Ik schreef al over een aantal vrouwelijke aanwezigen bij het Feest der Letteren in de Amsterdamse Bijenkorf, aan het begin van de boekenweek 2012. Maar nu over de mannen.
Er waren een paar onvermijdelijke aanwezigen. Allereerst natuurlijk Tom Lanoye, tevens auteur van het boekenweekgeschenk. Ik blijf het het hinderlijk vinden dat de auteur van het boekenweekgeschenk wel aanwezig is, maar dat het boekenweekgeschenk dan nog niet beschikbaar is. Ik heb dus wel een aantal boeken laten signeren door de hele vriendelijke Vlaming Lanoye, maar toen ik een paar dagen later het boekenweekgeschenk kreeg was hij natuurlijk in geen velden of wegen te bekennen. Waar is de auteur als je een handtekening nodig hebt? Datzelfde geldt overigens voor Nico Dijkshoorn. Ik ben niet van plan ooit iets van hem te lezen, maar zijn boekenweekessay hoort natuurlijk in mijn CPNB-verzameling. Maar die zaterdag in de Bijenkorf had ik niets te signeren voor hem.
Ik moet trouwens eerlijk bekennen dat ik tot op heden nog nooit een boek van Lanoye had gelezen. Dus binnenkort moet mijn gesigneerde exemplaar van Alles moet weg eraan geloven.
Een tweede onvermijdelijke aanwezige was Adriaan van Dis, als hij niet in Indonesië is, dan is hij wel in de Amsterdamse Bijenkorf. Ik had maar weer eens een stapeltje nieuwe Van Dis-aanwinsten bij mij, maar mij wachtte een teleurstelling. Van Dis bleek last van zijn arm te hebben en kon daardoor niet signeren. Hij signeerde met een stempeltje. Hij vertelde erbij dat hij het stempeltje had laten maken langs de kant van de weg ergens in Indonesië. Maar ook het stempelen ging niet altijd even goed en één stempel ging scheef. Als troost kreeg ik er een tweede stempeltje bij: van de Eiffeltoren. Zo zijn Indonesië en Parijs weer eens verbonden. Maar ik wil natuurlijk per se een handtekening van Van Dis. Ik zal dus bij een volgende gelegenheid met hetzelfde stapeltje boeken (en een paar erbij waarschijnlijk) wederom langs Van Dis moeten gaan om de felbegeerde handtekening te krijgen.
Wie zich ook trouw in Amsterdam meldt is Jan Siebelink. Na de signeersessie van 2011 had ik niet veel nieuws bij me: alleen een Literair Juweeltje dat hij schreef. Maar veel of weinig boeken, Jan Siebelink is iemand die houdt van grondig en zeer zorgvuldig signeren. Ik bedankte hem voor de uitvoerige signatuur. Hij zei vervolgens: ik zal blijven schrijven, komt u dan maar weer laten signeren. Dat heb ik hem van harte beloofd.
Eén ding frustreert mij echter: ik ben al jaren op zoek naar een eerste druk van zijn grote roman Knielen op een bed violen. Dat boek heeft tientallen drukken gehad, maar ik wil de eerste gebonden druk. Echter: deze is nergens te vinden. Niet op mijn vaste adresjes (Antiqbook, Boekwinkeltjes.nl), niet op Marktplaats, niet bij veilingen: onvindbaar. Toch zijn er meer dan 10.000 gemaakt. Ik hoef er maar één te hebben om te laten signeren door Siebelink zelf. Maar waar is mijn toekomstige exemplaar?
De laatste die ik verblijdde met mijn boekenbezit was Geert Mak. Een jaar eerder was ik al mijn Makjes vergeten mee te nemen en ik hoopte al dat hij er weer zou zijn. En dat was zo! Ik verontschuldigde mij voor de hele stapel die ik bij mij had (ook een aantal anderen in de rij zag ik fronsen). Maar Mak vond het niet erg: "deze gelegenheid is er voor", zo stelde hij mij gerust.Toen mijn exemplaar van Amsterdam op steen aan de beurt was voor een signatuur, merkte hij verbaasd op: "dat is een zeldzame!". We hebben nog even gekeuveld hoe ik er aan kwam (bedankt, Theo!) maar ook deze is nu voorzien van een krabbel van Mak (stukken minder grondig dan Siebelink).
En zo eindigde weer een signeermiddag in de Bijenkorf. Na afloop met mijn lief nog even een taartje gegeten bij de Bijenkorf en door Amsterdam gekuierd. Maar toen mijn armen langzaam losraakten van mijn schouders door het gewicht van de tassen met boeken, hielden we het toch maar voor gezien.
Op naar volgend jaar voor een volgend Feest der Letteren! Mijn boeken zijn er klaar voor. Mag ik een verlanglijstje indienen: graag een tafeltje voor Marcel Möring (26 boeken te signeren) en Margriet de Moor (14 boeken te signeren) en liefst ook van Hugo Brandt Corstius (50 boeken te signeren). Bij voorbaat excuses aan degenen die dan achter mij in de rij staan.
Een blog over het verzamelen van boeken en over de zoektocht naar boeken. Door de eigenaar van de Bibliotheca Scatebra (4500+ titels). Waar vind ik mijn boeken? Hoe krijg ik wat ik zoek? Sinds 15 juli 2004 schrijf ik min of meer regelmatig op dit blog over mijn hoogte- en dieptepunten. De naam van het blog is ontleend aan Ayolt Brongers, de enige ware boekensneuper. Lees mee met mijn zoektocht en mijn vondsten... Deze website wordt gearchiveerd door de KB, nationale bibliotheek.
Zoeken in deze blog
Posts tonen met het label Jan Siebelink. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Jan Siebelink. Alle posts tonen
18 april, 2012
29 april, 2011
186 - Feest der Letteren (♂)
Dit is de derde van drie bijdragen over het Feest der Letteren in de Bijenkorf. Een authentiek drieluik is het geworden. In mijn eerste bijdrage deed ik verslag van de voorbereidingen op het evenement. Vorige keer deed ik verslag van de ontmoetingen met de vrouwelijke auteurs die aanwezig waren. En nu zijn de mannen aan de buurt.
De eerste bij wie ik aanschoof was Jan Siebelink. Van hem had ik vier titels bij me. Ik vertelde al dat verschillende auteurs positief reageerden op de Literaire Juweeltjes die ik bij me had. Kennelijk is dit een aansprekend soort boekje, niet alleen voor verzamelaars, maar ook voor de auteurs. En ook Siebelink vond het leuk er eentje te zien:: "Ach ja, zaailingen..." zei hij, met enige weemoed in zijn stem. Ik vertelde dat ik zijn grote roman Knielen op een bed violen niet had, omdat ik nog op zoek was naar de eerste druk. Volgens Siebelink zou die niet zo moeilijk te vinden moeten zijn: "er zijn toch aardig wat exemplaren van de eerste druk gemaakt". Ik zei dat ik hoopte dat ik de volgende keer een exemplaar door hem kon laten signeren.
Ik was ook even bij Frank Westerman die - u raadt het al - tevreden was over zijn verhaal Stikvallei, dat als Literair Juweeltje was uitgegeven. Hij vertelde dat hij bezig was met een vervolg, of liever een uitgebreide versie van het verhaal als basis voor een roman. We kregen het over het schrappen van tekst, en dat de geschrapte tekst een mooie basis zou kunnen zijn voor een vervolg. "Het valt niet mee om dat in een Literair Juweeltje te krijgen", zei hij tot slot. Ik beaamde dat schrappen moeilijk was, maar dat bedoelde hij niet: "nee, ik heb nogal veel ruimte nodig voor mijn handtekening", zei hij. Ik was mooi even op het verkeerde been gezet.
Daarna shopte ik nog even bij Herman Koch, die wel even zijn wenkbrauw optrok bij het zien van mijn exemplaar van Sadako wil leven, met de opmerking: "deze zie ik nooit bij signeersessies". Ik heb maar niet gezegd dat ik deze ook uit een 1-eurobak heb gehaald, in dit geval die van antiquariaat De Boekenbeurs in Middelburg. Ook deze bijna-verworpene mag zich nu verheugen in een handtekening van de auteur en een mooie plaats in mijn kast. Herman Koch ontdekte in het tweede boek dat hij mijn naam verkeerd schreef - hij had twee letters verwisseld. Daarom schreef hij er een excuus achter: "Voor X, ik bedoel natuurlijk Y...".
Er waren ook auteurs die weinig woorden aan mij vuil maakten. Zoals Maarten 't Hart, die geroutineerd mijn uitgaafjes signeerde en dat was dan dat. Ook Midas Dekkers had niet veel tekst, hij vond die paar boekjes van mij wel mooi, of niet natuurlijk, en signeerde ze vriendelijk zonder veel poespas. Evenals Saskia Noort (was ik vorige keer vergeten te noemen), van haar had ik alleen het cadeauboekje in het kader van de Maand van het Spannende Boek, en dat vond ze dan toch wel leuk: "Die boekjes worden natuurlijk steeds zeldzamer".
Terzijde: toen ik in het rijtje stond voor Midas Dekkers moest ik even denken aan ex-blogger Rick, waarvan ik weet dat het een enthousiast Midas Dekkers-verzamelaar is. Het leek me wel wat voor hem om een paar handtekeningen op te komen halen. Grappig dat hij intussen een reactie heeft geplaatst op mijn vorige berichten waaruit bleek dat hij inderdaad die middag ook aanwezig was.
Van een heel ander communicatief kaliber was Dimitri Verhulst. Ik liet hem - het dreigde een sleur te worden - een Literair Juweeltje signeren en daarnaast natuurlijk de speciale Bijenkorf-uitgave van dit jaar. Hij moest lachen bij het zien van de twee relatief dunne boekjes. "Mijn oeuvre zal nooit heel dik worden", zo verzuchtte hij met Vlaams accent. Ik verzekerde hem dat dat niet hoefde, en ik wees op de stapel boeken naast hem: als je er veel op elkaar legt, is het toch een hele berg. Dat beaamde hij. Daarna complimenteerde ik hem met de titel van zijn boek De helaasheid der dingen. Ik vind die titel geniaal en dat zei ik hem ook: het lijkt wel een gedicht. Na zo'n titel hoef je wat mij betreft het boek niet meer te schrijven, de titel alleen is al genoeg. Hij glimlachte en grapte: "Dat had u mij eerder moeten zeggen, dan had ik mij het schrijven van het boek kunnen besparen...".
De laatste stop voor de uitgang bewaarde ik voor Kader Abdolah. Jammer dat het boekenweekgeschenk 2011 nog niet uit was, maar gelukkig had ik nog wat andere werkjes van hem om te laten signeren. We raakten aan de praat over Iran, waar ik als kind 3 jaar heb gewoond. Hij vroeg belangstellend waar ik had gewoond en hij werd er zowaar enthousiast van - hij kende de streek. Ik vertelde dat mijn vader daar in de olie-industrie had gewerkt en dat was voor hem gelegenheid zijn nieuwste boek De Koning aan te prijzen: "Dat gaat over de modernisering van het land en het begin van de oliewinning, en de strijd die daarmee gepaard ging". Dat kon ik natuurlijk niet op mij laten zitten en ik kocht onmiddellijk twee exemplaren: een voor mijn ouders, en een voor mijzelf. In het exemplaar van mijn ouders staat nu de opdracht "Voor mijn (bijna) landgenoten X en Y. Van Kader Abdolah".
En nu zijn we aan het einde gekomen van de trilogie: dit waren mijn belevenissen met de auteurs in de Bijenkorf. Niet dat ik ze allemaal heb ontmoet. Ik ben bijvoorbeeld niet langsgeweest bij Nico Dijkshoorn, Ronald Giphart, Kluun en Marjan Berk. Dat zijn nu eenmaal niet schrijvers waar ik warm van word. Maar gelukkig hadden ze over publiek niet te klagen en zaten ze niet per se op mijn klandizie te wachten. Dat was wel het mooie van die middag in de Bijenkorf: er was voor elk wat wils.
De eerste bij wie ik aanschoof was Jan Siebelink. Van hem had ik vier titels bij me. Ik vertelde al dat verschillende auteurs positief reageerden op de Literaire Juweeltjes die ik bij me had. Kennelijk is dit een aansprekend soort boekje, niet alleen voor verzamelaars, maar ook voor de auteurs. En ook Siebelink vond het leuk er eentje te zien:: "Ach ja, zaailingen..." zei hij, met enige weemoed in zijn stem. Ik vertelde dat ik zijn grote roman Knielen op een bed violen niet had, omdat ik nog op zoek was naar de eerste druk. Volgens Siebelink zou die niet zo moeilijk te vinden moeten zijn: "er zijn toch aardig wat exemplaren van de eerste druk gemaakt". Ik zei dat ik hoopte dat ik de volgende keer een exemplaar door hem kon laten signeren.
Ik was ook even bij Frank Westerman die - u raadt het al - tevreden was over zijn verhaal Stikvallei, dat als Literair Juweeltje was uitgegeven. Hij vertelde dat hij bezig was met een vervolg, of liever een uitgebreide versie van het verhaal als basis voor een roman. We kregen het over het schrappen van tekst, en dat de geschrapte tekst een mooie basis zou kunnen zijn voor een vervolg. "Het valt niet mee om dat in een Literair Juweeltje te krijgen", zei hij tot slot. Ik beaamde dat schrappen moeilijk was, maar dat bedoelde hij niet: "nee, ik heb nogal veel ruimte nodig voor mijn handtekening", zei hij. Ik was mooi even op het verkeerde been gezet.
Daarna shopte ik nog even bij Herman Koch, die wel even zijn wenkbrauw optrok bij het zien van mijn exemplaar van Sadako wil leven, met de opmerking: "deze zie ik nooit bij signeersessies". Ik heb maar niet gezegd dat ik deze ook uit een 1-eurobak heb gehaald, in dit geval die van antiquariaat De Boekenbeurs in Middelburg. Ook deze bijna-verworpene mag zich nu verheugen in een handtekening van de auteur en een mooie plaats in mijn kast. Herman Koch ontdekte in het tweede boek dat hij mijn naam verkeerd schreef - hij had twee letters verwisseld. Daarom schreef hij er een excuus achter: "Voor X, ik bedoel natuurlijk Y...".
Er waren ook auteurs die weinig woorden aan mij vuil maakten. Zoals Maarten 't Hart, die geroutineerd mijn uitgaafjes signeerde en dat was dan dat. Ook Midas Dekkers had niet veel tekst, hij vond die paar boekjes van mij wel mooi, of niet natuurlijk, en signeerde ze vriendelijk zonder veel poespas. Evenals Saskia Noort (was ik vorige keer vergeten te noemen), van haar had ik alleen het cadeauboekje in het kader van de Maand van het Spannende Boek, en dat vond ze dan toch wel leuk: "Die boekjes worden natuurlijk steeds zeldzamer".
Terzijde: toen ik in het rijtje stond voor Midas Dekkers moest ik even denken aan ex-blogger Rick, waarvan ik weet dat het een enthousiast Midas Dekkers-verzamelaar is. Het leek me wel wat voor hem om een paar handtekeningen op te komen halen. Grappig dat hij intussen een reactie heeft geplaatst op mijn vorige berichten waaruit bleek dat hij inderdaad die middag ook aanwezig was.
Van een heel ander communicatief kaliber was Dimitri Verhulst. Ik liet hem - het dreigde een sleur te worden - een Literair Juweeltje signeren en daarnaast natuurlijk de speciale Bijenkorf-uitgave van dit jaar. Hij moest lachen bij het zien van de twee relatief dunne boekjes. "Mijn oeuvre zal nooit heel dik worden", zo verzuchtte hij met Vlaams accent. Ik verzekerde hem dat dat niet hoefde, en ik wees op de stapel boeken naast hem: als je er veel op elkaar legt, is het toch een hele berg. Dat beaamde hij. Daarna complimenteerde ik hem met de titel van zijn boek De helaasheid der dingen. Ik vind die titel geniaal en dat zei ik hem ook: het lijkt wel een gedicht. Na zo'n titel hoef je wat mij betreft het boek niet meer te schrijven, de titel alleen is al genoeg. Hij glimlachte en grapte: "Dat had u mij eerder moeten zeggen, dan had ik mij het schrijven van het boek kunnen besparen...".
De laatste stop voor de uitgang bewaarde ik voor Kader Abdolah. Jammer dat het boekenweekgeschenk 2011 nog niet uit was, maar gelukkig had ik nog wat andere werkjes van hem om te laten signeren. We raakten aan de praat over Iran, waar ik als kind 3 jaar heb gewoond. Hij vroeg belangstellend waar ik had gewoond en hij werd er zowaar enthousiast van - hij kende de streek. Ik vertelde dat mijn vader daar in de olie-industrie had gewerkt en dat was voor hem gelegenheid zijn nieuwste boek De Koning aan te prijzen: "Dat gaat over de modernisering van het land en het begin van de oliewinning, en de strijd die daarmee gepaard ging". Dat kon ik natuurlijk niet op mij laten zitten en ik kocht onmiddellijk twee exemplaren: een voor mijn ouders, en een voor mijzelf. In het exemplaar van mijn ouders staat nu de opdracht "Voor mijn (bijna) landgenoten X en Y. Van Kader Abdolah".
En nu zijn we aan het einde gekomen van de trilogie: dit waren mijn belevenissen met de auteurs in de Bijenkorf. Niet dat ik ze allemaal heb ontmoet. Ik ben bijvoorbeeld niet langsgeweest bij Nico Dijkshoorn, Ronald Giphart, Kluun en Marjan Berk. Dat zijn nu eenmaal niet schrijvers waar ik warm van word. Maar gelukkig hadden ze over publiek niet te klagen en zaten ze niet per se op mijn klandizie te wachten. Dat was wel het mooie van die middag in de Bijenkorf: er was voor elk wat wils.
Abonneren op:
Posts (Atom)








