dinsdag, augustus 19, 2008

Kiezen en boeken

Onlangs dacht ik ineens dat ik de plaats in had genomen van een romanpersonage. Ik was namelijk aan het lezen in Ivoren wachters van Simon Vestdijk. Daarin de volgende smakelijke passage:
"Even later stond hij in de schaduw van een hoekhuis met een okkernoot tussen zijn kiezen. Hoewel zijn gezicht een sombere uitdrukking droeg, weerspiegelde het weinig van de kolossale inspanning, die hij zich getroosten ging. Licht gekromd stond hij daar, de noot tussen twee vingers op haar plaats gehouden. Hij beet uit alle macht: een luid gekraak deed twee werklui, die hem voorbij waren gelopen, verschrikt omkijken. Aandachtig monsterde hij de inhoud van zijn handpalm. Deze bestond uit ruim een halve notedop, waar het hersenvoedsel, oliebruin, met groeven en windingen uitbolde, wat losse brokken en splinters, en een weinig speeksel, met bloed vermengd. In het speeksel lag een klein witachtig voorwerp, aan één kant zwart aangevreten. Na de half ontbolsterde noot losgepeuterd te hebben, schudde hij zijn hand af, zodat de meeste splinters en de afgebroken kies op de grond vielen."

De titel van het boek verwijst naar het menselijk gebit uiteraard, en het gebit van hoofdpersoon Philip Corvage staat centraal in deze roman, vooral door de erbarmelijke staat ervan. De belediging van Philip's gebit door zijn leraar is een centraal thema in het boek, dat door Hugo Brandt Corstius "een prachtroman, een van de ontspannendste die Vestdijk schreef", wordt genoemd (in Het gebergte. De tweeënvijftig romans van S. Vestdijk).

Nu heb ik best een fraai gebit, maar kennelijk niet zo sterk als ik dacht. Onlangs was ik op een zondag onderweg naar vrienden in Wageningen, toen ik plotseling een hard stukje in mijn mond voelde. Ik haalde het eruit. In mijn hand had ik "wat losse brokken en splinters, en een weinig speeksel, met bloed vermengd. In het speeksel lag een klein witachtig voorwerp". Er was een kies afgebroken! In de auto belden we de vrienden, die hadden het nummer van de weekendtandarts, daar konden wij direct terecht en binnen het uur bleek ik geen gebroken kies, maar een gebroken (witte) vulling te hebben die hersteld werd.

Een week later gebeurde echter hetzelfde, met de kies ernaast. Wederom bleek het niet de kies, maar de witte vulling te zijn. Wederom bracht een noodvulling soelaas. Zij zitten er beide nu nog in - mijn tandarts vond ze bij nader inzien voldoende solide om te laten zitten (en waarschijnlijk dacht hij: ze vallen er vanzelf wel een keer uit).

Waarom vertel ik dit? Ten eerste omdat ik het nogal opmerkelijk vond dat terwijl ik een boek lees over afbrekende kiezen - wat ik echt niet zo frequent doe - twee van mijn kiezen/vullingen besluiten om af te breken. Werden ze geïnspireerd door het boek? Bijvoorbeeld door een zin als "dit was geen verval meer, het was een ravage; maar dan in alle denkbare stadia vastgehouden, zorgvuldig naast elkaar in beeld gebracht, als een demonstratieobject met het doel tandheelkundige beginnelingen het griezelen af te leren. "

Maar ten tweede omdat ik mij afvroeg of er eigenlijk nog meer literatuur is waarin tanden (of tandartsen) centraal staan. Ik heb er weinig kunnen vinden, maar hier toch een selectie:
Een subcategorie zijn de tandartsen die schrijver zijn geworden, zoals Yu Hua, Gunadasa Amarasekara, Rodrigues Ottolengui, Moe Anderson, Alan Winter, Paul Dentz (ps. van Arnout van der Vorst), Zane Grey, John Haase, Al Aswani en Faye Kellerman. Maar of het dentale thema doorwerkt in hun schrijfselen is mij niet helemaal duidelijk.

Hoe is het eigenlijk gesteld met de dentale literatuur? Waarheen ontwikkelt het zich? Hoe gevaarlijk is het om deze boeken te lezen (zie mijn ervaring) en welke ervaringen zijn hier mee bij anderen? Is het tandartspersonage een bepaald literair type met een bepaalde betekenis of verwijzing (angst? macht?)? Is er nog iets zinnigs over dit onderwerp gezegd of geschreven? Mijn twee verse vullingen en ik zijn hier hogelijk in geïnteresseerd.

sneuper



2 opmerkingen:

Anoniem zei

'De tandeloze tijd' (AFTh) is wel erg voor de hand liggend.
Maar, als je iets over wanhopige tandartsbezoekjes wil lezen, dan raad ik 'Een boekenkast op reis' van B.Büch aan.

Smakelijk!
Edwin

Anoniem zei

In de roman 'Sneeuw in Afrika' (uitgeverij Mozaïek, 2006) van Frans Willem Verbaas zijn hoofdrollen weggelegd voor een afgebroken hoektand en een Malinese tandarts. Over een tand die afbreekt tijdens het bijten op een hostie, over een tandarts die drie patienten per dag al veel vindt, over stroom die telkens uitvalt tijdens het boren. En voor en na iedere behandeling een kopje Turkse koffie (met royaal suiker).
Zo kan het ook!
Thomas