Posts tonen met het label boekenveiling. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boekenveiling. Alle posts tonen

15 januari, 2026

365 - Karakter

Er zijn van die iconische boeken die iedereen met een beetje collectie wel in de kast heeft staan, maar meestal niet in eerste druk. Als je een favoriete schrijver hebt en je wilt diens werk volledig in de kast hebben staan, dan is er altijd zo'n boek waarvan de eerste druk langzamerhand onbetaalbaar wordt. Het is dan de vraag of je het er nog voor over hebt om het geld er aan uit te geven. Maar hoe langer je verzamelt en hoe meer van de overige titels van diezelfde auteur in onberispelijke staat in je kast staan, hoe waarschijnlijker het is dat je toch bereid bent diep in de buidel te tasten voor dat laatste puzzelstukje. De begeerte bouwt zich op over meerdere jaren.

Zeker als je zoals ik een collectie Nederlandse literatuur hebt, zijn dat soort titels meestal goed binnen bereik. Een kwestie van veilingen volgen, nieuwsbrieven van antiquariaten spellen, Marktplaats in de gaten houden en dan lukt het wel. Maar er zijn altijd uitzonderingen. Soms is het gewoon een kwestie van sparen en dan veel geld uitgeven. Zoals ik deed toen ik Nescio's debuut kocht en ik de kwetsbare eerste druk van Dichtertje/De Uitvreter/Titaantjes eindelijk in handen had. Destijds een dure aankoop, maar ik heb er nog geen seconde spijt van gehad en ruimt tien jaar later ben ik er nog steeds heel blij mee.

Een andere klassieker waar ik al jaren op aasde was de eerste druk van Karakter van Ferdinand Bordewijk. En dan liefste een eerste druk met het stofomslag. Al vaak heb ik er op geboden: in 2023 nog werd ik overboden bij Zwiggelaar (ik bood 300, maar het werd afgeslagen op 400) maar ik probeerde het ook al in 2011 bij Bubb Kuyper (toen bood ik heel bescheiden 160 en het werd afgeslagen op 200). Tussendoor heb ik nog een paar keer vergeefs geprobeerd dit boek te kopen. Ik bezat ondertussen wel een exemplaar van de 28e druk (de 'jubileumeditie' uit 1988 toen het boek 50 jaar werd) en een door Adriaan van Dis voorgelezen exemplaar.

Karakter is één van de hoogtepunten in de Nederlandse literatuur. Niet voor niets staat het steevast in de top 10 van 'beste Nederlandse boeken aller tijden' of vergelijkbare lijstjes. En dat was niet helemaal zoals verwacht, want in de jaren '30 had Bordewijk nog niet zo veel commercieel succes met zijn boeken. Bordewijk schreef Karakter in twee maanden in 1937, voor een deel tijdens een vakantie in Engeland. Hij had al eerder een novelle gepubliceerd onder de titel Dreverhaven en Katadreuffe, die een soort voorstudie van Karakter is. Die novelle verscheen in 1928, maar de thematiek van een confrontatie tussen een vader en zijn natuurlijke zoon bleef hem bezighouden en in zijn eigen woorden schreef hij Karakter ‘Uit een behoefte het geval verder uit te diepen, de figuur van Katadreuffe meer kracht in te gieten en meer reliëf te geven, en het geheel op breeder plan te brengen, met diverse bijfiguren’.  In de jubileumeditie die ik hiervoor aanhaalde is Dreverhaven en Katadreuffe opgenomen en het is later ook nog apart verschenen. Het is trouwens niet zo dat een eerste druk van Karakter per se schaars of kostbaar is. Regelmatig worden exemplaren zonder stofomslag aangeboden en die kan je voor minder dan 100 euro aanschaffen. Dan heb je nog steeds een fraai exemplaar in het mooie rode linnen gebonden. Maar het gaat dus om het stofomslag.

Ik was dan ook heel blij toen ik in de najaarscatalogus van Burgersdijk & Niermans opnieuw een exemplaar zag aangeboden. Door het veilinghuis bescheiden ingezet op 80 euro, maar dat had ik vaker gezien. Het exemplaar bij Zwiggelaar in 2023 werd door het veilinghuis geschat op 100-200 euro, maar ging voor het dubbele van de hoogste schatting weg. Ik bereidde mij dus voor op opnieuw een teleurstelling, maar kon dit exemplaar natuurlijk niet laten passeren zonder te bieden. Op hoop van zegen dan maar, en ik liet een ruimhartig bod achter bij het veilinghuis. Ondanks mijn lage verwachtingen zag ik tijdens de live veiling de teller stoppen op 160 euro, waarna het afgeslagen werd. het kon niet anders, of dit boek was van mij en inderdaad kreeg ik een paar dagen later een bevestiging en een factuur in de bus. 

Wat maakt nu dat zo'n exemplaar met stofomslag zo waardevol is? Ook al is dat omslag, zoals in mijn geval, licht beschadigd en zelfs enigszins amateuristisch gerepareerd? Uiteindelijk is het een kwestie van schaarste. Een stofomslag is van oudsher bedoeld als gebruiksvoorwerp en om het boek te beschermen tegen... stof dus. Niet dat een stofomslag daar zo geschikt voor is, want de bovenkant van het boek is onbeschermd. Maar het stofomslag zorgt er wel voor dat de (vaak linnen) binding vrij van vlekken en dergelijke blijft. Voor verzamelaars is het stofomslag onlosmakelijk verbonden met het moment van verschijnen van een boek; het stofomslag is een tijdbeeld en is vaak ook mooi ontworpen. Maar omdat het kwetsbaar is en vaak beschadigt omdat het die beschermende functie heeft, verdwijnen stofomslagen vaak: ze worden weggegooid, ze scheuren en uiteindelijk zijn er maar weinig over. Zeker in het geval het een eerste druk van een vroeg werk van een auteur is, dan is de oplage op zichzelf al relatief klein en de combinatie eerste druk - onbeschadigd stofomslag is dan vanzelf unieker. Een markant voorbeeld is The great Gatsby van F. Scott Fitzgerald. Die eerste druk heeft een iconische afbeelding op het stofomslag. Een exemplaar met stofomslag heeft een waarde van een (paar) ton. Bij het schrijven van dit stukje zag ik een exemplaar van de eerste druk, met stofomslag en een fraaie opdracht van Scott Fitzgerald te koop voor 975.000 dollar... Een identiek exemplaar zonder stofomslag (en ongesigneerd) is nog steeds duur (circa 10.000 euro) maar het stofomslag maakt een exemplaar dus ruim tien keer zo waardevol. Bij Biblio.com vind je een korte introductie over stofomslagen. Perkamentus heeft ooit een mooi bericht geschreven over een Nederlands voorbeeld, Het Achterhuis, waarbij het zeer kwetsbare stofomslag veel waarde toevoegt aan een exemplaar. Perkamentus vergeleek de omslagen en buikbandjes van de eerste, tweede en derde druk van dit boek en vond een aantal interessante verschillen. 


Het stofomslag van Karakter oogt een beetje saai, het is qua opmaak identiek aan het linnen, maar dan in een andere kleur: lichtgrijs papier met rode letters, in plaats van het in het oog springende rood met zwarte letters. Op de voorflap staat een samenvatting van het boek, de achterflap maakt reclame voor andere uitgaven uit het fonds van Nijgh & Van Ditmar, zoals Roelants, Slauerhoff en Vestdijk. 

Ik heb geprobeerd te achterhalen wie de ontwerper was, maar daar is geen informatie over. Uiteindelijk vond ik een artikel van Eric van den Berg in de Volkskrant in 2016, waarin het gaat om de verschijning van het luisterboek van Karakter, voorgelezen door Adriaan van Dis. In dat artikel beantwoordt Robert Gaarlandt, voorzitter van het Bordewijk-genootschap, dit op de vraag naar de ontwerper: 
Niemand die het weet. Het is ook niet meer na te gaan, want het archief van uitgeverij Nijgh & Van Ditmar is bij het bombardement van Rotterdam in de meidagen van 1940 verloren gegaan. 


En als Robert Gaarlandt het zegt, hoeven we verder niet meer te twijfelen. Grappig is wel dat het in dit artikel dus ging over het kenmerkende omslag van Karakter dat ook te zien is bij het luisterboek. Maar het stofomslag is zo onbekend, dat kennelijk alleen het rode omslag wordt gezien als authentiek. In het artikel staat:
De recente luisterboekversie  voegt daar geen nieuwe variant aan toe. Ontwerper Nico Richter besloot dezelfde kleur en dezelfde met de hand getekende letters te gebruiken als op de eerste druk, 'Terug naar de bron, want dat blijft een bijzonder sterk ontwerp'.
Toch had het luisterboek dan eerder een grijze kleur moeten hebben dan een rode kleur. Karakter heeft talloze verschillende omslagen gehad, toch is die rode omslag nog een aantal keer gebruikt. De 8e druk van het boek uit 1948 had hetzelfde omslag en ook de uitgave van de Nederlandse Boekenclub uit 1968 werd in rood uitgegeven, zij het met iets andere letters die ook onderaan het omslag stonden. 

Ik kan in elk geval weer een boek van mijn wensenlijstje afstrepen. Ik zet het in de kast naast de jubileumeditie en het luisterboek, die ik beide ook zal bewaren. Want een verzamelaar heeft zelden genoeg aan één exemplaar van een geliefd boek.



18 januari, 2024

349 - Jaaroverzicht 2023: een struisvogel aan boeken

Zo af en toe geef ik een overzicht van een jaar in boeken. Ik doe dat niet elk jaar, maar soms kijk ik zelf tevreden terug op mijn vondsten en vind ik het leuk de stapel te delen met mijn lezers. De laatste keer was al weer 4 jaar geleden en daarom is het hoog tijd dit weer te doen. Ik werd mede geïnspireerd door de Stichting Desiderata-uitgave die ik net voor het einde van het jaar ontving: Het einde van het boek van Octave Uzanne, zoals altijd fraai vormgegeven en met zorg vertaald door Martin Hulsenboom. Het was de tweede Desiderata-uitgave van dit jaar, eerder verscheen al De pelle humana, over boeken gebonden in mensenhuid. Dat was een uitgebreidere versie van een eerdere uitgave in eigen beheer (die ik uiteraard ook heb). Beide versies van De pelle humana staan nu trots naast elkaar. En hierbij staat nu ook Het einde van het boek. In dit verhaal van Uzanne worden allerlei veranderingen voorspeld die zich op het terrein van het boek gaan voordoen. Met verrassend veel fantasie wordt gesproken over technologische vernieuwingen die ertoe zullen leiden dat het papieren boek gaat verdwijnen. Veel van die voorspellingen - over luisterboeken en digitale boeken - zijn intussen uitgekomen, maar de meest sombere voorspelling over het verdwijnen van het gedrukte boek is gelukkig (nog) niet bewaarheid. Ook ik heb mij dit jaar weer met verve verzet tegen het verdwijnen van het papieren boek.

De teller van de Bibliotheca Scatebra staat inmiddels in totaal op 4.425 titels. Maar hoeveel is er nu bijgekomen in de laatste twaalf maanden? Mijn online catalogus LibraryThing helpt mij goed op weg voor dit jaaroverzicht doordat ik het overzicht gedetailleerd bijhoud en het systeem dit keer een eigen jaaroverzicht genereerde. Daarin staat wat ik heb gelezen en wat ik heb toegevoegd aan mijn catalogus, gesorteerd op datum, genre, auteur, verschijningsjaar et cetera. Inclusief allemaal staaf- en taartdiagrammen. Het is nuttig om te weten dat alle boeken van dit jaar opgestapeld ongeveer de hoogte van een struisvogel hebben en 0,48 Billy aan ruimte vragen. Mijn jaaroverzicht 2023 staat hier. Maar hoe feilloos het systeem ook is, toch is het niet helemaal compleet - en dat komt door mij. Ik heb namelijk niet alleen nieuwe boeken aan mijn catalogus toegevoegd, maar ook verschillende exemplaren vervangen door betere. Latere drukken voor eerste drukken, of simpelweg een mooiere uitvoering. Die staan hier niet tussen omdat het systeem die niet herkent als 'nieuw' (ik heb alleen de beschrijvingen aangepast). En daarnaast loop ik een beetje achter met invoeren. Ik heb nog wat opbrengsten van de laatste veiling van Bubb Kuyper die ik nog niet ingevoerd heb. Invoeren is nogal wat werk omdat ik echt alle details invoer (afmetingen, gewicht, details over paginering, uitvoering, bijzonderheden, etc.).

Alle omslagen van de nieuwe titels in mijn bibliotheek
 

 

Laten we beginnen met de getallen. Ik heb in 2023 178 nieuwe titels ingevoerd in LibraryThing, en nog 12 die liggen te wachten, dus in totaal 190 nieuwe titels. Gemiddeld ruim 3,5 boek per week dus, oftewel om de dag een nieuwe titel. Was het maar zo dat ik om de dag een nieuw boek kreeg, wat zou dat heerlijk zijn! Maar de boeken komen in golfjes: de ene maand twee dozen van een veiling of een tas vol van een boekenmarkt, de andere maand weer niks. Maar die 190 exemplaren, wat zijn dat voor boeken en waar komen ze vandaan?

Mijn leveranciers

Mijn grootste leveranciers zijn nog altijd de boekenveilingen, zij leverden mij 45 titels, Dit jaar haalde ik 30 titels weg bij Bubb Kuyper, 15 titels bij Burgersdijk & Niermans en eentje bij Catawiki.

Bij de najaarsveiling van Bubb Kuyper won ik een paar kavels Nescio met bijna allemaal titels die ik voor zover ik kon inschatten al had, maar die bij nadere beschouwing toch nog wat verrassingen opleverde.

Ik kocht de Nesciokavels vooral omdat in één ervan een genummerde prent van Joost Swarte zat met een illustratie uit Titaantjes. Deze prent kende ik nog niet. Ik wist van het bestaan van een vergelijkbare prent met een illustratie uit De Uitvreter (die zoek ik nog), maar deze wilde ik natuurlijk niet missen. Ik bood hoog op dit kavel en kreeg 'm voor een lage prijs (is Nescio niet meer in trek?). Naast de prent van Swarte vond ik in deze kavels onder meer een paar verbeterde of mooiere exemplaren zodat ik die kon ruilen met exemplaren in mijn collectie. 

Bij het doorbladeren van de boeken was er nóg een verrassing, uit één ervan rolde een linosnede van de hand van Aline E. Jansma met het hoofd van Nescio. Deze had ik nog nooit gezien en ik vond online wel linosnedes van haar hand van andere schrijvers (Multatuli, Oscar Wilde) maar niet deze. Een mooie vondst, die nu staat te pronken in een lijstje bij mijn Nescio-collectie. Verder zat er nog een mij onbekende uitgave tussen van brieven tussen Chr,J, van Geel en Nescio, en een aantal bijdragen over Nescio in literaire tijdschriften zoals De Parelduiker.
Ik had vervolgens een heleboel dubbele Nescio-uitgaven en die heb ik via Catawiki verkocht, waarbij de opbrengst hoger was dan wat ik bij Bubb moest afrekenen.

Naast deze rijke Nescio-oogst kocht ik bij Bubb een mooi kavel met uitgaven van Kurt Löb, een tekenaar die ik zeer bewonder, Ik was erg blij met diverse gesigneerde exemplaren, een paar bibliofiele uitgaven en sowieso mooie uitbreiding van mijn Löb-collectie. Zo kon ik eindelijk de paperback van Flauberts verhaal Bibliomanie (De Mandarijn, 1982) vervangen door een gebonden, genummerde en gesigneerde versie waar ik al een tijdje naar zocht. Heel blij was ik ook met een bibliofiele editie van Reidans van Arthur Schitzler, één van de Romeins genummerde en door Löb gesigneerde uitgaven. Verder kocht ik nog een setje nieuwsjaarsgeschenken van Antiquariaat Klikspaan uit Leiden (waarvan één gebonden luxe-exemplaar) en zoals altijd een paar uitgaven van Stichting de Roos.

Ik kocht 15 titels bij Burgersdijk & Niermans, De meeste daarvan komen uit een kaveltje 'boeken over boeken', met werken van onder meer Huib van Krimpen en Herman de la Fontaine Verwey. Maar ook een paar boeken rondom Laurens Janszoon Coster, waar ik dan ook een uitgebreid blog over schreef. 

Het andere kavel bestond uit nieuwjaarsgeschenken van Stichting de Roos, met ook hier weer een prachtige afdruk van Joost Swarte, die inmiddels tot de meest gezochte nieuwjaarsgeschenken van De Roos hoort. Ik scheef een paar jaar geleden al eens een blog over deze nieuwjaarsgeschenken, die vaak verrassend bijzonder zijn qua inhoud of vormgeving en beslist verzamelwaardig.

Mijn tweede grootste leverancier was zoals altijd Marktplaats. Daar kwamen 34 titels vandaan. Over verschillende daarvan heb ik op dit blog geschreven, zo kwam onder meer de vierdelige serie Hollands Rijkdom van Elias Luzac van Marktplaats, evenals het Elzeviertje, Over beide heb ik uitgebreid geschreven. Ik kocht via Marktplaats ook veel CPNB-uitgaven, zo kon ik voor een mooie prijs een setje luxe boekenweekgeschenken kopen (de genummerde uitgaven in beperkte oplage). Maar ook andere boekenweekuitgaven kwamen van Marktplaats (Friese en Vlaamse boekenweekgeschenken), naast diverse losse boeken. Maar de mooiste vondst die ik deed was waarschijnlijk het ultra-zeldzame officieel niet-bestaande Literaire Juweeltje van Joost Zwagerman: Fijne meisjes, waarvan er misschien maar 10 of 20 bestaan.. Uiteraard schreef ik er een blog over.

De derde grootste categorie zijn cadeautjes. Gelukkig kennen veel mensen mijn behoefte, verjaardagen, sinterklaas of tussentijdse cadeautjes leverden 22 titels op. Hieronder valt ook het jaarboek van het Genootschap van Bibliofielen dat ik van Perkamentus kreeg en de speciale nulde druk van Tommy Wieringa's Nirwana die ik bij de Bezige Bij losbietste.

In kringloop-/tweedehandswinkels kocht ik 27 titels, waaronder 8 bij de geweldige Maastrichtse Boekenkelder onder het toeziend oog van Danny Habets bij de ontmoetingsdag voor boekenbloggers. Boekenmarkten leverden mij 15 titels op, waarvan 13 uit Tilburg waar ik Boeken rond het Paleis bezocht.

Verder kocht ik 21 boeken nieuw in de winkel of bij Bol.com, 6 bij Boekwinkeltjes.nl, 2 bij antiquariaten. 

Mijn genres, series en auteurs

Het belangrijkste genre dat ik dit jaar aan mijn bibliotheek toevoegde is literair proza, ruim 100 titels. Een goede tweede plaats zijn de boeken over boeken, 41 titels in totaal. De rest bestaat uit boeken over historie, filosofie, poëzie en overige uitgaven. 

Qua series heb ik zoals elk jaar trouw elke maand een Literair Juweeltje gekocht. Die serie is inmiddels gestopt zoals ik in mijn blog schreef dus dit is de laatste keer dat deze serie in een jaaroverzicht wordt vermeld (behoudens Fijne meisjes-achtige vondsten). Andere series die ik uitgebreid heb zijn zoals gezegd de boekenweekgeschenken, overige CPNB-uitgaven (Nederland Leest, boekenweekessays, themamaanden zoals Geschiedenis, of Filosofie) en Stichting de Roos.

De populairste auteurs dit jaar zijn gelet op het bovenstaande een niet onverwacht rijtje: Kurt Löb en Nescio heb ik al genoemd. Maar dit jaar was ook een goed Adriaan van Dis-jaar met de verschijning van een aantal nieuwe titels en de aankoop van verschillende bijzondere uitgaven. Op Marktplaats de luxe versie van het boekenweekessay Onder het zink (oplage 250), op Catawiki de luxe editie van de verstripte Familieziek (oplage 150) en van een medeverzamelaar een gesigneerde Duitse editie van De wandelaar. Ik schreef al over de signeersessie die ik bijwoonde, waardoor ik een hele stapel Van Dis-aankopen van de afgelopen jaren heb kunnen laten signeren én ik erachter kwam dat er nog een bijzondere uitgave was verschenen bij Galerie Christian Ouwens. Maar ik was ook bij een signeersessie van Tommy Wieringa, die welwillend een enorme stapel titels signeerde die ik in de afgelopen jaren had gekocht. Het aantal gesigneerde boeken in mijn bibliotheek steeg daarom naar 542.

Verrassend genoeg was er dit jaar geen nieuws van Bordewijk. Dat is voor het eerst in vele jaren denk ik, ik weet altijd wel iets leuks van of over Bordewijk op de kop te tikken. Ik heb het geprobeerd: ik heb op verschillende veilingen toch wel fors geboden op een paar ontbrekende stukjes in mijn Bordewijk-collectie. Maar ik werd helaas steeds afgetroefd. Jammer, maar ik reken volgend jaar op meer succes.

De verrassingen

Het leukste aan verzamelen zijn de onverwachte vondsten en de onverwachte ontmoetingen. Daarvan waren er dit jaar in elk geval genoeg en dat waren dan ook de hoogtepunten van het jaar. Die keer dat ik in een Vlaamse boekhandel een gesigneerd exemplaar van het nieuwste boek van Ian McEwan, Lessons, vond. Een toevalstreffer in een kleine boekhandel in Turnhout! Al die onverwachte vondsten op Marktplaats, zoals Fijne meisjes, luxe boekenweekgeschenken of langgezochte literaire uitgaven. Ik vond het bijzonder om de boeken van Elias Luzac op Marktplaats te vinden, eindelijk George Orwells Bookshop Memories in de uitgave van Arethusa Pers in de kast te kunnen zetten en mijn boeken-over-boeken collectie uit te kunnen breiden naar 451 exemplaren. De uitgaven van Stichting Desiderata droegen er aan bij, maar ook de boekjes van Garrelt Verhoeven over zijn verzamelwoede, de briefwisseling tussen Dik van der Meulen en Alexander Reeuwijk Mesjogge bezitsdrang en het hilarische boekje van Harry Pallemans met de titel Vandaag in de boekhandel, een sleutelroman over een uitgeverij.

De kosten

Wat kostte deze verzamelwoede van mij uiteindelijk? Ik houd mijn kosten niet bij (maar wie details zoekt leze de maandelijkse overzichten van Perkamentus onder de titel Het jaar geboekt). Ik probeer wel steeds mijn budget te beheersen door overtollige boeken uit veilingkavels te verkopen en/of te verdienen op marktplaatskoopjes of boekenmarktvondsten. Daardoor kon ik dit jaar 22 kavels op Catawiki zetten en als ik daarin terugkijk bestaat ongeveer de helft uit dubbele boeken van veilingen die ik doorverkocht, en de andere helft uit kringloop- en marktplaatsvondsten die ik voor meer geld kon doorverkopen. En natuurlijk ben ik dankbaar voor al degenen die mij boeken cadeau deden. Hoewel ik dit jaar bruto circa 1800 euro aan boeken uitgaf, heeft dit boekenjaar mij netto naar schatting €650 gekost. Onder aan de streep zo'n 3,50 per boek. Geen geld voor zoveel moois en op deze manier is mijn toch wel uit de hand gelopen hobby ook dit jaar nog enigszins betaalbaar gebleven.

15 mei, 2023

343 - De beste catalogus uit Leiden in jaren...

... is de tekst van een tweet die ik stuurde in antwoord op de mededeling van Perkamentus dat hij een mooi kavel had gewonnen bij veiling 357 van het Leidse veilinghuis Burgersdijk en Niermans, de voorjaarsveiling van 2023. Daarmee doe ik het veilinghuis natuurlijk veel te kort, want B&N heeft over het algemeen in elke veiling een mooie en veelzijdige catalogus met een fraai aanbod. Of het deze keer objectief "de beste" was, is natuurlijk niet te zeggen. Alleen, dit keer was sprake van een catalogus die meer dan anders aansloot bij mijn verzamelgebieden, wat ongetwijfeld te maken had met het feit dat de catalogus boeken bevatte uit de collecties van Jos Swiers en Wim Zaal. Met als gevolg dat de rubrieken Literatuur, Geïllustreerde boeken, Bibliografie en Bibliofilie uitstekend gevuld waren zodat ik veel moeite had om een keuze te maken uit de vele prachtige kavels met boeken. 

Zoals altijd nam ik mij voor om vooraf schriftelijk te bieden en niet mee te gaan in het live bieden. Ik vertrouw mijzelf daarin onvoldoende en ben waarschijnlijk een type dat uiteindelijk voor teveel geld boeken koop. Na langdurige lezing en herlezing van de catalogus besloot ik op 14 kavels te bieden. Een mix van boeken over boeken, Nederlandse en vertaalde literatuur en bibliofiele uitgaven. Op alle 14 kavels bood ik in mijn ogen een meer dan redelijk bedrag, waarbij ik toch ook wel hoopte dat ik niet alles zou winnen want dan waren de financiële gevolgen niet te overzien. Die hoop kwam uiteindelijk weer iets te goed uit want nadat de laatste hamerslag van de veilingmeester had geklonken bleek in het bezit te zijn gekomen van 4 kavels. Wat ik ook wel weer een beetje weinig vond. Het blijft jammer te constateren dat sommige kavels waar ik mijn zinnen op had gezet voor een veel hoger bedrag dan de geschatte opbrengst weggingen terwijl in mijn ogen vergelijkbare kavels voor maximaal de geschatte prijs zijn geveild. Ik had dat liever anders gezien... 

Wat beelden uit deze veiling

Tussen de vele kavels waren er verschillende echt bijzondere. Vooraf was er aandacht voor de schets van Van Gogh van een koffiedrinkende oude man. Geschat op €80.000 werd deze afgehamerd op €220.000. Er werden ook twee eerste drukken van Het achterhuis geveild. De eerste was het "Goudse exemplaar", een geschenk van Miep Gies aan de verzetsheld Martin Mobach. Dit exemplaar was ooit voor een euro gevonden op een boekenmarkt. Ingezet op €4.500 is dit exemplaar voor €11.000 in het bezit gekomen van een Amerikaanse bieder. Het tweede exemplaar is ook een eerste druk, maar zonder bijzondere provenance en ook van iets mindere kwaliteit. Geschat op €3.200 bleef het onverkocht. Ik hoop nog wel eens op zo’n vondst, maar ik ben nooit verder gekomen dan een derde druk voor een euro, die via Marktplaats toch weer 35 euro opbracht.
Ik heb op deze veiling onder andere een paar aanvullingen op mijn collectie Stichting de Roos gekocht (zie onder), maar veel van de aangeboden De Roos-uitgaven had ik al in bezit. Wat mij opviel was dat op een exemplaar van het Book of Psalms uit 1947 fors geboden werd. Deze uitgave verscheen in 1947, als zesde uitgave van De Roos. De typografie werd verzorgd door Jan van Krimpen, die de exemplaren ook signeerde. Voor zover ik kan zien was dit niet per se een heel bijzonder exemplaar - behalve dat in het algemeen dit als één van de fraaiste uitgaven van De Roos wordt gezien. Het veilinghuis schatte dit boek dan ook op €150, een redelijk bedrag voor dit boek op een veiling. Niet al te lang geleden werden een paar exemplaren bij Bubb Kuyper geveild, die ook werden ingezet op 150 en elk €230 opbrachten. In 2008 kocht ik mijn exemplaar eveneens bij Bubb Kuyper, toen voor €170. Maar deze keer werd het boek afgehamerd op €550.

De kavels die ik niet won

Tien niet gewonnen kavels waren er op deze veiling. Het meest jammer vond ik het missen van de uitgave van Richard de Bury's Philobiblon uitgegeven door de Carbolineum pers in 2006.  Dit zou mooi passen bij mijn collectie Philobiblon's. Het exemplaar dat werd aangeboden kwam uit de collectie van Jos Swiers. De inzet was €120 en ik bood ruim meer dan het dubbele voor dit boek. Maar helaas werd het uiteindelijk afgehamerd op €450 en dat was voor mij toch echt te gortig. Ook een paar andere Carbolineum-uitgaven gingen aan mij voorbij. Zoals het kavel met onder meer de uitgave Ton Kok. 60 jaar antiquaar en Een wandeling langs Leidse boekhandels. Ging uiteindelijk voor €300 weg, net boven mijn hoogste bod. 

Een ander kavel dat ik misliep was de complete serie jaarboeken van de Nederlands Genootschap van Bibliofielen, aangevuld met een set Jaarboeken voor Nederlandse Boekgeschiedenis. Het ging mij met name om de eerste set. Ik mis namelijk nog twee delen daaruit: het jaarboek 2019 en het register op de eerste 10 uitgaven (en de kartonnen hoes rondom de eerste 10 uitgaven).  Mijn idee was om die eruit te halen, de rest door te verkopen en dan zo ongeveer break-even te spelen. Maar dat ging dus helaas niet door en de twee delen uit de serie blijven op mijn verlanglijstje staan.

De kavels die ik wel won

Ik had niet heel lang nodig om te treuren over de gemiste kavels, toen ik de zaterdag na de veiling mijn nieuwe boeken in een zonovergoten Leiden ging ophalen. Ik zal de komende blogs nog wat nieuwe aanwinsten voorstellen. Heel blij ben ik in elk geval met een paar aanwinsten in mijn collectie De Roos. Waarschijnlijk allemaal uit het bezit van Jos Swiers, enkele uitgaven waren nog aan hem geadresseerd. Ik koop mijn Rozen nog steeds het liefst tweedehands. Weliswaar heb ik dan geen eigen nummer, maar ik sprokkel de hele serie zo toch redelijk voordelig bij elkaar. 

Deze keer kocht ik onder meer de fraaie uitgave Helmut Salden Uncovered 1:1. Deze uitgave verscheen in het jubileumjaar van Stichting de Roos (de Stichting bestond 75 jaar). Helmut Salden Uncovered 1:1 toont schetsen en werktekeningen voor boekomslagen van 1939 tot 1970, gereproduceerd op ware grootte. Helmut Salden was een jonge boekontwerper en typograaf uit Essen, die voor de nazi’s naar Nederland was gevlucht. Hij werd na de Duitse inval gearresteerd en ter dood veroordeeld, maar overleefde de oorlog in strafkampen. Na de bevrijding verscheen een lange rij fraaie uitgaven van Salden. Zo is het bekende omslag van Het achterhuis van zijn hand. Hij ontwierp ook Menno ter Braaks Verzameld werk in zeven delen bij Van Oorschot, dat werd bekroond met de Staatsprijs voor Typografie (die later ook werd gewonnen door o.a. Van Krimpen, Witte en Elffers). Maar ook voor Van Oorschots Russische Bibliotheek ontwierp Salden tientallen banden. De met de hand getekende auteursnamen werden zijn handelsmerk. Salden overleed in 1996. Het Huis van het Boek/Museum Meermanno eerde hem in 2018 met een expositie en een goed geïllustreerde publicatie. De door Matthieu Lommen en Karen Polder verzorgde uitgave uit 2020 verscheen zowel bij De Roos (uitgave 191) als in een handelseditie. Mooi is dat bij de Roos-editie het nummer van de uitgave in de stijl van Salden op het omslag staat.

De tweede uitgave van De Roos die ik kocht was van Kester Freriks, Indië, Indonesië en daarna. Dit was uitgave 192 van De Roos. Een prachtige uitgave met daarin naast een essay van Freriks bijzondere illustraties van Margot de Jager. Naast de twee reguliere uitgaven takelde ik ook nog een serie jaarwisselingsuitgaven naar binnen, waarvan de meest bijzondere die voor 2021 is. Dat zijn twee door Joost Swarte getekende persiflages op Kuifje-omslagen, geïnspireerd door de Corona pandemie. Het is een van de weinige De Roos-jaarwisselingsuitgaven die gezocht is, de meeste van die uitgaven blijven vrij onbekend en worden nauwelijks verhandeld. Des te leuker om ze te verzamelen want het zijn over het algemeen typografische pareltjes. Intussen heb ik van de meeste jaren al een exemplaar in bezit. Dat kwam mede door het rijk gevulde sigarenkistje dat ik een paar jaar geleden bij Bubb Kuyper kocht. Met deze jongste veiling kon ik in elk geval, samen met de uitgave van Swarte, weer een paar recente exemplaren aan de collectie toevoegen.

Maar een uitgave van De Roos komt nooit alleen van de veiling, meestal zijn het verzamelkavels die worden aangeboden. Dus voorlopig ben ik wel weer even zoet om via Catawiki de dubbele exemplaren te verkopen. Hopelijk kan ik zo nog iets van de veilingkosten terugverdienen.

01 maart, 2023

341 - Vier eeuwen boekgeschiedenis in drie vuistdikke boeken

De afgelopen weken heb ik mij ondergedompeld in een paar dikke pillen waarin de rol van het boek in de Westerse samenleving uitvoerig aan de orde komt. En dat vanuit het perspectief van (soms individuele) drukkers en boekhandelaars, maar met uitgebreide vertakkingen naar de ontwikkeling van ideeën over de moderne samenleving en de politieke en maatschappelijke ontwikkelingen door de eeuwen heenb. Onbewust werd ik zo meegenomen langs een cultuurgeschiedenis van vier eeuwen - maar met tal van parallellen met de hedendaagse samenleving. Dat is het mooie van geschiedenis, het leert ons uiteindelijk iets over ons leven vandaag. Een mooie opfrisser kortom, niet alleen leerzaam als het gaat om de geschiedenis van de rol van het boek zelf maar vooral de ontwikkeling van de moderne samenleving zoals we die nu kennen. Waarbij de focus bij het lezen verschoof van Zuid-Europa naar het noorden, en uiteindelijk inzoomde op Leiden. Hieronder ga ik in op de drie boeken die ik las. Aanraders zijn het alledrie, maar de lezer moet wél van details houden. In elk van de boeken passeren bijvoorbeeld letterlijk honderden titels de revue, maar ook talloze namen van schrijvers, drukkers en hun tijdgenoten en en passant worden tal van historische feiten aangehaald (en meestal toegelicht). Een aantal van de genoemde titels heb ik nog nagezocht, maar daar ben ik uiteindelijk mee gestopt. Tenzij de aangehaalde titel om een of andere reden historisch interessant was, dan natuurlijk wel. Zoals deze of deze.

15e/16e eeuw

Het boek van King, met op het
omslag iemand die niet
Vespasiano is
Ik trapte af met het recente boek van Ross King, De boekhandelaar van Florence. De boekhandelaar uit de titel is de Florentijn Vespasiano da Bisticci (1421-1498) die uitgroeide tot één van de belangrijkste boekhandelaren uit de 15e eeuw. Hij opereerde op het snijvlak van de belangrijkste ontwikkeling van zijn tijd, de uitvinding van de boekdrukkunst met losse letters. Tot zijn dood bleef hij voorvechter van het maken van manuscripten, met de hand geschreven boeken, die wat hem betreft niet alleen mooiere maar ook inhoudelijk betere boeken opleverde dan boeken die met een drukpers werden geproduceerd. Maar Vespasiano was ook een man die een voorname rol speelde in het ontsluiten van werken van klassieke auteurs, uit de Griekse en Romeinse tijd dus. Hij had contacten met tal van vooraanstaande wetenschappers en machthebbers uit het Italië van die tijd en uit grote delen van Europa, die allemaal de weg naar zijn boekhandel wisten te vinden. Daardoor wist hij waar zich specifieke manuscripten bevonden en kon hij die laten reproduceren voor zijn klanten. Zoals werken van Cicero, Vergilius, Lucanus, Plinius (de Oude en de Jongere), Seneca, Plato of Aristoteles. Het was ook de tijd dat er in heel Europa actief werd gezocht naar verloren gewaande manuscripten omdat de lezers in de renaissance behoefte hadden aan die kennis  - en er werden er aardig wat teruggevonden in kloosters. Deze moesten vervolgens natuurlijk beschikbaar gemaakt worden voor lezers. Vespasiano had een heel bestand aan kopiisten beschikbaar en het proces van het maken van zo'n manuscript, inclusief het vinden van de juiste versie en het corrigeren van fouten, wordt door King uitvoerig uit de doeken gedaan. King maakt vele uitstapjes naar persoons- en plaatsbeschrijvingen, achterhaalt hoe Vespasiano zich staande hield in allerlei politieke intriges door machthebbers uit verschillende kampen te vriend te houden. Tegelijkertijd wordt ook het dagelijks leven in al zijn gruwelijkheid beschreven, waaronder moordpartijen in de openbare ruimte wanneer een machtsgreep faalt. Inclusief triomfantelijk rondgedragen hoofden. Om nog maar te zwijgen over de gevolgen van de pest. Maar ook de val van Constantinopel en de korte aanwezigheid van veroveraar Mehmet II op het Italiaanse vasteland worden uitvoerig besproken. Die Mehmet II blijkt trouwens een verzamelaar van manuscripten te zijn geweest, die niet toeliet dat waardevolle manuscripten werden vernietigd. Mooi is de beschrijving van Vespasiano's betrokkenheid bij het vullen van de bibliotheek die door Cosimo de' Medici werd gesticht: hij zou hiervoor ruim 200 (handgeschreven)  werken leveren. Dit was overigens slechts één van de prestigieuze opdrachten die hij uitvoerde, omdat hij bekend stond om de kwaliteit die hij leverde en dat was voor hooggeplaatste opdrachtgevers van essentieel belang wanneer ze een vooraanstaande bibliotheek wilden opbouwen. King schetst dat als er dan al gedrukte boeken bijkwamen, deze in een aparte ruimte werden bewaard (want minder van kwaliteit).

Wat ik leerde uit dit boek is dat er in de late middeleeuwen in Europa veel en veel meer manuscripten werden gepubliceerd (=geschreven) dan gedacht. Van de meer dan 10 miljoen exemplaren die tijdens de jaren 500-1500 werden geproduceerd, werden bijna de helft tijdens de vijftiende eeuw geschreven. Tussen 1400 en 1470 liet elk decennium een exponentiële stijging van geschreven manuscripten noteren (dus ook nog na Gutenbergs doorbraak). En ook dat het met de geletterdheid in de late middeleeuwen op zich wel meeviel, hoewel het opbouwen van een bibliotheek naast leesvaardigheid behoorlijk wat kapitaal vroeg. Duidelijk is ook dat het even duurde voordat de drukpers echt een succes werd en zich wijd verspreidde over Europa, ondanks dat boeken goedkoper werden. De techniek was nog jong en complex en de investeringen hoog. Het snijden van de matrijzen, het gieten van de letters en het vastzetten ervan in een raam – telkens rekening houdend met het spiegelschrift – vergden nauwkeurigheid en oplettendheid. Om twee à drie pagina’s te zetten rekende men op een werkdag van veertien uur. Het is dus niet verwonderlijk dat er na 1500 nog steeds boeken werden (over)geschreven. Pas vanaf het einde van de eeuw begon de boekdrukkunst het volledig over te nemen. Maar zelfs toen was het nog zo dat (over)schrijvers en illuminatoren nog steeds voldoende werk hadden omdat ze de gedrukte boeken nog altijd rubriceerden en verfraaiden met verluchte beginletters. Wat King ook schetst is dat veel van de eerste drukkers failliet gingen omdat het toch moeilijk was een winstgevend bedrijf op te zetten. In mijn beleving was het met manuscripten vrij snel afgelopen, maar het duurde dus enige decennia voordat het gedrukte boek het pleit won. Talloze titels die in de tweede helft van de 15e eeuw van de drukpers rolden bestaan overigens niet meer. De titels zijn te herleiden uit drukkerscatalogi en andere geschriften, maar de boeken zelf zijn er niet meer. De oplagen waren vaak ook laag: een oplage van 300 was al heel wat in die tijd. Eeuwen van oorlog en conflict hebben helaas tot grote verliezen van dit culturele erfgoed geleid, ook al was het bezit van zo'n gedrukt boek destijds best bijzonder. Niet zozeer voor de rijke bovenlaag (die zagen immers meer in manuscripten) maar vooral voor burgers die nu wellicht voor het eerst toegang kregen tot geschreven boeken. 

Natuurlijk besteed King vooral aandacht aan de situatie in Florence en daardoor komen de ontwikkelingen in andere steden - zoals Venetië, waar iemand als Aldus Manutius uiteindelijk een voorname rol speelde - maar beperkt in beeld. Desondanks is juist de keuze voor Florence en Vespasiano in het bijzonder goed te volgen. Vespasiano bevond zich op het kantelpunt van een historische ontwikkeling, op de plek waar de renaissance volop bloeide. Daardoor kan zowel gedetailleerd het komen en gaan van bezoekers in een boekwinkel worden geschetst, en tegelijkertijd het verhaal van de renaissance als geheel worden verteld. Ook wordt duidelijk dat Florence achterbleef op de ontwikkeling, en misschien kwam dat ook wel door Vespasiano. Waar in andere steden al snel drukkers hun plaats innamen (steden als Venetië, maar ook Bologna en Padua) was dat in Florence anders. Misschien wel omdat Vespasiano als geen ander in staat was zijn klanten te bedienen met de juiste boeken, van de juiste kwaliteit op het juiste moment. Ook al kostte het gedrukte boek 80% minder dan een manuscript, de belangrijkste afnemers van boeken waren kennelijk zo tevreden dat er nauwelijks prikkel was om over te stappen op het gedrukte boek. Maar uiteindelijk werd ook Vespasiano ingehaald door de tijd en toen de eerste drukkerij vanuit klooster San Jacopo di Ripoli voet aan de grond kreeg en succesvol werd, trok hij zich terug op het platteland om van zijn oude dag en zijn geschreven boeken te genieten.

Dit is niet het eerste non-fictie boek van Ross King over de renaissance. Hij schreef ook al boeken over Leonardo da Vinci en Michelangelo. Duidelijk is dat hij goed in de materie zit en hij is in staat het tijdperk levendig te beschrijven en tegelijkertijd is duidelijk dat hij grondig onderzoek heeft gedaan. Van de 525 pagina’s in het boek zijn er 74 gewijd aan eindnoten, bibliografie en index. Een fraaie bespreking van het boek van de hand Patrick Praet vind je hier.

16e/17e eeuw

Daarna last ik het boek van Andrew Pettegree en Arthur der Weduwen, De boekhandel van de wereld. Met dit boek richten zij de schijnwerper op de Gouden Eeuw in Nederland en proberen zij te achterhalen hoe groot de productie van de drukkers was in die tijd en wat de invloed was van deze productie in andere landen. Mede door dit boek werd Pettegree de winnaar van de Menno Hertzbergerprijs 2023. In het boek van King ging het ook al af en toe over de ontwikkelingen in het gebied dat we nu kennen als Nederland, maar nog wel in de zijlijn. De focus lag daar, naast Italië, meer op Duitstalige landen omdat daar de eerste ontwikkelingen op het gebied van drukpersen plaatsvonden. In dit boek wordt echter ingezoomd op de productie van boeken vanuit het Nederlands grondgebied. Niet alleen als het ging om de fraaie folio-uitgaven die we vandaag nog in allerlei bibliotheken vinden, maar vooral met het oog op al het inmiddels verdwenen drukwerk: schoolboeken, almanakken, schotschriften, pamfletten, aanplakbiljetten, religieuze literatuur en al dat soort producties. Hoeveel verschillende uitgaven werden gedrukt in welke oplages? Waarom werden deze gedrukt? Hoeveel was dit in totaal? Hoe verdienden drukkers hun geld en waar kwam dat geld vandaan? Wat had de gemiddelde burger op de plank staan en hoeveel werd besteed aan lectuur? Het levert een fascinerend inzicht op als het gaat om de publicaties die in de 17e eeuw het daglicht zagen. De auteurs komen tot duizelingwekkende getallen als het gaat om gepubliceerde titels, en de overgrote meerderheid daarvan is inmiddels verloren gegaan. Want heel veel van wat gedrukt werd, was bedoeld om intensief en kortstondig gebruikt te worden. Zoals schoolboeken en almanakken, maar ook de vele pamfletten in het politieke debat van die tijd. Het werd daarom niet bewaard en niet verzameld en is - uitzonderingen daargelaten - verdwenen. Toch weten de auteurs uit allerlei bronnen te herleiden wat er zoal gepubliceerd werd, en wat het effect daarvan was op de samenleving. De titel verwijst naar de unieke positie van drukkers en boekverkopers in de 16e eeuw in heel Europa, maar ook tot in het net veroverde Amerikaanse vasteland.


Wat ik leerde uit dit boek was veel. Bijvoorbeeld dat het karakter van Nederlanders - en dan vooral als het gaat om de twistzieke kant ervan en de neiging tot polariseren - weinig is veranderd. De auteurs laten zien hoe er diverse pamflettenoorlogen woedden waarbij, soms ook tot verbazing van buitenlandse bezoekers, iedereen met een mening deze meende te moeten publiceren in allerhande publicaties. Daarbij werden opruiing, fake-news en complottheorieën niet geschuwd, met soms desastreuze gevolgen (denk aan de dood van de gebroeders De Witt en Van Oldenbarnevelt). Het was het Twitter van de 17e eeuw, net zo grimmig en net zo anoniem als in de 21e eeuw. Wat ik ook leerde was hoe het systeem van stadsdrukkers functioneerde, wat de rol van de stadsaanplakker was (zoals de verplichte dagelijkse rondjes en hoe lang een biljet moest hangen - en hoe hoog de boete is als je een locatie overslaat) en hoe boekproductie in het algemeen plaatsvond. Of welke verplichte boeken aan boord van VOC-schepen waren, zoals die Willem Barentsz bij zich had tijdens zijn overwintering op Nova Zembla. Maar ook het boekenplankje van Rembrandt komt aan bod. De auteurs hebben gemeentelijke archieven, krantenadvertenties, veilingcatalogi, bibliotheken en andere bronnen doorzocht om een zo goed mogelijk inzicht te krijgen. Duidelijk is dat de Republiek in die tijd niet alleen  hyperkapitalistisch was maar ook tamelijk corrupt en in elk geval zonder al te veel scrupules handel dreef. De vaderlandse drukkers en boekverkopers vonden het geen probleem om met gerichte acties Engelse en Franse vakbroeders het faillissement in te jagen en bepaalde vakgebieden internationaal te domineren. Zo zijn er fascinerende inkijkjes in de rol van de beroemde firma Elzevier en wat zij zoal op voorraad hadden - en waarom. Ondertussen krijgt de lezer ook nog wat achtergronden mee over de verschillende oorlogen met Engeland, de politieke, religieuze en economische ontwikkelingen in de Republiek en korte biografieën over de hoofdpersonen. Een schat aan informatie over de periode waarin het Nederland zoals we dat nu kennen gevormd werd.

Dit boek was iets dikker dan de vorige (608 pagina’s), waarvan 506 pagina’s tekst en 102 pagina’s afbeeldingen, eindnoten, bibliografie en namenregister. 

18e eeuw

Het laatste boek dat ik las was Elie Luzac. Boekverkoper van de Verlichting. Dit is al een wat ouder boek, uit 2005, en het was de dissertatie van Rietje van Vliet. Waarschijnlijk is om die reden dit het boek met de meeste bronvermeldingen: behalve 472 pagina’s met de eigenlijke tekst, zijn er maar liefst 226 pagina’s met noten, 9 bijlagen, namenregister en bibliografie. In dit boek ligt de focus bijna geheel op Leiden. Natuurlijk gaat het ook om de ontwikkelingen in en rond Nederland in breder perspectief, maar het focuspunt is het effect op de Leidse samenleving, Leidse boekhandelaars en in het bijzonder het leven van deze boekverkoper en politiek activist Elie Luzac. Die trouwens - net als bijvoorbeeld Vespasiano een paar eeuwen daarvoor - deel uitmaakte van een internationaal netwerk wetenschappers en invloedrijke personen, die er aan bijdroegen dat hij de status en positie kreeg als vooraanstaande boekverkoper. Ook in dit boek wordt via de beschrijving van het leven en het werk van een concrete persoon een mooie beschrijving gegeven van de maatschappelijke context waarin Luzac leefde en werkte, de spanningen op dat moment en hoe het boek als verspreider van ideeën een functie had in die samenleving. Luzac was een slimme man die een goede neus had voor wat zijn lezerspubliek zocht. Hij beperkte zich tot wetenschappelijke werken, maar wist tal van auteurs aan zich te binden waar hij goed aan verdiende. Tegelijkertijd was zijn invloed op zijn eigen fonds groot: hij gaf veel van zijn eigen werk uit, of hij redigeerde teksten van auteurs in zijn fonds. 

Een publicatie van Luzac
Ook van dit boek leerde ik weer heel veel. Ik merkte dat ik nog redelijk kon aanhaken bij de beschreven historische gebeurtenissen in de eerste twee boeken, van de 15e tot de 17e eeuw. Maar de 18e eeuw bleek bij mij een behoorlijk blinde vlek. Van Vliet gaat gedetailleerd in op de rol van Luzac in de voortwoekerende strijd tussen patriotten en orangisten. Zij beschrijft de effecten van de stadhouderloze tijdperken op de boekverkoop en -productie. Maar ik moest echt even opzoeken hoe dat nou zat met de Oostenrijkse Nederlanden, de Pruisische inval, de rol van Frankrijk (en de Franse revolutie) versus Engeland en natuurlijk de burgeroorlog die in die tijd in Nederland uitbrak. Of wie Christiaan Wolff ook al weer was en wat de Wolffianen nu precies voorstonden. De parallel met de eeuw hiervoor was voor mij toch wel de onvoorstelbare publicatiedrift via pamfletten, plakkaten en boeken van een brede groep in de samenleving. Net als in de Gouden Eeuw bestookten individuen en groepen elkaar met grote hoeveelheden teksten, waarbij het waarheidsgehalte niet altijd relevant was. Het leerde mij dat die pennenstrijd in de samenleving niet iets geïsoleerds was in de tijd van het ontstaan van de Republiek, maar dat dit eeuwenlang doorging en kennelijk dus in de Nederlandse volksaard zit. Zoals eerder geconstateerd: tot op de dag van van vandaag. De rol van de Staten bij het geven van toestemming voor publicaties (het kopijrecht), hoe dat recht verhandeld werd en hoe daar in de praktijk mee werd omgegaan was ook een boeiend aspect in dit boek. Verschillende hoofdpersonen uit de 18e eeuw ken ik wel, maar nu kreeg ik meer context. Zo wist ik bijvoorbeeld niet dat de Amsterdamse historicus Jan Wagenaar zo’n felle tegenstander van Luzac was en dat ze elkaar voortdurend schriftelijk onder vuur namen.

Van Vliet schetst de economisch neergang van de Republiek in die periode, wat natuurlijk ook effect had op de boekhandel. Het contrast met de Gouden Eeuw was groot: niet alleen verloor de boekensector haar positie in Europa, maar de veelgeroemde vrijheid van denken en drukpers in de Republiek werd ook steeds minder. Sterker nog: omwille van politieke allianties (Frankrijk respectievelijk Engeland niet boos maken) werden tal van publicaties verboden en werden boekhandelaren actief vervolgd als zij verboden lectuur verhandelden. Maar afhankelijk van wie er aan de macht was (orangist of patriot), werden de publicaties van de andere partij verboden. Luzac, als overtuigd orangist, had in de patriottentijd veel last van zijn overtuigingen. Hij is zelfs een keer mishandeld voor zijn overtuigingen, maar ook klanten meden zijn winkel tegen het einde van de 18e eeuw. Zelf was hij een groot pleitbezorger van vrijheid van meningsuiting en vrijheid van drukpers, totdat ook hij zag dat er soms grenzen werden overschreden. Waar Pettegree en Der Weduwen tegen het einde van hun boek al laten zien dat de Gouden Eeuw daadwerkelijk op zijn eind loopt, wordt in het boek van Van Vliet de neergang (als het gaat om de rol van de Republiek op de Europese boekenmarkt) uitvoerig beschreven.

Tot slot

Het was grotendeels toeval dat ik deze boeken in deze volgorde las. Ze lagen op mijn stapel te lezen boeken en ik vond dat het er tijd voor was. Maar uiteindelijk was het een fascinerende leeservaring en een mooie reis door de geschiedenis. Elk van de boeken heeft als belangrijke waarde dat de ontwikkeling van de boekcultuur in de bredere historische context wordt geplaatst en verlevendigd wordt met fascinerende portretten van personen uit die tijd. Mijn hoofd zit nu vol met nieuwe feiten en inzichten. Maar ook met verlangen naar boeken die ik nooit zal bezitten, omdat ze simpelweg niet meer bestaan of onbetaalbaar zijn.

02 januari, 2023

339 - Verrassende veilingvondst: Nescio

Vaste lezers van dit blog weten dat ik trouw verslag doe van mijn ervaringen bij boekenveilingen: de blijdschap wanneer ik mooie kavels heb gewonnen en langgezochte boeken aan mijn collectie kan toevoegen en de teleurstelling wanneer ik achter het net vis. Dat laatste komt trouwens vaker voor dan het eerste want ik probeer live meebieden met veilingen te vermijden om geen slachtoffer te worden van de gekte in de veilingzaal en zo meer te betalen dan ik eigenlijk zou willen of kunnen. Ik breng in de regel vooraf een schriftelijk bod uit en hoop er dan maar het beste van. Meestal loopt dat slecht af, maar regelmatig hou ik er toch een paar mooie boeken aan over.

Zo ook dit najaar bij de veilingen in november en december. Op basis van de catalogi van Bubb Kuyper, Zwiggelaar, Burgersdijk en Niermans en Van Stockum had ik in totaal op circa 25 lots geboden. Daarvan won ik er drie - ogenschijnlijk de opmaat voor een heel teleurgesteld stukje. Maar dat is dit niet, want ook dit najaar blijkt dat het niet gaat om de kwantiteit, maar vooral om de kwaliteit van het gekochte.

De aangename verrassingen hebben voor het grootste deel betrekking op Nescio. Ik kocht dit jaar twee kavels met Nescio-uitgaven: één bij Burgersdijk en Niermans en één bij Zwiggelaar. Het leverde een mooie uitbreiding van mijn collectie op.

Een voorloper/inspirator van Nescio?

Bij Burgersdijk en Niermans kocht ik een exemplaar van de curieuze uitgave Studentenhaver van Tjebbo Franken. Dat dit boek wordt gelinkt aan Nescio heeft te maken met een artikel van Sander Bink op de website rond1900.nl, waarin wordt betoogd dat het boek Studentenhaver mogelijk een inspiratie is geweest voor Nescio bij het schrijven van zijn debuut. NRC Handelsblad pikte dit verhaal op en publiceerde er over in 2013 (achter betaalmuur maar hier is een omleiding).

Tjebbo Franken (1883-1966) was een Haarlemse arts en schrijver. Hij studeerde rond 1900 in Amsterdam en was daar lid van de in 1902 opgerichte studentenvereniging P.A.L.L.A.S. Franken heeft verschillende boeken op zijn naam staan over uiteenlopende onderwerpen, zoals Het bloembollenboek (1930) maar ook een roman over Frans Hals en het boek Tusschen leven en dood. Lief en leed uit een dokterspraktijk (1929). Die laatste titel bevat een serie schetsen over gebeurtenissen in zijn dokterspraktijk. Dat genre was hem niet vreemd, want voor het blad Propria Cures schreef hij kort na de eeuwwisseling diverse schetsen uit het studentenleven, à la Klikspaans Studenten-typen, maar dan uit het fin de siècle. Kort na 1900 werden deze gebundeld in Studentenhaver. Uit het Amsterdamsche Studentenleven (Amsterdam, Scheltens & Giltay). Mogelijk in 1909, hoewel de KB vermeldt dat het boek ca 1902 verscheen. Het staat echter als "nieuw verschenen" in 1909 in verschillende uitgaven voor boekhandelaren. Overigens is het boek opgedragen aan P.A.L.L.A.S.

Sander Bink betoogt dat met name de schets van het "'t Mode-dekadentje" in de bundel en ook het verhaal "Bohémien" (zie afbeelding) opvallende parallellen met het werk van Nescio laten zien. Hij schrijft: 

Ze hebben namelijk her en der wel wat weg van het werk van Frankens leeftijdsgenoot Nescio, met name vanwege de licht weemoedige Amsterdamse setting, het constante gebruik van ‘-ie’ (‘had-‘ie’, ‘werd-‘ie’, ‘gaf-‘ie). Een verschijnsel dat wij hier eerder ‘proto-Nescio’ noemden, maar het is wellicht juister om te zeggen dat Nescio, die rond 1900 in Amsterdam studeerde en werkte, in zijn taal waarschijnlijk meer bij zijn schrijvende omgeving aansloot dan doorgaans gedacht wordt. Dat hij met kop en schouders boven zijn schrijvende tijdgenoten uitsteekt blijft daarmee onveranderd. Opvallende parallel zijn ook de verkleinwoordjes, al dan niet in de titels van de verhalen: ‘bourgeoistje’, ‘renteniertje’, ‘doktertje’, ‘dekadentje’. (...) ‘Japi’ heet Nescio’s legendarische uitvreter, wiens verhaal voor het eerst in De Gids van januari 1911 werd gepubliceerd, die de volmaakte bohémien wil zijn. ‘Jaapie’ heet Tjebbo Frankens bohémien en over wie ‘Janse, de koekebakker van op de hoek een mening heeft. En als Jaapie plots vertrokken is met ‘s’n tasch en sès skone boorde en z’n tandenborstel en s’n twee nieuwe overhemde’ vreest men: ‘och got meneer, as-ie zich maar niet gaat verdrinke.’ (p.160) ‘Op een zomermorgen om half vijf, toen de zon prachtig opkwam, is hij van de Waalbrug gestapt’ schrijft Nescio over het einde van zijn Japi. (...) Ook Frankens Jaapie is een uitvreter, die ondanks chronisch geldgebrek graag reist. (...) Kortom, een Jaapie, een koekenbakker en een dichtertje in één verhaal dat staat in een in 1909 bij een grote Amsterdamse uitgeverij verschenen boek? Het is op z’n minst een curieus toeval! In ieder geval kan Nescio het verhaal gelezen hebben. Ook is het mogelijk dat Nescio uit dezelfde Amsterdamse studentikoze bron of verhalen daarover heeft geput. Maar kom dáár maar eens achter! Misschien in de archieven van P.A.L.L.A.S of Propria Cures? Wie het kan vinden mag het zeggen. 

Mooie observaties en op zijn minst opmerkelijk. Reden genoeg om deze bundel toe te willen voegen aan mijn Nescio-collectie en ik was blij dat het werd aangeboden bij Burgersdijk en Niermans. Ruim zes jaar geleden werd exact dit exemplaar aangeboden bij Catawiki. Ik herken het aan het ingeplakte ex-libris van Paula Winkler (1889-1939) die het boek in 1909 tot haar eigendom maakte. Toen was de opbrengst 130 euro, nu samen met De Roos-uitgave van Nescio kostte het 100 euro (exclusief veilingkosten). Een verzamelaar die zijn collectie van de hand doet of wellicht is overleden? Het boek geeft er geen antwoord op.

In de uitgebreide biografie over Nescio van Lieneke Frerichs die in 2021 verscheen wordt de wording van de verhalen De uitvreter en Titaantjes uitvoerig beschreven en daarin staat geen enkele verwijzing naar Franken of Studentenhaver. Frerichs laat zien hoe de verhalen van Nescio zich geleidelijk aan ontwikkelden, op basis van verschillende eerdere schetsen. Daaruit blijkt een authentieke ontwikkeling, nog steeds met mogelijke invloed van diverse verschenen verhalen uit die periode maar zonder dat één ervan nadrukkelijk wordt aangewezen. De oer-vorm van Nescio's verhalen was al ruim voor het verschijnen van Franken's boek zichtbaar zo lijkt Frerichs te betogen. 

Een onverwachte luxe editie

Een tweede kavel van Nescio kocht ik bij Zwiggelaar. Bij dit kavel ging het mij eigenlijk vooral om de drie door Joost Swarte geïllustreerde Nescio-uitgaven in een cassette. Ik heb de losse exemplaren al omdat deze onafhankelijk van elkaar waren verschenen, maar later verscheen deze set en die heeft niet alleen de geïllustreerde cassette, maar ook nog een poster met schetsen van Swarte voor deze uitgaven. Oorspronkelijk verscheen deze cassette in 2007, maar toen ben ik vergeten 'm te kopen en sindsdien staat hij op mijn zoeklijst. De nieuwprijs was destijds €35, het enige exemplaar dat nu op boekwinkeltjes.nl staat kost €90. Mijn inschatting is dat ik de overige boeken in dit kavel weer door zou kunnen verkopen, waardoor ik wellicht mijn investering weer terug zou verdienen en uiteindelijk (veel) minder zou uitgeven dan de gevraagde €90 bij boekwinkeltjes.nl. In het kavel bij Zwiggelaar zit immers ook een tweede druk van Nescio's werk, de beroemde uitgave uit 1933 met bandontwerp van P.A.H. Hofman. Het is een van de exemplaren in heellinnen, helaas zonder buikbandje. Na toezending van dit kavel bleek dit exemplaar fraaier te zijn dan de tweede druk die ik zelf heb staan. Hier kon dus een ruil plaatsvinden waardoor de kwaliteit van mijn collectie weer wat is verhoogd.

De grootste verrassing in het kavel bleek echter het exemplaar van Mene Tekel te zijn. Van Mene Tekel heb ik al verschillende exemplaren, zoals de eerste druk uit 1946, de tweede druk uit 1947 met stofomslag en uiteraard ook de door Joost Swarte geïllustreerde editie. Ik dacht eerst dat het exemplaar in dit kavel een tweede druk was, maar dan zonder stofomslag. Bij het vergelijken van mijn nieuwe exemplaar en de exemplaren in mijn kast bleek er iets vreemds aan de hand te zijn: het blauwe linnen waarin deze Mene Tekel was gebonden past noch bij de eerste, noch bij de tweede druk. Bovendien leek het papier anders én was het exemplaar een paar millimeter hoger en breder. Kortom, hier was iets vreemds aan de hand en dit diende uitgezocht te worden. In de kavelbeschrijving van Zwiggelaar werd geen melding gemaakt van dit boek of een bijzonderheid daarbij, daar kwam ik dus niet verder mee.

Luxe editie, eerste druk en tweede druk van Mene Tekel

Ook een eerste zoektocht op internet leverde niks op. Maar de combinatie van de zoektermen "Mene Tekel" en "blauw linnen" bracht mij uiteindelijk bij.... mijn eigen blog! Wat bleek: meer dan een decennium geleden was ik ook al aan het jagen op Nescio-kavels bij het kwartet boekenveilingen Bubb Kuyper, Zwiggelaar, Van Stockum en Burgersdijk en Niermans. In mijn bijdrage van december 2011 deed ik er verslag van, waarbij sprake was van grote treurnis doordat ik vrijwel alle kavels waar ik op had geboden was misgelopen. Eén van de boeken die ik niet had kunnen kopen was een in blauw linnen gebonden luxe editie van Mene Tekel, die zowel bij Van Stockum als bij Bubb Kuyper werd aangeboden. Bij Van Stockum had ik niet geboden, maar bij Bubb Kuyper wel en daar ben ik overboden door Fokas Holthuis, zoals hij toegaf in een reactie onder dat bericht op mijn blog uit 2011. In de nieuwsbrief van Fokas Holthuis eind 2011 stond voor €225 een (ander) exemplaar met signatuur van Fred Batten. In catalogus 79 van Fokas Holthuis uit 2016 stond weer een ander (ongesigneerd) exemplaar, dit keer voor €325. Dit exemplaar is dus een mooie vondst in een verzamelkavel bij Zwiggelaar. 

Dat najaar van 2011 leverde trouwens een serie veilingen op met een groot aantal door mij begeerde boeken. Wat ik erg hoopvol vind is dat ik veel van de boeken die ik toen misliep, inmiddels toch bezit. Het exemplaar van Bloesemtak dat ik toen niet won bij Zwiggelaar kocht ik afgelopen jaar via Catawiki. De eerste druk van Nescio die ik toen misliep, kocht ik twee jaar later alsnog. De tweede druk van Nescio’s hoofdwerk heb ik intussen dus ook. Tien jaar geleden liep ik overigens ook een eerste druk van Karakter mis en het toeval wil dat ik ook deze keer dit boek misliep. Bij Zwiggelaar werd een eerste druk met stofomslag aangeboden. Getaxeerd op 100-200 euro bood ik 300, maar het boek ging weg voor 400. Jammer, maar volgende keer beter. Ik hoop in mijn stukje van najaar 2031 te kunnen melden dat ik het boek alsnog heb kunnen kopen.

Het derde gewonnen kavel

Het grootste nieuws van dit najaar kwam uit de beide Nescio-kavels die ik kocht. Maar ik won nog een derde kavel: bij de boekenveiling onder de naam Van Stockum (tegenwoordig onderdeel van het Venduehuis Den Haag) kocht ik een leuk kaveltje met uitgaven van Stichting de Roos. Het ging mij daarbij vooral om de extra's in het kavel: efemera van/over Stichting de Roos, ter uitbreiding van de efemera die ik al heb. Zoals een mooie poster met aankondiging van de tentoonstelling over de Roos in Museum Meermanno in 1973 en de uitgave Bij tien tekeningen van S.H. de Roos uit 1949 van G.W. Ovink, strikt genomen geen uitgave van De Roos maar natuurlijk wel over de naamgever van deze stichting. Ook kon ik een ongenummerde De Roos-uitgave in mijn kast vervangen door een genummerde, zodat mijn collectie ook op dat punt weer iets in kwaliteit is toegenomen.