Posts tonen met het label bibliomanie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bibliomanie. Alle posts tonen

02 mei, 2025

360 - Aanvullingen boeken-brieven Jan van Herreweghe

Ik heb al een paar keer geschreven over de indrukwekkende serie boeken van Jan van Herreweghe die verschijnt onder de titel “Het menselijk tekort bij een teveel aan papier”. Bijna elk jaar weer verschijnt een nieuw deel, steeds een bundeling brieven aan “boekenvriend André”, waarin alle aspecten van boeken verzamelen, bibliofilie, lezen, bibliotheken en het ontmoeten van auteurs worden beschreven. Jan heeft schijnbaar alles gelezen en iedere nog levende auteur ontmoet en al diens boeken laten signeren en vervolgens in zijn eigen bibliotheek gezet. Elke brief is rijk aan details en gelukkig voorzien van een uitgebreide bronvermelding, zodat de lezer direct zelf aan de slag kan om de door Jan besproken boeken aan te gaan schaffen. Daarom gaat het lezen van zijn boeken niet zo snel: na elk hoofdstuk moet je eerst weer een tijdje zoeken op boekwinkeltjes, antiqbook en marktplaats om je tekorten aan te vullen.

Toch lijkt het ook Jan af en toe teveel te worden. In de 43e brief, uit Spreken in boekdelen, schrijft hij:
Ik verwijt mijzelf de naïviteit waarmee ik deze boekencyclus heb aangevat. (…) Het is maar dat ik thans ver gevorderd ben in mijn boekhistorisch onderzoek (…) maar opnieuw beginnen zou ik nooit meer doen. Ik ben in de eerste plaats een leesmachine en daarna schrijver. En ondanks het feit dat ik graag iets op papier zet, sla ik toch nog liever een bladzijde om.

En verder:

Ik kan rekenen op een trouwe schare standvastige en enthousiaste fans, die reikhalzend uitkijken naar het volgende boek, maar ook niet meer dan dat. Ik ben me er ondertussen van bewust dat bibliofilie geen massa verdraagt. Bibliofielen zijn meestal mensen die niet graag met hun liefde voor boeken uitpakken. Ze opereren in een duistere schijnwereld van naarstig zoeken en ijverig verzamelen. (…) Ik ben een tevreden man omdat ik goed besef dat schrijven over bibliofilie in Vlaanderen geen evidentie is en dat niemand mij dit voordeed.  

Maar niet alleen in deze boeken vertelt hij over zijn wederwaardigheden, bijna dagelijks post hij een bericht op Facebook waarin hij verhaalt over exposities, lezingen, signeersessies en andere literaire of culturele bijeenkomsten die hij bezoekt en waarover hij immer uitvoerig en met aanstekelijk enthousiasme vertelt. In feite schrijft hij zo elke dag een blogbericht - waar mijn miezerige jaarproductie op dit blog maar bleekjes bij afsteekt. Jan is trouwens zo’n beetje de enige reden dat ik Facebook nog aanhoudt, naast het feit dat een communicatiekanaal is van Stichting Desiderata. Verder wil ik niets meer met dit big tech platform te maken hebben - nodig mij dus niet uit als uw vriend daarop, want ik zal dit weigeren.

In 2015 schreef ik over mijn eerste aankoop van Jan’s boeken, in 2017 over mijn correspondentie met hem en in 2018 kon ik eindelijk al mijn door hem geschreven boeken laten signeren. Daarna werd het covid met alle beperkingen van dien, maar Jan schreef ijverig door. Ontmoeten zat er echter niet meer in. Wat ik echter nog niet eerder verteld had, was dat een citaat uit mijn correspondentie met hem de achterflap van Boekanieren in Bibliopolis (2016) heeft gehaald. Mooi dat ik op die manier een aanprijzing van het werk van Jan heb kunnen doen. Ik ben maar een bescheiden verzamelaar (in de woorden van Jan: ik opereer in een duistere schijnwereld van naarstig zoeken en ijverig verzamelen), maar ik ben desondanks ijdel genoeg om dit soort vermeldingen leuk te vinden. Net als die keer dat ik ontdekte dat ik in de winkeldagboeken van Hinderickx en Winderickx was beland, of dat dit blog werd aangeprezen in het boek van Wim Huijser.

Ik heb de afgelopen jaren het aankopen van de boeken van Jan Bib, zoals hij zichzelf noemt, niet bij kunnen houden. Ik doe een vergelijkbare verzuchting nu al een paar blogs lang, namelijk dat ik achterloop met aankopen van allerlei belangwekkende uitgaven voor mijn eigen collectie. Het lijkt erop dat de kloof tussen de boeken die ik nodig heb in mijn bibliotheek en die ik daadwerkelijk heb gevoelsmatig steeds groter wordt. Ik vrees dat ik het pad naar bibliomanie op ben gegaan en dat mij een tragisch en teleurstellend einde wacht, hopelijk zonder dat ik overga tot echt destructieve keuzes…

Ik liep dus al meerdere delen achter. In mijn vorige bericht schreef ik al over een onverwachte mooie vondst bij een inboedelveiling. En kort daarna was er voor mij weer een aangename verrassing. Dit keer was het de signaleringsfunctie op Marktplaats die zijn werk deed: Jan van Herreweghe is een zoekterm die ik volg, en ik kreeg een melding van een stapel uitgaven die te koop werd aangeboden. Ik bood onmiddellijk de vraagprijs en was diverse andere belangstellenden gelukkig te snel af. Een dag later had ik de boeken in huis. De eerste 9 delen van de aangeboden reeks had ik zelf al, maar ik kon 5 nieuwe delen toevoegen aan mijn collectie. Daarvan waren er vier al gesigneerd met opdracht: eentje voor Wim, eentje voor Leo en twee voor Henk. Het moge duidelijk zijn - zo blijkt uit deze niet-representatieve steekproef - dat de lezers van het werk van Van Herreweghe veelal mannelijk zijn. Het is algemeen bekend dat het verzamelen van boeken nog steeds overwegend een mannenactiviteit is, hoewel gelukkig het aantal vrouwelijke boekenverzamelaars blijft toenemen. 

Van Herreweghe schrijft ook regelmatig over het man-vrouw verschil in relatie tot boekenverzamelen. Hij opent De zegeningen van het boekenschap (2019) er zelfs mee:

Ik heb het in mijn geschriften - ofwel expliciet en/of tussen de regels - al dikwijls gehad over het feit dat mannen - in al hun naïviteit - grote verzamelaars van boeken zijn en vrouwen - in al hun nuchterheid - steeds weer bezwaar maken tegen te veel boeken in huis. (…) Voor heel wat vrouwen is dat een brug te ver. Tot op zekere hoogte ondergaan zij (lijdzaam!) de verzamelwoede van hun mannen en de daarmee gepaard gaande enorme hoeveelheden boeken waarmee het huis gevuld wordt.

In dit zelfde De zegeningen van het boekenschap schrijft hij in een brief over het boek Een bed tussen de boeken (Books, baguettes and bedbugs) van Jeremy Mercer, waarover ik in 2009 een blog schreef. Een tweede brief gaat over het boek Blok. De boekhandelaar van mijn vader van Jan Brokken, waarover ik in 2014 schreef. Veel herkenning dus, want dit deel staat vol met beschrijvingen en verwijzingen naar boeken over boeken, in het bijzonder fictie waarin de boekhandel of het verzamelen van boeken centraal staat. De meeste beschreven titels heb ik zelf, maar ik heb toch nog een aantal nieuwe titels uit dit genre op mijn zoeklijstje gezet. Mijn citaat op de achterflap van Boekanieren in Bibliopolis blijkt maar al te waar: wij bibliofielen bewandelen vaak dezelfde route, en vinden dus veel herkenning bij elkaar.

De boeken van Jan Bib vormen op zichzelf ook een enigszins verzamelwaardige reeks. De oplage is niet zo groot (300 à 400 per keer) en dus enigszins schaars - hoewel het de vraag is of zijn lezerspubliek heel veel groter is dan dat. Maar aardig is dat er rondom die reeks nog wat overige verzamelwaardige uitgaven zijn. Zo is er het houten boekobject Manieren van ordenen (oplage: 30), is elk afzonderlijk boek in de reeks ook deels Romeins genummerd (steeds 30 per keer) en verscheen één van de brieven uit Er zijn nooit teveel boeken, alleen teveel mensen in een aparte uitgave met medewerking van de kunstenaar Denmark

Hoewel elke uitgave op zich een indrukwekkende stortvloed van boekenfeiten is, wil het niet meteen zeggen dat alle brieven ook hoogstaande literatuur vormen. Het zijn toch veelal ervaringen, lange citaten of navertellingen van andere boeken. Verwacht geen echte bibliothistorische analyses of bibliofiel speurwerk. De opsommingen zijn toch enigszins lukraak en lijken alle kanten op te gaan. Elke thematische brief bevat vooral anekdotische informatie losjes gegroepeerd rond een thema of schrijver. Naast informatie uit boeken zijn er ook veel kranten- of andere berichten ter illustratie die een bepaald punt verder uitwerken. En de navertellingen van boeken zijn eigenlijk het verslag van een leeservaring, waarin vele citaten uit het boek worden voorzien van commentaar. Verder wordt weinig verteld over de verzamelaar zelf, of de lijnen die hij volgt in zijn collectie. Wat beweegt Jan, waar werkt hij naar toe? Nee, hij is (nog) geen Alberto Manguel, Nicolas Basbanes of Holbrook Jackson. Maar hij is een vrolijke en belezen Vlaming die zichzelf niet zo serieus neemt en tegelijkertijd een enorme feitenkennis in hoog tempo met de lezer deelt. Deze mix maakt het voor mij nu juist zo aantrekkelijk: de toon is licht, het enthousiasme aanstekelijk en je leert nog een paar dingen onderweg. 

Kom maar op Jan, met je volgende boek!

30 mei, 2019

295 - In de voetsporen van Uffenbach

Het mooie van boeken en boeken verzamelen, is dat het altijd weer nieuwe verhalen oplevert. En zo kwam het dat ik een mooi kaveltje won op Catawiki en van het ene verhaal in het andere viel.

Allereerst het kaveltje dat ik won: 7 boeken over boeken verzamelen, toevallig mijn favoriete onderwerp, waarvan er één op mijn wensenlijstje stond en de anderen bij nader inzien onmisbaar zijn in mijn collectie. Het boek op mijn wensenlijstje was Uit de schaduw, waarin leden van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen hun collecties aan het publiek tornen. Dat gebeurde ter gelegenheid van het 20-jarig bestaan van het genootschap. Bibliofielen zijn spaarzaam met het tonen van hun schatten (weinig mensen in hun omgeving delen hun passie en de reactie ‘wat een boel oud papier, zonde van de bomen’ is toch een beetje pijnlijk). Ik ben geen lid van het genootschap maar hou wel van hun publicaties. Als ik lid was geweest had ik natuurlijk in dat boek willen staan, maar hoe dan ook fascineren verhalen van verzamelaars mij. Omdat achter deze passie een hoop kennis schuilgaat, omdat de zoektocht naar al dat fraais herkenbaar is en op een bepaalde manier zijn deze verhalen daarmee inspirerend. Vandaar dat ik een kast vol met dergelijke ‘boeken over boeken’ bezit.
Perkamentus (die natuurlijk wel lid van het genootschap is) schreef een mooi blog over dit boek, dat in een oplage van 1000 verscheen. Hij schrijft: "Eerlijk is eerlijk; het is werkelijk een prachtig boek geworden, zowel wat inhoud betreft als fotografie (Rebke Klokke), vormgeving (Hansje van Halem) en uitvoering door Uitgeverij de Buitenkant. De verhalen door bijna zestig leden, waaronder ikzelf, over hun bibliofiel verzamelen vormen boeiende en aangename lectuur die wordt afgewisseld met foto’s van de bibliofielen (in zwart-wit) en ‘highlights’ uit hun collectie (in kleur)." De vormgeefster Hansje van Halem laat op haar website nog wat meer over de inhoud en het complexe maakproces van het boek zien, maar ook de recensie uit de Volkskrant (zie afbeelding) waarin staat de het boek getuigt van een "haast maniakele boekenliefde". Die laatste opmerking is een mooi bruggetje naar mijn volgende aanwinst.

In het kavel zat namelijk ook een exemplaar van Thomas Frognall Dibdin's Bibliomania. Bibliomania is een klassieker, waarin Dibdin de ziekte beschrijft die hij bibliomania noemt: de ziekelijke neiging om boeken te willen kopen en kostbare boeken te bezitten. Oftewel de ‘haast maniakale boekenliefde’ waar De Volkskrant over schrijft. Het is de liefde of de ziekte waar ik ook aan lijd en waar helaas nog geen medicijn voor is gevonden.
Ik heb al een versie van Bibliomania, namelijk de uitgave uit 1903 van The Bibliophile Society uit Boston, die verscheen in een oplage van 483 exemplaren en die ik in 2010 bij Bubb Kuyper kocht. Ook weer een uitgave van een club bibliofielen, net zoals het boek hierboven: ik zie een trend. Het is een fraaie vierdelige set in foedralen en uiteraard ook weer prachtig vormgegeven. Klik vooral op de link in de vorige zin, want dan wordt zichtbaar wat The Bibliophile Society zoal publiceerde. Ik ben erg trots dat ik één van hun uitgeven bezit. En zoals ik eerder schreef, vind ik dubbele exemplaren niet erg. Want deze Dibdin is anders dan degene die ik al heb, dus past hij prima naast mijn andere versie. Ik ontdekte namelijk dat mijn nieuwe Dibdin weliswaar een niet-zo-zeldzame versie uit 2004 is, maar dat het qua inhoud een geannoteerd exemplaar van de eerste editie van Bibliomania uit 1809 is. En dat - maar dat wist u natuurlijk allang, beste lezer - is een geheel andere versie dan de tweede editie uit 1811 waarmee Dibdin bekend geworden is en die de basis voor mijn vierdelige set vormde. En deze annotatie betekent dat ik heen heleboel feitjes over het leven en het werk van Dibdin erbij heb gekregen! Daar ga ik wel weer eens een ander blogje over schrijven, maar tijdens het wachten kunt u hier even kijken.

Wat ik interessant vond was de uitgever van dit boek: The Tiger of the Stripe, gevestigd in Richmond. Het is een kleine onafhankelijke uitgeverij met een klein fonds rondom een paar thema's. Eén ervan is bibliofilie en naast dit boek dat ik net kocht zie ik dat zij ook Enemies of books van William Blades hebben uitgegeven, waarvan ik eind vorig jaar een miniatuuruitgave kocht. Dat betrof één hoofdstuk en ik wil nog de integrale uitgave van Enemies maar dan niet een latere herdruk (die ook niet geannoteerd is: dubbele exemplaren zijn prima, maar ze moeten wel wat extra's bieden).

Ik was benieuwd naar deze uitgeverij: wat maakte dat zij dit soort boeken uitgeven? Ik ben daarom nog wat verder gaan kijken. Tiger of the Stripe blijkt een zusteruitgeverij te hebben, Tiger Xenophon, die onder meer boeken in het ehm.. Sanskriet publiceert. Niet direct mijn hobby, maar evengoed interessant. Zeker als je van taal houdt, want de aanbeveling op de site liegt er niet om: "The Sanskrit language, whatever be its antiquity, is of a wonderful structure; more perfect than Greek, more copious than Latin, and more exquisitely refined than either".

Na wat verder zoeken ontdekte ik dat eigenaar van deze uitgeverij Peter Danckwerts is. Volgens eigen zeggen runt hij deze uitgeverij zijn eentje. Het fonds blijkt zijn interesses te weerspiegelen: eten, geschiedenis, architectuur, en natuurlijk boeken. Zijn cv laat een geschiedenis bij diverse uitgeverijen zien, waar hij onder meer ontwerper was voor boeken. Op zijn Pinterest pagina laat hij daarvan een paar voorbeelden zien, maar niet die van voor 2003 omdat iemand van de IT-afdeling van een van zijn werkgevers die kwijtmaakte, aldus zijn eigen site. Ook twittert hij de laatste 2 jaar niet meer. Volgens eigen zeggen maakt hij een prima Indaise curry en is hij fervent tegenstander van de uitbreiding van Heathrow Airport omdat de derde baan zo ongeveer in zijn achtertuin komt te liggen.Wat ik enigszins tragisch vond, was zijn openingszin: hij heeft een uitgeverij maar hij is beschikbaar voor freelance, parttime of fulltime werk. Het lijkt erop dat de uitgeverij niet zo heel hard loopt.... maar ik kan mij ook voorstellen dat de markt voor boeken in het Sanskriet niet al te groot is. Desondanks, een man die zo gepassioneerd boeken uitgeeft waar hij zelf van houdt verdient wat mij betreft een beter perspectief dan deze toch wat haperende uitgeverij.

Het bovenstaande laat zien hoe fascinerend boeken zijn. Een avondje bieden op een kavel bij Catawiki, levert mij niet alleen een boek van mijn verlanglijst op, maar ook nog een paar extra boeken, informatie over een éénmans-uitgeverij en het verhaal van een man die zijn daarmee zijn hoofd boven water probeert te houden, tegen luchthavens vecht en door IT’ers wordt benadeeld. Er blijft nog maar één vraag over: waarom verwijst  de titel van dit stukje naar Zacharias Conrad von Uffenbach terwijl zijn naam verder nergens wordt genoemd? Dat heeft er mee te maken dat er in datzelfde kavel een aantal werken gerelateerd aan deze 18e-eeuwse reiziger, boekenverzamelaar (bibliofiel!) en wetenschapper zaten. Het plan was dat deze blog daarover zou gaan, maar omdat ik zo afdwaalde met de eerste twee boeken, moet het verhaal over Von Uffenbach en wat hij in mijn boekenkast doet wachten tot een volgende keer...

22 oktober, 2017

280 - Een mooie set boeken van Stichting P.J. Cools

Bij mijn enthousiaste bespreking van het boek Boeken uit de doeken in mijn vorige bericht, gaf ik al aan dat deze afkomstig was van de mij onbekende Stichting P.J. Cools. Deze wetenschap was aanleiding om eens te gaan grasduinen op de site van deze stichting, en ik ontdekte onder meer dat deze stichting de organisator is van de jaarlijkse Tilburgse boekenmarkt "Boeken rond het paleis". Maar niet alleen dat, de stichting bevordert ook andere literaire activiteiten en wat voor mij belangrijk is: ze geven boeken uit, in het bijzonder boeken over boeken.

Veel lees- en verzamelbevorderende activiteiten dus en daarom verdient deze stichting alle aandacht die maar nodig is. Ik vroeg mij vervolgens wel af wie die P.J. Cools nu eigenlijk was waar de stichting naar was genoemd. Gelukkig realiseert de stichting zich dat meer mensen zich dat afvragen, en daarom staat er een link naar een artikel van Jef van Kempen over Petrus Josephus Cools.

Het eerste wat ik daarin las was dat het een pater was die censor was in de plaatselijke bibliotheek. Niet bepaald een aanbeveling om naamgever te worden voor een stichting die het lezen bevordert, wat mij betreft, want het doet mij denken aan lijsten met verboden boeken en andere nare beperkingen. Maar al verder lezend blijkt het allemaal wel mee te vallen met deze Cools. Hij werd na zijn priesteropleiding bibliothecaris van de theologie-opleiding in Stein en schreef meerdere artikelen over boeken en bibliotheken en stimuleerde de verwerving van boeken waar hij maar kon. 'Hoe meer boeken hoe beter', was zijn motto. Binnen zijn eigen bibliotheek was hij zeer actief in de verwerving van boeken van kloosterbibliotheken die opgeheven dreigden te worden. Door deze bibliotheken te verwerven, bleven de boeken behouden en beschikbaar. Na de oorlog kreeg hij een plek in landelijke commissies die zich bezig hielden met herstel en bevordering van het bibliotheekwezen in Nederland.

In de uitgave Catalogus van de handschriften, incunabelen en postincunabelen uit het bezit van de orde der minderbroeders-kapucijnen in Nederland, nu aanwezig in de Bibliotheek van de Theologische Faculteit Tilburg door Lydia Wierda, lees ik de volgende vermakelijke passage:
De TFT [Theologische Faculteit Tilburg] had aanvankelijk geen eigen bibliotheek. De studenten beschikten op hun thuisbasis veelal over een goedvoorziene bibliotheek. Het gebrek aan een bibliotheek werd echter wel als een bezwaar gezien. Daarom werd een bibliothecaris aangesteld wiens belangrijkste taak niet zozeer was de zorg voor de boeken als wel ervoor zorgen dat er eigen boeken kwamen.
Deze bibliothecaris, pater Petrus Josephus Cools MSC, ging vol goede moed op strooptocht. Hij bezocht de bibliotheken van de missionarissen van het H. Hart, de missionarissen van het Goddelijk Woord, de missionarissen van de H. Familie en de minderbroeders kapucijnen. En niet zonder succes: de eerste meters boeken van de bibliotheek van de TFT zijn het resultaat van Cools' inspanningen. Deze boeken hebben geen stempel van de TFT maar hebben een ingeplakt briefje met de tekst 'In bruikleen bij de bibliotheek van de Theologische Faculteit Tilburg'. Deze boeken zijn vooral afkomstig uit de collecties van de vroegere seminaries.
(...) De collectie oude en kostbare werken van de kapucijnen omvat 80 handschriften, 45 incunabelen met 62 titels en 165 postincunabelen met 218 titels.

Dat heeft Cools dan wel weer aardig gedaan, op die manier cultureel erfgoed behouden en zo historische boeken toegankelijk houden, en en passant nog 45 incunabelen op de kop tikken naast veel ander moois. Hoewel 'strooptocht' niet zo'n positieve term is, is zijn intentie goed geweest. Ik snap wel dat zoveel enthousiasme een inspiratie vormt voor de stichting P.J. Cools: 'hoe meer boeken hoe beter!'.

Maar terug nu naar de lijst met uitgaven van de stichting. Ik was zo brutaal om Peter IJsenbrant en Martin Hulsenboom te vragen of er wat rondslingerende uitgaven van deze stichting mijn kant op konden komen, en tot mijn grote blijdschap werd mijn smeekbede verhoord. Hieronder een beeld van wat vervolgens in mijn brievenbus plofte:

Hoewel, een aantal van deze kreeg ik al eerder van de heren Hulsenboom en IJsenbrant (zoals de prachtige gelegenheidsuitgave Paul Verlaine in Tilbourg, oplage 25, die netjes staat naast mijn twee uitgaves van de Biblio-sonnetten van Verlaine), maar het maakt het plaatje wat completer. Hoe dan ook een boeiende collectie van boeken over boeken en lezen die elk op hun eigen wijze laten zien waarom boeken zo fascinerend zijn. Eén van de uitgaven die strikt genomen niet van de stichting is, is het boekje De nagedachtenis van een groot man van Gerard Keller. Een heruitgave van een verhaal van deze schrijver ter gelegenheid van het plaatsen van een grafmonument voor hem. Een mooi verhaal over een vergelijkbaar thema: hoe in een dorp een min of meer bekende schrijver wordt herdacht en waarin kleinburgerlijkheid leidt tot een herdenking waarin iedereen vooral zijn eigen belang dient en de schrijver meer en meer vergeten raakt. Tot mijn grote spijt realiseerde ik mij dat ik niet al te lang geleden een boek van deze Keller had weggedaan wegens overtolligheid (om precies te zijn: Het vermoorde Parijs in een overigens vrij lelijke en beschadigde uitvoering). Nu mis ik dit boek, want deze nieuwe uitgave had daar mooi naast kunnen staan. Voor de zoveelste keer de les geleerd om geen boeken weg te doen, want er volgt altijd spijt.

Waar ik ook erg van genoot is de uitgave Boekverkoper voor alle seizoenen van Herman Brusselmans waarin alle passages over de fictieve boekhandelaar en bibliothecaris Louis Tinner uit de boeken van Brusselmans zijn gebundeld. Of wat te denken van  De pelle humana over boeken gebonden in mensenhuid (Perkamentus schreef hier al eens over in 2011, maar hij moest toen nog 11 euro neer leggen voor dit boekje..). Inmiddels zijn wereldwijd 18 van dergelijke boeken bekend die bij veel mensen tot de verbeelding spreken (de tekst van Schilders staat trouwens hier). Maar bovenal ben ik nu in het bezit van een boek van P.J. Cools zelf, een lezing met de titel Over het conserveren van boeken, waarin dezelfde toelichting van Jef van Kempen over Cools zelf staat die ik hierboven al aanhaalde maar daarnaast nog een toelichting op de tekst bevat van - wie anders dan - Ed Schilders. In deze verhandeling geeft Cools allerlei raad over hoe boeken het beste behandeld kunnen worden in bibliotheken, maar ook in de thuisbibliotheek. Een tip is om elk boek tenminste één keer per jaar uit de kast te nemen en buiten stofvrij te maken. Ik vrees dat ik tegen deze regel zondig: ik stof mijn boeken maximaal één keer per vijf jaar af. Daarmee heb ik de Cools-norm niet gehaald..

Mijn gebedel leverde kortom een paar fraaie aanvullingen op voor mijn collectie boeken over boeken, die inmiddels zo'n 220 titels telt. Ik schaam mij dan ook niet voor het gebedel: ik weet dat de boeken hoe dan ook door mij meer geliefd en beter verzorgd worden dan elders, en dat ze dus beter bij mij kunnen staan. Niet dat ik twijfel over de bibliozorg bij Peter IJsenbrant thuis, maar ik wil alleen maar zeggen dat ik natuurlijk niet de eerste de beste bedelaar ben. Mijn dankbaarheid is groot en langdurig, en ik deel deze ook nog eens met de lezers van dit blog. Die lezers worden hopelijk geprikkeld door dit moois en die hoeven niet te bedelen, maar kunnen de boeken vermoed ik gewoon bestellen via de gegevens op de website van Stichting Cools.

Wie had gedacht dat ik als randstedelijke protestant zo enthousiast kon worden over een Brabantse katholieke geestelijke censor... Bibliofilie overbrugt de grootste verschillen, zo blijkt maar weer.

19 april, 2008

150 - Een groot verzamelaar doet verslag

In de geschiedenis van het boek en in het bijzonder van het verzamelde boek zijn veel bijzondere verzamelaars aan te wijzen. Ze zijn bijzonder omdat ze bijzondere verzamelingen hadden: in omvang, in specialiteit, of allebei. We kennen ze omdat hun verzamelingen aan de basis stonden van bibliotheken of soms omdat ze alles voor hun boeken over hadden, inclusief hun eigen leven. Bibliofielen worden soms bibliomanen.

Neem nu Antonio Flamminio, een Siciliaans filosoof uit de zestiende eeuw die alles overhad voor zijn boeken en uiteindelijk stierf doordat een stapel boeken op hem viel. Of neem Motteley, die niemand in zijn bibliotheek vertrouwde en ook zelden schoonmaakte. Zijn hele fortuin ging aan boeken op en toen hij stierf had hij nog net genoeg geld opzij gelegd om zijn begrafenis van te betalen. Of neem de hertog van Somerset, die in de 16e eeuw drie wagens liet voorrijden bij de bibliotheek van Guild Hall en alles meenam naar zijn huis. De collectie, inclusief bijzondere handschriften, keerde ruim twee eeuwen later weer terug. Of neem Antoine Boutard die boeken kocht per meter en die in zijn leven achthonderdduizend boeken verzamelde die hij in zes huizen had opgeslagen. Of neem de Engelsman Meadow die zoveel boeken verzamelde, dat hij een deel moest verkopen. Hij kon de veiling van zijn geliefde bezit echter niet aanzien en verliet de zaal, kwam verkleed terug en begon op zijn eigen boeken te bieden...

Verhalen over verzamelaars boeien me: te zien hoe genialiteit en gekte soms samen gaat. Fascinerend om de hartstocht voor boeken te zien. Ook onze eigen Boudewijn Büch is een groot verzamelaar, die vol passie over andere verzamelaars schrijft. In Bibliotheken haalt hij het voorbeeld van Johann Georg Tinius aan die verslaafd was aan boeken maar niet genoeg geld had. Daarom ging hij over tot roofmoorden. Van het betere soort waren Jacques Doucet, die honderdduizenden literaire handschriften en boeken verzamelde, Charles Spoelberch de Lovenjoul of Martin Bodmer.

Een bekende Nederlandse verzamelaar was W.H.J. baron van Westreenen-Tiellandt, die de medenaamgever was van het museum Meermanno - Westreenianum.
Willem Hendrik Jacob baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) was jongs af aan was Van Westreenen een hartstochtelijk verzamelaar. Van de verschillende collecties die hij bijeenbracht, was de verzameling boeken de belangrijkste. Hij was beïnvloed door het voorbeeld van zijn veel oudere achterneef Johan Meerman (1753-1815) en diens vader Gerard Meerman (1722-1771). Hun bibliotheek kwam in 1824 onder de hamer, in strijd met wat Johan Meerman in zijn testament had vastgelegd. Van Westreenen probeerde op de veiling door forse aankopen een belangrijk deel van die collectie bijeen te houden en op die manier cultureel erfgoed voor Nederland te bewaren.
Uiteindelijk vermaakte Van Westreenen zijn eigen bezit aan de staat. Sinds 1852 is het voormalige woonhuis van Van Westreenen een museum.

Onlangs kocht ik het fraaie boek Journaal van W.H.J. van Westreenen van zijn reizen naar Londen, Cambridge en Oxford in de jaren 1834 en 1835. In linnen gebonden, met goudopdruk. Het reisdagboek laat zijn dubbele belangstelling zien: het reizen zelf en het zien van nieuwe steden en landschappen en het verzamelen van boeken met een voorkeur voor incunabelen. Hij beschrijft van dag tot dag waar hij is, wat hem opvalt en wat hij koopt. Een voorbeeld:

"Den 30en Juny en 1en July doorliep ik weder verscheidene gedeelten der stad, - bezocht nog eens de Westminster Zaal, die een platte ingang heeft - de Expositie van schilderyen van levende meesters, bestaande echter voor 't grootste gedeelte in pourtretten, alsmede eenige afgietsels van antieke beelden, etc. in verscheidene zaalen van het fraaye Sommersets-house, - de St Pauls-kerk - de Post-Ofice, etc. de bank van Engeland; doorreed met eene wagen gezegd omnibus die 19 persoonen van binnen bevat, zonder de koetsier en afroeper achter, nevens de ingang geplaatst, verscheide nog door my onbezogte straaten, onder andere Cornhill, en zag zoo in 't voorbyryden de Gevangenis Newgate, de Zaal Guildhall - en de kerk van Newgate achter deeze gelegen, zoodat de straat tusschen dezelve en de gevangenis loopt.
Ik bezocht verschillende boekhandelaaren als Bohn - by het Strand (by deezen vondt ik het exemplaar der Charta Magna op pergament met origineele teekening voor keizer Alexander bestemd, waarvoor hy 700 Lst: vroeg) - Thorpe in de Bedfordstreet, Longmann Paternoster Row - en wederom de Hren Foss en Payne, waar ik verscheidene drukken op pergament als de Cicero van 1466 - de Isidorus van Augsburg 1472 - en de bulle van 1455 beschouwde."

Het is mooi om te zien hoe deze Baron het reizen en het verzamelen combineerde. Hij besteed in zijn aantekeningen meer tekst aan de boeken die hij ziet, in musea en bibliotheken, dan die hij zelf koopt. Toch ging hij naar Londen met een doel: hij wilde werken uit de bibliotheek van G.F.W. Kloss, die toen geveild werd, kopen. Maar er waren meer kapers op de kust, de Bodleian Library vermeldt op zijn webpagina's "Some 560 incunabula, mainly printed in Germany and, when known, nearly all with an earlier German provenance, were acquired from the collection of Georg Franz Burkhard Kloss (1787-1854), a physician from Frankfurt am Main, whose sale was held in London in 1835; the Bodleian spent a total of 343.30 there. The Kloss collection reflects an interest in the traditional academic disciplines". De catalogus van die veiling is overigens hier nog te koop.

Van Westreenen wist ook een aantal incunabelen te kopen en die zijn voor de liefhebber te zien in zijn eigen museum. Het is mooi te zien hoe deze verzamelaar zijn bezit vermeerderde: niet door roofmoord, niet door diefstal, niet door het zich ontzeggen van eerste levensbehoeften maar door het systematisch zoeken naar waardevolle aanvullingen voor zijn boekenbezit. Het reisverslag is een weergave van een paar maanden uit het boeiende leven van deze man.