zondag, november 12, 2017

Uit de bibliotheek van de auteur

In mijn mail belandde de 81e catalogus van Fokas Holthuis met de titel "uit de bibliotheek van de Nijhoffs". Dat triggerde mij, niet zozeer omdat ik een verzamelaar van Martinus Nijhoff ben, maar omdat ik boeken 'uit de bibliotheek van...' altijd interessant vind. Hoewel dat soort boeken niet anders zijn dan andere boeken voegt het wat mij betreft wat toe aan een boek als het afkomstig is van een plek die van betekenis is, bijvoorbeeld uit de bibliotheek van de auteur zelf. Waarbij ik tegelijkertijd ook weer wat pietluttig ben omdat het mij niet zozeer gaat om elk boek uit een bepaalde bibliotheek (bijvoorbeeld een willekeurig boek uit de bibliotheek van W.F. Hermans, ook al staat er commentaar van Hermans in) maar boeken van de auteur zelf. Voor mij is dat net zo iets als een gesigneerd exemplaar; het boek is door de auteur 'aangeraakt' en dat maakt dat het uitstijgt boven alle andere exemplaren van dat zelfde boek.

Ik bezit al verschillende boeken 'uit de bibliotheek van..'. Zo heb ik de prachtige driedelige uitgave van Dibdin's A Bibliographical Antiquarian and Picturesque Tour in France and Germany uit de bibliotheek van Komrij (ik schreef er uitgebreid hier over en over de validiteit van het stickertje hier). Dit is natuurlijk een voorbeeld dat niet past bij de regel die ik net formuleerde omdat dit geen boeken van de hand van Komrij zelf zijn. Maar wie durft te beweren dat bibliofielen ooit consequent zijn? Ik zondig tegen iedere regel die ik mijzelf opleg, maar ter verdediging: in dit geval had ik het boek niet gekocht omdat het uit de bibliotheek van Komrij kwam, dat was een bonus waar ik later achter kwam.

Een zuiverder voorbeeld zijn de boeken Boudewijn Büch uit de bibliotheek van Büch, die ik kocht van iemand die zelf te gretig was geweest tijdens de grote Büch-veilingen en dus een aantal dubbels had. Een ander voorbeeld is de uitgave Een nieuwe politiek van Adriaan van Dis die ik kreeg van Adriaan van Dis. En recent kreeg ik van Marcel Möring een exemplaar van de speciale uitgave De kleurentovenaar, waarover ik binnenkort een stukje schrijf. Wat ik ook wel bijzonder vond waren de uitgaven van Stichting de Roos die afkomstig waren van de oud-voorzitter van Stichting de Roos.

Omdat ik wist dat Nijhoff ook een aantal uitgaven van Stichting de Roos op zijn naam had staan was ik dus benieuwd of deze catalogus een aantal van die uitgaven zou bevatten. En dat was zo! De Harp I en II werden door Fokas aangeboden, met deze omschrijving:

94 NIJHOFF e.a., M. De Harp. Onder redactie van Jan Engelman, M. Nijhoff en A. Roland Holst. (Met originele grafiek door Dirk van Gelder en Cuno van der Steene). Utrecht, Stichting De Roos, 1946-1948. Twee delen (compleet). Halflinnen. 64; 48 p. Typografische verzorging J. van Krimpen. Gezet uit de Lutetia en gedrukt op wit velijn van Van Gelder in een oplage van 175 genummerde exemplaren. 1e druk. Beide banden deels iets verkleurd. In handschrift van Chris Leeflang, in het eerste deel, onder het colofon: ‘Ex. H.S./ bestemd voor W. Nijhoff./ L.’. Het tweede deel is ongenummerd. Meegebonden zijn een originele houtgravure van Dirk van Gelder en een ets van Cuno van der Steene. Beide prenten zijn ook los bijgevoegd, in potlood gesigneerd door de kunstenaars. Het eerste deel bevat Euripides’ ‘Ifigeneia in Taurië’, ‘in Nederlandsche verzen vertaald door M. Nijhoff’.

Ik mailde bijna onmiddellijk retour en tot mijn vreugde was ik op tijd: de beide boeken werden voor mij gereserveerd. Een tijdje later ging ik ze ophalen en dat leidde weer tot veel rijkdom in Den Haag. Natuurlijk werd ik - net als de vorige keer toen ik daar langsging - volgestopt met lijsten met al het fraais dat Fokas en Paul in de aanbieding hebben, maar ik kreeg ook de papieren versie van de Nijhoff-catalogus. Het leuke daarvan is dat het begint met een toepasselijk gedicht van Ingmar Heytze:
Collectie Nijhoff
Gereedschap, toen. Wat nu? Te koop. Kaften
door hem aangeraakt, papieren die zijn zoekgemaakt
maar nog niet zoek genoeg, te koop, te koop. 
Rug verbruind, verbleekt, verschoten, voorrand ietsgeschaafd, gesleten, aangevreten door een muis. Bovenrandvan band beknibbeld (zilvervisjes). Voorplat los.
Hoe zwaarder verweerd, hoe meer je hand in hand staat
met de dichter die Awater schreef. Dat denk je, maar
je denkt verkeerd: een boek heeft geen geheugen
voor gezichten of het voorgeschreven uur. Geen tekstverlies,al is er wel iets anders kwijt - inkt en adem, huid en tijd.

Daarnaast valt uit de ten geleide meer te leren over de herkomst van deze collectie. De boeken stonden in Huize Antoinette in Biggekerke, dat Martinus Nijhoff in 1930 liet bouwen. Nadat Martinus en zijn vrouw Antoinette Wind (A.H. Nijhoff) waren overleden, liet Wouter Nijhoff al een deel van de boeken veilen, een ander deel werd in die tijd verdeeld onder vrienden. Volgens de ten geleide heeft deze Fokas-catalogus "in dat opzicht weinig pretenties" maar desondanks staan er nog veel pareltjes in. Ik vroeg bij het ophalen hoe hard het was gegaan met de verkoop, en dat bleek ook voor Fokas en Paul nog wel verrassend. Je weet kennelijk maar nooit hoe hard het gaat, maar voor deze Nijhoff bibliotheek was nog veel belangstelling. Des te blijer ben ik met mijn twee uitgaven van De Roos. Die had ik nog niet in mijn Roos-verzameling staan, en nu komen ze ook nog met een bijzonder verhaal erbij. En de papieren catalogus van Fokas Holthuis bewaar ik natuurlijk naast deze twee uitgaven van De Roos.

Ik vind het mooi gezegd van Heytze "een boek heeft geen geheugen" en dat is natuurlijk ook zo. Een boek is maar een dood ding. Maar de eigenaar van een boek heeft wel een geheugen en dat geheugen maakt verzamelen nu juist zo leuk want het maakt mij elke keer weer blij als ik naar deze boeken kijk. En ik deel mijn geheugen vervolgens graag met de lezers van dit blog, die er hopelijk ook een beetje blij van worden.

Geen opmerkingen: