus voor andere sneupers in de buurt van Amsterdam Oost is het een mooie kans om schatten te delven. En eigenaar Hans zal blij zijn met de extra aanloop.

Al met al lijkt er weinig toekomst in het boekenvak te zitten op deze manier. Ik ben me steeds meer bewust dat we in de nadagen zitten van een bijzonder ambacht. Ik wil er met volle teugen van genieten, nu het nog kan.

n.b. medio 2020 is helaas ook een einde gekomen aan Leeshal Oost

23 augustus, 2009

179 - Op boekenjacht in Parijs (deel 2)

Nu dan eindelijk het vervolg op de boekenjacht in Parijs. Zoals ik in deel 1 schreef, was ik naar Parijs gekomen met twee doelen: Shakespeare & Company bezoeken en het boek van Jeremy Mercer over Shakespeare & Company daar kopen en laten stempelen. Wie hier pas begint met lezen, dient eerst deel 1 tot zich te nemen om te begrijpen waarom het bezoeken van Shakespeare & Company zo essentieel was en wat de charme van deze winkel is. 

Shakespeare & Company ligt inderdaad op een prachtige locatie tegenover de Notre Dame. En de winkel voldeed aan elke verwachting die ik had: rommelig, vol, sfeervol en verrassend. Nauwe gangetjes, smalle trappetjes en overal boeken, boeken, boeken. Een schijnbaar ordeloze winkel, maar met de kennis over de achtergrond van Shakespeare & Company was dat niet onverwacht. Uiteraard ben ik ook even boven wezen kijken, waar de eerste kamer met bedden en boeken was te vinden (inclusief een bordje dat de boeken op die etage niet te koop zijn). Ik was niet zo brutaal om nog hoger de winkel in te gaan - uiteindelijk was ik toch maar één van de honderden toeristen die dagelijks langskwamen en vond ik niet dat ik zomaar overal naar binnen zou mogen lopen (hoewel men het misschien niet eens zo erg zou vinden). 

Als er één ding duidelijk is, dan is het dat Shakespeare & Company een winkel is om uren in rond te dwalen, zodat elke stapel boeken bekeken kan worden en je je kan laten verrassen door onverwachte vondsten. Er bestaat trouwens een mooi fotoverslag van het bezoek van blogger Kimbooktu aan de winkel in mei van dit jaar. Die geeft een goede indruk van hoe het eruit ziet. In één van de commentaren op mijn vorige stukje schreef Sander dat het aanbod van boeken niet bijzonder was. En dat is ook zo, wat betreft de reguliere winkel dan, hoewel er wel véél boeken zijn. Maar naast de gewone winkel bevindt zich het antiquariaat in een aparte ruimte en daar vind je tal van bijzondere boeken, een hele wand met 'firsts' van alle grote schrijvers (ik heb in het kader van de nostalgie toch maar even een vroege editie van Ulysses beetgepakt) en een wat rustiger omgeving dan in de gewone winkel. Maar ik had niet de tijd voor een langdurig bezoek. Ik had immers een doel. Na kort door de winkel gedwaald te hebben - waarbij ik een gesigneerd dichtbundeltje van Breyten Breytenbach vond en het boek The yellow-lighted bookshop van Lewis Buzbee dat ik al een tijdje zocht - begaf mij ik mij naar de kassa. Ik vroeg naar de sectie boeken over boeken, maar die was er niet. Vervolgens vroeg ik naar het boek van Mercer en tot mijn verbazing (en die van de verkoper) bleek dat dat boek helemaal niet op voorraad was! Het bekendste boek over Shakespeare & Company is niet te koop in Shakespeare & Company... ik denk dat deze vaststelling de staat van de winkel wel zo ongeveer typeert. 

Met mijn twee aanwinsten maar toch enigszins teleurgesteld verliet ik de winkel, broedend op een mogelijkheid om toch nog aan Mercer's boek te komen. Ik bedacht me dat als ik het boek ergens zou kunnen vinden, ik het alsnog kon laten stempelen bij S&C. Immers, elk boek dat in de winkel wordt gekocht krijgt als bewijs het speciale stempel. Na een aantal vergeefse bezoekjes aan filialen van Gilbert Jeune bedacht ik me tijdens het eten in een restaurant in Rue de la Hûchette dat er ongetwijfeld Engelse boekwinkels in de buurt moesten zijn. Een snelle zoekslag op internet (leve mobiele communicatie!) leerde mij dat op een steenworp afstand van Shakespeare & Company de (van oorsprong Canadese) winkel Abbey was gevestigd, in de Rue de la Parcheminerie. Op de route tussen Shakespeare & Company namen we nog even de tijd voor een ander toeristisch uitstapje, de fraaie 12e eeuwse kerk Saint Julien le Pauvre. Een indrukwekkende kerk, maar wat ik vooral heel mooi vond was het schilderij van de schrijvende evangelist Lucas dat daar hangt. Op mijn route tussen alle boekwinkels vond ik het een mooi beeld om met mij mee te nemen - uiteindelijk gaat het bij boeken altijd om de inspiratie en voor de evangeliën geldt dat natuurlijk in het kwadraat. 

Uiteindelijk bereikten we Abbey. Wat ik niet wist maar toen leerde is dat Abbey al net zo'n prominente plek wil zijn en is als Shakespeare & Company. Ook Abbey heeft een paar unieke kenmerken, zoals de thee die elke gast krijgt aangeboden (in Nederland zijn we dat al gewend van Albert Heijn, maar in Parijs is dat kennelijk heel bijzonder) maar bovenal de vele literaire activiteiten die het organiseert. En Abbey is al net zo'n chaos als Shakespeare & Company, of eigenlijk: een nog grotere chaos. Ik had al veel spijt dat ik onvoldoende tijd had voor Shakespeare & Company, maar het speet mij bovendien dat ik ook niet een paar uur had om door Abbey heen te graven... Achter de kassa zat de eigenaar en toen ik hem zonder veel illusies - gelet op de onduidelijke stapels met boeken die overal in de winkel stonden - vroeg naar het boek van Mercer kwam hij overeind en terwijl hij langzaam mompelde "it should be.... somewhere... around... here!" wees zijn vinger naar een plek op de plank waar niet één, maar twee exemplaren van het boek stonden. Ik had de keuze tussen de Engelse en de Amerikaanse editie, en omdat ik de omslag van de Engelse mooier vond koos ik die. Ik nam geen tijd om het boek verder te bekijken, omdat ik nog terug moest naar Shakespeare & Company voor een stempel en binnen 5 minuten was ik Abbey weer uit - maar wel met de zekerheid dat ik er op een dag zou terugkeren om die winkel eens grondig binnenstebuiten te keren.

Bij Shakespeare & Company was alles als vanouds: druk, rommelig en sfeervol. Maar ik wist niet dat de grootste verrassing van die dag nog op mij wachtte. Ik vroeg of ik een stempel kon krijgen ondanks dat het boek niet in de winkel was gekocht. Dat was geen probleem en de man achter de kassa zei "I really don't know why we don't have it in stock. It is about us, after all...". Hij pakte het stempel en sloeg het boek open. En daar zag ik wat mij tot dan toe was ontgaan: het boek was een gesigneerd exemplaar. Ik verliet de winkel op wolkjes. Niet alleen had ik het boek van Mercer na veel moeite toch gekocht in Parijs, maar het was gesigneerd, gedateerd en bovendien gestempeld in de winkel waar het in het boek allemaal om draait: Shakespeare & Company. Daarmee had ik een uniek boek aan mijn verzameling toegevoegd en bovendien weer een prachtig boekverhaal. Geheel bevredigd dronk ik die avond een wijntje. Parijs heeft mijn hart gestolen en voor altijd wachten er twee boekwinkels als bakens op mijn terugkeer. 

04 augustus, 2009

178 - Op boekenjacht in Parijs (deel 1)

Gelukkig zaten we niet al te ver van Parijs en wie aan Parijs denkt, denkt maar aan één ding: de boekwinkel Shakespeare and Company aan de Rue de la Buchette, tegenover de Notre Dame. Ik moest naar Parijs, ik moest naar Shakespeare and Company en bovenal moest ik in het bezit komen van Jeremy Mercer's boek over Shakespeare and Company: Books, baguettes & bedbugs. Maar waarom moest ik dat allemaal? Laat ik bij het begin beginnen...

Shakespeare and Company is een legendarische en nogal vreemde boekwinkel. De oprichter, George Whitman, startte de huidige winkel na de Tweede Wereldoorlog (in 1951), maar de eerste Shakespeare and Company, opgericht door Sylvia Beach in 1919, was ook al legendarisch. De eerste winkel was een toevluchtsoord van schrijvers als Hemingway, Ezra Pound, Scott Fitzgerald en James Joyce. Het was Beach die als eerste Ulysses publiceerde. De legende wil dat S&C in 1941 moest sluiten omdat Beach weigerde een boek aan de Duitsers te verkopen. Hoewel dat op zich een goed besluit was, kostte het Beach wel de boekwinkel. 

In 1951 liet Whitman S&C herleven en met toestemming van Beach hergebruikte hij de originele naam. Whitman heeft een idealistische inslag en wil zijn boekwinkel vooral inzetten voor een betere wereld en een betere mensheid. Net als de oorspronkelijke winkel is ook de huidige winkel een toevluchtsoord voor - meest jonge - schrijvers. Maar in de beginjaren verbleven ook schrijvers als Allan Ginsberg en William Burroughs in S&C. Maar los van hen is de winkel is de min of meer permanente verblijfplaats van meerdere schrijvers, die als tegenprestatie een handje meehelpen in de winkel. S&C is in de loop van de jaren uitgegroeid tot een universum op zichzelf, met bijzondere bewoners en een bijzondere manier van werken. Whitman schat dat in de loop van de jaren tienduizenden in zijn winkel hebben geslapen. Sommigen een dag, sommigen een week, sommigen ruim vijf jaar... En allemaal hebben ze hun biografie achtergelaten - dat is de enige eis die Whitman stelt. Tezamen vormt dit een gigantisch archief en een fascinerend tijdsbeeld van de laatste halve eeuw. Want iedereen die een biografie schrijft wil daarin natuurlijk laten zien dat hij of zij een schrijver is, en bovendien gaat het vaak om mensen die om een of andere reden op de vlucht zijn, de weg kwijt zijn, worstelen met de vragen des levens, etc. Alleen het publiceren van al deze biografieën zou iets heel bijzonders opleveren. Maar daarnaast wil S&C het middelpunt van de literaire cultuur in Quartier Latin zijn, met als gevolg een onafgebroken rij bijeenkomsten met en over auteurs, literaire festivals en allerlei andere activiteiten. Ook dat is allemaal bewaard en ook dat geeft een fraaie inkijk in de literaire wereld van de laatste halve eeuw. Op de site van Shakespeare and Company zijn (aanklikbare) voorbeelden van het archief te zien. En o ja, soms worden er ook nog boeken verkocht...

Doordat S&C in elke toeristische gids van Parijs staat is het er structureel druk. Toch heeft de winkel al die jaren haar bijzondere karakter weten te behouden. Hoe de wereld van S&C eruitziet is recent beschreven door Jeremy Mercer, een Canadese schrijver die enkele maanden in S&C woonde, een vertrouweling van Whitman werd en een fraai portret heeft geschreven over de wereld van deze boekwinkel. Deze zomer is het boek ook in het Nederlands verschenen, onder de titel Een bed tussen de boeken. De recensie van Ariejan Korteweg in de Volkskrant van 30 juli (gepubliceerd één dag voor ik in de winkel was, maar dat wist ik toen nog niet...) geeft een goede beschrijving van het boek en van de winkel. In het boek van Mercer gaat het onder meer over de opvolging van de winkel - Whitman is inmiddels de 90 gepasseerd. Uiteindelijk zet zijn dochter de winkel voort, maar naast deze strijd om het voortbestaan geeft Merder een inkijkje in de geschiedenis van de winkel, de ideeën van Whitman en natuurlijk portretten van een aantal illustere bewoners van S&C. 

 Kortom, gewapend met deze kennis ging ik naar Parijs. Maar omdat deze post te lang wordt als ik het hele verhaal vertel, en om iedereen de gelegenheid te geven de hyperlinks te volgen, vervolg ik mijn relaas over de jacht op Mercer's boek en het bezoek aan S&C (met een onverwacht einde!) in mijn volgende bijdrage. 

21 januari, 2006

88 - Uitverkoop

 bijna niet meer de winkel van Van Stockum
Boekhandel Van Stockum
in Den Haag houdt uitverkoop in haar winkel in de Venestraat. De hele voorraad, oude en nieuwe boeken, gaat met 50% korting de deur uit. Helaas is het voor alle lezers van dit blog nu te laat, want de winkel sluit op maandag 23 januari. Gelukkig blijven de andere filialen open, want Van Stockum is een fantastische winkel. En dus heb ik natuurlijk veel te veel boeken gekocht. Ik had nog geluk dat ik pas aan het einde van de drie weken uitverkoop ontdekte dat er überhaupt uitverkoop was, anders was ik definitief aan de bedelstaf geraakt, maar nu scheelde het ook niet veel. Het mooie van deze uitverkoop was enerzijds dat een deel van de nieuwe voorraad werd uitverkocht - dus kocht ik een gloednieuw, geseald, exemplaar van "Adonis/Bel-Ami" van Guy de Maupassant niet voor 32,50 euro maar voor 16,25 euro (zoals ik hier schreef stond die al een tijd op mijn zoeklijst). Maar tegelijkertijd werden de kelders leeggeruimd waardoor onafzienbare stapels romans, kookboeken, kunstboeken werden aangeboden, maar dat was niet de gebruikelijke rotzooi die in de witte boekenhandels staan en die overal hetzelfde kosten. Hier ging het om kelderrestanten die je eigenlijk nergens anders ziet. Ik heb een paar boeken gekocht waar nog prijsstickers in guldens opzaten. Boeken die dus al minstens vijf jaar in de winkel lagen, of ergens in een kelder, maar die nu een waardige plek krijgen in mijn boekenkast. Zoals de verhalenbundel "Oudergewoonte", een bundel verhalen in de Joodse traditie van onder meer Marcel Möring, Frans Pointl, Arnon Grunberg en Rogi Wieg uit 1999. Het moest destijds 25 gulden kosten (omgerekend 11,34 euro), was ooit afgeprijsd naar 5 euro en kreeg een foeilelijke oranje sticker met die prijs opgeplakt en mocht dus nu met mij mee voor 2,5 euro. Ook de lezing van Rudi van Dantzig, "De armoede die niet verdwijnt" (een toespraak gehouden ter gelegenheid van de Dodenherdenking in 1999) kostte ooit 7,50 gulden en toen 3,40 euro maar was uiteindelijk voor 1,70 euro voor mij.  Even nazoekend blijkt hier een overzicht te staan van de toespraken t.g.v. de Dodenherdenking en hier t.g.v. Bevrijdingsdag. Handig overzichtje om te zien welke ik nog mis! Het allermooiste was eigenlijk wat ik vond in een bijna vergeten doos. Een luxe exemplaar van de Dake Annotated Reference Bible, dat is een Bijbel in de King James vertaling, voorzien van een onvoorstelbare hoeveelheid verklaringen, toelichtingen, overzichten, etc. Een feest om te lezen en in te studeren. een voorbeeld van een dichtbedrukte pagina in Dake Ooit koste deze Dake 84,20 euro. Maar hij was al afgeprijsd naar 9,95 euro. Dus met de korting heb ik de Dake gekocht met 80 euro korting ten opzichte van de originele prijs. Ik ben drie keer in Van Stockum teruggeweest en ben geheel verzadigd. Klaagde ik rond de jaarwisseling nog over mijn gemiddelde boekenaankoop in 2005 dat minder dan één per week was, tot op heden is het gemiddeld bijna één per dag. Het wordt een mooi jaar.