Boekennieuws

Loading...

zondag, april 28, 2013

De weg naar mijn boekenkast


Dat zich continu een gestaag stroompje boeken naar mijn boekenkast begeeft blijft mij altijd weer verbazen. Bijna routineus spot ik online en offline de plekken waar mogelijk boeken te koop zijn en altijd is er wel weer een boek waarvan ik niet van tevoren wist dat ik het wilde hebben, maar dat intussen in mijn boekenkast staat. Zo was ik afgelopen week in Nieuwegein. En omdat vrijwel elke gemeente wel een kringloopwinkel heeft en elke kringloopwinkel een boekenafdeling, maakte ik tussen twee vergaderingen even tijd om naar de Utrechthaven 5 te gaan. Een korte tijd later liep ik tevreden naar buiten met een genummerd exemplaar van Niccolò Ammaniti's Het laatste oudejaar van de mensheid. Het was nummer 59 van de 100 exemplaren die Uitgeverij Lebowski ter gelegenheid van de jaarwisseling aan relaties had gestuurd. Hoe nummer 59 ooit in de kringloopwinkel in Nieuwegein terecht is gekomen zal altijd wel een raadsel blijven. Maar gelukkig geldt dat raadsel niet voor andere boeken.

Een paar weken geleden zag ik een paar advertenties voor uitgaven van Stichting de Roos, toch altijd nog mijn favoriete bibliofiele serie, op Marktplaats staan. De aanbieder woonde in Utrecht en omdat ik daar toch moest zijn, bood ik aan ze op te komen halen. Los van het feit dat ik ze voor een mooie prijs mee kon krijgen, was het ook een kans om meer te weten van de herkomst van de boeken: van wie waren ze en waarom werden ze verkocht?

Maar sta mij toe de hoofdpersonen van dit stukje te introduceren. Het gaat achtereenvolgens om:
The hunting of the snark van Lewis Carroll uit 1966
Kindje wiegen van Jan Engelman uit 1975
Muzikale beelden van Willem Wilmink uit 1995
Parijs journaal van Anneke Brassinga uit 2004

Vier boeken die samen bijna 40 jaar omspanden. Anders dan de eigenaar kon ik verder geen overeenkomst tussen de boeken ontdekken. Waarom deze vier? Wellicht kon de bijna ex-eigenaar er meer over vertellen.

De verkoper woonde in een prachtig huis in hartje Utrecht. Zij vertelde dat haar man een aantal keer door de Roos was gevraagd om illustraties te verzorgen voor uitgaven. Hoewel ik niet verder kwam dan de hal van het huis zag ik daar ook een paar fraaie etsen hangen. Die waren ook van haar man. Kortom, hier woonde een echtpaar omringd door de schone kunsten die ook hun bijdrage hadden geleverd aan mooie uitgaves van het bibliofiele boek. Niet dat de door mij gekochte boeken per se door haar man waren geïllustreerd, maar wie regelmatig met De Roos samenwerkt doet dus ongetwijfeld een paar leuke uitgaven op.

Het werd mij niet helemaal duidelijk waarom juist deze 4 verkocht werden. Misschien wel omdat die geen etsen van de echtgenoot bevatten. Wat mij ook niet helemaal duidelijk werd, was of het huis nog meer schatten bevatte: waren er nog meer uitgaven van De Roos beschikbaar? Of andere bijzondere boeken? Wat zou ik graag eens in de boekenkasten kijken. Maar zover kwam het natuurlijk niet. Ik heb wel gezegd dat als er nog iets opdoek, ik sowieso geïnteresseerd was.

Maar voorlopig bleef het bij deze vier. Ze staan in mijn immer groeiende rijtje uitgaven van De Roos. En ik kan weer genieten van de bijzonderheden van deze uitgaven. Zoals de uitklapbare illustraties in het boek van Brassinga, de tekeningen in het boek van Wilmink of de opmaak van het boek van Carroll. Elke uitgave van De Roos kent zijn eigen bijzonderheden en zijn daarom uniek, omdat ze uitdrukking geven aan de samenwerking tussen verschillende kunstenaars en auteurs. Genieten!

woensdag, april 03, 2013

Het antiquarische circuit

Vandaag kocht ik bij een Bruna in Den Haag het nieuwste deeltje in de serie Literaire Juweeltjes. De goedkope maandelijkse kleine boekjes die nu al enkele jaren verschenen lagen zoals altijd in hoge stapels in de winkel.

Opmerkelijk was het naschrift in het Literair Juweeltje van deze maand. Daar stond namelijk:
Het bosgraf verscheen als een van de allereerste Literaire Juweeltjes in 2006 en is sindsdien een veel gezochte titel in het antiquarische circuit.
Het is kennelijk mogelijk dat een boekje uit de serie Literaire Juweeltjes zodanig gewild is, dat de uitgever (die kennelijk bestookt werd door mails van wanhopige fans) genoodzaakt was het verhaal opnieuw te publiceren. Tot grote opluchting van die uitgever bleek dit mogelijk, want:
... stelde de auteur ons in de gelegenheid Het bosgraf te herdrukken, opdat het verhaal ook voor nieuwe lezers beschikbaar is.
Ik heb een tijdje geprakkizeerd over dit naschrift. Allereerst over dat antiquarische circuit. Is dat de plek waar oude boeken in hoog tempo rondjes rijden? Of wordt daarmee een circuit van handelaren in tweedehands boeken bedoeld? Dat laatste zou betekenen dat het antiquarische circuit onder meer bestaat uit de winkels van De Slegte en collega's, marktplaats.nl en boekwinkeltjes.nl.

Ik besloot de proef op te som te nemen en te zien of het antiquarische circuit een de mogelijkheid bood deze veel gezochte titel aan te schaffen. De Slegte heeft op dit moment twee exemplaren van Het bosgraf beschikbaar, respectievelijk in Leiden (€ 4) en Brugge (€ 4,50).  Op boekwinkeltjes.nl worden nog eens 12 exemplaren aangeboden voor een bedrag tussen € 2 en € 5. En markplaats.nl telt 14 advertenties met Het bosgraf, met prijzen vanaf € 1.

Deze korte verkenning van het antiquarische circuit leert mij dat ik vanavond nog tenminste 28 exemplaren van Het bosgraf zou kunnen bezitten voor gemiddeld 2,5 euro per stuk. Ik vind persoonlijk één bosgraf wel genoeg, maar het is mij dus een raadsel waar de uitgever zijn stelling op baseert dat deze titel veelgezocht is, zelfs zodanig dat het dringend herdrukt moest worden.

Als ik verder op marktplaats kijk, worden literaire juweeltjes meestal per set aangeboden: met tientallen tegelijk, tot een maximum van 83 stuks (voor € 160). De duurste afzonderlijke titel is Zielenschemering van Couperus voor € 9,50 en daarna Het team der wezen van Brusselmans voor € 7,50. Beide zijn - voor wie even verder zoekt op deze site - ook voor een euro te koop. Ik heb overigens nooit begrepen wat mensen drijft om zulke relatief absurde bedragen voor dit soort boekjes te vragen. Net als andere boeken: veel op Marktplaats is wanhopig hoog geprijsd, en daarmee onverkoopbaar.

Misschien ben ik er echter zelf wel deels de oorzaak van. In een stukje over de toen nog jonge serie Literaire Juweeltjes uit 2006 beschreef ik de moeite om Niemand op heel Vlieland  te vinden van Vonne van der Meer, en constateerde ik dat de prijs opliep tot wel € 15. Deze opmerking van mij heeft vervolgens Wikipedia gehaald (zie hier, jammer genoeg zonder bronvermelding). De macht van de blogger! Want dit suggereert dat boekjes die in het geheel niet zeldzaam zijn toch waarde hebben. De quote uit Wikipedia wordt vervolgens grif gelezen en vertaald in hoge vraagprijzen, maar ook overgenomen door deze site, die van de weeromstuit de prijs van het boekje van Van der Meer verdubbelt ten opzichte van de andere juweeltjes.

Het zijn eigenlijk net aandelen, die boeken. Het minste gerucht is genoeg om de prijs op te jagen. Misschien ga ik op deze manier - via de Wikipedia-route - de waarde van mijn andere boeken ook maar eens opvoeren. Wisten jullie bijvoorbeeld dat voor het boekenweekgeschenk van Kees van Kooten grif tientallen euro's wordt betaald? Voor wie heel snel reageert heb ik er nog ééntje liggen...


zaterdag, maart 23, 2013

Feest der letteren 2013

Net als andere jaren keek ik ook dit jaar weer uit naar het Feest der Letteren in de Bijenkorf. Ik keek uit naar de kleine tafeltjes met lange rijen, de krappe doorloop en naar het laten signeren van allerlei boeken die al lang in mijn boekenkast staan. En zoals ik erover scheef naar aanleiding van de editie 2009, de editie 2011 (deel 1, deel 2, deel 3) en de editie 2012 (deel 1, deel 2) zal ik ook schrijven over de editie 2013.

Ondanks dat ik intussen al heel wat gesigneerde boeken in mijn bibliotheek heb, verbaast het mij dat ik nog zoveel boeken heb die een handtekening nodig hebben. Deze keer waren de oude getrouwen Jan Siebelink, Geert Mak en Anna Enquist aangekondigd, maar daarnaast een paar 'debutanten' in de Bijenkorf, althans wat mij betreft. Net als andere jaren vond ik het overigens best rustig in De Bijenkorf. Na de eerste drukte waren er al snel tafels zonder wachtende lezers, zodat de auteurs maar met elkaar gingen praten. En ook miste de jaarlijkse eigen uitgave van De Bijenkorf ter gelegenheid van de literaire boekenmaand. Vanaf de eerste uitgave van W.F. Hermans uit 1985 tot de Inflatiekroketten van Sylvia Witteman uit 2012 was elk jaar een boekje verschenen. Maar dit jaar dus niet. Is ook aan deze traditie een einde gekomen?

Maar gelukkig waren er nog wel de auteurs. Tot mijn grote plezier was bijvoorbeeld Oek de Jong aanwezig. Zijn boek Opwaaiende Zomerjurken vond ik als scholier al een verpletterende leeservaring en sindsdien waren er wel wat titels bijgekomen. Dat was het eerste stapeltje in mijn tas. In mijn rondje langs Amsterdamse antiquariaten vond ik zowaar nog een exemplaar van zijn verhaal De geit, in 1989 als nieuwjaarsgeschenk verschenen bij Meulenhoff. Dit kleine boekje verraste Oek de Jong, hij zag het niet vaak. Net als het losse verhaal Lui oog dat verscheen in de serie "Vertellingen voor één nacht" van Meulenhoff. Beide heeft hij daarom met veel plezier gesigneerd.

Een andere auteur op die dag was Remco Campert. Vorig jaar zou hij er ook zijn, maar had hij zijn arm gebroken. Dat signeert natuurlijk lastig, dus was er geen gelegenheid om mijn boeken te laten signeren. Maar dit jaar had ik onder andere zijn debuut Vogels vliegen toch bij mij, en deze is nu voorzien van een handtekening van de auteur. En in diezelfde ronde langs Amsterdamse antiquariaten vond ik tot mijn grote verrassing bij Kok in de Oude Hoogstraat de langgezochte lezing van Campert in het kader van de boekenweek 1985 met de titel Somberman's maandag. Voor 2 schamele euro's, terwijl deze uitgave tot wel 45 euro moet kosten. En nu is mijn exemplaar ook nog gesigneerd. Net als de speciale uitgave Bewaarplaats, door Campert geschreven ter gelegenheid van de viering van het vijftigjarig bestaan van het Letterkundig Museum te Den Haag op 3 december 2004 (lees hier waar ik dit werkje kocht). Hoewel ik daar heel blij mee ben, ben ik ook wel bezorgd: ik vond Campert erg breekbaar en oud geworden. Ik wens hem een lang leven toe, maar het wordt steeds zichtbaarder hoe oud hij wordt.

Naast deze auteurs was er natuurlijk Kees van Kooten. Eindelijk kon ik mijn boeken van hem ook laten signeren. Uit één boek dwarrelde een herinneringskaartje: ik bleek het gekregen te hebben bij mijn eindexamen middelbare school. Het stond dus al heel wat jaren in mijn kast, maar nu met de erkenning door de auteur in de vorm van een handtekening. Net zoals een heel serie andere boeken van Van Kooten.

Erg grappig was de ontmoeting met Yasmine Allas. Van haar had ik bij Kok het essay Ontheemd en toch thuis gekocht en zij moest lachen toen ze het zag. Kennelijk had ze niet gedacht het nog eens te zien. Eerlijk gezegd begreep ik de humor ervan niet, maar ik ben blij met een gesigneerd exemplaar. Net zo leuk was het contact met Jan Siebelink. Eindelijk had ik een eerste druk van Knielen op een bed violen gevonden, via Marktplaats natuurlijk, en samen bladerden we door het boek om vast te stellen dat het daadwerkelijk een eerste druk was. En ook deze prijkt nu met handtekening in de kast. Ook een exemplaar van zijn roman Oscar die ik bij De Slegte in de Kalverstraat vond is nu gesigneerd. Verder was er nog Wim Hazeu. Bekend van de boekenweek uitgave 40+ Literaire Radioportretten waarin hij de grappige opdracht schreef dat hij inmiddels 70+ was in plaats van 40+... Hazeu stond met iemand te praten toen ik er aan kwam. Mijn zojuist bij Kok gekochte roman van hem De helm van aarde uit 1981 herkende hij al van ver. "Daar komt iemand met De helm van aarde, zei hij, dus nu moet ik signeren!".

Met Tommy Wieringa praatte ik een tijdje over zijn roman Joe Speedboot. Hij vroeg mij wat ik er van vond - en ik vind het een geniaal boek. Dat vond Wieringa zelf ook. Hij vertelde dat hij recent een meisje had ontmoet die had gezegd dat ze het niet zo'n goed boek vond, omdat er weinig in gebeurde. Wat mij betreft lijkt het verhaal op een achtbaan en is het een aaneenschakeling van gebeurtenissen. Maar, aldus Tommy Wieringa, het was een heel meisje dus hij vond het niet zo erg wat ze van het boek dacht.

Geheel verzadigd door al deze contacten en door een hele stapel vers gesigneerde boeken, ging ik huiswaarts. Ik hoop maar dat er volgend jaar weer een editie van het Feest der Letteren is. Alle ongesigneerde boeken in mijn boekenkast kijken er in elk geval reikhalzend naar uit.

zondag, februari 24, 2013

Start spreading the news...

Zo begint het beroemdste liedje over de Big Apple. En komende zomer zal ook ik daar een ruime week vakantie vieren: de reis is geboekt! Dat vereist natuurlijk een grondige voorbereiding: welke antiquariaten bevinden zich waar en wat zijn de boekwinkels die ik beslist niet mag overslaan?

Eén adres ligt uiteraard voor de hand: The Strand, op de hoek van 12th Street en Broadway. De boekwinkel met 24 kilometer boekenplank die wereldwijd legendarisch is.

Los van het feit dat ik The Strand grondig moet doorzoeken, is er één man die ik daar per se wil ontmoeten: Ben McFall. Dit is de man die al 35 jaar de afdeling fictie onder zijn hoede heeft en bekend staat als degene die alles weet. In de New York Times van 20 januari 2013 verscheen een prachtig artikel over hem. Mooie quote:
Back at his stall, he resumed his incessant sorting and culling of books that are carted over nonstop from the buying counter in the rear of the store.
There, the buyers — headed by the Strand’s owner, Fred Bass, 84, whose father, Benjamin Bass, opened the store in 1927 — acquire books all day long and pass all the fiction to Mr. McFall’s book-strewn nook a few shelves away.
“I like this spot because I can hear Fred but he can’t hear me,” the soft-spoken and unflappable Mr. McFall said. “That’s how I like it, because I like to say what I think.” 
 En deze:
He took a job at the Strand in 1978.
“Back then, it was a cruel place; I was the first nice person to work here,” Mr. McFall said.
Mr. Bass immediately assigned him to organize the store’s fiction section. Mr. McFall said he had spurned offers to manage other bookstores, and added, “I’m perfectly willing to sell low-end dresses here if it means keeping the Strand in business.” 

Deze man wil ik de hand schudden. En hem vragen mij te helpen met een grote stapel boeken naar buiten te lopen. En vervolgens mijn weg vervolgen naar een paar volgende adressen, waaronder Argosy (116 East 59th). En heeft iemand vervolgens nog tips?

donderdag, januari 24, 2013

Goede mensen

Zo luidt de titel van deze nieuwe, schitterende, roman van de Israëlische schrijver Nir Baram. Maar veel goede mensen heb ik in het boek niet in kunnen ontdekken. Wel een fascinerend en dramatisch verhaal dat zich afspeelt in Duitsland, Polen en Rusland in de jaren voor de Tweede Wereldoorlog (vanaf de Kristallnacht) en de eerste jaren van die oorlog (tot de Duitse inval in Rusland).

Centraal staan de gebeurtenissen van twee mensen, de Duitser Thomas en de Joodse Russin Sasja, die zich staande proberen te houden terwijl twee totalitaire systemen hun land, hun families en hun leven overweldigen. Elk op hun eigen manier proberen ze te overleven en ze maken daarbij keuzes waardoor ze zelf overleven maar de mensen die hen dierbaar zijn moeten verraden. Ze worden verblind door eerzucht en door het verlangen hun familie te redden. En dat niet alleen: uiteindelijk worden ze onderdeel van het systeem dat hen wil vernietigen, en ze dragen zo bij aan de dood van nog veel meer anderen. Thomas, doordat de resultaten van zijn werk door de Nazi's worden gebruikt om hele groepen in de Duitse en Poolse samenleving te vermoorden en Sasja omdat zij in dienst staat van de zuiveringsacties van Stalin.

Het boek laat op aangrijpende manier zien hoe machteloos Thomas en Sasja elk op hun manier zijn om zich te verzetten tegen de gebeurtenissen om hen heen. Elk stap die ze zetten brengt schade in hun omgeving, terwijl ze wanhopig proberen de gebeurtenissen te rationaliseren en een uitweg uit de rampspoed te rationaliseren. Maar om hen heen stort de wereld in. De gruwelijkheden volgen elkaar op. Wat knap is in de beschrijvingen van Baram is dat hij die niet expliciet beschrijft, maar flitsen toont. Juist door de afwezigheid van expliciete beschrijvingen komen die situaties hard binnen. De paniek onder de Joden in Duitsland voor de oorlog en de onmogelijkheid te ontsnappen. De angst onder de Joden in Polen na de bezetting, weergegeven in een beeld van joodse vrouwen in verschoten kleren en kale schoenen, die proberen een visum te krijgen. Een schijnwerper die kort schijnt op naakte gevangenen. En Thomas die het ziet maar alles ontkent, en zich blijft rechtvaardigen, zich wentelt in zijn eigen leed en niet wil zijn dat om hem heen duizenden worden vermoord. Evengoed Sasja, die bereid is honderden naar Siberisch kampen te sturen om haar broer te redden - iets wat uiteraard niet lukt.

Is dit dan een somber boek? Gek genoeg niet per se, het is gewoon heel goed en meeslepend geschreven. Om en om een hoofdstuk waarin dan weer Sasja, dan weer Thomas centraal staat. Uiteindelijk ontmoeten ze elkaar in een laatste onmogelijk plan om te overleven - zonder succes uiteraard. Het is een boek dat je beetpakt en niet loslaat, dat je aan het denken zet en dat op een unieke manier een beeld schetst van hoe gewone mensen proberen te overleven in een dictatuur. Lezen dus! Of lees anders nog wat recensies: hier, hier en hier.

woensdag, januari 02, 2013

Hoogtepunt van Nescio eindelijk in mijn verzameling

De najaarsveiling van Bubb Kuyper leverde mij deze keer eindelijk het boek op waar ik al zoveel jaar naar op zoek ben: één van de vijfhonderd exemplaren van de eerste druk van Nescio's Dichtertje/De Uitvreter/Titaantjes uit 1918, uitgegeven door de Haarlemse uitgever J.H. de Bois.

Dit boek is wat mij betreft één van de klassiekers in de Nederlandse literatuur, een iconisch en monumentaal boek dat lange tijd onbereikbaar voor mij was. Zo'n eerste druk van dit boek is hoort in de categorie uitzonderlijke boeken waartoe bijvoorbeeld ook Multatuli's Max Havelaar, De Avonden van Reve, De Donkere Kamer van Damocles van Hermans en Terug tot Ina Damman van Vestdijk behoren. Van al die boeken heb ik geen eerste druk in bezit, maar van Nescio nu wel.

Trouwe lezers van dit blog weten dat ik met enige regelmaat somberde over het feit dat dit boek in mijn verzameling ontbrak. Zoals toen bij de najaarsveiling van Van Stockum in 2011 een exemplaar werd aanbeboden (lees hier mijn verdriet). Bij Bubb Kuyper werden dat najaar trouwens een fraai exemplaar voor € 700 en een beschadigd exemplaar voor € 250 afgehamerd, maar ik had mijn kaarten op het exemplaar van Van Stockum gezet. En al in mijn allereerste blogbericht ooit, in juli 2004, beklaagde ik mijzelf dat dit boek gelet op de zeldzaamheid en waarde waarschijnlijk altijd buiten mijn bereik zou blijven. Gelukkig is al die treurigheid geen werkelijkheid gebleken want ik koester nu mijn eigen exemplaar van dit boek, dat in 1918 nog zo slecht verkocht (in 10 jaar slechts 300 exemplaren) maar uiteindelijk uiterst zeldzaam is gebleken. As we speak wordt er op boekwinkeltjes.nl bijvoorbeeld een exemplaar aangeboden voor € 1200. Toch is het opmerkelijk dat nu ineens meerdere exemplaren op veilingen belanderen. Overlijdt een generatie oudere verzamelaars? Raakt Nescio langzamerhand uit de gratie? En dat terwijl we in 2015 gaan vieren dat Titaantjes een eeuw eerder werd gepubliceerd. Hopelijk leidt dat gegeven tot een nieuwe Nescio-revival.

Nu gebiedt de eerlijkheid mij wel te zeggen dat ik geen fris en onbevlekt exemplaar heb gekocht. Ongeveer de helft van het omslag aan de voorkant zit los, de rug is beschadigd en het binnenwerk is ook wat lossig. Verder hebben enkele eerdere eigenaren hun naam achtergelaten in het boek. Maar dat maakte het boek wel betaalbaar en de uitdaging is wat mij betreft om het boek weer in betere staat te laten brengen: boekreparatie dus.

Alleen, hoe doe je dat, zonder een boek te verwoesten? Ik deed navraag bij collega-blogger Nick ter Wal, die werkzaam is bij antiquariaat Fokas Holthuis en dus verondersteld mag worden kijk op dit soort zaken te hebben. Hij gaf mij een paar mooie afwegingen rond het al dan niet laten restaureren van het boek plus de naam van een boekrestaurator waar Fokas Holthuis veel mee werkt: Henk Linde in Nootdorp. Eén van de voorbeelden op de site (zie foto rechts) laat een exemplaar van Nescio's debuut zien waarvan de beschadigingen sterk lijken op de mijne. Dat geeft goede hoop. Sterker nog, ik heb nog een paar beschadigde eerste drukken van Bordewijk (oa Blokken en Bint) die ik nauwelijks durf aan te raken uit angst voor defiinitieve vernietiging, waarvoor ik ineens hoop zie. Binnenkort ga ik mijn boeken bij Henk Linde laten zien om te bekijken wat er allemaal mogelijk is.

Die laatste veiling van Bubb vond overigens op een voor mij geheel nieuwe wijze plaats. Het is namelijk via de site Artfact.com mogelijk om zowel live mee te kijken met de veiling (via een webcam in de veilingzaal) als direct online mee te bieden. Voor dat laatste betaal je natuurlijk naast de gebruikelijke opslag aan het veilinghuis ook nog een percentage aan Artfact, maar het is voor de boekenliefhebber een verslavend tijdverdrijf: niet alleen bij Bubb Kuyper, maar talloze internationale boekenveilingen zijn op deze manier te volgen. Ik heb dus een paar aangename uurtjes virtueel in de veilingzaal van Bubb Kuyper doorgebracht, kon live meemaken dat ik de Nescio won (en een paar andere kavels verloor) maar heb mij ook verbaasd over sommige kavels die ineens heel populair bleken. Zoals een hele serie uitgaven van de Hakluyt Society die soms ver boven de geschatte prijs werden verkocht. Ik had er nog nooit van had gehoord, maar deze organisatie blijkt al sinds 1847 periodiek maritiem-historische uitgaven te publiceren en er waren een paar verzamelaars die hun zinnen op de aangeboden kavels hadden gezet. Dat is dan altijd fascinerend om te zien. Ik ben blij dat de Nescio-verzamelaars het bij de veiling van Bubb Kuyper verder lieten afweten en mij dit boek gunden voor het mooie bedrag van € 300.

vrijdag, december 21, 2012

De voordelen van een bekend pseudoniem

Noot vooraf bij dit stukje: ik heb een paar weken niet geblogt en geen blogs gelezen. En ineens vond ik het tijd om over een pseudoniem en een naamsverwisseling te schrijven. Toen ik het stukje klaar had las ik dat een paar mijn favoriete medebloggers recent respectievelijk over pseudoniemen en naamsverwarring hebben geschreven. Ik wist het niet, eerlijk waar: dit stukje komt uit mijn authentieke creatieve brein. Maar bizar is het wel...

Dan nu het oorspronkelijke stuk:

Ik schrijf dit boek onder het pseudoniem sneuper of boekensneuper. Dat doe ik omdat ik graag mijn publieke profiel als boekenverzamelaar gescheiden hou van mijn professionele bestaan. En omdat ik sneuper zo prachtig vind passen bij mijn grootste liefhebberij: het zoeken van mooie boeken.

Bij de keuze van mijn pseudoniem ben ik natuurlijk schatplichtig aan Ayolt Brongers, wiens ABCdarium voor de boekensneuper een belangrijke wegwijzer voor mij was ten tijde van het starten van mijn verzameling. En dus werd ik ook een sneuper. En dat ben ik nu al acht-en-een-half jaar. En soms levert mij dat zomaar een mooi boekje op.

Ongeveer een jaar geleden kreeg ik een mailtje. Het mailtje was afkomstig van iemand die betrokken was bij de jaarlijkse BoekKunstBeurs in Leiden en die daarvoor Ayolt Brongers wilde uitnodigen. Perkamentus waarschuwde al eens tegen deze verwarring, maar zijn weblog wordt kennelijk slechter gelezen dan hij verdient.

En dus werd ik voor Brongers aangezien. Uiteraard was ik zeer vereerd met de uitnodiging en erg vermaakt met deze verwisseling. Er ontspon zich vervolgens een hartelijke mailwisseling, maar tot mijn grote spijt kon ik niet bij die editie van de BoekKunstBeurs zijn. Dat was vooral jammer omdat A.L. Snijders aanwezig was en de mogelijkheid bestond om speciaal ter gelegenheid van de beurs geschreven z.k.v. van Snijders zelf in te binden.

Gelukkig was degene die mij verwisselde met Brongers zo vriendelijk mij een exemplaar van Cokes en incunabelen toe te zeggen, gesigneerd en wel. Ondanks dat ik niet bij de beurs kon zijn, zou dat toch een mooie oogst zijn.

Na de beurs regen de weken en maanden zich aaneen. Maar wat er ook mijn brievenbus binnenkwam, geen publicatie van Snijders. Ik durfde er ook niet teveel druk achter te zetten, want uiteindelijk was de toezegging het werkje op te sturen al meer dan ik had gehoopt. Toch wijdde ik er na een half jaar een mailtje aan. Ondanks een herhaalde toezegging van toezending bleef het stil in mijn brievenbus.

Totdat de editie 2012 van de BoekKunstBeurs zich aandiende. Degene die mij beloofde het werkje van Snijders op te sturen meldde zich weer. Nu zou het boekje echt komen, en ik werd wederom uitgenodigd voor de beurs. En ik kon weer niet. Weer moest ik die prachtige beurs met al die uitgaven die thuishoren in mijn boekenkast aan mij voorbij laten gaan. Maar er was één groot verschil met 2011: het mooie uitgaafje van Snijders is nu van mij. En volgend jaar ga ik écht naar de BoekKunstBeurs.


zondag, november 25, 2012

Liefdesverklaring voor het boek

Julian Barnes heeft een prachtig essay gepubliceerd over zijn liefde voor het boek, onder de titel: A life with books. Het essay verscheen al in juni van dit jaar, maar is tijdloos, en dus mag er ook nu nog naar verwezen worden.

Het essay verscheen in The Guardian en is daar integraal te lezen. Maar los daar verscheen het ook in een speciale uitgave, ter gelegenheid van de week van de onafhankelijke boekverkoper: Independent Booksellers Week.

Deze Independent Booksellers Week lijkt een beetje op onze boekenweek, met speciale uitgaven die een beperkte tijd beschikbaar zijn. Zo verscheen een prachtige uitgave van het boek Gold van Chris Cleave, een gesigneerde hardback van het boek Driving over lemons van Chris Stewart en nog een paar bijzondere edities. En er werd een speciaal liedje opgenomen: A shop with books in. Ik word erg warm van een dergelijk initiatief en het zou mooi zijn als we dat in Nederland ook zouden hebben. Er zijn diverse onafhankelijke boekwinkels die het zwaar hebben ten opzichte van de grote ketens (die het trouwens ook zwaar hebben), en die best een steuntje in de rug mogen gebruiken.

Maar terug naar Julian Barnes. Zijn geschiedenis met boeken staat vol prachtige quotes, waarvan ik er een paar onder elkaar zet. Hopelijk zijn ze prikkelend genoeg om meteen door te klikken naar de integrale tekst.
First there was the excitement and meaning of possession. To own a certain book – one you had chosen yourself – was to define yourself.
The dividing line between books I liked, books I thought I would like, books I hoped I would like and books I didn't like now but thought I might at some future date was rarely distinct.
How weird it would be to have around you only as many books as you have time to read in the rest of your life.
Reading and life are not separate but symbiotic. And for this serious task of imaginative discovery and self-discovery, there is and remains one perfect symbol: the printed book.
Ik maak een diepe buiging voor Julian Barnes, voor deze prachtige hommage aan dit meest geliefde object: het boek.


zondag, november 11, 2012

Vaarwel, Kruimeltje!

Natuurlijk, het is een bekend fenomeen: de ontlezing gecombineerd met digitalisering leidt tot een afname van het belang van boeken. en dus leiden de belangrijkste toeleveranciers van boeken, de boekwinkels, veel schade. En naast reguliere boekhandels, staat ook de toekomst van antiquariaten onder druk.

Een tijdje geleden schreef ik over het antiquariaat in Weesp dat te koop stond, als symbool voor de teloorgang van antiquariaten. Maar afgelopen week was ik een dagje naar Enschedé en ontdekte ik tot mijn schrik dat het prachtige antiquariaat Kruimeltje binnenkort ophoudt te bestaan.

Ik kwam daar wat laat achter, nu blijkt dat het bericht al in augustus 2012 in de krant stond. Maar omdat ik niet zo vaak in Enschedé kom en ook Tubantia niet vaak lees, ontgaat mij nog wel eens wat. Het verhaal dat de eigenaresse in het krantenartikel vertelde, vertelde ze ook aan mij tijdens mijn bezoek. De verkoop van boeken loopt simpelweg niet. En als mensen boeken kopen dan is er weinig besef van de waarde van het boek. Zij vertelde over klanten die laatst een mooie prent uit de 17e eeuw bekeken en daar niet meer dan een paar euro voor over hadden...

Boeken zijn geen geld meer waard en dus is een groot deel van de inventaris onverkoopbaar. Van het beetje omzet dat overblijft, is een antiquariaat niet draaiende te houden. Ach, het is de volgende in een lange rij. Recent sloten antiquariaat Timbuctoo in Groningen, Joyce Royce in Gent, Schoon Lier in Lier: de rij is eindeloos.

En elke keer overvalt mij de weemoed. Natuurlijk, er zijn antiquariaten die volhouden. Er is in Enschedé gelukkig ook nog een filiaal van De Slegte, maar ook die heeft het moeilijk. Maar feit is dat kennelijk momenteel vooral antiquariaten in het hogere segment overleven. Het reguliere antiquariaat, met een breed aanbod van toegankelijke boeken is niet interessant genoeg. En zo ook Kruimeltje, in het prachtige Jugendstil pand in het centrum van Enschedé. Het antiquariaat is nog wel opgenomen in de stadswandeling van de VVV, maar dat heeft niet geholpen (en zal dus binnenkort aangepast moeten worden).

Tijdens mijn laatste bezoek had ik helaas te weinig tijd om grondig door de voorraad heen te gaan. We moesten immers nog naar het Rijksmuseum Twenthe, waar ik mijn onder meer vergaapt heb aan een paar prachtige middeleeuwse getijdenboeken. En dus werd Kruimeltje van mijn laatste bezoek niet rijk: voor het luttele bedrag van € 2,50 kocht ik twee boekjes: Mevrouw Len van Oek de Jong en Sans Famille van Greshoff, Ter Braak en Du Perron.

Ik wist al jaren dat mijn verzamelwoede zich richtte op een uitstervende type object. Het overgrote deel van mijn verzameling zal uiteindelijk de status 'oud papier' krijgen: er is niemand in geïnteresseerd. Ik wens mijn erfgenamen er veel sterkte mee, want ik vrees dat er tegen die tijd geen antiquariaat meer is om de boedel over te nemen. Maar ik heb dan in elk geval een mooi leven gehad tussen mijn eigen duizenden boeken, deel uitmakend van een uitstervend ras liefhebbers...


vrijdag, oktober 12, 2012

Ik ben een Hopelessly Devoted Chronological Bookophile Booksnob

We krijgen grip op de wereld door het categoriseren ervan. Door alles in hokjes en vakjes te stoppen wordt de wereld om ons heen hanteerbaar. En het is de droom van marketingmensen, om doelgroepen te hebben waar producten gemarket kunnen worden.

En dus zijn ook kopers en lezers van boeken te categoriseren. Wie zijn eigenlijk die mensen die met mij in boekhandels staan, meebieden bij veilingen en naast mij staan te snuffelen in marktkramen (en die dan net voordat ik bij de betreffende plank ben een boek pakken dat ik had willen kopen, als ik twee minuten eerder was geweest).

In The Atlantic Wire stonden recent twee artikelen waarin verschillende typen lezers werden beschreven, inclusief tips voor het volgende boek om te lezen. In het eerste artikel werden onder meer de volgende typen beschreven:
  •  The Hate Reader die van boeken houdt zodat hij ze kan haten
  • The Chronological Reader die methodisch van het ene boek naar het volgende gaat, totdat hij ze allemaal gelezen heeft
  • The Book Buster die zo enthousiast leest, dat het niet uitmaakt wat de staat van het boek is na lezing
  • Delayed Onset Reader die veel boeken koopt en er nooit tijd voor heeft om ze te lezen
  • The Bookophile die een liefhebber is van boeken als object, die boeken redt van de papierbak en andere vormen van vernietiging en die veel boeken om zich heen verzamelt
Uit deze lijst kies ik de Chronological Reader: als ik boeken koop en ze invoer in LibraryThing, kan ik ze systematisch op datum van aankoop lezen. Eén voor één lees ik al mijn boeken, totdat de lijst met te lezen boeken leeg is. Dat moment bereik ik nooit, maar het dwingt me om elk boek dat ik bezit onder ogen te zien. Maar de boeken die ik koop, koop ik bewust: ik ben ook Bookophile die van mooie boeken houdt, waardevolle boeken, bijzondere boeken. Maar: vorm en inhoud gaan altijd samen. Mooie boeken met een waardeloze inhoud komen er bij mij niet in.

In het tweede artikel worden nog wat typen toegevoegd. Nu leren we onder meer de volgende kennen:
  • The Hopelessly Devoted die alle boeken van een geliefde auteur leest en niets anders
  • The Easily Influenced Reader die anderen laat bepalen welke boeken hij leest en wat hij ervan vindt. Lezen hoeft eigenlijk niet meer: de conclusie staat al vast
  • The Book Snob die alleen maar boeken leest die echt goed zijn, en dan liefst de gebonden exemplaren
  • The Conscientious Reader die eigenlijk alleen maar non-fictie leest, want daar leer je wat van
Ik moet bekennen dat ik een combinatie ben van een Hopelessly Devoted  en een Booksnob. Want als ik enthousiast ben over een auteur, dan koop ik er alles van (en lees dit ook, als Chronological Reader). Maar het moet wel een echt goede, verantwoorde, auteur zijn (vind ik als Booksnob). Dus geen E.L. James en geen Kluun, om wat voorbeelden te noemen. Het moet natuurlijk wel echte literatuur zijn...

Naast lezers van boeken zijn er ook lezers van blogs. Het is de grote vraag of degene die aan dit stukje begon het einde heeft gehaald. Er zijn immers drie typen, zoals dit artikel ons leert: de Sponge, de Skimmer en de First Sentence Fireball. De Sponge heeft tot hiertoe gehaald. De Skimmer helaas niet, maar die telt wel mee met de hits van dit blog. En ik hoop maar dat de eerste zin genoeg was voor de First Sentence Fireball. Want van de laatste zin moeten we het niet hebben.

vrijdag, september 07, 2012

De brug bij Waddinxveen

Vandaag viel mij een bericht op in de kranten, over de burgemeester van Waddinxveen. Tijdens de heropening van de hefbrug bij Waddinxveen nam hij plaats in een auto die van de nazi's is geweest en gebruikt werd tijdens de nazi-veldtocht in Rusland. De auto werd achtergelaten bij Leningrad en uiteindelijk gekocht door een Nederlandse liefhebber die de auto restaureerde. Het feit dat de auto een dubieuze rol speelde tijdens de oorlog, leidde uiteraard tot opwinding. Lees het krantenbericht hier.

Maar wat heeft dat nu allemaal met boeken te maken? Welnu, er zijn niet veel bruggen van het formaat van de Waddinxveense hefbrug die onderwerp van een novelle worden. Het is deze hefbrug gelukt, in het boekje dat Niels Rood schreef ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van OOM, opleiding ontwikkeling metaalbewerking onder de titel.. "de hefbrug".  Net als deze koper kocht ik boekje voor 1 euro. Ik wilde het hebben omdat het een speciale uitgave is, en dus een boekje dat niet in de winkel te koop was en waarschijnlijk in een kleine oplage gemaakt. Kennelijk is het geen boekje waar veel geld aan wordt uitgegeven. In elk geval zijn er op Antiqbook nog een paar te koop. Ik kocht het onlangs en was erg verrast een krantenbericht over het hoofdonderwerp te lezen

De novelle gaat over een medewerker van OOM op zoek naar de geschiedenis van de brug en ontrafelt een familiegeheim, een vete tussen twee broers waar de kwaliteit van de brug bijna de dupe van werd.de firma Hollandsche IJzer Constructie Dulmers uit Breda. Cornelis Dulmers en zijn zoons Kees en Theo zijn de makers van de hefbrug uit 1935-1936. In het boekje wordt geopperd dat er geknoeid zou zijn met het remwerk, waardoor de brug kon vallen. Merkwaardig genoeg viel inderdaad in 2011 de brug enkele keren onverwacht omlaag. Eén keer zelfs 30 meter.
Specialisten vervingen toen al de motor, elektrische aandrijving en aandrijfkabels. Uiteindelijk is de hele overspanning gerenoveerd.

Ik vroeg me ineens af in hoeveel boeken een brug een centrale rol speelt. De titels die in mij opkomen zijn De brug met de drie bogen van Ismail Kadare, De brug over de Kwai van Pierre Boule, de boekenweekgeschenken De brug van Geert Mak en De glazen brug van Marga Minco, De brug over de Drina van Ivo Andric, The Bridge van Iain Banks, De bruggen van Madison County van Robert James Waller, De slag om de Blauwbrug van A.F.Th. van der Heijden en het klassieke gedicht van Martinus Nijhoff waarin de brug bij Bommel centraal staat.

Vaak staat een brug symbool voor verzoening, voor overbrugging van meningsverschillen (tussen volken, tussen mensen), van mogelijkheden voor ontwikkeling, voor vernieuwing. En in oorlogstijd spelen bruggen weer een andere rol, denk aan Een brug te ver van Cornelis Ryan waarin de brug juist de overwinning in de weg staat. In dat opzicht roept de actie van de burgemeester van Waddinxveen - ook al gebeurde het uit onwetendheid - nog wel wat vragen op. Wordt hier onbewust een brug geslagen tussen voormalige vijanden? Of is het niet meer dan toeval en aanleiding voor een boeiende post van mijn hand?

Ik stel me na deze overpeinzingen voor dat ik een kast met boeken over bruggen vul, vervolgens een leesclubje begin en dat we elke keer een boek over een brug lezen. En dan bespreken we het boek met elkaar in het brugrestaurant over de A4.





zondag, september 02, 2012

Een fabelachtige leugenaar

Ik besteed veel van mijn tijd aan het zoeken naar debuten. Dat wil zeggen: debuten van schrijvers van wie ik er veel te laat achterkwam dat ze belangrijk gingen worden. Daarom koop ik debuten vaak pas jaren nadat ze op de markt kwamen. En als je dan met terugwerkende kracht de eerste pennevrucht van zo'n auteur wilt hebben, is dat een lange en kostbare zoektocht. Veel voordeliger is het dan ook om debuut te verzamelen als het een debuut is. En dan is het afwachten of de debuterende auteur uitgroeit tot een toekomstige topauteur.

Recent las ik het debuut van de Berlijnse Susann Pásztor met de titel Een fabelachtige leugenaar. De titel van het boek intrigeerde mij, en ook de beschrijving:
Een lichtvoetige Joodse komedie over een familie die ter gelegenheid van de honderdste verjaardag van hun (groot)vader in Weimar samenkomen. Verteld vanuit het perspectief van kleindochter Lily komen de uiteenlopende vaderbeelden naar voren. Maar welke geschiedenis is nu waar?

Ik was vooral benieuwd of het mogelijk was een "lichtvoetige komedie" te schrijven tegen de achtergrond van de gruwelijkheden van Buchenwald. En daarnaast was ik benieuwd hoe in dit geval de geschiedenis van een naoorlogse Joodse generatie verteld zou worden.

Het verhaal van Pásztor deed me denken aan onder meer Meir Shalev en Marcel Möring. Twee Joodse schrijvers die in hun boeken ook een bij tijd en wijle krankzinnige, verhalenvertellende familie opvoeren. Natuurlijk zijn dit maar twee van talloze Joodse auteurs in dit genre (Potok, Oz, Englander, Singer, Weil, etc. etc. etc.), maar ik wil mij tot deze twee beperken. Net als bij Shalev (in meerdere boeken) en bij Möring (met name in In Babylon) is het boek van Pásztor een aaneenschakeling van geschiedenissen waarbij het ene verhaal de kiem bevat van het volgende en verhaal na verhaal de langzame ontrafeling van een familiegeschiedenis volgt. Net als bij Shalev wordt de familie direct op de eerste pagina al neergezet als niet helemaal gewone familie waarin dit soort verhalen een grote rol spelen. Dat schept verwachtingen en die verwachtingen lost Pásztor gedeeltelijk in. Ik betrapte mijzelf er vooral in het begin op dat ik een aantal mooie zinswendingen voorlas aan anderen. En ik was verrast over de ingenieuze wijze waarop zij de verhalen aan elkaar weeft.

Tegelijkertijd had het boek wat mij betreft dikker mogen zijn: dan hadden sommige verhaallijnen beter uitgewerkt kunnen worden. Nu blijven sommige karakters toch wat oppervlakkig, hoewel ze enorme potentie hebben. Terwijl datgene wat we over moeder, tante Hannah en oom Gabor te weten komen smaakt naar meer; in hun eigenaardige gewoontes en terloopse opmerkingen over hun verleden zitten nog prachtige familiegeschiedenissen in verloren. Gek genoeg blijft kleindochter Lidy, vanuit wiens perspectief het verhaal wordt verteld, nog het meest oppervlakkig. Hoewel zij de verbindende factor is blijft het verhaal soms te lang bij haar introspectie hangen zonder dat ze daarin overtuigt. Ga dan maar liever verder met een volgend verhaal over Joschi, denk ik dan: ik geloof het wel met de verliefdheid van Lidy voor haar mentor Jan.

Zoals bij alle Joodse geschiedenissen speelt vervolging een grote rol, of dit nu in de twintigste eeuw is of de eeuwen daarvoor: helaas is dit een terugkerend element. In dit geval gaat het om de Holocaust en de (vermeende) internering van grootvader Joschi in Buchenwald. De familie worstelt met de Joodse identiteit en met het vraagstuk van een vernietingskamp zo dicht bij Weimar, toch een stad waarin de hoogste cultuur zichtbaar is. Het contrast is groot en de familie moet met dit gegeven, en met elkaar, in het reine komen. Uiteindelijk volgt een verzoening en een plechtige herdenking rond Buchenwald, die uiteraard zoals het bij deze familie past in het honderd loopt.

Zo lichtvoetig vond ik deze komedie dus niet. Gelukkig wordt het ook nergens kolderiek (dat kan wat mij betreft niet in een boek waar een vernietigingskamp een rol speelt) en blijft elk verhaal over de uitroeiing van Joden aangrijpend. Die ruimte geeft het boek ook. En dat maakt dat ik na lezing van het boek moet concluderen dat Pásztor er in is geslaagd de balans te bewaren tussen ernst en humor en een onderhoudend verhaal heeft geschreven.

De vraag die overblijft is of Pásztor bij haar late debuut (zij is 55 jaar) aan het begin van een indrukwekkend oeuvre staat en of dit boek het begin van een groot schrijverschap laat zien. Heb ik nu een boek in handen waarvan ik over een paar decennia kan zeggen dat ik direct al opmerkte wat voor een belangrijke auteur Pásztor ging worden? Daarover twijfel ik. Daarvoor is dit boek net te licht. Maar haar volgende boek zal uitwijzen welke weg ze opgaat en of ze er in slaagt een vergelijkbaar verhaal met meer diepgang te schrijven en de relatief zware thema's die ze aanhaalt geloofwaardig uit te werken. Voor de liefhebber tot slot: hier de positieve recensie van dit boek in de Volkskrant. En hoe haar verdere carrière er ook uitziet, ze heeft in elk geval al de Berthold Auerbach Literaturpreise gewonnen.


zondag, augustus 26, 2012

Bubb veilt Komrij

Toen ik de kop in het NRC artikel las was ik verontwaardigd: Bibliotheek Gerrit Komrij in Haarlem geveild. We zijn nog maar amper bekomen van het verlies van Gerrit Komrij (en van Rutger Kopland, Doeschka Meijsing, Anil Ramdas, Willem Barnard en Willem G. van Maanen trouwens: het is een slecht jaar), en de bibliotheek van de beste man staat al bij Bubb Kuyper op de planken om geveild te worden! Na het overlijden van Boudewijn Büch werd nog twee jaar gewacht voordat met de veiling van zijn bibliotheek werd begonnen (op 23 november 2004, precies de tweede sterfdag van Büch). En ook de komende veiling van de bibliotheek van Rudy Kousbroek bij Burgersdijk & Niermans in Leiden komt zo'n twee jaar naar zijn overlijden. Ergens ver in mijn geheugen zit nog de veiling van de bibliotheek van Johan Polak in 1993, toch ook een jaar na diens overlijden. Dus deze aankondiging, krap zes weken nadat Komrij niet meer onder ons is, kwam toch wel als een schok: wie probeert hier nu snel een slaatje uit te slaan?

Maar gelukkig is de werkelijkheid anders: volgens het bericht zit het zo:
Komrij blijkt begin dit jaar contact te hebben gezocht met het veilinghuis en zijn boekencollectie aan te hebben geboden.

Dit stelt mij erg gerust: hij wilde het zelf, en eigenlijk al tijdens zijn leven. En dit veroorzaakt een dikke aantekening in mijn agenda: in november budget vrijmaken voor de Haarlemse veiling! Vanaf 22 november zijn de boeken te zien en op 27 november gaat de veiling van start.

zondag, augustus 19, 2012

Op weg naar een incunabel: mijn boek uit 1522

Een tijdje geleden schreef ik over mijn verlangen om een incunabel te bezitten. Want voor mij is een incunabel een boek dat een bijzonder moment in de geschiedenis markeert. Het is een vóór 1 januari 1501 in Europa gedrukt (en dus niet handgeschreven) boek, blad papier of prent. De boekdrukkunst deed haar intrede rond 1440, en de periode van de incunabelen heeft dus zo'n goede halve eeuw geduurd. Boeken gedrukt tussen 31 december 1500 en 1540 noemt men postincunabelen. Een incunabel markeert het begin van het bestaan van boeken zoals wij die kennen. De ultieme eerste druk, om zo te zeggen. En daarom schaars en kostbaar en niet iets wat snel in mijn boekenkast terecht zal komen vrees ik.

Ik blijk niet de enige te zijn met een wens voor (zeer) oude boeken. In een reactie op mijn eerdere bericht schreef Fokas Holthuis "Die wens heb ik ook jarenlang gekoesterd. Toen hij eenmaal vervuld werd ging er een wereld voor me open!" Deze verzuchting maakte het natuurlijk niet makkelijker!

Kort daarna heb ik op een Italiaanse veiling van 16e eeuwse boeken geprobeerd een post-incunabel te kopen. Deze bleken, in tegenstelling tot de incunabelen, behoorlijk betaalbaar te zijn. Na twee missers met boeken van rond 1520 strandde ik uiteindelijk op een paar minuten van de aankoop van een prachtboek uit 1540. Een andere koper was mijn nipt voor bij de aftersale-catalogus van het prachtige veilinghuis Gonnelli.

En zo stond ik daar met lege handen. Gelukkig ontving ik wederom troost van Fokas: "een zestiende eeuws boek kan voor mij de magie van een incunabel niet evenaren. Laat een paar andere boeken (of colberts, etentjes, kaartjes voor het EK of anderszins...) schieten en ga er voor!"

Dat is natuurlijk heel erg waar. Maar ik denk ook dat je in kleine stapjes naar je doel moet gaan. En daarom heb ik op mijzelf op het onvolprezen Marktplaats in de strijd om het 16e eeuwse boek geworpen. Ik heb de categorie "antieke boeken" bij Marktplaats altijd een beetje genegeerd. Maar ten onrechte: want er staat veel moois tussen. Naast veel rotzooi voor te hoge prijzen natuurlijk, zoals altijd op Marktplaats. Maar ook hier komt de geduldige zoeker aan zijn trekken.

Ik stuitte op een mooie dag op een advertentie met de volgende omschrijving:

"Antiek boek met leren kaft. Taal: Latijn. Geschept papier. Silii Italici Clarissimi Poetae PV. Auteur C. Silius Italicus. Drukker: Thomas Wolff 1519-1535. Gedrukt in 1522. Compleet. Mist geen bladzijden"
De advertentie stond er al een tijdje en er was een bod van 200 euro gedaan. Dat leek mij redelijk, en ik bood daarom gretig een hele euro hoger: 201 euro was mijn bod.

Er gebeurde verder niets meer met de advertentie. Op mijn vraag of ik het boek ook voor het geboden bedrag kon kopen, kreeg ik een teleurstellende reactie. De verkoper mailde:
"Het zit er niet in dat ik het boekje via Marktplaats verkoop nu ik een aantal mensen heb gesproken die verstand van dit soort boeken hebben.
Morgen heb ik een afspraak bij veilinghuis Bubb Kuyper en het zal waarschijnlijk via hen op de veiling worden verkocht voor een bedrag tussen de 1000 en 2000 euro."

Ik vermoedde al dat het gevraagde bedrag te laag was. Ik ben dol op voordeeltjes, maar gun iemand ook z'n winst. Ik heb de verkoper daarom succes gewenst en nog wat andere veilinghuizen getipt voor een second opinion. En ik meldde dat ik geïnteresseerd bleef als het onverhoopt niks mocht worden bij de veiling.

En gelukkig voor mij werd het niks. Het verslag van het bezoek aan de taxateur:
"Vanmorgen brachten we een bezoek aan Bubb Kuyper.Iemand van hen heeft het boekje bestudeerd en kon mij daar het volgende over vertellen:
De kaft dateert niet uit 1522 (het boekje zelf wel!).
In de 17e eeuw is het boekje opnieuw gebonden. Meer details (jaartal) kon hij mij daar niet over geven maar zeker 17e eeuws.
Er is wel iets merkwaardigs aan de hand: de bladzijden 229 tot en met 232 bevinden zich voorin het boekje (na de openingspagina) in plaats aan aan het eind.
De boekdrukker kon waarschijnlijk niet tellen of wat dan ook!??. Verder hebben de eerste pagina's wat waterschade en vertoont de leren kaft ook wat gebruikerssporen.
Kortom, in deze conditie is het zeker geen 1000 of 2000 euro waard maar meer tussen de 300 en 350 euro.
Als ik van het slechtste scenario uitga en van de opbrengst  22% kosten moet afdragen houd ik zo'n 234 euro over."

Ik heb nooit geweten dat ook de verkopers bij een veiling kosten moeten afdragen. Dus koper én verkoper betalen ruim 20% kosten! Op die manier is er weinig aan te verdienen voor een leek... Maar we werden het nu snel eens over de prijs. Daarmee is mijn bibliotheek verrijkt met een boek dat met grote voorsprong het alleroudste is. Over tien jaar is het boek 5 eeuwen oud. Een half millennium!

Ik droom graag een beetje weg bij dit soort jaartallen. Want probeer je 1522 eens voor te stellen: Erasmus leefde nog, evenals Thomas More en Luther. Luther was net geëxcommuniceerd en zou in 1522 het Nieuwe Testament vertalen. Cervantes moest nog geboren worden, evenals Shakespeare. Het zou nog 11 jaar duren voordat Willem van Oranje werd geboren. Het duurde nog 21 jaar voordat De Revolutionibis van Copernicus zou worden gepubliceerd. Da Vinci was drie jaar eerder overleden en de verf van de Mona Lisa was pas 19 jaar droog. Wat een geweldige tijd; en mijn boek was daar al en bevond zich op een kruispunt van de Westerse geschiedenis.

Ik heb natuurlijk gevraagd waar de verkoper het boek vandaan had. Het antwoord was wat ontnuchterend:
"Hoe ik er precies aangekomen ben weet ik niet, het is wel al jaren in mijn bezit. Heb een aantal 19e eeuwse oude apothekerskasten en vond het leuk om daar een aantaloude boeken in te zetten. Zo schafte ik mijzelf op rommelmarkten her en der wat boekjes aan waarbij ik meer lette op de kaft dan op de inhoud.
Onlangs heb ik ze eens onder de loupe genomen en kwam deze verrassing boven tafel."

Tsja, wat je op rommelmarkten al niet tegen kan komen... Helaas is het hierdoor niet te traceren wie de eigenaars zijn geweest in al die eeuwen (zoals bijvoorbeeld Owen Gingerich wel heeft kunnen doen met het meesterwerk van Copernicus). Maar voor toekomstige generaties is deze blog in elk geval een startpunt...

En dan tot slot nog iets over het boekje zelf. Mijn kennis van Latijn is weliswaar net zo dood als de taal zelf, toch kan ik er iets van zeggen. De volledige titel is Silii Italici clarissimi poetae punicorû libri xvij. alibi in Germania nôtemere aediti hactenus, cum argumentis Hermanni Buschij & scolijs in margine adiectis, quae uice uberis commentarij esse possunt. De auteur is Silius Italicus, een Romeins politicus, zakenman en episch dichter uit de eerste eeuw. Uiteraard is dit een deel van het verhaal van de Tweede Punische Oorlog, tussen Rome en Carthago, uit de 3e eeuw voor Christus. Met dit dichtwerk is Silius tot in onze dagen bekend  gebleven. Mijn uitgave stamt zoals gezegd uit 1522 en is becommentarieert door Hermann von dem Busche (1468-1534), een Duitse humanistische schrijver. Het werd gedrukt in Bazel, door Thomas Wolff, destijds kennelijk een actieve drukker.

Verder speuren naar dit boek leerde mij iets verrassends. In een lijst met vermiste boeken van de Koninklijke Bibliotheek in Kopenhagen komt exact hetzelfde boek voor: gedrukt in 1522 in Bazel. Ik heb dus een boek dat in Denemarken vermist wordt... zo lijkt het. In het overzicht staat vermeld dat het vermiste boek een aanduiding heeft van de bibliotheek zelf en gelukkig is mijn exemplaar schoon. Anders zou ik mij nog verplicht voelen het naar Kopenhagen te brengen. Verder zie ik op Abebooks dat een Parijse boekverkoper een exemplaar aanbiedt voor € 750. Een digitale versie van het boek staat hier (zij het met een veel mooier omslag dan mijn exemplaar).

Fokas had gelijk. De magie van een incunabel heeft het boek niet. Maar we zijn op de goede weg en ook dit boek weet de verbeelding al behoorlijk te prikkelen. Ik heb een kostbare schat erbij. Mijn volgende boek in dit genre zal echter tenminste 23 jaar ouder zijn dan deze. Op weg naar een échte incunabel!

P.s. in de reactie van Perkamentus verwijst hij naar dit bericht over een kleitablet dat hij bezit uit 2039 voor Christus: de overtreffende trap van incunabel. Ik kende dat feit natuurlijk wel, maar heb het uit pure jaloezie verzwegen. Nu het in de reacties is verklapt ontkom ik er niet aan ernaar te verwijzen...

zondag, augustus 05, 2012

Villa Triste

Het is alweer een tijdje geleden dat ik gratis boeken kreeg (tot mijn schrik zie ik dat het alweer in 2008 was!) maar het boek dat ik kreeg maakte het lange wachten meer dan goed.

Villa Triste is de veelbelovende titel van het jongste vertaalde boek van Lucretia Grindle. Een lijvige roman die op het oog een zwaar thema als basis heeft: de strijd van de partizanen in Italië tegen zowel de Duitse bezetter als de Italiaanse fascisten. Maar het is ook het verhaal van een moordonderzoek, dat start na de mysterieuze moord op twee oorlogshelden: pas onderscheiden leden van het Italiaanse verzet. De Florentijnse speurder Pallioti wordt op de zaak gezet en ontdekt langzamerhand meer van de geschiedenis van zijn land dan hij ooit voor mogelijk hield. En dat aan de hand van een mysterieus dagboekje van Caterina Cammaccio waarin het verhaal wordt verteld van de verzetsstrijd van de zusjes Caterina en Isabella (Cati en Issa) en hun familie in de laatste oorlogsjaren. Het is ook het verhaal van de liefde tussen Isabella en Carlo en de tegelijkertijd de onmogelijkheid van deze liefde in de woelige tijd waarin zij leefden.

In het boek wordt afwisselend het verloop van het hedendaagse moordonderzoek als het historische partizanenverhaal verteld. Een schrijfstijl die vaker wordt gebruikt, recent bijvoorbeeld ook in het boek van Elle van Rijn dat ik tijdens de boekenweek in de Bijenkorf van haar kocht (Het vergeten gezicht, zie een verslag van die ontmoeting hier) en waarin ook een liefdesverhaal uit die tijd wordt verweven met een hedendaags verhaal. Grindle gebruikt deze stijl overtuigend. Ik bedacht mij bij het lezen dat ik mij de bijzondere rol van Italië tijdens de Tweede Wereldoorlog nooit echt gerealiseerd had: eerst als agressor en bondgenoot van nazi-Duitsland, later als vijand van nazi-Duitsland. Maar tegelijkertijd met een belangrijke eigen groep fascisten, navolgers van Mussolini, die niet van plan waren de macht over te geven. Dat plaatste de Italiaanse bevolking voor een paar belangrijke dilemma's en positiekeuzes, iets wat in het boek overtuigend naar voren komt. Ik kende natuurlijk wel een oorlogsrelaas van bijvoorbeeld Giorgio Bassani, De tuin van de Finzi-Contini's, geschreven vanuit het perspectief van Joodse slachtoffers in diezelfde fascistische periode. Maar dit beeld van de partizanenstrijd was voor mij nieuw.

In feite is dit boek een in-verdrietig verhaal over verraad en het laat de triestheid van de oorlog zonder winnaars in volle omvang zien. Maar het is ook een verhaal van hoop omdat het de opoffering en de moed laat zien en de wederopbouw na de oorlog. En uiteindelijk is het een verhaal van rechtvaardigheid en opluchting, omdat de waarheid toch boven komt en ook het laatste raadsel op de slotpagina's wordt opgelost.

Kortom, een knappe prestatie van Lucretia Grindle. Dit boek dateert al uit 2010. In 2011 verscheen The lost daughter, met diezelfde speurder Pallioti en zijn assistent Enzo Saenz maar dit keer met de schijnwerper op een ander deel van de Italiaanse geschiedenis: de terroristische Rode Brigades. Ik ben erg benieuwd hoe Grindle dit onderdeel van de geschiedenis naar voren weet te brengen. Als het op vergelijkbare wijze gebeurt als in Villa Triste, is het boek zeker de moeite waard.

Intussen zag ik ook nog dat er een film is/wordt gemaakt met de titel Villa Triste. Het is geen verfilming van het boek van Lucretia Grindle, maar een weergave van het historische Nazi hoofdkwartier dat in Florence onder die naam bekend stond. Lees hier een artikel over de komende film van regisseur Fabrizio Favilli. Het laat in elk geval zien hoe zeer dit boek op ware feiten is gebaseerd.