Posts tonen met het label Octave Uzanne. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Octave Uzanne. Alle posts tonen

02 november, 2022

337 - De hel van de bibliofiel en Andrew Lang's boeken over boeken

Charles Asselineau, foto door
G.F.T. Nadar (collectie Getty Museum)
Deze week ontving ik alweer de zevende uitgave van de Stichting Desiderata voor mijn bibliotheek en de redactie is er weer in geslaagd om volledig aan haar eigen doelstellingen te voldoen,  namelijk "het schrijven, samenstellen, vertalen en uitgeven van boeken die, qua inhoud en vorm, een onvoorwaardelijke liefde voor het boek weerspiegelen". Het zojuist verschenen werk van Charles Asselineau met de titel De hel van de bibliofiel is een schitterend boek dat zo verrijkt is, dat het veel meer is dan alleen de heruitgave van het beroemde 19e-eeuwse verhaal over de nachtmerrie van de bibliofiel. Niet alleen Asselineau’s verhaal is er namelijk in opgenomen, maar ook twee verhalen die hierdoor zijn geïnspireerd, namelijk Het vagevuur van een bibliofiel door Andrew Lang en Een boekenveiling in Hotel Drouot door Octave Uzanne. De thematiek van deze twee verhalen is dan ook nauw verwant aan dat van Asselineau en zijn ook direct door Asselineau’s verhaal geïnspireerd. Wat mij betreft een uitstekende keuze om deze drie verhalen samen te bundelen in één uitgave. Martin Hulsenboom zorgde voor de vertalingen uit het Frans en het Engels.

Maar wacht, er is meer! Van de eerdere Desiderata-uitgave De bibliomaan van Charles Nodier wisten we al dat aan het verhaal uitgebreide biografische en bibliografische bijlagen werden toegevoegd, zodat het verhaal in de historische en culturele context kon worden geplaatst. Dat is nu weer gebeurd, maar in de overtreffende trap. Over hoe die overtreffende trap er uit ziet, laat ik graag de stichting zelf aan het woord omdat die het mooier kan zeggen dan ik. "Het onderzoek naar de motieven in het verhaal leidt nu tot allerlei uitweidingen over de bibliofolklore: over boekenveilingen, bibliofobie, boekrestauratie, boekprentkunst en bibliofiele genootschappen. Ook de illustratoren die de ‘leesmerrie’ en ‘boekendemonen’ in beeld hebben gebracht krijgen ruim aandacht. In de eerste plaats is dat de illustrator van ‘De hel’, Léon Lebègue, een zo goed als vergeten briljante prentkunstenaar. Maar ook de demoontjes van Albert Robida verschijnen hier, en de afbeeldingen bij ‘De hel’ van de Tsjechische kunstenaar Hugo Steiner-Prag. In totaal bevat deze uitgave meer dan 160 afbeeldingen in kleur. Daarnaast zijn de drie verhalen toegelicht met Nederlandstalige bronnen die verwant zijn aan de inhoud, waaronder Willem Bilderdijk, die uitlegt hoe een nachtmerrie te werk gaat, en dominee Eliza Laurillard, die ingaat op zijn angst voor de vergetelheid." Ed Schilders heeft zich behoorlijk uitgeleefd in de “bibliomane aantekeningen”, een titel met een dubbele betekenis: De aantekeningen gaan over bibliomanie, maar de inhoud van de aantekeningen getuigen ook van een stevige bibliomaniakele werkwijze - de vrees is dat Ed Schilders zelf ook stevig aan bibliomanie lijdt. Het resultaat: het oorspronkelijke relatief korte verhaal van Asselineau is uitgedijd tot een kaleidoscopisch boek van 220 pagina’s, die ook nog eens is voorzien van een uitgebreid notenapparaat, waarin de boekenliefde uitbundig wordt beleden. 

Maar dan nu het verhaal zelf. Het verscheen in 1860 in boekdruk als L’Enfer du bibliophile, maar werd nooit eerder in het Nederlands vertaald. Asselineau vertelt over een nachtmerrie waarin een boekenvriend tegen wil en dank eerst door een demon gedwongen wordt waardeloze boeken aan te schaffen voor een te hoge prijs. Vervolgens belandt hij in de hellecirkels van de boekbinder (om de rommel zeer luxe te laten inbinden) en het veilinghuis (waar hij belachelijke prijzen betaalt voor boeken die hij niet wil hebben). Ten slotte is hij getuige van de plundering van zijn bibliotheek omdat hij de rekeningen van het veilinghuis en de boekbinder niet kan betalen.. 

Octave Uzanne werd geïnspireerd door het verhaal van Asselineau en schreef het verhaal Een boekenveiling in Hotel Drouot waarin een verzamelaar getuige is van de veiling van zijn eigen bibliotheek en tot zijn verbijstering ziet dat zijn met zorg verzamelde schatten voor schamele bedragen worden verkocht. Bij het ontwaken realiseert hij zich dat hij voor het slapen Asselineau’s verhaal heeft gelezen.

Het opgenomen  verhaal van Lang heeft als originele titel A bookman’s purgatory en vertelt over de nachtmerrie van Thomas Blinton, die ook hem overvalt nadat hij het verhaal van Asselineau over de hel van de bibliofiel heeft zitten lezen. In zijn droom herbeleeft hij dit verhaal op zijn eigen wijze, in grote lijnen volgt dit het verhaal van Asselineau. Ook Blinton wordt door een demon gedwongen tot aankopen waar hij helemaal niet op zit te wachten en moet op een veiling exorbitant bieden op boeken die hij niet wil hebben.

In alle gevallen gaat het om de ijdelheid en de hebzucht van de verzamelaar die door een demon wordt voorgesteld en die de verzamelaar dwingt om te doen wat hij eigenlijk niet wil, maar toch moet. Ed Schilders laat in de aantekeningen zien dat deze drie auteurs beslist niet de eerste zijn die dergelijke nachtmerries beschrijven. Een keur aan auteurs trekt voorbij die op een of andere manier dergelijke nachtmerries hebben verbeeld.

Iets over de drie auteurs

In dit boek staan verhalen van drie auteurs centraal. De thematiek van de verhalen komt overeen en de drie auteurs staan ook allemaal bekend als bibliofiel maar verder zijn de verschillen immens. Peter IJsenbrant verzorgde uitgebreide biografische schetsen van de drie auteurs. In het kort:
  • Charles Asselineau (1820-1874) was een Franse schrijver die bevriend was met onder meer de schrijver Beaudelaire. Hoewel voorbestemd als arts, koos hij de letteren. Zijn publicaties kenden een grote diversiteit, maar hij specialiseerde ook in het uit de vergetelheid halen van schrijvers die volgens hem ten onrechte in de schaduw stonden. Zijn passie was de romantiek, de literatuur tot 1830. Ook schreef hij fantasyverhalen waarin dromen een belangrijke rol spelen. Na Baudelaire’s dood publiceerde hij een nieuwe editie van Les fleurs du mal en een biografie over Bauedelaire. Asselineau’s grote passie was de bibliofilie en de dagelijkse jacht op boeken voor zijn bibliotheek.
  • Octave Uzanne (1851-1931) was ook een Franse schrijver, maar vooral bibliofiel die veel schreef over boeken en bibliofilie. Hij werkte mee aan talloze bibliofiele boeken en tijdschriften. Bibliofilie en vrouwen, dat was de focus van zijn werk. Bekend zijn dan ook zijn werken over vrouwenmode. Zijn boek over de Parijse bouquinistes kon desondanks op veel kritiek rekenen van de bouquinistes zelf. Lang bleef zijn werk onvertaald voor de Nederlandse lezer, totdat de Carbolineum Pers in 2018 de bibliofiele uitgave Bibliofiele verhalen publiceerde. Uzanne kreeg tijdens zijn studie in Parijs de smaak van het verzamelen van boeken te pakken. Hij richtte onder meer vier tijdschriften op en publiceerde veel boeken over boeken en bibliofilie, maar schreef ook romans en gaf verschillende ongepubliceerde werken van verschillende Franse auteurs uit.
  • Andrew Lang (1844-1912) was een Schotse journalist, dichter, schrijver, criticus en antropoloog. Hij is niet per se bekend als boekenverzamelaar, maar vooral als verzamelaar/kenner van sprookjes en volksverhalen, mythes en religie. Daar publiceerde hij dan ook verschillende bekende werken over zoals The blue fairy book (1899), The red fairy book (1890) en The green fairy book (1892) - in totaal 12 verschillende kleuren. Daarnaast publiceerde hij ook over Schotse geschiedenis. Hij werd beschouwd als een “born man of letters” en was goed op de hoogte van de Engelse en Franse literatuur. Hij heeft een indrukwekkende rij boeken op zijn naam staan maar publiceerde ook in allerhande tijdschriften.
Aangezien Andrew Lang goed vertegenwoordigd is in mijn bibliotheek, wil ik bij hem iets langer stilstaan.

Andrew Lang's boeken over boeken

Ondanks dat Lang vooral bekend is geworden door zijn Fairy books heeft hij behoorlijk wat boeken over boeken geschreven. In 1881 verscheen bijvoorbeeld The Library, waarin Lang ingaat op verschillende aspecten van het verzamelen van boeken, als een soort handleiding voor verzamelaars (denk hierbij aan het bekende ABC for Book Collectors van John Carter of de klassieker in ons taalgebied Het verzamelen van boeken: een handleiding van P.J. Buijnsters). Daarnaast verschenen nog verschillende andere titels, waarvan ik er vijf in mijn bezit heb. Helaas niet The Library, maar wel Old friends: essays in epistolary parody (1892), Ballads of Books (1888), Letters to dead authors (1886), Adventures among books (1905) en Books and bookmen (waarover hieronder meer). 

Het verhaal “A bookman’s purgatory” verscheen oorspronkelijk in Lang’s bundel Books and bookmen (hier integraal te lezen). Het is een goede gewoonte dat ik van de publicaties van Stichting Desiderata al een variant bezit. Zoals van de uitgave van Ewoud Sanders over Marmier’s maaltijd voor bouquinistes en natuurlijk van de hilarische uitgave Hayward Ho!. Maar bij het verhaal van Lang is het nog erger want dat bezit ik al drie keer. Ik heb namelijk drie versies van Lang’s bundel in mijn kast: uit 1886, 1887 en 1899. De reden dat ik ze alledrie heb gehouden, is omdat ik in het algemeen moeite heb met kiezen en de uitgaven ook wel wat van elkaar verschillen. Dat wil zeggen, als het gaat om de inhoudsopgave. De bijdragen zelf, als ze meermalen voorkomen in de verschillende bundels, zijn voor zover ik kan zien identiek aan elkaar. 

De uitgave van 1886 is de Amerikaanse editie, verschenen bij Coombes in de serie "Books for the Bibliophile". Ik kan niet veel andere uitgaven vinden in deze serie, eigenlijk alleen Ballads of Books. Bij Coombes verschenen en opgedragen Brander Matthews, later opnieuw uitgegeven door Longmans, Green and Co en toen opgedragen aan "The Viscountess Wolseley". De uitgave van Books and Bookmen uit 1887 van Longmans is de eerste Engelse uitgave, en die van 1899 de tweede Engelse uitgave (met de ondertitel "a new impression"). Het lijkt erop dat Lang gedurende zijn leven nog wat gehusseld met de samenstelling van deze titel. Ik heb voor dit blogstukje maar eens een analyse gemaakt van de verschillen en overeenkomsten, waarbij ik de overeenstemmende uitgaven hetzelfde kleurtje heb gegeven. In de tabel vind je de drie inhoudsopgaven naast elkaar.
















De verschillen tussen de drie uitgaven zijn zichtbaar. Zowel de uitgave van 1886 als 1899 bevatten unieke bijdragen (de witte vakjes). Eigenlijk is alleen de eerste Engelse druk van 1887 de enige zonder echt unieke bijdragen. Theoretisch zou die dus wegkunnen, maar het is de eerste Engelse druk en daarom toch een beetje zonde om die af te stoten. Opmerkelijk is trouwens dat in het voorwoord van de Amerikaanse 1886-editie Lang expliciet zegt: 

The author does not book-hunt any more; he leaves the sport to others, and with catalogues he lights a humble cigarette. The game has grown too scarce; the preserves are for the rich. (...) I have ceased to hope for better luck; let younger or more sanguine men pursue the fugitive tract and the rare quarto. (...) No more morocco for me, or tooling, nor first editions; all these are vanity and (as a rule) bad bargains. Be not in a hurry to buy, young men and maidens, or your shelves, like mine, will be overcrowded with the melancholy harvest of inexperience and young desire". 

Hij lijkt afscheid te nemen van het fenomeen verzamelen en zijn bibliofiele leven, ook met een beetje spijt van wat het opleverde ("melancholy harvest") achter zich te laten. Maar vervolgens verschijnen er toch nog verschillende boeken over boeken van zijn hand. Eerst de heruitgave van Ballads of Books in 1888, maar in 1892 nog Old friends: essays in epistolary parody en in 1905 Adventures among books

De eerste Engelse editie van Books and Bookmen verschijnt zoals gezegd een jaar na de Amerikaanse editie. In de Engelse uitgave staat een voorwoord, waarin enige uitleg wordt gegeven over het verschil in inhoud. 

The essays in this volume have, for the most part, already appeared in an American edition. The essays on "Old French title-pages" and "Lady book-lovers" take the place of "Book binding" and "Bookmen at Rome". 

Meer toelichting wordt niet gegeven. Waren de verdwenen bijdragen ondermaats? Waren er problemen met rechthebbenden (de stukken verschenen eerder in tijdschriften)? Het wordt allemaal niet verteld. Wel wordt de herkomst van de verschillende andere hoofdstukken gegeven, die dus veelal eerder verschenen als bijdragen in tijdschriften. Maar zelfs dan blijft van sommige de herkomst onbekend, zoals "To F.L." en "Ghosts in the library".  Vermeld wordt wel dat "A bookman's purgatory" eerder verscheen in Longman's magazine (in 1883)

In 1899 wordt het voorwoord uit 1887 grotendeels herhaald, maar er wordt geen verklaring gegeven voor het verschil in inhoud tussen de bundels uit 1887 en 1899. Niet duidelijk is waar "Rich and Poor" en "Doris's books" ineens vandaan komen. Eveneens is onduidelijk is waarom "Curiosities of Parish Registers" uiteindelijk toch moet verdwijnen, nadat het in de eerste twee bundels wel stond. 

Tot slot

Ondanks de overdosis Andrew Lang die nu in mijn bibliotheek ontstaat, is deze uitgave van Stichting Desiderata hoe dan ook een aanwinst. Want het levert mij twee auteurs die tot nog toe ontbraken in mijn bibliotheek, naast Asselineau is dat Ocatave Uzanne. Van die laatste zou ik heel graag nog een paar titels op de plank willen hebben, want hij schrijft fascinerend over boeken en bibliofilie. Maar helaas zijn de uitgaven van Uzanne over bibliofilie gewild en dus schaars en dus duur, zodat ik hoop op een mazzeltje op een toekomstige veiling of een toevallige vondst in een of ander morsig antiquariaat. Maar gelukkig heb ik tot die tijd nu in elk geval met deze uitgave mijn eerste tekst van Uzanne in bezit.

Hoewel mijn verwachtingen bij de aankondiging van dit boek al hoog gespannen waren heeft deze uitgave ze toch opnieuw overtroffen. Ik kan mij niet voorstellen dat er een lezer van mijn blog is die zich nog niet heeft aangemeld bij Stichting Desiderata. Maar zo wel, dan sommeer ik deze lezer zich te melden bij het secretariaat, als je je boekenliefde tenminste ook maar enigszins serieus neemt. Ik kan gewoon niet zo goed begrijpen waarom je het risico zou willen lopen om nieuwe publicaties als deze mis te lopen. Uiteindelijk wil je ze toch hebben en zie er dan nog maar eens aan te komen. Maar genoeg daarover, mij rest nu niks anders meer dan te wachten op de volgende verrassende keuze vanuit de redactie van deze stichting. Misschien weer een tekst van Uzanne? Of wellicht iets Brits, zoals Dibdin? Of toch maar iets Duits, zoals Uffenbach, Brügel, Von Zobeltitz? Een Italiaan zoals Fogazzaro? Er zijn nog genoeg boeken waarin de boekenliefde centraal staat die wachten om te worden ontsloten. Ik heb het volste vertrouwen dat er een goede keuze zal worden gemaakt.

14 december, 2021

326 - Een maaltijd voor bouquinistes

Het begint een goede gewoonte te worden dat ik elke publicatie van Stichting Desiderata al in de originele uitvoering bezit. Behalve helaas die eerste dan, van Nodier. Maar van de zomerpublicatie Hayward Ho! bezat ik al één van de zeer schaarse originele exemplaren, zoals ik eerder schreef. Het leverde mooi vergelijkingsmateriaal op: welke passages waren tussen 1998 en 2021 gewijzigd en waarom? Duidelijk was dat de 2021-versie fantastisch mooi was uitgevoerd (en voor de liefhebber nog steeds te bestellen) en dat de tekst grotendeels intact was gebleven (maar dat een paar goede grappen waren gesneuveld). 

Twee uitgaven van hetzelfde boek

Ook van de winterpublicatie 2021 kan ik nu twee versies laten zien. Ik voeg deze in een lange rij van dubbels die ik in mijn bibliotheek heb staan. Vandaag plofte de hernieuwde uitgave van Ewoud Sanders' boekje 'Als dank voor de gelukkigste momenten in mijn bestaan' op de mat, en ook nog eens fraai gesigneerd. Het krijgt een plekje in mijn categorie 'Boeken over boeken' (als 394e boek in die categorie, tevens het 501e gesigneerde boek in mijn collectie) en komt te staan naast dezelfde uitgave uit 2017. En natuurlijk naast die andere uitgave van Sanders die ik heb: De handel en wandel van de boekenjood, een boek dat ik cadeau kreeg van Perkamentus, ter viering van het tienjarig bestaan van dit blog in 2014.

Xavier Marmier
Het thema voor deze publicatie is het befaamde "Banquet des bouquinistes" dat op 20 november 1892 in het Parijse Le Grand Véfour werd georganiseerd ter nagedachtenis aan de Franse letterkundige Xavier Marmier. Marmier overleed op 12 oktober 1892 en had 1000 francs (tegenwoordig zo’n 6.000 euro) nagelaten om daarmee een feestmaal te organiseren voor de bouquinistes langs de Seine, als dank voor de vele plezierige momenten die hij had doorgebracht bij zijn speurtocht naar boeken. Op 29 september 2017 vond in Amsterdam een reprise van dit diner plaats ter gelegenheid van Boeken in de Beethovenstraat. Ewoud Sanders verzorgde daarbij de inleiding die in een publicatie van uitgeverij De Kan (oplage: 100) verscheen. Hierin geeft Sanders achtergrondinformatie over Marmier, maar ook het menu van zijn diner is bewaard gebleven. Jasper Videler kookte dit menu vervolgens opnieuw in 2017.

En nu is er dan een heruitgave van het boekje van Sanders. Sanders put in zijn beschrijving uitvoerig uit het boek van Octave Uzanne, Bouquinistes et bouquineurs uit 1893, waarin Uzanne uitgebreid verslag doet van het diner, inclusief het menu en de toespraken die werden gehouden. Daarnaast haalt Sanders diverse oude bronnen aan, zoals krantenverslagen van dit diner uit het eind van de 19e eeuw. En ook geeft hij een mooie schets van Marmier als auteur, maar ook als bibliofiel. En dat laatste is natuurlijk ook een goede reden voor de Stichting Desiderata om dit werk opnieuw uit te geven en een hopelijk groter publiek te geven dan de uitgave uit 2017.

Verschillen en overeenkomsten

Ewoud Sanders signeert o.a. mijn boek
(foto via Facebook / St. Desiderata)
De nieuwe uitgave is op het niveau van de tekst niet heel verschillend van de eerdere uitgave. Voor het overgrote deel is de tekst gelijk, met een paar minieme tekstuele aanpassingen. Wel is er een aanvulling op de wijze waarop het diner in de pers is besproken. Zowel in aanloop naar het diner als daarna is er redelijk wat over gepublliceerd. Het onderstreept natuurlijk de bijzonderheid van dit diner, en het spreekt ruim een eeuw later nog steeds tot de verbeelding.

Een veel groter verschil tussen de uitgaves is de uitvoering. Zoals we inmiddels gewend zijn bij Desiderata-uitgaven (na drie publicaties mogen we toch al spreken van een aantal kenmerkende elementen) is ook dit boekje prachtig verzorgd. Mooi gebonden, mooi papier, fijne letter en tot overmaat van luxe een heleboel extra afbeeldingen. En een paar afbeeldingen die in 2017 ook al waren gebruikt zijn veel mooier afgedrukt. Zo ademt ook dit boekje weer volop liefde voor het boek en is het een aanwinst voor mijn boekenverzameling. Als ik de beide uitgave zo naast elkaar zie staan dan zijn de verschillen in uitvoering en kwaliteit immens: het verschil tussen een ‘gewone’ gelegenheidsuitgave en een met passie gemaakt boekje.

Detail van gravure van 
Jean Henri Marlet (1821)

Een jas met diepe zakken

Eén van de kenmerken van Xavier Marmier bij zijn tochten langs de Seine-oever is zijn jas met ruime zakken, waar eenmaal gekochte boeken in konden worden bewaard. Een dergelijke jas komen we ook al tegen in die eerste publicatie van Stichting Desiderata, De bibliomaan. In de bibliomaniakale aantekeningen van Ed Schilders bij dat verhaal wordt geschreven over de speciale jas met grote zakken die de hoofdpersoon Théodore laat maken. Bozig zegt hij tegen zijn kleermaker: "Meneer, deze jas is de laatste die ik door u laat maken als u nóg eens vergeet er zakken op te zetten in kwartijnformaat". Ed Schilders suggereert dat Nodier wellicht is geïnspireerd door de "bibliomannenmode" die hij op de kades van de Seine voorbij zag slenteren, of anders door de prentkunst in die tijd (zie afbeelding hiernaast). Het boek van Nodier verscheen in 1831 en Marmier leefde zo'n 40-50 jaar later als bibliofiel. Kennelijk zijn dergelijke jassen lang in zwang geweest. 

Zoals gezegd wordt in Octave Uzannes boek uitgebreid verslag gedaan van het bouquinistes-maal en daarin komen de jaszakken nog een keer terug. Uzanne citeert uit de toespraak van Choppin d'Arnouville bij het diner, die over Marmier zegt (ik haal dit uit de Engelse vertalilng van het boek; The book-hunter in Paris):

Often in returning from the Palais I have found him searching or reading in the bitter wind, and if I ventured to advise him to be careful, he would reply by showing me some little book thrust into the depths of his pocket (p. 230)

Overigens konden dergelijke jassen niet alleen voor gekochte boeken gebruikt worden, maar waren ook nuttig bij andere kwade bedoelingen. Lawrence Thompson verhaalt in zijn essay Bibliokleptomania (Peacock Press, 1968 - oorspronkelijke uitgave 1944) van verschillende stelende bezoekers van de bouquinistes:

Another abbé whom Cim protects with the simple designation of "B..." terrorized the bouquinistes of the left bank with his thefts around the turn of the century. He was frequently denounced, but he would always become highly indignant, reproaching the poor shopkeeper bitterly for his blasphemously suspicious nature that made him distrust a clergyman. (p. 26).
One nineteenth-century Parisian book thief became such a well-known nuisance among the bouquinistes that they got together and refused to tolerate him any longer. Accordingly, on the day after each "succesful" theft he would receive a bill from his victim setting forth author, title and price of the missing book. At the Hôtel des Ventes he would be stopped at the door and asked whether or not he had taken this or that volume "by error". "Ma foi, oui!" was the invariable and always unembarrassed reply, and the volume(s) would be immediatiely and uncermoniously restored. One worthy female devotee of Paul Boruget who apparaently lacked either the means or desire to buy this author's works became known among the dealers on the left bank as "la dame au parapluie" for her unusual place of concealment. (p. 38)

Waar de ene bezoeker van de bouquinistes hen op slinkse wijze probeert te bestelen, beschouwt de ander ze als leveranciers van blijvend geluk en trakteert ze vervolgens op een heerlijke maaltijd. Dat laatste is een mooi gebaar dat navolging verdient. We zouden allemaal als boekenliefhebbers onze favoriete boekhandelaar aan onze tafel moeten nodigen. Ik vind in elk geval dat de redactie van Stichting Desiderata voor alweer een mooie uitgave op zijn minst een goede borrel heeft verdiend. Ik hoop dat er snel eens gelegenheid komt om die met elkaar te drinken!