02 maart, 2006

92 - Gelezen of ongelezen op de plank?

Vorige keer schreef ik dat ik de boeken die ik heb ook allemaal gelezen wil hebben. Dat is een eis die ik heb gesteld die mij helpt mijn aankopen te beperken: de hoeveelheid boeken moet evenredig zijn met mijn leestijd. Dat houdt dus meteen in dat ik de boeken die ik bezit ook alle gelezen heb (behalve de meest recente aanwinsten).

De vraag of je de boeken die je bezit gelezen moet hebben wordt verschillend beantwoord. Ik vond een mooi stukje tekst van Umberto Eco. In het boekje "Op reis met een zalm” uit 1998 (vertaling van Il secondo diario minimo) schrijft hij onder de titel “Hoe rechtvaardig je je mijn eigen bibliotheek” het volgende (het stukje stamt overigens al uit 1990).

“Velen die zich in dezelfde situatie bevinden als ik - dat wil zeggen dat ze een nogal uitgebreide bibliotheek bezitten; hetgeen in ons geval betekent dat je er, als je ons huis binnenkomt, niet omheen kunt, ook al omdat er niets anders is - worden op eenzelfde schokkende wijze met voor de hand liggend gedrag geconfronteerd. De bezoeker komt binnen en zegt: “Wat een hoop boeken. Heeft u die allemaal gelezen?” (…) Wel kan gezegd worden dat het altijd gaat om mensen die een boekenplank beschouwen als opbergplek voor gelezen boeken en die een bibliotheek niet beschouwen als onontbeerlijk hulpmiddel bij het werk, maar daarmee zijn we er nog niet. Volgens mij raakt iedereen bij het zien van veel boeken vervuld van ontzag voor kennis en glijdt onherroepelijk af naar bovengenoemde vraag, waarin zijn gekweldheid en zijn schuldbewustzijn tot uitdrukking komen. (…) De vraag over boeken dient beantwoord te worden terwijl je kaaklijn verstrakt en straaltjes koud zweet langs je ruggengraat lopen. (…) Beter is het standaardantwoord van de etnomusicoloog Roberto Leydi: “En wel meer dan deze mijnheer, heel wat meer”, dat de tegenstander doet verstijven en in een staat van stomme bewondering onderdompelt. Maar ik vind het onbarmhartig en intimiderend. Ik ben nu overgestapt op de woorden: “Nee, dit zijn de boeken die ik deze maand nog moet lezen, de andere staan op de universiteit”, een antwoord dat enerzijds blijk geeft van een sublieme ergonomische strategie en de bezoeker er anderzijds toe aanzet zo snel mogelijk weer te vertrekken.”
Als mij die vraag wordt gesteld, kan ik in principe met een eenvoudig “ja” volstaan. Maar ik heb dan ook niet echt een naslagbibliotheek. Ik bezit vooral primaire literatuur. Zuiverder zou zijn te zeggen: “ja, voor zover je doelt op de primaire literatuur.” Terwijl ik peinzend voor mijn bibliotheek sta realiseer ik me dat zelfs dat antwoord niet volstaat. Ik heb bijvoorbeeld zestien delen verzamelde werken van Multatuli die vooral bestaat uit brieven en dergelijke documenten. Die heb ik nooit helemaal gelezen. Wel doorgebladerd en ik was verrukt om via de brieven van en naar en over zijn uitgever de wordingsgeschiedenis van Max Havelaar te volgen. Maar integraal gelezen: nee. Datzelfde geldt voor de boekenweekgeschenken en verwante boekenweekuitgaven: over het algemeen zijn het toch kwalitatief beperkte uitgaven die de moeite van het lezen maar beperkt waard zijn. Ik kan me niet een écht goed boekenweekgeschenk herinneren. Wel een paar die redelijk zijn, maar het blijven vooral aanzetten tot een serieus boek, niet meer dan dat.

Het allerzuiverste antwoord is dus: “ja, voor zover je doelt op de primaire literatuur, met uitzondering van de boekenweekgeschenken (enkele uitzonderingen op de uitzondering daargelaten), de verzamelde werken van Multatuli, de Paul van Ostaijen-documentatie van Gerrit Borgers en nog enkele werken.” Ik vrees echter dat tegen de tijd dat ik met het antwoord klaar ben, de vragensteller alweer bij de biblitheek verdwenen is. En ik sluit me aan bij Eco als ik zeg: en dat is maar goed ook!

23 februari, 2006

91 - Haastig lezen, zelden goed

Ik las een mooi en herkenbaar stukje op mijn scheurkalender, van Ingrid Hoogervorst.
“Sommige mensen kunnen heel hard rennen, ik kan razendsnel lezen. Als beroepslezer heb ik er veel profijt van, maar vroeger vond ik het zonde. Je was zó door een nieuw boek heen. Langzamer lezen lukte me niet, dus bedacht ik methoden om de leestijd te rekken. Iedere bladzijde moest voor het omslaan opnieuw gelezen worden, ik mocht niet aan een nieuw verhaal beginnen voor ik het oude twee keer had gelezen enzovoort. Mijn disciplinaire maatregelen houden nooit lang staande. Soms overvallen ze me weer, als ik een goed boek in handen heb. Slow down!. Nog even teruglezen, anders is het zó uit.”

Ik merk bij mijzelf hetzelfde. Beroepsmatig ben ik gewend diagonaal te lezen, grote hoeveelheden tekst effectief door te kijken en het relevante eruit te halen. Maar dat zet zich helaas ook voort als ik een boek lees, zoals onlangs De Verdronkene van Margriet de Moor. Voor Margriet de Moor moet je de tijd nemen, je moet de zinnen op je laten inwerken en de betekenis proberen te doorgronden. Maar zo gaat het in de praktijk helaas niet. Ik lees Margriet de Moor diagonaal alsof het een zakelijke tekst is, en betrap me daar gelukkig ook weer snel op. Dan schakel ik terug en dwing mij de zinnen in mij op te nemen.

Het komt ook omdat ik nog zoveel te lezen heb. Er ligt een fikse stapel boeken op me te wachten om gelezen te worden. Ik wil elk boek dat ik bezit het plezier doen om gelezen te worden, het lijkt me als boek vreselijk om een dichtgeslagen leven te lijden in een boekenkast. Af en toe een blik die langs je heen dwaalt, maar nooit eens iemand die je openslaat, geïnteresseerd de titelpagina bekijkt, diep zucht - van tevredenheid, vol verwachting van wat er komen gaat - en bij de eerste zin begint.
Ik wil mijn boeken dat vergeefse leven niet aandoen, dus lees ik ze. Maar omdat het er zoveel zijn en mijn dagen slechts 24 uur tellen en bovendien gevuld zijn met andere activiteiten dan lezen jagen ze me ook een beetje op. Daar kunnen ze niets aan doen, dat is hun aard, maar het gevolg is wel dat ik door De Verdronkene heenjakker en dat is toch een beetje zonde.

Daarom probeer ik mijn aankopen enigszins in balans te houden met mijn opnamecapaciteit. Ik heb mijzelf erbij neergelegd dat ik niet alle boeken ter wereld zal kunnen lezen, het heeft geen zin een bibliomaan te worden. Het is nog even afwachten hoe de hemel eruitziet en welke boeken zich daar bevinden, mogelijk kan ik dan nog een inhaalslag maken, maar vooralsnog zal ik uiteindelijk ondanks mijn ijzeren leesdiscipline de meerderheid van de boeken niet gelezen hebben. Door er nu niet teveel ongelezen in huis te hebben voorkom ik dat ik ondertussen opgejaagd word.

Je kan met langzaam lezen natuurlijk ook overdrijven. Ik lees hier een grappig bericht van een leesclub die na vijf jaar van maandelijkse bijeenkomsten bij pagina 67 van Finnegans Wake van Joyce is aangekomen. Ze verwachten in dit tempo het boek rond 2060 uit te hebben.

Ik heb het sneller gedaan en heb Margriet de Moor inmiddels uit en ben zeer onder de indruk van het boek. Ik ben blij dat ik het in een laag tempo gelezen heb, het boek was het meer dan waard. Hoewel met name de laatste 10 pagina’s veel zelfbeheersing vroegen. Ik ruik aan het eind van een boek de stal en weet dat er na die pagina’s een nieuw boek wacht. Ik moet bekennen dat ik die laatste pagina’s sneller heb gelezen dan zij zouden verdienen, maar de drang van de wachtende boeken werd toen te zwaar.

27 januari, 2006

90 - Goede oogst op gedichtendag

Het begint al een goede gewoonte te worden om tijdens gedichtendag aanwezig te zijn in boekhandel Verwijs, ik schreef er vorig jaar ook al over. Los van het feit dat het een schitterende boekhandel is op een prachtplek, de Haagse Passage, was er tijdens deze gedichtendag ook genoeg te doen. Er werden namelijk prijzen uitgereikt door Poetry International voor de beste gedichten van het jaar, zie hier de gedichten. Juryvoorzitter Femke Halsema deed een praatje en daarna mochten de drie prijswinnaars, Koenraad Goudeseune (zie ook hier), Piet Gerbrandy en Erik Jan Harmens, hun winnende gedicht voordragen aan de ongeveer 25 gasten. Met name de voordracht van Erik Jan Harmens was indrukwekkend: een duidelijke, welluidende stem die met kracht een gedicht voordroeg uit zijn bundel “Underperformer” over een autistische jongen. Indrukwekkend mooi. Harmens geselde de toeschouwers met zijn gedicht.

Maar de held van de dag was toch wel Menno Wigman. Wigman is de schrijver van de speciale gedichtendagbundel, die voor de zevende keer verschijnt. Ik had nog nooit van Wigman gehoord, ja het is schandalig, maar nadat ik op de site van Poetry International zijn gedicht “Tot besluit” uit de bundel “Dit is mijn dag” (2004) had gelezen was ik verkocht. Wat een indrukwekkend gedicht! Nu al een klassieker. 

Tot besluit
 
Ik ken de droefenis van copyrettes, 
waar holle mannen met vergeelde kranten, 
bebrilde moeders met verhuisberichten,
 
De geur van briefpapieren, bankafschriften, 
belastingformulieren, huurcontracten, 
de inkt van niks die zegt dat we bestaan. 

En ik zag Vinexwijken, pril en doods, 
waar mensen roemloos mensen willen lijken, 
de straat haast vlekkeloos een straat nabootst. 

Wie kopiëren ze, wie kopieer 
ik zelf? Vader, moeder, wereld, DNA, 
daar sta je met je stralend eigen naam, 

Je hoofd vol snugger afgekeken hoop, 
op rust, promotie, kroost en bankbiljetten. 
En ik, die keffend in mijn canto´s woon, 

had ik maar iets nieuws, iets nieuws te zeggen. 
Licht. Hemel. Ziekte. Liefde. Dood. 
Ik ken de droefenis van de copyrettes.  

“Tot besluit” staat niet in de speciale bundel, maar Wigman las drie gedichten voor die wel in de bundel staan. Het was bijzonder om bij deze performance te zijn. Het was ook bijzonder om de gedichtendagbundel daarna door Wigman te laten signeren. Tot slot was het bijzonder om de speciaal voor vandaag bedrukte zakdoek met een dichtregel van Wigman te ontvangen. Kortom, Verwijs was weer eens een winkel vol lekkernijen waar ik gretig van geproefd heb. 

Dat signeren was trouwens nog een ervaring apart. Ik schreef al eerder over een signeersessie van Hugo Claus waar ik bij was en waarbij ik mij verbaasde over de toch wat onbeschaamde houding van iemand in de rij die zijn hele bibliotheek had meegenomen en tassen vol boeken van Claus liet signeren, met achter hem een steeds meer groeiende en licht geïrriteerde rij. Vandaag was het niet anders. Direct voor mij stond een man, Harry heette hij, die vijftien exemplaren van Wigman’s bundel had gekocht en deze allemaal liet signeren. Hij leverde er een briefje met namen bij en of Wigman de juiste bundel met de juiste naam wilde vullen. Dat deed de dichter, want waarom zou je dat ook weigeren? Maar irritant was het wel. Ik hield het op twee te signeren bundels en heb toen de dichter gecomplimenteerd met zijn gedicht “Tot besluit”, wat hij kennelijk erg op prijs stelde. Ik ben een tevreden mens, die heel tevreden verontrustende poëzie van Wigman tot mij neemt. 

22 januari, 2006

89 - Klein maar zijn

Wanneer een collectie eenmaal min of meer up-to-date is, wordt het vooral een kwestie van bijhouden: scherp opletten wanneer een bijpassende uitgave op de markt komt, en dan toeslaan.  Zo kocht ik het laatste boek uit de stal van Hugo Brandt Corstius, "klein maar zijn", dat wordt gepubliceerd onder de naam "Batticus", het pseudoniem waaronder hij tegenwoordig stukjes in Het Parool schrijft. Een mooi vormgegeven uitgave, dat kennelijk bedoeld is als een soort overzicht van zijn schrijverschap. Want op de achterkant schrijft hij: "De laatste zestig jaar heb ik onder dertig namen in veertig bladen tienduizend stukken geschreven. De zeventig kortste staan in de boekje". Ik weet niet wat ik er van moet denken. De zeventig kortste uit al die jaren zijn dit in elk geval niet, want diverse bijdragen zijn langer dan één pagina en ik kan moeiteloos uit mijn eigen bibliotheek diverse kortere teksten van Brandt Corstius aanleveren dan in dit boekje staan. De zeventig beste zijn het helaas ook niet. Er staan goede stukken in, maar bijdragen die ik mij herinner als de beste staan hier niet in. Ik heb betere politieke columns van Grijs gelezen, betere woordspelletjes van Battus en betere wetenschappelijke uiteenzettingen van Brandt Corstius. Het lijkt alsof er geen gedachte achter dit boek zit, geen thema. En dat is vreemd voor iemand die in staat is met mathematische precisie een boek te maken (zoals Opperlans!) waarin het aantal pagina's en onderwerpen onderworpen is aan allerlei correcte vermenigvuldigingen en vergelijkingen. Ik ben niet de enige die dit opvalt. Een recensie van Jurgen Tiekstra eindigt met "Maar voor de rest: is dit nou onze grote columnist?". En dat ben ik met hem eens. Kees Fens is milder in zijn recensie voor de Volkskrant. Achterop het boek worden de pseudoniemen van Brandt Corstius genoemd. De meeste ken ik wel, maar de pseudoniemen Christiaan Brood, Al Brahms Cantar, Balthasar Gerards, Maria Mulder, Manneke Pik, G. Prijs, Ed Reveil, Trui Schandborst, Celina Smits, Hugh Stairs, Cees Stam, Juha Tanttu, Jozef Trapjes, Margriet Vermeer en Joris de Waal lees ik voor eerst. Het is ook niet zo dat van al deze pseudoniemen een voorbeeld in het boek staat, dat zou dan wel weer aardig zijn geweest. Cees Stam, Joris de Waal en Jozef Trapjes staan er wel in, maar de rest niet. Het pseudoniem Ed Reveil wordt op deze pagina toegeschreven aan de politicus Anne Vondeling en in het boek "... Honderd, ik kom!" van een aantal pseudoniemen van Brandt Corstius wordt dat gek genoeg ook gezegd. Overigens komt in datzelfde boek een verwijzing naar Hugh Stairs voor als auteur van een aantal boeken over vogels, muziek en taal (of iets dergelijks), maar deze fictieve literatuurverwijzing heeft Brandt Corstius nu kennelijk als pseudoniem gekaapt. Christiaan Brood heeft een recensie geschreven over Opperlans!, maar als dit een pseudoniem is, dan is door Brandt Corstius in NRC een recensie geschreven over zijn eigen boek! (n.b. in het in 2020 verschenen boek "Het beste van Hugo Brandt Corstius" staat dat dit inderdaad HBC zelf was die deze recensie bij NRC inleverde met de mededeling "Hierbij een aanval op mijzelf". 

De Electrologica X8
In het boek staat een bijdrage dat eigenlijk een computerprogramma is. Die bijdrage is ondertekend met "Electrologica X8". Dat moet dan ook een pseudoniem van Brandt Corstius zijn, hoewel die niet op het omslag wordt aangekondigd. In feite is het ook geen pseudoniem, maar een heuse computer uit het Mathematisch Centrum in Amsterdam, waar Brandt Corstius jaren heeft gewerkt. Er is bij het 25-jarig bestaan van het Mathematisch Centrum zelfs een lied over het apparaat gemaakt: 
oh wat een X8 
oh wat een X8 
hij's snel en langzaam tegelijk
als i stuk is een oud lijk 
machien waar iedereen om lacht 
't is onze X8. 
Zie hier een beschrijving van al dit fraais.  Zo beschouwd is "Klein maar zijn" toch wel weer een aardig boekje: het levert een bijdrage voor het weblog op, er zijn één of twee opmerkelijke pseudoniemen onthuld die een valse recensent en een mogelijk ten onrechte beschuldigde politicus blijken te zijn, een computer is aan de vergetelheid ontrukt en bovendien ziet het boekje er toch wel mooi uit. Uiteindelijk brengt elk boek dus wel iets goeds. 

21 januari, 2006

88 - Uitverkoop

 bijna niet meer de winkel van Van Stockum
Boekhandel Van Stockum
in Den Haag houdt uitverkoop in haar winkel in de Venestraat. De hele voorraad, oude en nieuwe boeken, gaat met 50% korting de deur uit. Helaas is het voor alle lezers van dit blog nu te laat, want de winkel sluit op maandag 23 januari. Gelukkig blijven de andere filialen open, want Van Stockum is een fantastische winkel. En dus heb ik natuurlijk veel te veel boeken gekocht. Ik had nog geluk dat ik pas aan het einde van de drie weken uitverkoop ontdekte dat er überhaupt uitverkoop was, anders was ik definitief aan de bedelstaf geraakt, maar nu scheelde het ook niet veel. Het mooie van deze uitverkoop was enerzijds dat een deel van de nieuwe voorraad werd uitverkocht - dus kocht ik een gloednieuw, geseald, exemplaar van "Adonis/Bel-Ami" van Guy de Maupassant niet voor 32,50 euro maar voor 16,25 euro (zoals ik hier schreef stond die al een tijd op mijn zoeklijst). Maar tegelijkertijd werden de kelders leeggeruimd waardoor onafzienbare stapels romans, kookboeken, kunstboeken werden aangeboden, maar dat was niet de gebruikelijke rotzooi die in de witte boekenhandels staan en die overal hetzelfde kosten. Hier ging het om kelderrestanten die je eigenlijk nergens anders ziet. Ik heb een paar boeken gekocht waar nog prijsstickers in guldens opzaten. Boeken die dus al minstens vijf jaar in de winkel lagen, of ergens in een kelder, maar die nu een waardige plek krijgen in mijn boekenkast. Zoals de verhalenbundel "Oudergewoonte", een bundel verhalen in de Joodse traditie van onder meer Marcel Möring, Frans Pointl, Arnon Grunberg en Rogi Wieg uit 1999. Het moest destijds 25 gulden kosten (omgerekend 11,34 euro), was ooit afgeprijsd naar 5 euro en kreeg een foeilelijke oranje sticker met die prijs opgeplakt en mocht dus nu met mij mee voor 2,5 euro. Ook de lezing van Rudi van Dantzig, "De armoede die niet verdwijnt" (een toespraak gehouden ter gelegenheid van de Dodenherdenking in 1999) kostte ooit 7,50 gulden en toen 3,40 euro maar was uiteindelijk voor 1,70 euro voor mij.  Even nazoekend blijkt hier een overzicht te staan van de toespraken t.g.v. de Dodenherdenking en hier t.g.v. Bevrijdingsdag. Handig overzichtje om te zien welke ik nog mis! Het allermooiste was eigenlijk wat ik vond in een bijna vergeten doos. Een luxe exemplaar van de Dake Annotated Reference Bible, dat is een Bijbel in de King James vertaling, voorzien van een onvoorstelbare hoeveelheid verklaringen, toelichtingen, overzichten, etc. Een feest om te lezen en in te studeren. een voorbeeld van een dichtbedrukte pagina in Dake Ooit koste deze Dake 84,20 euro. Maar hij was al afgeprijsd naar 9,95 euro. Dus met de korting heb ik de Dake gekocht met 80 euro korting ten opzichte van de originele prijs. Ik ben drie keer in Van Stockum teruggeweest en ben geheel verzadigd. Klaagde ik rond de jaarwisseling nog over mijn gemiddelde boekenaankoop in 2005 dat minder dan één per week was, tot op heden is het gemiddeld bijna één per dag. Het wordt een mooi jaar. 

16 januari, 2006

87 - Scheurkalender

Ik heb een literaire scheurkalender voor 2006 gekregen. Elke dag een kort verhaaltje, speciaal voor deze uitgave geschreven door "51 gerenommeerde Nederlandse en Belgische auteurs". Die verhaaltjes variëren van een paar regels, tot een paar alinea's.

Op de voorkant van elk blaadje leer ik welke auteur er jarig is of was. Vandaag is dat Nel Benschop, die helaas vorig jaar overleden is. Nel ken ik wel, maar de afgelopen dagen heb ik geleerd dat Johannes Kinker (†1845), Tjits Veenstra (†1999), Jan Walch, Gerard Diels (†1956), Peter Ghyssaert, Herman Portocarero, Werner Pauwels, Lucienne Stassaert, Arita Baaijens, Marcel Mathijs (†1964) en Alain Teister (aka Jacob Martinus Boersma, †1979) jarig zijn geweest. Die ken ik allemaal niet.

Carry van Bruggen (†1932), Rascha Peper, Anton van Duinkerken (†1968), Dirk Ayelt Kooiman, Aart Romijn (†1996), Anja Meulenbelt, Frans Kellendonk (†1990), Ivo Michiels, Thomas Rosenboom, Johannes Kneppelhout (aka Klikspaan, †1885), Frida Vogels, Wessel te Gussinklo, Theodor Holman, Bas Heijne, Mies Bouhuys, Jacques Hamelink, Isaac da Costa (†1860), F.C. Terborgh (aka Reijnier Flaes, †1981) en Bernlef waren ook jarig maar die ken ik gelukkig wel.

Op 5 en 13 januari was niemand jarig, althans niet een gerenommeerd auteur die een plekje op de scheurkalender verdient volgens Ed van Eeden en Jan Luitzen, de samenstellers. Maar denken we wel aan de verjaardag van de voor mij volslagen onbekende Loeki Zvonik morgen, 16 januari dus? Loeki wordt 71 volgens de scheurkalender, maar volgens deze link is ze in 2000 overleden en dus niet ouder geworden dan 65. Hier wat meer informatie over haar.
Dit wetende leef ik de rest van het jaar in twijfel: zijn de door de scheurkalender als levend benoemde auteurs nog wel onder ons, zoals Albert Bontridder (moet 85 worden op 4 april)?

Vandaag werd ik in elk geval verblijd met een verhaaltje van Walter van den Broeck, onder de titel "Rommelmarkt". Van den Broeck is ook een sneuper, naar boeken en naar taal.

Ik ben verzot op rommelmarkten. Schatten hoop ik er niet te vinden, maar wel boeken die al lang niet meer in de handel zijn. Maar ik ga ook voor de taal. Met wijd open oren loop ik langs de standjes. Soms ben ik echt jaloers. Dialogen waar ik soms een dag lang op zit te zwoegen, vliegen je daar om de oren.
Op zondag zie ik een hoogrode en heel dikke vrouw - ik heb het nu over minstens honderdvijfentwintig kilogram - langs de standjes waggelen met een piepklein hometrainertje.
Eén van de standhouders roept: "Amai, Mariette, we gaan je niet meer herkennen!".
Ze brengt een ietwat moedeloze glimlach voort en waggelt haars weegs.
"We gaan je niet meer herkennen!"
Kijk, dit is nu een schoolvoorbeeld van een raccourci of verkorting. Wat hij eigenlijk zegt is: "Amai, Mariette, als je elke dag een half uurtje op dat ding peddelt, ben je binnenkort zo slank dat we je niet meer zullen herkennen." (Eigenlijk is het een heel charmant compliment.)
Het moedeloze glimlachje dat erop volgt, zegt misschien nog meer: "Ach, ik heb al van alles geprobeerd. Pillen, peperdure dieetproducten. Niets helpt. En dit was voor een prikje te koop. Baat het niet, schaden zal het ook wel niet, zeker."
Hoe het dat ook weer in de schrijverij? Less is more. Precies.

Bedankt Walter, voor deze bijdrage vandaag. Morgen is A.F.Th. van der Heijden aan de beurt in een rancuneus stukje (contra Arnon Grunberg en Michaël Zeeman). Ik heb het stiekem al gelezen. Foei!

08 januari, 2006

86 - Vrouwenhaar en andere kleine oplages

Erg gelukkig ben ik met de jongste Bordewijk-loot aan mijn verzameling: het minibundeltje “Vrouwenhaar”, uitgegeven door de Bosbespers in samenwerking met de Ravenbergpers en totstandgebracht door Rody Chamuleau. 

De Bosbespers - een mooie naam voor wat ook wel een “margedrukker” heet, oftewel een drukker die uit liefhebberij schitterende boekjes in kleine oplages maakt - kende ik wel. Ik bezit verschillende uitgaven van deze uitgeverij, die allemaal uit de jaren ’80 stammen. Zo heb ik de Bosbespers-uitgaven “De hoogten van Doyle, de trog van Bordewijk” (1988, thematische vergelijking tussen verhalen van Doyle en Bordewijk in een oplage van 150), “Schaduw, Stemming en Stil Water” (1989, voorstellen voor straatnamen van Bordewijk aan de Haagse straatnamencommissie in een oplage van 150) en “Vijf kleine verhalen” (1983, verhalen die in diverse bladen stonden opnieuw gepubliceerd). Overigens zijn die straatnamenvoorstellen van Bordewijk in nog een andere uitgave gepubliceerd, het boekje “Straatnamen” uit 1984 van de Avalon Pers in Woubrugge (oplage: 100), die - het houdt niet op - ook het verhaal “De publieke fotolach” van Bordewijk in 1984 hebben uitgegeven in een oplage van 125.

Gelet op het tijdsverloop sinds de uitgaven van de Bosbespers had ik niet op nieuw werk gerekend. Een artikeltje van Arjan Peters in de Volkskrant over deze uitgave zette mij op scherp: een nieuwe van de Bosbespers! En: dit soort uitgaven komt in kleine oplages, zo rond de 100, 150 stuks. Ik moest dus snel handelen. Dat snelle handelen viel nog niet mee. De internetpagina’s van De Bosbespers bleken onbereikbaar, in de telefoongids komt de drukker niet voor en ik heb geen idee of de boekjes in een boekhandel te koop zijn en welke dan. Gelukkig bracht googlen op een combinatie van termen “Bosbespers” en “Oosterbeek” een hit op van een pagina waar een telefoonnummer stond. Na enkele vergeefse pogingen kreeg ik iemand van de Bosbespers zelf aan de lijn. We spraken plezierig over mooie boekjes, verheugden ons in de - naar wij hoopten toegenomen - Bordewijk-belangstelling (onder meer blijkend uit de “Parelduiker”-uitgave van zomer 2005 over Bordewijk) en ik werd op de hoogte gesteld van mogelijk toekomstige Bordewijk-uitgaven omdat er de weduwe van de zoon van Bordewijk nog meer nagelaten werk had vrijgegeven (naast datgene wat al in “de Parelduiker” was verschenen). Het gesprek was ook voor hem kennelijk zo plezierig, dat mij de verzendkosten van het boekje werden kwijtgescholden.  

Twee dagen later bezat ik “Vrouwenhaar”. Drie verhalen van Bordewijk, voorafgegaan door een inleiding van Rudy Chamuleau. Toen bleek ook de Ravenbergpers een rol te hebben gespeeld. Die kende ik nog niet. Op de site van de margedrukkers komen zij voor en deze drukker blijkt recent onder meer naam te hebben gemaakt met Rechter Tie-uitgaven (zie hier en hier). Het is een klein maar mooi verzorgd boekje. Naast de verhalen en de inleiding een paar foto’s van Bordewijk, een speciaal voor deze uitgave getekende cartoon van Stefan Verwey en een afbeelding van een pagina van een manuscript van Bordewijk. Bij die afdruk staat echter geen herkomst. Van welk boek is dit een pagina uit het manuscript? Ik kan er niet tegen dat ik dat niet weet. Naar de boekenvoorraad dus, en bladeren in de meters Bordewijk. Op de pagina van het manuscript staat het getal “27”, het is dus waarschijnlijk een pagina uit het begin van het boek. In het boekje staat een foto van Bordewijk die een exemplaar van “Tijding van ver” krijgt, dat is de eerste optie. Ik zag in het manuscript een zin die begint met de naam “Leontien” en even verder zie ik “Aurora” staan. Leontien en Aurora? In “Tijding van ver” komen deze namen niet voor. Vaag herinner ik me Aurora uit een boek over een schilder…”Bloesemtak”!! En inderdaad, in “Bloesemtak” heet één van de personen Aurora en uiteindelijk blijkt de foto van het manuscript bladzijde 34 uit de eerste druk van “Bloesemtak” te zijn. Mijn geheugen blijkt nog uitstekend, want ik heb Bloesemtak ruim een decennium geleden voor het laatst gelezen. Wie ook een gelukkige bezitter wordt van “Vrouwenhaar” hoeft deze puzzel in elk geval niet meer op te lossen en kan zich volledig richten op het genieten van dit boekje. 

03 januari, 2006

85 - Terugblik 2005

Het is voor mij persoonlijk een wisselvallig boekenjaar geweest. Voor de tweede keer - waarmee dus een traditie is geboren - geef ik een terugblik op het afgelopen jaar, bkeeken vanuit het perspectief van mijn boekencollectie.

Als ik kijk naar het aantal ingeslagen boeken, dan is het een ronduit matig jaar geweest. Afgelopen jaar heb ik 49 boeken aan mijn collectie toegevoegd, dat is gemiddeld minder dan één boek per week. In 2004 heb ik nog 61 boeken gekocht. Ik heb het eenvoudigweg te druk gehad met andere dingen om mij volop te kunnen concentreren op de boekencollectie. En ik heb natuurlijk niet gescoord bij de laatste veiling van Bubb Kuyper, dat had het jaar in één klap goed kunnen maken.

Mijn eerste boek in 2005 kwam op 20 januari aan en was van Toon Tellegen, “Is er dan niemand boos?” (2004: op 14 januari kocht ik “Oblomow” van Gontsjarow).

Het laatste boek in 2006 werd op 28 december gekocht, namelijk “Klein maar zijn” van Batticus (2004: op 20 december kocht ik “Pater Noster”, het Onze Vader in negen verschillende talen, gekalligrafeerd door Pieter Wetselaar). Daartussen lagen de 47 andere titels.

Mijn belangrijkste bibliofiele (misschien zelfs bibliomane) voornemen is dan ook dat ik in 2006 meer boeken ga kopen, liefst nog (veel) meer dan in 2004. Aan dat goede voornemen heb ik inmiddels een begin van uitvoering gegeven door op 2 januari mijn eerste aanschaf te doen (een bijzondere uitgave van Bordewijk), waarover in een volgende bijdrage meer.

Was het kwantitatief een mager jaar, kwalitatief was het gelukkig toch in veel opzichten bevredigend. Ik heb, zoals in twee afleveringen van dit weblog beschreven, mijn Van Dis-collectie compleet gemaakt door in totaal twee titels van Van Dis en twee titels over Van Dis te kopen, sommige na jarenlang zoeken. Ook was het een goed Büchjaar: ik heb in totaal vier titels van de hand van Büch gekocht die allemaal eerst in zijn eigen bezit waren (Geluk, Bladeren in het hemelruim, De wereld in een vitrinekast, Onder dit schrijven vallen mij de oogen toe). Bijzonder was ook dat ik drie “books on books” heb kunnen kopen; Angelsaksische literatuur over en door boekenverzamelaars: Basbanes, Collins en Goldstone zijn aan mijn voorraad auteurs toegevoegd. Bijzonder was verder mijn zomerse uitstapje naar Weimar waar ik mij heb vergaapt aan de Goethe-industrie. Verder blijk ik bij nader inzien mijn bestand aan Argentijnse titels bijna verdubbeld te hebben. Na drie titels van Borges die ik al langer had is mijn Argentijnse bezit inmiddels uitgebreid met Dominquez (Het papieren huis) en Manguel (Een geschiedenis van het lezen). Twee boeken over boeken, het blijkt dat Argentijnen goed over boeken kunnen schrijven, ook Borges wist daar wel raad mee. Terzijde: van Abdelkadar Benali kocht ik het boek “De Argentijn”, dat overigens niet over boeken en ook niet echt over Argentijnen gaat.
Helaas was 2005 een mager Nescio-jaar. Alleen het luisterboek van “Titaantjes” is aan mijn collectie toegevoegd. Dat moet beter, de eerste Nescio-bestelling is dan ook inmiddels de deur uit (waarover in een latere bijdrage meer).

Dan dit weblog. 2005 was het eerste volle jaar dat het weblog in de lucht was. Ik heb 52 bijdragen geschreven, een gemiddelde van één per week dat ik minimaal wil volhouden en liefst opvoeren. Er zijn in 2005 volgens mijn Nedstattellers 13746 of of 13965 bezoekers geweest. Waarom twee tellers op één en dezelfde pagina verschillende uitkomsten geven is mij overigens een raadsel. Hoe dan ook is bijna 14.000 bezoekers een mooi aantal, met 85 pageviews op 9 november als fraai record. Het betekent dat ik vanaf nu ook vergelijkingen per maand kan maken van de bezoekersaantallen: hoe verhoudt januari 2006 zich tot januari 2005? De periode voor 2005 reken ik niet mee, omdat dit weblog toen nog in opbouw was en de bezoekersaantallen laag. Tussen november 2004 en november 2005 heb ik bijvoorbeeld een stijging van 199% gezien, maar dat is geen realistische vergelijking.
Mijn pagina met boekenlinks suddert netjes door, met gemiddeld zo’n 8-10 bezoekers per dag, maar voor mij vooral een handig online naslagwerk. Hoewel, sudderen: tussen november 2004 en november 2005 was een stijging van 4214% zichtbaar (van 7 naar 302 bezoekers in een maand). Maar ook voor deze pagina reken ik de periode voor 2005 maar niet mee.

Al met al was 2005 kwalitatief goed voor mijn bibliotheek, maar kwantitatief minder. Voor het weblog was 2005 kwalitatief én kwantitatief goed. Maar voor beide is de ambitie er een tandje bij te zetten in 2006, en als het goed is plukken jullie, lezers, daarvan de vruchten.

20 december, 2005

84 - Twee kleine aanwinsten

De laatste tijd heb ik helaas weinig mogelijkheden voor uitgebreid boeken zoeken. Maar hier en daar kan ik gelukkig nog net wat oppikken. Net voor sluitingstijd van de boekenmarkt op het Plein in Den Haag liep ik haastig langs de kramen op zoek naar iets wat mogelijk interessant zou kunnen zijn. Mijn favoriet op de boekenmarkten zijn de tafels waarop stapels met boeken liggen, ongesorteerd, die allemaal een euro kosten. Daar word je geconfronteerd met de meest obscure boeken, onleesbare verhandelingen over onbegrijpelijke onderwerpen, jaargangen van vergeten tijdschriften en zo af en toe iets dat echt leuk is. Zo zag ik een boek in een vierkante ribkartonnen omslag met als titel "U zult toch maar een boek uit een van de grootste boekenkasten van Europa willen hebben". Ik wil altijd boeken uit boekenkasten hebben, dus dit boek was voor mij. Ik bleek de hand gelegd te hebben op Proost Prikkels 353, van oktober 1975, met als onderwerp een reportage over het uitgeversdistributiecentrum in De Meern, waar destijds jaarlijks zo'n 15 miljoen boeken omgingen. Mooie foto's van jaren '70 boeken, opgestapeld in gigantische hallen die nu niet meer bestaan. Ik blijk inmiddels 3 Proost Prikkels in mijn bezit te hebben. Over mijn vorige aanwinst, nummer 287, schreef ik hier. De serie loopt nog steeds en is inmiddels de 450 gepasseerd. De firma Proost heeft daarom een catalogus geproduceerd van alle verschenen uitgaven. Ik heb even overwogen een verzameling Proost Prikkels te beginnen, maar heb daar toch maar uit kostenoverwegingen van afgezien.

Het was echt eurodag, want even later liep ik op het station en zag daar een boekje van Geert Mak, "Het eiland", dat maar 1 euro koste. Het is een miniboekje in een nieuwe reeks van uitgeverij B for Books met een mooi doel: "Elke maand verschijnt een nieuw Literair Juweeltje, een goed toegankelijke tekst van een bekende schrijver in een mooi vormgegeven boekje. (...) Zo proberen we van niet-lezers lezers te maken en van weinig-lezers hopelijk graag-lezers" Waarom die uitgeverij dan "before books" heet is mij een raadsel, want before books waren er ook geen lezers... Het verhaal van Mak verscheen overigens al eerder, in zijn boek "De engel van Amsterdam" en beschrijft een krakersgemeenschap op het KNSM-eiland in Amsterdam tot begin jaren '90. Mak vertelt hoe junks, krakers, gelukszoekers, verschoppelingen samenleven op dit stuk Amsterdam, voordat de grote nieuwbouwprojecten startten. Hij beschrijft de onderlinge relaties en ruzies van de mensen en uiteindelijk hoe de plek ontruimt wordt. Omdat het daadwerkelijk geschiedenis is, is wat hij beschrijft ook te traceren. Zoals het volgende: "En toen daalde, alsof de hemel openscheurde, Mutoid Waste neer op het eiland. Plotseling, op een zonnige junimiddag in het jaar 1989, waren ze er. Vijf, zes grote bussen, een generator en een hijskraan reden het eiland op. (...) De Mutoid Waste Company was een dertig man sterke groep die al een jaar of vijftien door Europa trok en zich vestigde op alle plaatsen waar voldoende afval voorhanden was: sloperijen, fabrieken en grote steden. Op dit soort dumpplaatsen vonden ze de bouwstenen voor hun kunstobjecten, die het verhaal moesten vertellen van de zinloosheid van de westerse wegwerpmaatschappij. (...) Ze maakten een poort van aan elkaar gelaste autowrakken. Ze maakten grote vlinders en sprinkhanen van buizen en plastic afval. Aan de kust zetten ze op de hoogste duintop een gigantische vuist van pijpen en vaten, tussen de rookpluimen van de Hoogovens."  En deze is ook mooi: Fraai om te zien dat het verhaal van Mak beelden krijgt. Een mooi cadeautje voor mijzelf in deze kerstdagen. 

12 december, 2005

83 - Bubb 3 – Sneuper 0 (en een rectificatie)

Helaas moet ik bij deze de droeve mededeling doen dat ik niet één van mijn drie begeerde kavels bij de jongste veiling van Bubb Kuyper heb binnengehaald. Het ergste van alles is nog wel dat het kavel waarvan ik bij nader inzien vond dat ik er toch op had moeten bieden, voor een beperkte prijs is weggegaan, terwijl de andere twee kavels meer hebben opgebracht dan gedacht.

Kavel 1591, met die prachtige Nesico, Bordewijk, Vestdijk "and 21 others", door Bubb Kuyper ingeschat op € 80-100, ging inderdaad voor het luttele bedrag van € 100 over naar een nieuwe, ongetwijfeld dolblije, eigenaar. Had ik deze kavel willen binnenhalen, dan had ik natuurlijk meer moeten bieden dan die € 100, maar zou het veel meer dan € 120 geworden zijn? Ik zal het helaas nooit weten.

De andere kavels zijn ruim boven mijn maximum uitgegaan.
Slauerhoff, Roland Holst en Du Perron (1930)
Kavel 1597 (Du Perron, Nescio, Van Looy), waar ik maar liefst 55 euro voor wilde geven ging weg voor 85 euro. En kavel 1614 (Slauerhoff, Elsschot, Bordewijk) was voor mij 80 euro waard
maar ging weg voor 100.


Vestdijk en Du Perron (Scheveningen, 1933)

Wat is de les van dit alles? Dat ik volgende keer nog beter moet nadenken wat ik nu eigenlijk precies wil en voor welke prijs ik de boeken wil kopen. En dat ik dus niet gierig moet zijn. Het heeft niet zoveel zin om het risico te spreiden: beter fors inzetten op één kavel, dan matig op een paar kavels: geboden wordt er toch wel en dan maar liever een knock-out bod doen op iets dat ik toch graag wil hebben.

De tragiek is nu dat ik onderdelen van deze kavels ongetwijfeld over enige tijd ga terugvinden in catalogi van antiquariaten. En dan ga ik onvermijdelijk toch een paar boeken kopen, waarna ik in totaal meer kwijt zal zijn dan ik zou zijn geweest als ik gewoon een beetje slim had geboden.

Maar soit, gebeurd is gebeurd. Het leven van een boekenverzamelaar gaat niet over rozen, maar dat wisten we al.

Iets anders is dat ik had verkondigd dat ik het boek van Paul Collins, Sixpence House, een wat negatief boek vond qua Engelsen en Engeland. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik het boek nog lang niet helemaal gelezen had, en mijn oordeel dus was gebaseerd op het eerste deel van het boek. Maar nu ik er wat verder in ben valt het eigenlijk wel mee met die Collins. Hij zeurt net zo hard over Amerikanen als over Engelsen, en in een aantal gevallen toont hij zich Anglofiel (b.v. over de Engelse kranten). Maar eigenlijk is dat zijdelingse informatie. Collins komt op dreef als hij gaat schrijven over de boeken die door zijn handen gaan wanneer hij de afdeling “Amerika” van een plaatselijk antiquariaat moet reorganiseren. Een prachtige passage is wanneer hij beschrijft hoe je boeken beoordeelt op basis van hun omslag. Neem deze passage: “If a book cover has raised lettering, metallic lettering, or raisend metallic lettering, then it is telling the reader: ‘Hello. I am an easy-to-read work on espionage, romance, a celebrity and/or murder.’ To readers who do not care for such things, this lettering tells them: ‘Hello. I am crap’” Verder gaat hij in op beschrijvingen van het boek op de achterkant, geciteerde recensies en auteursfoto’s: “If a color photo of het author occupies the entire front cover, the book is unequivocal crap.” Van dat soort zinnetjes hou ik dus...

Collins heeft een boek geschreven waar volgens mij buiten boekensneupers maar weinig mensen in zijn geïnteresseerd of die velen niet zullen begrijpen. Zoals hij schrijft over het stiekem wegzetten van mooie vondsten in antiquariaten op verborgen plekjes in de kast, zodat je een volgende keer de aankoop kunt doen… dat doe ik ook! Kortom, toch maar uitlezen dat boek voor Collins. En dat moet ook, want veilingen leveren mij niets op dus verse boeken laten nog even op zich wachten...

01 december, 2005

82 - Nagelbijtend wachten op Haarlem

Ik mag dan inmiddels een door de wol geverfde koper op eBay en Markplaats en dergelijke online veilingsites zijn, met fysieke veilingen heb ik weinig ervaring.

Dat is niet zo raar, want dit soort veilingen zijn meestal overdag en/of ver weg, in elk geval verhinderen mijn werkende bestaan of mijn gezinsleven dat ik naar veilingen toe ga om mijn slag te slaan. Tot mijn grote verdriet, want ik realiseer me dat ik geregeld boeken te duur koop in antiquariaten of via internet, die ik mogelijk veel goedkoper via een veiling had kunnen bemachtigen.

Maar zo is het leven, en het houdt het zoeken naar boeken ook een beetje levendig.

Desalniettemin ben ik erg verheugd met Bubb Kuyper. Niet alleen worden daar hele mooie boeken geveild, maar de actuele catalogus is uitvoerig online te bekijken. Het is de derde veiling van de bibliotheek van Boudewijn Büch die plaatsvindt, maar in de slipstream daarvan zijn er nog tal van andere interessante lots. Doordat het zo'n toegankelijke site is, is online bieden erg makkelijk en verleidelijk. Die verleiding heb ik niet kunnen weerstaan, waardoor mijn eerste stappen in dit soort veilingen zijn gezet.

Het mooie van de site van Bubb Kuyper is dat het mogelijk is te zoeken in alle eerdere veilingresultaten. Dat is erg behulpzaam bij het vaststellen van de biedprijs: je kunt goed vergelijken of items waar je op gespitst bent in het verleden ver boven de richtprijs zaten, of niet.

Nadat ik een fikse tijd door de catalogus had gescrolld, heb ik mijn oog laten vallen op drie lots:

1591 Nescio. Mene tekel. Amst., De Bezige Bij, 1946, 1st ed., 44,(2)p., orig. boards (boards partly browned). Blijstra, R. IJzeren vlinders. Bussum, W.N. Dinger, 1927, 1st ed., 75,(4)p., frontisp. A.C. WILLINK, printed in 200 numb. copies, orig. wr. (usual foxing, wr. partly discol., backwr. small stain). - AND 21 others, incl. first editions by F. BORDEWIJK, Haagse mijmeringen (1954, one of 150 clothbound copies w. dustwr.), C. VAN BRUGGEN, Eva (1928), J. SCHEPENS, J. Greshoff, een studie (1938, one of a very small number of copies on handmade paper, signed and "P.E. Geschept papier" by A.A.M. Stols), S. VESTDIJK, De verdwenen horlogemaker (1939).

Om een of andere - achteraf raadselachtige - reden heb ik hier niet op geboden. Stom natuurlijk, want de Bordewijk is prachtig, de Nescio zoek ik al een tijdje en er zitten nog meer dan 15 andere boeken tussen die uit hetzelfde tijdsgewricht komen en dus ongetwijfeld prachtig zijn. Hier heb ik nu al spijt van. Ik heb niet geboden omdat ik dit lot heb afgewogen tegen twee andere, die hieronder staan. Bieden op alledrie werd iets te begrotelijk. Maar heb ik nu een verkeerde keuze gemaakt? Oordeel zelf...

Waar ik wel op geboden heb zijn de volgende items:

1597 Perron, E. du. Het land van herkomst. Amst., Querido, 1935, 1st ed., 496p., orig. giltlettered buckram. = With the often lacking "Verbeteringen" leaf. Batten/ Stols 24.
Nescio (J.H.F. Grönloh). Dichtertje. De uitvreter. Titaantjes. Rott., Nijgh & Van Ditmar, 1933, 2nd ed., 140,(1)p., orig. gilt cl. P.A.H. HOFMAN. - AND 4 others in 6 vols., i.a. J. VAN LOOY, De Wonderlijke Avonturen van Zebedeus (Amst., 1925, 3 vols., woodcut bookdec. J.B. HEUKELOM, orig. unif. wr. One vol. tear in frontwr., otherwise fine).

Het ging mij vooral om de tweede druk van Nescio, waarvoor ik de richtprijs geen slechte vindt en Du Perron is ook leuk. Extra leuk is dat er een aantal andere boeken bij zit, waar ik het bestaan niet van ken, omdat ik niet naar de kijkdagen ben geweest. Mocht ik dit lot winnen, dan wordt het nog spannend. De richtprijs van Bubb Kuyper is 40-50 euro, ik heb maximaal 55 euro geboden.

1614 Slauerhoff, J. Jan Pietersz. Coen. Drama in elf tafereelen. Maastr./ Brussels, A.A.M. Stols, n.d. (1931), 1st ed., 97,(1)p., orig. pict. cl. J. FRANKEN PZN. (Van Dijk 258). Elsschot, W. De leeuwentemmer. Amst., P.N. van Kampen, n.d. (1940), 1st ed., 116p., orig. cl. (owner's entry on first free endpaper). - AND 7 others in 8 vols., i.a. IDEM. Het been. Introd. M. ter Braak (Ibid., idem, n.d. (1931), 1st ed., orig. cl. Fine); F. BORDEWIJK, Noorderlicht (Rott./ The Hague, 1948, 1st ed., orig. gilt and dec. cl. Owner's entry on first free endpaper) and IDEM, Apollyon (Rott., 1941, 1st ed., orig. (sl. duststained) cl.).

Ook bij dit item gaat het mij niet in de eerste plaats om het hoofditem, Slauerhoff, maar om wat er verder bij zit: de eerste drukken van Noorderlicht en Apollyon die ik al een hele tijd zoek. En ook de Elsschot-uitgaven zijn leuk. En wat zou er verder nog bijzitten? De richtprijs is 50-70 euro, mijn bod is maximaal 80 euro.

Inmiddels zijn de items geveild. Ik ben erg benieuwd naar het resultaat. Heb ik de juiste keuze gemaakt en heb ik mijn twee items binnen? Dat kost me dan maximaal 135 euro plus 23,4% toeslag, is 166,59 euro. Flink wat geld, voor een fantastische uitbreiding voor mijn boekenkast? Wat zou het derde item hebben opgebracht? Maak ik de volgende keer een verstandiger keuze?

Nagelbijtend wacht ik de berichten uit Haarlem af.

28 november, 2005

81 - Twee keer raak bij Nayler & Co

Soms moet een boekenzoeker zijn intuïtie volgen. Zoals ik deed toen ik op de Denneweg in Den Haag liep. Ik herinnerde me dat ik daar een tijdje geleden bij Nayler & Co "Among the gently mad" van Nicholas Basbanes kocht, en met mijzelf afsprak nog eens terug te gaan omdat ik de indruk had dat het een prachtig modern antiquariaat was. Nu was het dan zover en ziedaar: ik werd niet teleurgesteld. Want Nayler & Co blijkt een aardige leverancier van boeken over boeken te zijn. Boeken over boeken zijn de laatste tijd mateloos populair en er zijn tal van schrijvers die zich hierop richten en die in staat zijn de juiste snaar te treffen bij de boekenliefhebber. Ik noemde al Basbanes, maar bekend zijn ook John Baxter (A pound of paper), Tom Raabe (Biblioholism), David Meyer (Memoirs of a book snake) of Harold Rabinowitz (A passion for books). 


Bij Nayler & Co vond ik weer twee heel andere boeken.In de eerste plaats het derde boek van het schrijversechtpaar en boekverzamelaarsechtpaar Lawrence & Nancy Goldstone: "Warmly inscribed. The New England Forger and Other Book Tales". De omslag van dit boek staat vol juichende opmerkingen over hun eerdere boeken "Used and rare. Travels in the bookworld" en "Slightly chipped. Footnotes in booklore". Ik denk dat veel van hun inspiratie in deze boeken is gaan zitten want hoewel "Warmly inscribed" een prettig leesbaar en herkenbaar boek over boeken is, mist het toch de toon die het tot een briljant boek zou maken. Vermoedelijk hebben de eerste twee titels dat wel. Het echtpaar schrijft vooral over hoe zij zelf als schrijvers van boeken over boeken door het leven gaan, onder andere bij het bezoeken van bibliotheken, veilingen, boekenbeurzen en bij het geven van lezingen. Het boek staat vol met verwijzingen naar (voor mij onbekende) Amerikaanse antiquariaten en (voor mij onbekende) auteurs, zoals een lyrisch hoofdstuk over (de voor mij onbekende) Max Beerbohm. Het echtpaar gaat uitvoerig in op "the New England forger", een man die boeken met vervalste handtekeningen van auteurs verkoopt. Ze beschrijven hoe de markt voor gesigneerde boeken in elkaar zit en hoe de man uiteindelijk tegen de lamp loopt. Dat gebeurt onder meer doordat hij in zijn eerste vervalsingen zijn eigen boekstempel zet, een zogenaamd 'blindstamp'. Later niet meer, maar voor een aantal boeken is het spoor zo terug te volgen. 

Als verzamelaars kopen de Goldstones het boek dat uiteindelijk tot zijn ondergang leidde: met vervalste handtekeningen, maar door het verhaal erachter waardevol. Ze vragen zich af of boeken gesigneerd door de vervalser zelf, niet ook een verzamelobject kunnen worden en zij overwegen hun boek met vervalste handtekeningen door de vervalser te laten signeren (volgt u het nog?). Dat is een interessante gedachtegang, maar tot mijn verbijstering trof ik bij Amazon een exemplaar van dit boek van de Goldstone mét het stempel van de New England forger én de handtekeningen van de Goldstones. Dus de New England forger heeft een boek over hemzelf en zijn blindstamp, gestempeld met zijn blindstamp, en vervolgens laten signeren door de auteurs. Zijn die handtekeningen nu echt of vals? Of is dat stempel vals? Dit is een heel dubbelzinnig exemplaar, dat is waarschijnlijk de reden dat het voor iets meer dan 500 dollar werd aangeboden. Bij mijn laatste check was het inmiddels weg: iemand had hier veel geld voor over. 

Het tweede boek dat ik kocht is "Sixpence House" van Paul Collins. Ik weet niet zeker of dit een roman is of een verslag of een geromantiseerd verhaal, maar het gaat over een bibliofiel (Collins zelf) die besluit met vrouw en kind vanuit San Francisco naar het boekenstadje Hay-on-Wye in Wales te verhuizen. Hay-on-Wye is onder meer de inspirator geweest van de Nederlandse boekenstad Bredevoort. Zie voor een overzichtje van boekensteden in de wereld mijn verzameling boekenlinks. Collins beschrijft naast zijn leven als bibliofiel in een boekenstad vooral zijn verbazing over Britse gewoontes (op eetgebied, met betrekking tot huizen, over boeken, etc.) maar doet dat helaas nogal negatief. Britten zijn dom, vreemd en doen het allemaal een stuk minder goed dan Amerikanen. Dit boek is dus duidelijk voor de thuismarkt geschreven, maar iets meer respect voor de Britten had wel gemogen. Desondanks is het wel een grappig boek, boordevol details over boeken en boekliefhebbers. Lees hier een interview met de schrijver. Zo bleek maar weer dat met mijn intuïtie niets mis is. Hierdoor was ik voor nog geen 10 euro weer twee fraaie boeken over boeken rijker. Ik denk dat ik maar eens een subcollectie ga maken van boeken over boeken. Ik heb natuurlijk al veel van Büch over dit thema, maar zo langzamerhand blijkt het internationale aanbod op dit gebied toch ook niet mis te zijn. 

18 november, 2005

80 - Google leest mijn weblog mee

We hebben natuurlijk allemaal de berichten gehoord over de belangstelling van Google voor boeken, namelijk het willen scannen van boeken en toegankelijk maken via internet, inmiddels volgt Microsoft het voorbeeld.

Ik las hier een hilarisch artikel over een nieuwe Googledienst, namelijk Google Purge. Een citaat:
"As a part of Purge's first phase, executives will destroy all copyrighted materials that cannot be searched by Google. (...) 'Thanks to Google Purge, you'll never have to worry that your search has missed some obscure book, because that book will no longer exist. And the same goes for movies, art, and music.' (...) Some analysts speculate that the categories of information Google will eventually index or destroy include handwritten correspondence, buried fossils, and private thoughts and feelings."
Ik vrees dat de helft van mijn bibliotheek het slachtoffer wordt van Google Purge, ik het teveel "obscure books". Morgen begin ik te graven aan mijn ondergrondse bibliotheek.

Nu leek Google altijd ver weg, behalve dat het lezers naar mijn weblog stuurt (en daar ben ik weer dankbaar voor). Maar gisteren zag ik dit lijstje bij mijn teller:

1.
17 november
16:54

Chello, Nederland
2.
17 november
16:57
XS4all Internet B.V., Nederland
3.
17 november
17:12
Skynet Belgacom, België
4.
17 november
17:26
Scarlet Network, Nederland
5.
17 november
18:06
Tiscali, Nederland
6.
17 november
18:12
Planet Internet, Nederland
7.
17 november
18:36
EuroNet Internet, Amsterdam, Nederland
8.
17 november
19:08
Casema NV, Nederland
9.
17 november
19:11
Google Inc., Mountain View, Verenigde Staten
10.
17 november
19:19
Telenet, België

Oei, Google leest mee... Ik schrijf natuurlijk over het zoeken naar boeken. Willen ze mij misschien inhuren in hún zoektocht naar boeken, om ze te kunnen indexeren?

Vergeefs natuurlijk, want ik en jullie weten dat er niets gaat boven een echt boek, de geur van lijm, het ritselen van het papier, het voelen van het omslag... daar kan geen eBook tegenop!


11 november, 2005

79 - Max Havelaar op 12 november 2005 op TV

Voor wie deze post nog tijdig leest - gelukkig mag ik nog altijd zo'n 50 mensen per dag ontvangen - zet de DVD recorder op scherp: Max Havelaar komt op TV, op 12 november bij RTL 7. De film over het allerbeste, allerbelangrijkste en allerberoemdste boek uit de Nederlandse literatuur moet je toch wel één keer in je leven gezien hebben. 

Deze film stamt uit 1976 en werd geregisseerd door Fons Rademakers. Rademakers heeft meerdere films gemaakt die raakvlakken hebben met Nederlandse literatuur: "Dorp aan de rivier" (1958) naar het gelijknamige boek van Antoon Coolen, "Het mes", gebaseerd op een verhaal van Hugo Claus, "Als twee druppels water" (1963), gebaseerd op "De donkere kamer van Damocles" van W.F. Hermans, "Mira"(1971) waarvan het scenario is geschreven door Hugo Claus naar de roman "De teleurgang van de Waterhoek" van Stijn Streuvels, "Because of the cats"(1973) met alweer een scenario van Hugo Claus, dit keer naar de gelijknamige roman van Nicholas Freeling en natuurlijk de oscarwinnaar "De aanslag" uit 1986 naar het boek van Mulisch. Voor wie al dit moois wil zien is er een DVD box te koop met alle Rademakers-films. 

Maar wie dat - net als ik - wat teveel van het goede vindt is er nu dus de Max Havelaar op TV. Havelaar wordt gespeeld door Peter Faber, Rutger Hauer is ook van de partij (als Duclari), evenals Joop Admiraal en Sacha Bulthuis. Het camerawerk is van Jan de Bont. Deze film won dan misschien geen Oscar, maar wel de zwaar onderschatte speciale juryprijs op het Filmfestival van Teheran, en daarnaast nog een ereprijs op het Filmfestival van Napels en de Bodil, als beste niet-engelstalige film in Denemarken. 

De film is zoveel mogelijk op authentieke locaties opgenomen. Zo vond men het originele huis waar Multatuli zelf had gewerkt. Uiteraard ging er tijdens de opnamen van alles mis: er ontsnapte een tijger tijdens de opnamen, er ontstond er een rel toen een Nederlandse vlag te lang bleef wapperen op een paleis en met allerlei kunstgrepen moest de lokale bevolking bij de opnamen op afstand worden gehouden. En ondanks dat het een Nederlands-Indonesische coproductie was, was men in Indonesië nogal ontzet over het feit dat ook de Indonesische prinsen in een slecht daglicht werden gezet in de film. Daardoor bleef Max Havelaar tot 1982 verboden in Indonesië. Desalniettemin scheef Newsweek over het resultaat: "A movie that opens up a whole new world". Gaat dat zien dus, morgenavond 12 november om 20.30 uur op RTL7. Voor wie eerst de recensie uit de New York Times uit 1979 wil lezen, klik hier (wel inloggen, haal een inlognaam op bij bugmenot.com). 

09 november, 2005

78 - Boekenblogs

Recentelijk heb ik een paar interessante boekenblogs ontdekt, die ik graag met jullie deel

BookLust beschrijft uiteraard boeken, maar ook meer dan dat: cartoons, kunst en illustraties. Gelukkig is eenvoudig te zoeken via de verschillende categorieën.

BibliOdyssey is een weblog over boeken, wetenschap en boekillustraties. Om niet te zeggen: prachtige illustraties.

Rare book news heeft uiteraard een dagelijkse portie nieuws over zeldzame boeken. Leuk om te lezen wat er in de wereld van boeken gebeurt, hoewel het vaak aan de andere kant van de oceaan is.

In Box of books schrijft iemand over het lezen van en verzamelen van literatuur. Herkenbaar!

En dan een blog waarvan alleen al de titel klopt: Books do furnish a room, de vertelsels van een tweedehands boekhandelaar in North Carolina.

Dit zijn een paar nieuwe ontdekkingen. Voor een lange lijst boeklogs - vooral ook Nederlandstalige - kijk even op mijn pagina met boekenlinks in de categorie weblogs en boekenlinks.