zaterdag, augustus 14, 2004

Hugo Brandt Corstius: mysterie opgelost

Nadat ik bij Hoeksbooks (zie vorige post) eindelijk na jaren zoeken een exemplaar van Hugo Brandt Corstius' Weer een nieuw vak? had bemachtigd, mailde ik de eigenaar of hij wellicht nog andere boeken van HBC had die betrekking hadden op zijn wetenschappelijke werk.

Tot mijn stomme verbazing mailde hij terug dat hij een exemplaar had van Het Bewustzijn en of ik die wilde hebben. Het zou me maar liefst één (1) euro kosten, exclusief verzendkosten.

Inmiddels heb ik het binnen en het boekje blijkt een antwoord te zijn op een zoektocht van enkele jaren terug. Zoals ik al schreef, streef ik naar een complete verzameling. Toen ik dan ook op de dag van verschijning een exemplaar kocht van Opperlans! van Battus, keek ik zoals gewoonlijk in de lijst met overige publicaties van de auteur. Dat is één van de methodes om een verlanglijst vol te krijgen. Als je een schrijver compleet wil hebben, moet je immers wel weten wat er allemaal is. Daar kom je op verschillende manieren achter: door te kijken in de verschenen boeken zelf naar een lijst met andere werken, door het lezen van interviews met de auteur, door het lezen van catalogi van antiquariaten, dat soort dingen. Wat ik zelf ook wel eens doe is een bepaalde auteur opzoeken in de catalogus van de Koninklijke Bibliotheek en van universiteitsbibliotheken. Daar duiken soms de meest onverwachte uitgaven in op, die vervolgens voorwerp worden van een lange speurtocht.

Hoe dan ook, in Opperlans! vond ik een vermelding van het werk Het Bewustzijn van Hugo Brandt Corstius, een boekje dat ik niet kende. Ik heb vervolgens de uitgever gemaild met de vraag wat dit voor boekje was en waar ik het kon krijgen. De uitgever, Querido, kon het mij niet vertellen. Verbazingwekkend dat een uitgeverij een boek vermeldt, dat zij niet kent.
De uitgeverij dacht dat het ging om een serie die HBC had geschreven voor het tijdschrift Hollands Maandblad over hersenen, bewustzijn en werkelijkheid. Deze serie stamde uit 1999 en dat klopte met het jaartal van het boekje.

Vervolgens heb ik Hollands Maandblad gemaild met de vraag of deze serie ooit in boekvorm was gepubliceerd, en of ik daar dan een exemplaar van kon kopen. De redactie liet mij weten dat dit niet zo was, maar dat ik wel tegen betaling kopieën van de artikelen kon krijgen. Dat was nu ook weer niet de bedoeling, want ik zoek boeken en geen artikelen.
Kortom, het spoor liep dood. Zo dood, dat dit boekje niet eens meer op mijn verlanglijst stond. Ik wist niet eens dat ik het wilde hebben...

Totdat Hoeksbooks mij het boekje stuurde, omdat ik per ongeluk een open vraag stelde. Verzamelaars moeten soms geluk hebben...

Het blijkt te gaan om de tekst van de Leonardo lezing 1999. Dat betekent dat Brandt Corstius de Leonardo-wisselleerstoel bekleedde aan de Letterenfaculteit van de Universiteit van Tilburg. Hij heeft een keuzevak verzorgd en de Leonardo-lezing gegeven, waarvan de tekst (samen met de colleges) dus is uitgegeven. De Leonardo-leerstoel wordt bij toerbeurt bekleed door prominente Nederlanders die hun sporen hebben verdiend in diverse maatschappelijke sectoren. Andere zogenaamde Leonardo-hoogleraren waren Rutger Kopland, Leo Vroman en Jan Terlouw. In 2004 is de eer aan Ted van Lieshout.

Al met al bleek de vermelding in Opperlans! gewoon te kloppen. Jammer dat niemand het mij kon vertellen. Gelukkig dat het allemaal toch goedgekomen is. Een waardevolle aanwinst voor mijn verzameling, en dat allemaal door een toevalstreffer na een zoektocht van 15 jaar naar een ander boek...

Maar wat zoek ik na deze prachtige vondsten dan allemaal nog van Hugo Brandt Corstius?
Hou je vast...
Als HBC (tenminste, ik denk dat hij de auteur is...) Automatisch tellen en scheiden van Nederlandse lettergrepen (St. Mathematisch Centrum, 1965), idem van Duitse (SMC '67), Zweedse (SMC '68), Amerikaans-Engelse (SMC'68), Romaanse talen (MC '68), Computer in de taalkunde (SMC '64), Mechanische vorming van het geschreven verkleinwoord (1967), Grammars for number names (ed. Reidel 1968), Algebraïsche taalkunde (Acad. paperb., Oosthoek 1974), Computer taalkunde (Randgebieden 3, Coutinho 1978), Rare talen en vreemde talen (NRC, 1993). En als Piet Grijs: bijdrage in Schrijfmachinenummer (Utopia '78). Het vriendenboek van Thérèse Cornips waarin hij een bijdrage schreef. En tenslotte .... honderd, ik kom (1982). Van dat laatste boek zie ik veel exemplaren, maar een mooie (zonder leesvouwen, vlekken, verkleuringen...) dat niet. Ik blijf zoeken.

Sneuper

lezend: Op Scheveningen - Helga Ruebsamen

Geen opmerkingen: